Foto: Geertje Franssen
Open brief - Janes Zeghers

Open brief aan VRT: “Wij waren slechts toeschouwers bij een VRT-show”

zaterdag 7 december 2019 16:57

Beste VRT,

Omstreeks vier uur, donderdagnamiddag 5 december, kwamen uw werknemers in stoet het Martelaarsplein in Brussel opgewandeld. Aan de voorkant van de betogingen een straat-brede banner, netjes vormgegeven en geprint, waarop te lezen stond: ‘Wij laten de VRT niet los’. Verschillende acteurs uit populaire tv-programma’s als Thuis en F.C. De Kampioenen bevolkten trots de eerste rijen van het protest, met in hun zog zo’n 600 werknemers van de VRT.

Op het Martelaarsplein waren ondertussen meer dan 1.000 (volgens officiële cijfers, maar minstens 2.000 volgens mij: het plein is nog steeds groter dan de AB) mensen samengekomen van allerlei pluimage. Een diverse groep betogers uit de culturele en socio-culturele sector, aangevuld met sympathisanten en studenten. Zij stonden daar om de VRT te steunen én om het snijden in de budgetten binnen hun desbetreffende sectoren aan te klagen.

Op het plein waren podia voorzien en grote speakers waardoor luide populaire muziek knalde wanneer de stoet van de openbare omroep arriveerde. Voor de podia was met een lange rij dranghekken een brede strook vrijgehouden waar de medewerkers van de VRT hun plaats innamen. Meteen bij aankomst namen werknemers van de VRT het verdere verloop van de namiddag in handen.

Onder leiding van ouwe rot Marcel Van Tilt werd een heuse line-up afgewerkt. Bekende muzikanten, interviews met bekende koppen, filmpjes met getuigenissen van nog bekendere koppen. Op een gegeven moment nam een groep acteurs plaats op één van de podia. Marcel Van Tilt vroeg hen waarom ze kwamen betogen. Toen een Thuis-acteur verklaarde dat we het ‘ten slotte toch allemaal voor ons mooie Vlaanderen deden’, ging een schampere zucht door de menigte.

Stilaan begon het mij, en met mij vele anderen, te dagen: wij zijn geen deel van dit protest. Wij waren slechts toeschouwers bij een heuse tot-in-de-puntjes-voorbereide VRT-show. In de menigte kwam zoetjes aan het debat tot stand: waarom zijn wij, als niet VRT-medewerkers, hier eigenlijk? Aanvankelijk beargumenteerde ik dat we de openbare omroep kwamen steunen, en dat het niet per se problematisch hoefde te zijn dat de boel niet naar onze smaak georganiseerd was.

Maar er kwam meer en meer kritiek op deze zogenaamde ‘betoging’: Waarom stonden er bijna uitsluitend witte mannen in hun vijftiger jaren op het podium? Waarom werden populaire boegbeelden van Thuis en F. C. De Kampioenen zo naar voor gedragen? Was het niet bij uitstek de nieuwsdienst die vreest een propagandakanaal te worden? Waar waren de kritische geesten? Waar waren de jonge onderzoeksjournalisten? Waarom luisterden we naar meezingers in plaats van naar gepassioneerde betogen pro onafhankelijke journalistiek? Waar waren de opiniemakers? Waarom heeft de VRT het werk niet stilgelegd? Was dit wel een betoging, of eerder een vooruitblik naar de Warmste Week? Begrijp mij niet verkeerd, de Warmste Week is fantastisch, maar het is alles behalve een betoging.

En wat moet ik met het feit dat de VRT géén politieke manifestatie wilde? Als je een betoging organiseert tegen het gevoerde beleid is dat per definitie politiek. Eerder dan een manifestatie, leek dit een uitgestoken hand, een bemiddeling. Waren het daarom de populaire gezichten die zich toonden, om het brede publiek ervan te overtuigen dat de VRT er wel degelijk voor iedereen is? Is er angst bij de VRT om een échte betoging te organiseren waarin er gezegd wordt waar het op staat? Wanneer de openbare omroep minder middelen krijgt, moet toch een sterk signaal gegeven worden?

En waarom is er zo veel schrik om te benoemen waarover het eigenlijk gaat: dat het beleid van N-VA een politieke keuze is? Waarom wil VRT de politieke beslissing om te besparen loskoppelen van het feit dat die besparingen door bepaalde politieke partijen worden doorgevoerd? Je kan geen actie voeren tegen een beleid en de uitvoerders van dat beleid ontzien. Daarenboven is het een misverstand te denken dat opkomen voor een openbare omroep het neutraliteitsprincipe in gevaar brengt.

Deze demonstratie was een non-demonstratie. Mensen die de openbare omroep kwamen steunen, keerden ontgoocheld terug naar huis. Dit was geen betoging. Spontane initiatieven (zoals een ad hoc drumband) werden overstemd door een PA en door een voorbereid schema. In dat schema was geen plaats voor de energie en de kwaadheid van de mede-betogers.

Een dergelijke voorbereiding verraadt vooral dat er een perceptie moest worden gecreëerd. Dit was geen verzet. Verschillende organisaties die zich bij de actie hadden aangesloten, werden niet op het podium gevraagd. Hen werd niet gevraagd waarom zij daar waren, en dat terwijl zij nu net degene waren die konden verwoorden waarom niet VRT-medewerkers daar stonden. Dit was ook geen verbindende actie. Op geen enkel moment werden wij deel van het programma dat ons werd voorgeschoteld.

Dit was geen betoging, omdat op betogingen niet verzoend wordt. Op straat komen is een actie om aan te tonen dat je het grondig oneens bent met het gevoerde beleid. De VRT, bij monde van Marcel Van Tilt, probeerde te tonen dat al zijn medewerkers goed werk leveren. Maar dat was niet waarom we gisteren samenkwamen op het Martelaarsplein. Wij waren daar omdat wij het belang van een openbare omroep wilden onderstrepen. Wij waren daar omdat we een openbare omroep onontbeerlijk vinden in een vrije en democratische samenleving.

Het is jammer dat de VRT de actie van gisteren zo naar zich toe trok. Betogers wilden de VRT steunen én ze wilden een brede solidaire beweging op de been brengen. Dat is niet gelukt. Niet getreurd, er komen immers nog acties. Daarom wil ik alle medewerkers van de VRT én ‘bekende gezichten’ uitnodigen op volgende acties waarin de VRT niet centraal staat, waar geen camera’s zullen zijn, en waar er geen onderscheid heerst tussen Vlaming en bekende Vlaming.

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!