Malinese regeringssoldaten in Konna op vrijdag 18 januari 2013 (foto: Journal du Mali).
Opinie, Nieuws, Afrika, Politiek, Mali, Human rights watch, ECOWAS, Rekrutering kindsoldaten, Klacht tegen oorlogsmisdaden, Internationaal Strafhof (ICC), Ansar dine, Gao, MUJAO (Mouvement pour l'Unicité et le Jihad en Afrique de l'Ouest), Al Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQMI), Franse interventie, Fatou Bensouda -

“Islamistische rebellen in Mali moeten kindsoldaten vrijlaten”, zegt HRW

De gewapende islamistische groeperingen die het noorden van Mali bezetten, moeten alle kindsoldaten in hun rangen vrijlaten en de militaire dienstplicht voor soldaten onder de 18 jaar onmiddellijk afschaffen. Dat vraagt Human Rights Watch. Nu Frankrijk sinds 11 januari bombardementen uitvoert om de rebellen te verhinderen verder zuidwaarts op te rukken, dringt HRW er bij de rebellen op aan de kindsoldaten meteen uit de trainingscentra weg te halen.

vrijdag 18 januari 2013 19:00

Getuigen die sinds 8 januari 2013 telefonisch werden geïnterviewd door medewerkers van Human Rights Watch – toen de vijandelijkheden tussen de islamistische groeperingen en het Malinese regeringsleger hervatten – beschreven dat ze veel kindsoldaten, sommigen amper 12 jaar oud, actief zagen deelnemen aan de gevechten aan de kant van de rebellen.

Getuigen zeiden ook dat kinderen sommige controleposten bemanden in gebieden die onder de Franse luchtbombardementen vallen of die zich nabij actieve gevechtszones bevinden. De drie belangrijkste islamistische groeperingen – Ansar Dine, de Beweging voor Eenheid en Jihad in West-Afrika (MUJAO) en Al-Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQMI) – hebben de voorbije maanden enkele honderden kinderen gerekruteerd, opgeleid en gebruikt bij hun militaire operaties sinds hun bezetting van het hele noorden van Mali in april 2012.

“Moedwillig kinderen in gevaar brengen”

“Deze islamistische groeperingen hebben helemaal niet het recht kinderen te rekruteren voor hun rangen, laat staan ze in de frontlinie te plaatsen”, zei Corinne Dufka, senior onderzoeker voor West-Afrika bij Human Rights Watch. “Deze groeperingen lijken moedwillig honderden kinderen in gevaar te brengen. Voor de militaire actie verder escaleert, zouden de rebellengroepen deze kinderen hun vrijheid moeten teruggeven en ze overdragen aan hun families.”

Drie getuigen uit Konna beschreven hoe ze talrijke kinderen zagen in de rangen van de islamisten die op donderdag 10 januari de stad overnamen en bezetten. Getuigen in de noordoostelijke stad Gao zeiden dat ze kinderen zagen bij de versterkingstroepen die Gao verlieten om naar Konna op te rukken; moeders die hun minderjarige zonen zochten die naar Gao vertrokken waren om er te vechten; en kinderen die gewond waren geraakt tijdens de gevechten in en om Konna en die naar Gao terugkeerden.

“De islamisten kwamen toe in een tiental terreinwagens”, vertelde een getuige uit Konna. “Nadat de gevechten wat geluwd waren, gingen we naar een toegangsweg tot de stad om de strijders te zien. Ik was echt geschokt toen ik zo’n dozijn kinderen onder de strijders zag, verschillende waren amper 12 of 13 jaar oud, allemaal gewapend met zware geweren, zij aan zij met de grote mannen.”

Getuigenverklaringen uit Gao

Andere getuigen zagen kinderen in pick-ups die vertrokken uit Gao om de islamistische troepen te versterken die vochten om de net veroverde posities rond Konna te kunnen behouden.

Een oudere man vertelde aan Human Rights Watch: “Vrijdag (11 januari 2013) rond 16 uur zag ik voor het hoofdkwartier van de islamitische politie zes Toyota-terreinwagens vol strijders die vertrokken naar het slagveld. In twee ervan zaten kinderen – zo’n vijf in één wagen en twee in de andere. Dit zijn onze kinderen – wat weten zij nu over de oorlog waarin ze worden meegesleurd? Deze zogenaamde islamisten sturen onze onschuldige kinderen om afgeslacht te worden in naam van de jihad … Nu vraag ik u: wat voor islam is dit?”.

“Dit zijn onze kinderen – wat weten zij nu over de oorlog waarin ze worden meegesleurd? Deze zogenaamde islamisten sturen onze onschuldige kinderen om afgeslacht te worden in naam van de jihad … Nu vraag ik u: wat voor islam is dit?”

Malinezen die in januari in het district Gao reisden, beschreven hoe ze zagen dat kinderen een belangrijke rol speelden bij het bemannen van de controleposten. Een vrouw die op 8 en 9 januari van Bamako naar een klein dorp nabij Gao reisde, beschreef dat ze kinderen aan de controleposten zag werken in de steden Boré, Douentza en Gao.

“Er waren zo veel kinderen bij de MUJAO-strijders”, zei de getuige. “In Boré waren het kindsoldaten die in onze bus kwamen om onze papieren te vragen en onze bagage te controleren. Bij de controlepost daar was er maar één jongen die ouder was dan 18. En in Douentza waren er minstens 10 kinderen jonger dan 18 bij de checkpoint, de jongste was waarschijnlijk nauwelijks 11 jaar.”

Een handelaar zei dat hij op 11 januari een twintigtal kindsoldaten onder de 16 zag die de controleposten bemanden aan de toegangswegen van de steden Bourem en Ansongo, eveneens in het district Gao.

Het gebruik van kindsoldaten door de islamistische groepen begon blijkbaar kort nadat ze in april de controle over het noorden van Mali overnamen en gaat sindsdien onverminderd verder. Getuigen stelden vast dat de kinderen controleposten bemannen, patrouilles te voet uitvoeren, rondrijden in patrouillewagens, gevangenen bewaken en voedsel bereiden in de talrijke locaties die onder de controle van die groeperingen vallen.

Er werden kinderen uit zowel Mali als Niger gerekruteerd. De getuigen beschrijven hoe in Mali de islamisten een aanzienlijk aantal jongens uit kleine dorpen en gehuchten rekruteerden, vooral uit die afgelegen plaatsen in het noorden waar de bewoners traditioneel het wahabisme belijden, een zeer conservatieve strekking in de islam.

Trainingskampen in het district Gao

In december beschreef een getuige dat hij zes kleine trainingskampen in het district Gao had bezocht, waar in totaal tientallen kinderen werden opgeleid in het gebruik van vuurwapens en een fysiek zware fitheidstraining ondergingen. Op diverse plaatsen zag de getuige ook kinderen die de Koran bestudeerden. Sommige van deze trainingscentra bevonden zich in of grenzend aan militaire bases van de rebellengroepen.

Drie plaatsen in de stad Gao, waar getuigen gedurende de afgelopen maanden vaststelden dat kinderen opgeleid werden – in en rond Camp Firhoun, de ‘tuin van Njawa’, en het vroegere gebouw van de douane (Direction nationale des douanes) – waren vermoedelijk op 12 januari het doelwit van hevige bombardementen door de Franse luchtmacht. Het is (nog) niet duidelijk of er ook kindsoldaten aanwezig waren gedurende de bombardementen.

De islamistische gewapende groeperingen, het Franse en Malinese leger en de troepen van de ECOWAS-landen die in Mali beginnen te arriveren, zouden al de nodige voorzorgsmaatregelen moeten nemen om de levens van kindsoldaten te beschermen, zo zei Human Rights Watch.

Conventie over Kinderrechten: inzet kindsoldaten is oorlogsmisdaad

Mali ondertekende het Bijkomende Protocol bij de Conventie over Kinderrechten over de betrokkenheid van kinderen in gewapende conflicten. Dit protocol verbiedt de rekrutering en de inzet van kinderen onder de 18 jaar bij vijandelijkheden door niet-statelijke gewapende groeperingen. De rekrutering van kinderen onder de 15 jaar voor gewapende strijdkrachten met het oog op hun inzet bij een gewapend conflict wordt zelfs als een ‘oorlogsmisdaad’ beschouwd onder het Statuut van Rome, dat de oprichting regelt van het Internationaal Strafhof in Den Haag (ICC).

De aanklager van het Strafhof, Fatou Bensouda, overweegt momenteel een onderzoek te openen naar oorlogsmisdaden die sinds januari 2012 in Mali werden gepleegd nadat de Malinese regering daartoe een verzoek indiende bij het ICC in juli 2012.

“Alle gewapende groeperingen in Mali moeten de kindsoldaten die ze rekruteerden onmiddellijk vrijlaten en hen helpen weer in contact te komen met hun families”,  verklaarde Dufka. “Islamistische rebellenleiders moeten weten dat de rekrutering en inzet van kindsoldaten een oorlogsmisdaad is.”

Corinne Dufka

Corinne Dufka is senior onderzoeker voor West-Afrika bij Human Rights Watch.

(vertaald uit het Engels door Marisa Abarca)

take down
the paywall
steun ons nu!