50 jaar jong Afrika
Essay, Nieuws, Afrika, Congo, Congo 50, Tmd -

50 jaar jong Afrika

En die zestien andere Afrikaanse landen dan? Hadden die dit jaar ook niet hun vijftig jaar onafhankelijkheid te vieren? De mediastilte in Vlaanderen over de rest van jarig Afrika zegt veel. ‘De Belgisch-Congolese verhouding heeft inderdaad iets pathologisch’ grinnikt François Soudan, hoofdredacteur van het befaamde Franse weekblad Jeune Afrique.

dinsdag 29 juni 2010 23:58
Spread the love

Kameroen, Senegal, Togo en Madagascar hebben intussen hun Cinquantenaire-viering achter de rug. De komende weken en maanden volgen achtereenvolgens Benin, Niger, Burkina Faso, Ivoorkust, Tsjaad, Centraal-Afrika, Congo Brazzaville, Gabon, Mali en Mauritanië. Voor Jeune Afrique, zelf een vijftigjarig product van de dekolonisatiegolf van 1960, was dat een mooie aanleiding om in mei een speciaal nummer te wijden aan ‘de staat van Afrika 2010’. Drie dingen vallen daarin meteen op tegenover de 50 jaar-bijlagen van de Belgische media. Jeune Afrique kijkt veel breder dan de grenzen van de Franse ex-kolonies, hanteert veeleer een eigentijds dan een historisch perspectief, en zoomt in het bijzonder in op de economische situatie en onderbouw van Afrika.

Bij “Zwart-Afrika” denken de Fransen vandaag enkel: “migratieprobleem”

Niet de Franse zakenbelangen worden belicht, maar vooral de snel groeiende zuid-zuideconomie met de zogenaamde ‘BRIC’: Brazilië, Rusland, India en China. ‘Parijs weegt niet meer – veeleer minder – op Afrika dan Peking, Washington, Dubai en weldra New Delhi, Brasilia of het mondiale tegenbewind van de ngo’s. Afrika heeft zijn postkoloniale banden definitief doorgesneden om zich aan te haken bij de planetaire economie’, zo besluit François Soudan in zijn redactioneel.

Van dat besef lijken we in België, en zeker in de politiek, nog veraf. De historisch-culturele (zelf)fixatie op Congo vierde dit voorjaar hoogtij, alsof Congo niet zou bestaan zonder België, en omgekeerd. In Frankrijk herdenkt men de dekolonisatie heel anders. Maar daarom ook meer volwassen?

FRANSE DESINTERESSE, BELGISCHE INCEST

Uit overheidsonderzoek is gebleken dat 69% van de Fransen zich niet betrokken voelt bij de Cinquantenaire. ‘Vele Fransen weten er zelfs niet van’, bevestigt Soudan in ons gesprek op de Parijse hoofdzetel van Jeune Afrique. ‘Van enig publiek debat als in België is geen sprake. De discussies beperken zich tot intellectuelen en afrikanisten. Tv-zenders als Arte of France 5 pakken wel uit met enkele speciale programma’s en documentaires, maar zij worden slechts door een kleine minderheid bekeken. Amper één boek verscheen: Voyage en postcolonie, met reportages van Stephen Smith, voormalig Afrika-redacteur van Le Monde. Voor de rest moet je het zoeken in gespecialiseerde tijdschriften.’

Voor Soudan heeft die desinteresse historische wortels. ‘In Sub-Sahara-Afrika is er nooit dezelfde brede Franse emigratie geweest als in Algerije, Marokko of Tunesië, of als in Congo vanuit België. Frankrijk stuurde er enkel functionarissen en militaire kaders heen, die na 1960 een steeds kwalijker reputatie kregen. Toen in de jaren 1980 links aan de macht kwam in Frankrijk, groeide dat uit tot een politiek gevoel van afkeer, van extreem-links tot extreem-rechts. Francofoon Afrika werd ervaren als een oord van steekpenningen en diplomatieke postjes, van vuile en obscure praktijken. Ook het Elysée, in persoon van Jacques Foccart (Afrika-adviseur onder De Gaulle en Pompidou, red.), deed er altijd tamelijk geheimzinnig over. Het resultaat zie je nu. In schoolboeken wordt de kolonisatie in geen tijd afgehaspeld. Er is geen gedeelde kennis, noch enige publieke reflectie, over de werkelijke impact van die periode op de samenleving. Bij “Zwart-Afrika” denken de Fransen vandaag enkel: “migratieprobleem”.’

Dat leek tot voor kort in België niet anders te zijn, maar Soudan ziet heel andere economische basisvoorwaarden. ‘De Franse ex-kolonies waren nooit een Eldorado. Voor België had Congo altijd de bijklank “partez vers fortune”. Niemand vertrok vanuit Frankrijk naar Senegal of Ivoorkust voor het geld. Je kon er alleen maar je vingers verbranden. Dat maakt de Frans-Afrikaanse link meer gedistantieerd. De Belgisch-Congolese verhouding is veel incestueuzer, op het ziekelijke af. Interne politieke strubbelingen in Congo besmetten bijna vanzelf de Belgische politiek, en omgekeerd. Congo speelt al sinds Leopold II ook echt een rol in de populaire verbeelding van België. Frankrijk kent enkel een Maghrebijnse verbeelding, dat zie je aan de vele films die over Algerije zijn gedraaid en die in Cannes nog steeds de zinnen beroeren. Maar ik ken geen enkele Franse film die zich in Sub-Sahara-Afrika afspeelt. Dat interesseert geen hond. In België heb je die cultuurproductie wel. Belgen gaan ook vrij intiem om met Congolezen in Congo – dat heb ik zelf kunnen zien in Kinshasa – en dat kan allerlei problemen met zich brengen. Die ongezonde familiale relatie vinden wij Fransen erg vreemd. Wij vatten ze niet. En de Britten wellicht nog veel minder. Zij hebben met bijvoorbeeld het jarige Nigeria een puur economische verhouding ontwikkeld.’

WAT VIEREN WE NU JUIST?

Toch heeft Sarkozy voor de verjaardag van de ex-kolonies een speciale commissie samengesteld. Zij moet dit jaar een breed gamma aan projecten ontwikkelen, ‘pour rénover la relation entre ces pays et leur ex-tuteur colonial’. Voorzitter Jacques Toubon, ooit minister van cultuur onder Chirac, kan daarvoor beschikken over 16,3 miljoen euro. Op zijn persconferentie van 1 april beloofde hij een 250-tal culturele, sportieve, educatieve, economische én militaire initiatieven. Dat hij het had over ‘des accords de défiance’ (akkoorden van argwaan, red.), toen hij ‘accords de défense’ wou zeggen, was een veelbetekende lapsus. ‘Wat vieren we nu juist?’, vroeg opiniemaker Joachim Vokouma zich laconiek af op de Burkinese website lefaso.net, ‘dat Frankrijk zijn kolonies is kwijtgespeeld?’ Kritische geluiden ook in Kameroen, dat pas onafhankelijk werd na een vrij bloedige strijd en de moord op zijn verzetsleider Ruben Um Nyobe. ‘Het is op zijn minst ongepast dat de slavendrijver een feestje organiseert voor de vrijheid van zijn slaven, die hij nog steeds aan de ketens houdt.’

Hillaert50j_jongafrika

Wat kun je anders concluderen, wanneer de Franse herdenking haar orgelpunt voorziet op de eigen nationale feestdag van 14 juli? Dan zullen dertien Afrikaanse staatshoofden (Laurent Gbagbo van Ivoorkust stuurt zijn kat) naast Sarkozy mogen zitten en kijken naar het traditionele défilé op de Champs-Elysées, voorafgegaan door legereenheden uit hun dertien landen.

‘Ongelooflijk, he? We lijken wel terug in 1919, toen generaal Charles Mangin de “Force Noire” liet defileren in Parijs’, schampert Soudan. ‘Van de andere festiviteiten lijkt intussen veel minder terecht te komen dan gepland, bij gebrek aan sponsoring. Alles wijst er dus op dat de Cinquantenaire in Frankrijk een louter folkloristische aangelegenheid wordt.’

Waarom zet Sarkozy er vanuit zijn positie dan zo zwaar op in? Vergeleken bij de Congo-golf in België, die veeleer aangestuurd wordt door de culturele wereld, de media en het middenveld, is die centralistische organisatie meer dan opmerkelijk. Zou het de Franse macht enkel gaan om een cultureel gebaar tegen de onverschilligheid van haar bevolking? Critici opperen dat de echte reden de groeiende invloed van China in Afrika is, waartegen Parijs terug zijn symbolische rechten wil opeisen. ‘Los daarvan spelen er ook nog heel wat Franse zakelijke belangen in Afrika’, nuanceert Soudan. ‘Maar het is inderdaad significant dat in 2009 meer Afrikaanse landen present tekenden op de Chinees-Afrikaanse top dan onlangs op de Frans-Afrikaanse top in Nice. Voortdurend luidt het Franse discours tegen de francofone Afrikaanse landen: “Pas op voor China, wij zijn meer te vertrouwen”. Maar of die mayonaise zal pakken, blijft zeer de vraag. Ook de Franse bevolking blijft onverschillig voor Sarkozy’s offensief om ‘onze gedeelde geschiedenis’ met Zwart-Afrika te herinneren.’

INTUSSEN IN AFRIKA

Dat is weinig anders in West- en Centraal-Afrika zelf. De verschillende staatshoofden hebben voor de Cinquantenaire aanzienlijke budgetten vrijgemaakt: 20 miljoen euro in Ivoorkust, 17 miljoen in Congo-Brazzaville, 14 miljoen in Kameroen … Eenmalige commissies, vaak geleid door nauwe vertrouwelingen van het regime en ondergebracht bij de ministeries van cultuur, sturen een hele herdenkings- en promotiebusiness aan: van concerten, literaire debatten en ontwerpwedstrijden voor een nationaal feestlogo tot een brede gadgetwinkel aan postzegels, pins en de onvermijdelijke lendendoek. In Dakar onthulde de Senegalese president Wade op 3 april zijn grootse Monument van de Afrikaanse Renaissance, kostprijs 15 miljoen euro (zie foto). Mali en Benin investeren tegelijk in infrastructurele werken, maar het moge duidelijk zijn dat ook in Afrika vooral de momentane symboliek primeert. Soudan is sceptisch over de impact bij de bevolking zelf. ‘Bij al wie na 1960 geboren is, merk je een zo goed als totale desinteresse. De Cinquantenaire is voor hen geen evenement van betekenis, wel het laatste van hun zorgen. Het zijn de machthebbers die de verjaardag recupereren voor hun eigen belangen, met grote defilés ter eer en glorie van het staatshoofd.’

Het zijn de machthebbers die de verjaardag recupereren voor hun eigen belangen, met grote defilés ter eer en glorie van het staatshoofd

De kritiek die daartegen te horen viel in onder meer Benin en Senegal – dat er veel prangender prioriteiten zijn – oppert de vraag die dit voorjaar zelden gesteld werd in de Belgische en de Franse media. Hoe gaat het nu eigenlijk met Afrika, vijftig jaar na de dekolonisatiegolf? Het speciale nummer van Jeune Afrique bekijkt de situatie niet overdreven optimistisch. Bijna de helft van de 53 Afrikaanse landen is verwikkeld in territoriale of interne conflicten. De mondiale crisis deed de economische groei in Sub-Sahara-Afrika in 2009 stagneren tot 1,1% (tegenover 6% in 2008). Buitenlandse investeringen zouden in heel Afrika teruggelopen zijn met 36%, al stegen de inkomsten uit toerisme wel met 5%. In de landbouw blijft de ‘groene revolutie’ uit die Azië zo geholpen heeft om het hoofd te bieden aan zijn bevolkingstoename, terwijl demografen voorspellen dat de Afrikaanse bevolking tegen 2050 zal verdubbelen tot twee miljard. Ook cultureel ziet Jeune Afrique een paar donkere evoluties, bijvoorbeeld in de filmindustrie. In Kameroen is het aantal bioscopen sinds de jaren 1970 teruggelopen van 130 tot amper 4. Ook Ivoorkust en Burkina Faso zagen tussen 1995 en 2002 een veertigtal cinema’s verdwijnen. Al floreert buiten op straat de illegale dvd-verkoop, je bekijkt vandaag veel makkelijker een Afrikaanse film in Europa dan in Afrika zelf.

Lichtpunten zijn er ook: Afrikaanse landen leggen op internationale tops (zoals Kopenhagen) steeds meer politiek gewicht in de schaal, zien hun banken minder lijden onder de crisis dan elders in de wereld en voelen de aanhang voor ecologische partijen groeien. Toch is de slotopmerking van François Soudan in zijn redactioneel bij het verjaardagsnummer van Jeune Afrique erg legitiem. ‘Waarom blijft Afrika zo lijden aan onderontwikkeling tegenover Latijns-Amerika en Azië, met wie het tot in de jaren 1970 dezelfde armoede deelde? In plaats van de pijlen steeds te richten op een Frans-Afrikaanse link die voorgoed voorbij is, zou die vraag een uitgelezen thema voor de herdenking zijn.’

Wouter Hillaert | RektoVerso.be

Verscheen eerder in:
Rekto Verso

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!