Interview - Hasna Ankal

“We teach life, sir” Palestijnse Rafeef Ziadah deelt haar poëzie in België

“We teach life, sir”, met die vier woorden is de Palestijnse dichter Rafeef Ziadah wellicht het meest bekend, ook bij ons in België waar ze sinds donderdag op bezoek is op uitnodiging van 'Nuff Said.

zaterdag 9 mei 2015 11:56

Wat
Ziadah motiveerde om te beginnen met ‘spoken word’ is een haatdragend
indicent dat ze meemaakte als student aan de universiteit. “Je
verdient het om verkracht te worden voor je terroristenkinderen op de
wereld brengt”, kreeg ze toen te horen van een man die haar sloeg.
“Het racisme van dat moment maakte me moedig genoeg om mijn gedicht
‘Shades of anger’ voor te dragen.”

Dat
was bijna tien jaar geleden. Nu krijgt ze wereldwijd mensen stil en
emotioneel met haar gedichten over Palestina. Donderdagavond deed ze
dat bij de Pianofabriek in het Brusselse Sint-Gillis. Voor ze aan
haar optreden begon vertelde ze waarom ze “We teach life, sir”
begon te schrijven.

“Tijdens
de Israëlische aanval op Gaza in 2008 stelden verschillende
mediamensen dezelfde vragen. Vragen die stuk voor stuk zo racistisch geladen
waren dat je niet eens kon antwoorden over Palestina. Ik wou telkens
eerst uitleggen wat er mis was met hun vragen en dat kan je niet in
een soundbite. Ze vroegen me ‘Gaat het niet gewoon allemaal over haat
en hoe jullie als Palestijnen haat aanleren?’. Dit vragen aan
een vrouw die zelf ooit kinderen kan krijgen is ook seksistisch. Mijn
gedicht kwam uit die nare ervaring.”

Voor
ze verder gaat kadert ze de inspiratie van haar gedichten. “Mijn
familieleden zijn Palestijnse vluchtelingen en ik ben een derde
generatie vluchteling. Oorspronkelijk komen we van de Palestijnse
gebieden Haifa en Jaffa maar we verbleven als vluchtelingen in
Libanon.”

Na een ballingschap in verschillende Arabische landen
kwam Ziadah in Canada terecht voor haar doctoraat. Nu woont ze in het
Verenigd Koninkrijk.
“Door
mijn Palestijnse achtergrond en vooral mijn ervaringen in Libanon is
poëzie centraal in hoe ik mezelf uitdruk. Poëzie is belangrijk in
de Palestijnse identiteit, dat je duidelijk in de gedichten van
Mahmoud Darwish en Ghassan Kanafani. Ik schreef sinds mijn kindertijd
graag en nu doe ik dat in zowel het Arabisch als het Engels.”

Positieve
verandering

Naast
dichter ziet ze zichzelf als activist en academica. Ondanks haar
slechte ervaringen met media blijft ze overtuigd dat haar poëzie
niet voldoende is en wil ze iets doen via een betere berichtgeving.
Daarom blijft ze ingaan op verzoeken voor interviews. “Dat vind ik
vaak een gewelddadig proces. Pijnlijk en gewelddadig. Want terwijl je
ziet hoe je familie en mensen van wie je houdt de cel in moeten en
vermoord worden zegt iemand tegen je ‘Maar je leert je kinderen toch
haat aan?’. Dan is het erg moeilijk om beleefd te antwoorden.”
Intussen ziet ze sinds tien jaar geleden wel een positieve
verandering.

“Bij
het gewone publiek veranderen er dingen, maar dat gebeurt helaas
telkens wanneer Israël misdaden begaat en een nieuwe oorlog begint.
Hierdoor zien mensen duidelijker dat het gaat om een koloniale staat
en een apartheidsstaat die niet geeft om Palestijnse levens.” Dit
merkt ze alsmaar meer tijdens en na haar optredens. “Mensen
begrijpen mijn teksten veel beter. Maar ik merk het ook in eenvoudige
zaken: toen ik in de voorbije zomer met mijn Palestina-t-shirt in de
bus stapte in Londen staken mensen hun duim op en zeiden ze allerlei
zaken om me te steunen.”

Die
steun wil ze liever zien in echte acties. “Het is onze job als
artiesten, activisten en academici om de steun te vertalen naar een
situatie waar mensen echte actie ondernemen om te veranderen hoe de
media en overheden werken. Die verandering kan enkel door aan een
populaire druk te bouwen. Overheden en media, of zeker de mainstream
media, veranderen niet door op een dag te beseffen dat ze al jaren
aan de verkeerde kant staan. Ze veranderen wanneer er politieke druk
komt via een grassroots niveau en daar ligt nu onze taak.”

BDS

Ook
artiesten ontsnappen in de visie van Ziadah duidelijk niet aan de
verantwoordelijkheid om politiek actief te zijn. Wanneer ik haar
vraag of het haar niet stoort dat Palestijnse artiesten altijd vragen
krijgen over verzet en niet enkel om hun kunst antwoordt ze dat het
nooit om ‘enkel kunst’ gaat. “Dat kan controversieel klinken”,
zegt ze. “Maar alles wat we doen is politiek. Ook als iemand zegt
‘Ik ben apolitiek’ of ‘Ik doe niet aan politiek’, is dat een
politiek statement. Ik zie mijn kunst wel als een ambacht waarin ik
goed in wil zijn en ik hou van het proces van poëzie maken en
optreden. Tegelijk is het ingebed in wie ik ben en in mijn
geschiedenis en dat is een politieke geschiedenis.”




De
verbondenheid tussen kunst en politiek is waarom ze lid is van het
secretariaat van het nationale Palestijnse comité van de
BDS-beweging. Onder BDS (Boycott, Divestment, Sanctions) valt ook de
oproep van Palestijnse organisaties om Israël te boycotten op een
culturele manier. “Het is een oproep om alle instituties van de
Israëlische staat te boycotten als zij medeplichtig zijn in de
bezetting en in het apartheidssysteem. Dit is niet nieuw. Wereldwijd
deed de artistieke wereld hetzelfde voor Zuid-Afrika.”

Ondanks
het feit dat dit niet nieuw is ziet Ziadah dat deze oproep moeilijk
gehoord wordt in Europa. “Het probleem is dat vele Europese
organisaties beginnen te spreken over de vrijheid van meningsuiting
terwijl ze nauwelijks spreken over die vrijheid van meningsuiting
voor Palestijnse artiesten die het moeilijk hebben om een normaal
dagelijks leven te hebben, laat staan om zich artistiek te uiten.”

Dit
probleem weerhoudt haar er niet van om gewoon door te doen als
activist en artiest. Een uur na ons gesprek staat ze terug op een
podium. Het café van de Pianofabriek krijgt ze stil en ze waarschuwt
regelmatig voor de heftig emotioneel geladen teksten voor ze een
volgend gedicht voordraagt.

De
reacties in het publiek bewijzen wat ze eerder in het gesprek
vertelde: “Ik zeg altijd dat mijn gedichten mensen telkens anders
raken. Mensen komen achteraf huilend vertellen dat ze dingen nu
anders bekijken, dus denk ik dat kunst mensen raakt op een
menselijker niveau. Dat kan je soms niet met politieke speeches.
Helaas hebben we in sociale bewegingen vandaag veel woorden en weinig
kunst. Dat moeten we een beetje omdraaien.”

Wie
Rafeef Ziadah nog wil zien optreden kan dat op zaterdag 9 mei in de
C-mine in Genk tijdens ‘Nuff Said.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!