De positie van de Libische leider Khaddafi wordt ook door de Afrikaanse diplomatie meer en meer in vraag gesteld
Nieuws, Wereld, Afrika, Politiek, NAVO, Libië, Mensenrechten, China, Rusland, Wapenindustrie, Overgangsregering, Tripoli, Afrikaanse Unie, Humanitaire militaire interventie, AU, Kolonel Muammar Khaddafi, Benghazi, Huurlingen, Afrikaanse diplomatie, Bombardementen, Humanitaire crisis, VN-resolutie 1973, Libische rebellen, Libische Nationale Overgangsraad, Anders Frog Rasmussen, Mohamed Ould Abdel Aziz, Al Amin Manfur, Aïsha Khaddafi, Klacht tegen oorlogsmisdaden -

Afrikaanse Unie wil dat Khaddafi opstapt in het belang van de vrede

De Libische leider kolonel Muammar Khaddafi vierde dinsdag zijn 69ste verjaardag onder een intensief bombardement van de NAVO tegen de hoofdstad Tripoli. In een toespraak toonde hij zich erg strijdvaardig. Maar de Afrikaanse Unie vindt nu dat hij maar beter kan opstappen in het belang van zijn land en de vrede. Zijn dochter diende klacht in tegen de NAVO bij een Belgische rechtbank.

woensdag 8 juni 2011 22:00

Sinds het begin van de westerse ‘humanitaire’ militaire interventie tegen Libië, die in uitvoering van VN-resolutie 1973 als officiële doelstelling heeft om de burgerbevolking te beschermen tegen aanvallen van het Libische regeringsleger, heeft de Afrikaanse Unie (AU) zich heel kritisch opgesteld.

NAVO gaat verder dan VN-resolutie bedoelde

De AU vindt dat de NAVO, die vanaf einde maart de leiding van de militaire operatie op zich heeft genomen, veel verder gaat dan wat de VN-resolutie aanvankelijk bedoelde. De laatste dagen heeft de NAVO de bombardementen op Libische steden nog sterk opgedreven en er worden nu ook helikopters ingezet om heel gericht bepaalde doelen aan te vallen.

Hoeveel burgerslachtoffers bij die bombardementen zijn gevallen, is niet meteen duidelijk, moeilijk door onafhankelijke bronnen te controleren en vooral onderwerp van propaganda van beide kanten.

NAVO-secretaris-generaal Anders Frog Rasmussen heeft er onlangs geen twijfel over laten bestaan dat zijn organisatie misschien nog wel maanden in Libië actief zal blijven en dat de verwijdering van Khaddafi van de macht de finale doelstelling is.

Ondertussen is ook duidelijk dat de rebellen van de Nationale Overgangsraad kunnen rekenen op meer dan wat logistieke steun van Groot-Brittannië en Frankrijk bij hun aanvallen tegen het regeringsleger, hoewel grondtroepen officieel niet worden ingezet. Enkele landen erkenden de Overgangsraad al. Beide kampen doen ook een beroep op huurlingen. En vooral de wapenindustrie doet weer gouden zaken met het uittesten van nieuw en hoogtechnologisch wapentuig in een reële oorlog.

AU-bemiddelingsmissies bleven zonder resultaat

De Afrikaanse Unie heeft van bij de aanvang sterk gepleit voor een onderhandelde oplossing tussen Khaddafi en de rebellen. Diverse AU-bemiddelingsmissies passeerden de afgelopen maanden in Tripoli en Benghazi om met Khaddafi en zijn tegenstanders te overleggen.

Onder meer de Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma was daarbij erg actief. Evenwel zonder veel succes. Khaddafi toonde zich bereid tot onderhandelen, maar de rebellen eisten als absolute voorwaarde het vertrek van de flamboyante leider en diens zonen.

Op 25 en 26 mei was er in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba nog een buitengewone minitop van de staatshoofden en regeringsleiders van de AU over de Libische crisis. Naar de buitenwereld wil de AU het graag doen voorkomen dat er grote consensus heerst binnen de organisatie, maar voor waarnemers is het is al langer duidelijk dat sommige lidstaten Khaddafi een sta-in-de-weg vinden voor een vreedzame oplossing.

Vele Afrikaanse staatshoofden onderhielden – net als sommige van hun Europese ambtgenoten – erg vriendschappelijke contacten met Khaddafi, die bovendien dankzij de enorme olie-inkomsten waarover Libië beschikt, een grote sponsor was van de Afrikaanse Unie.

Pleitbezorger voor meer Afrikaanse eenheid

Khaddafi toonde zich een groot pleitbezorger van meer Afrikaanse eenheid en samenwerking en stelde zelfs meer dan eens voor om te komen tot een ‘Verenigde Staten van Afrika’ waarin hij voor zichzelf een grote rol zag weggelegd. De Libische ‘volksbureaus’ (de officiële naam van de Libische ambassades) in de diverse Afrikaanse hoofdsteden waren vaak kwistig met het uitdelen van geld voor allerlei ontwikkelingsprojecten.

Maar Khaddafi had ook in Afrika fervente tegenstanders die zijn plannen wantrouwden en al zeker niet serieus namen. In Tsjaad bijvoorbeeld zijn velen zijn steun aan rebellenbewegingen niet vergeten in de bloedige burgeroorlog die het land in de jaren zeventig en tachtig verscheurde. Khaddafi hield zelfs lange tijd een strook woestijngebied in het noorden van Tsjaad militair bezet omdat er uranium was gevonden. 

Mauritaanse president zegt dat “Khaddafi moet vertrekken”

Dinsdag heeft de Mauritaanse president Mohamed Ould Abdel Aziz, die momenteel de vredesmissie voor Libië van de Afrikaanse Unie leidt, in een opmerkelijk openhartig interview in Nouakchott met het persagentschap AFP, gezegd dat “Khaddafi niet langer Libië kan leiden” en “dat zijn vertrek een noodzaak is om tot een onderhandelde oplossing te kunnen komen voor het Libische conflict”.

Het is de eerste keer dat een topman van de AU een dergelijke uitspraak doet over de Libische kwestie. Eerder erkenden Senegal en Gambia als eerste Afrikaanse landen de Libische Overgangsraad “als de enige wettelijke vertegenwoordigers van het Libische volk”. Binnen de AU zouden wel meer staatshoofden eraan denken om Khaddafi te laten vallen, al is dat nog niet het officiële standpunt van de landenorganisatie.

Paul-Simon Handy, directeur van het Zuid-Afrikaanse Institute for Security Studies (ISS), zei dat “het einde van Khaddafi enkel nog een kwestie van tijd is en dat de meeste Afrikaanse staatshoofden dat ondertussen wel begrepen hebben en daarom zich voorbereiden op een regimewissel.”

Kentering in diplomatie van China en Rusland

Ook Rusland en China zoeken steeds openlijker contact met de rebellen in Benghazi. Officieel hebben beide landen kritiek op de aanpak van de NAVO en bieden ze hun diensten aan om te bemiddelen.

Dinsdag kwam Mikhail Marguelov, de speciale gezant van het Kremlin, in Benghazi aan om er te onderhandelen met de rebellen. Hij verklaarde zelfs dat “Khaddafi elke legitimiteit heeft verloren vanaf het moment dat een onschuldige burger door een kogel werd gedood”. Een opmerkelijke uitspraak die zou kunnen wijzen op een kentering van de Russische diplomatie. China heeft ondertussen ook al discreet contacten gelegd met de rebellen. 

Dat Khaddafi ook in eigen land hoe langer hoe meer geïsoleerd komt te staan, blijkt ook uit de langer wordende lijst van medewerkers en ministers die er de brui aan geven. De laatste in de rij is Al Amin Manfur, de Libische minister van Arbeid, die tijdens de lopende IAO-conferentie in Genève aankondigde dat hij zich bij de rebellen aansluit.

Strijdlustige Khaddafi denkt niet aan opstappen

In een audioboodschap die dinsdag werd uitgezonden door de Libische staatstelevisie riep Khaddafi de bevolking op tot zich tot het uiterste te verzetten tegen de NAVO en de rebellen. “We geven ons niet over: we hebben maar één optie: vechten tot het einde. De dood, de overwinning, het maakt niet uit, we geven ons niet over! We zijn sterker dan jullie wapens, dan jullie vliegtuigen. De stem van het Libische volk is luider dan het geluid van de explosies”, riep hij.

De boodschap van de leider werd uitgezonden nadat de Libische hoofdstad zwaar te lijden had onder NAVO-bombardementen in de nacht van maandag op dinsdag. Ook dinsdag tijdens de dag gingen de bombardementen in alle hevigheid voort. Volgens Libische bronnen zouden daarbij 31 doden zijn gevallen.

Volgens de VN is de humanitaire situatie in Libië fors achteruitgegaan. Nog eens 6.850 vluchtelingen zijn maandag de grens met Tunesië overgestoken, dat hebben de Tunesische autoriteiten dinsdag bevestigd. Sinds het begin van de opstand op 15 februari zouden er tussen de 10.000 en 15.000 doden zijn gevallen en 890.000 Libiërs en buitenlanders die in Libië woonden, zijn gevlucht. Dinsdag kwam Adbel-Ilah al-Khatib, een speciale VN-gezant, totaal onverwacht in Tripoli aan om te onderhandelen over een staakt-het-vuren.

Klacht tegen oorlogsmisdaden bij Belgisch gerecht

Ondertussen raakte bekend dat Aïsha Khaddafi, de dochter van de Libische leider, dinsdag bij het Belgische federale parket een klacht heeft ingediend “tegen onbekenden wegens oorlogsmisdaden”. Dat meldden haar advocaten. Brussel werd uitgekozen omdat hier de hoofdzetel van de NAVO is gevestigd en België een wetgeving heeft met universele reikwijdte inzake zware schendingen van mensenrechten.

De klacht viseert in de eerste plaats het NAVO-bombardement van 30 april, waarbij volgens Libische bronnen onder meer de jongste zoon van Khaddafi, Seif al-Arab, en drie van zijn kleinkinderen werden gedood.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!