(1) pasfoto voor aanvraag Iraanse paspoort in 2013; (2) rondreis in Iran in 2014; (3) pasfoto voor aanvraag Iraanse ID in 2008; (4) pasfoto voor hernieuwing van Belgische ID in 2015; (5) foto voor inschrijving in school in Iran 1986; (6) rondreis in Egypte in 2009; (7) studentenfoto in 2001; (8) pasfoto voor hernieuwing Belgische ID in 2010; (9) sollicitatiefoto in 2004.
Samenleving, België -

Hoofddoek en Kafka

De halfslachtige houding van onze instellingen tegenover het dragen van een hoofddoek is een schoolvoorbeeld van hoe men hier de rechten van minderheden probeert te beschermen. Hoe is het gesteld met de rechten van minderheden binnen de minderheid van de zogenaamde Belgen zonder Belgische roots? Hoe gaan de bureaucratieën om met minderheden binnen minderheden? Een getuigenis.

zondag 29 maart 2015 12:24

La démocratie, ce n’est pas la
loi de la majorité, mais la protection de la minorité
“, is één van mijn
favoriete citaten van Albert Camus. Dit principe is ook wat men in democratieën
zoals in België, wel eens inconsequent en/of inconsistent, probeert na te
streven.

Verklaring op eer

Maart 2015 begeef ik me op vraag
van de administratie aan de loketten van stadhuis Gent om mijn Belgische identiteitskaart
te vernieuwen. Door het vochtig en regenachtig weer waren mijn haren wild
gekruld. Om mijn krullen wat plat te duwen, hun volume te temmen, trek ik mijn
sjaal over mijn hoofd (foto 4).

Eenmaal aan het loket vraag ik of
ik de keuze heb om met een hoofddoek een nieuw paspoort aan te vragen. De
loketbediende bekeek me even aarzelend en zei: “Het hangt af van hoe je jouw
hoofddoek draagt”. Enigszins verbaasd door haar antwoord, vraag ik haar: “Op
hoeveel verschillende manieren kan men een hoofddoek dragen en welke manier is
de juiste?” Hierop antwoordde ze dat de manier waarop ik het droeg, geen echte
hoofddoek was. Ik droeg eerder een sjaal over mijn hoofd dan een hoofddoek,
meende ze.

Aanvankelijk was ik helemaal niet
van plan om met een hoofddoek aan een nieuwe aanvraag in te dienen maar nu dat
het verhaal zo’n wending kreeg, wilde ik kost wat kost met mijn “sjaal”, die ik
zelf als een hoofddoek beschouwde, op mijn nieuwe paspoort staan. Ik dring bij
haar aan of ze bij haar overste kan navragen of ik zoals op foto 4 op mijn pas kan
staan. Dat gebeurt. Haar overste geeft heel vlot mijn eerst ingediende foto
(foto 8) terug en plakt foto 4 op mijn aanvraagformulier. Maar ik stond perplex van wat erna gebeurde.

“Niets kan zo bedrieglijk zijn als een foto”, schreef Franz Kafka. Ik kreeg plots een verklaring
onder mijn neus geschoven waarop stond: “Ik verklaar op eer dat ik om
godsdienstige redenen een hoofddoek draag”. Met het tekenen van deze verklaring
werd ik opnieuw godsdienstig. Ik weet echter nog niet welke God ik vanaf heden dien. De Perzische God,
die letterlijk “jezelf” betekent?

Een sjaal of een hoofddoek: een
haar verschil

Enkele jaren terug werd ik in een volkscafé te Gent, ’t Krochtje, door een man aangesproken omdat ik volgens hem
eerst de Vlaamse normen en waarden moest respecteren voor ik me permitteerde het
Vlaams-Belgische beleid te bekritiseren. Met een 33cc-pint in de hand keek ik
hem verbaasd aan en vroeg om duiding. Hij verwees onmiddellijk naar de sjaal (foto
2) die ik over mijn hoofd droeg. Dat was volgens hem niet gepast in een café en
het getuigde zeker niet van integratie aan het Vlaamse landschap.

Een paar jaar later tijdens een
spaghetti-avond ter viering van het begin van het schooljaar, moest ik me, net zoals
alle andere collega-leerkrachten als vrijwilliger, buiten de schooluren
inzetten om deze schoolactiviteit op een geslaagde manier te laten verlopen.
Hoewel onze school net zoals alle andere scholen van gemeenschapsonderwijs een
pluralistische visie onderschrijft, mogen de leerkrachten en de leerlingen er geen
hoofddoek dragen. Er is echter geen regelgeving over de lengte en de
spanningsgraad van de rokken en shorts, de insnijding van de decolletés, lengte
van de schoenhakken, etc. Ondanks het feit dat ik als vrijwillige leerkracht
aan een schoolactiviteit buiten de schooluren inzette, werd ik door een van
mijn oversten berispt omdat ik met mijn hoofddoek (foto 2) het gezag van de
school provoceerde.

Kafka zou zich in zijn graf omdraaien als
hij zou lezen dat ik bij de stadsadministratie een verklaring moet afleggen dat
ik om godsdienstige redenen een “sjaal” draag, terwijl ik de man in de café en
mijn schooldirectie ervan moet overtuigen dat ik om niet-godsdienstige redenen
een “hoofddoek” draag. Waarom mag een vrijzinnige geen baas zijn over haar eigen hoofd? Indien alleen wie godsdienstig is op haar
paspoort een hoofddoek/sjaal mag dragen, is iedereen die er geen draagt niet
godsdienstig?

 Afghaanse versus Iraanse hoofddoek

Wie in Iran, Syrië, Libanon,
Turkije, Jordanië, Marokko en Egypte heeft gereisd, weet meer over: 1. dat de
manier waarop de vrouwen en ook mannen een hoofddoek dragen van plaats tot
plaats verschilt; 2. dat de manier waarop Iraanse vrouwen een hoofddoek dragen,
fundamenteel verschilt van alle andere landen waar het dragen van een hoofddoek
bij wet niet verplicht is.

Zeven jaar terug, toen ik voor
het eerst naar Iran wilde reizen, werd ik geconfronteerd met het feit dat mijn
Belgische nationaliteit niet van tel was voor de Iraanse autoriteiten. Dat komt
omdat mijn biologische vader een Iraniër is. Bovendien ben ik als kind van een
moslimvader automatisch een moslim. De religie en de nationaliteit van
de moeder zijn niet van tel. Het werd snel duidelijk dat ik alleen met een
Iraans paspoort naar Iran kon reizen.

De eerste keer dat ik me tijdens
de kantooruren zonder hoofddoek bij de ambassade van Iran aanmeldde, werd ik niet binnengelaten. Met mijn kap aan heb ik toen alsnog toegang weten te verkrijgen. De ambtenaar die me aan het loket ontving, moest plots lachen desondanks
zijn ontevredenheid over mijn kap die ik in plaats van een hoofddoek over mijn hoofd
had getrokken. De reden van zijn spot was de pasfoto die ik hem overhandigde
(foto 3). Hij zei: “Het is duidelijk dat je heel lang niet naar Iran bent
geweest. Ga eens naar daar en leer van Iraanse dames hoe ze een hoofddoek
dragen.” Ik drong aan om te weten wat hij precies bedoelde. Volgens hem droeg
ik mijn hoofddoek op een Afghaanse wijze, wat door doorsnee Iraniërs als te
landelijk en ouderwets wordt beschouwd.

Werk zoeken

Ook bij het werk zoeken blijkt
een gepaste pasfoto van groot belang. In 2002 was ik net afgestudeerd in marine
en lacustrine wetenschappen aan de UGent. Geen haar op mijn hoofd dacht toen,
dat ik als een hoogopgeleide jonge vrouw met discriminatie zou geconfronteerd
worden op de arbeidsmarkt. Als jonge twintiger dacht ik dat feministen en antiracisten
overdreven. Ik was tot dan toe nog niet geconfronteerd met enige discriminatie binnen het beschermde milieu van de universiteit.

Tot mijn verbazing vonden mijn
studiegenoten die gelijktijdig met mij waren afgestudeerd en zich in dezelfde
periode bij de VDAB inschreven, sneller hun weg naar de werkgevers. Tot drie
maanden na mijn inschrijving bij de VDAB en intensief solliciteren was ik de
enige van mijn jaar die zelfs nooit voor een persoonlijk gesprek was uitgenodigd.

Pasfoto en Vlaamse voornaam

De VDAB-consulente bij wie ik te
raad ging om te weten hoe het kwam dat geen enkel bedrijf me contacteerde,
vertelde me dat er niets mis was met mijn dossier. Zij merkte verrast op: “Ik
zie nochtans dat in drie maanden 60 keren je gegevens werden opgevraagd en
bekeken. Dat is redelijk veel”. Evenmin als ik kon de consulente niet goed begrijpen waarom ik tot dan toe door geen enkele werkgever was
gecontacteerd terwijl mijn studiegenoten die in dezelfde databank, met hetzelfde
studieprofiel zaten, wel gecontacteerd werden.

Plots zag de VDAB-consulent het
licht: “Op je cv heb je geen foto geplaatst. Ben je getrouwd?” Toen ik antwoordde
dat ik ongehuwd was maar wel samenwoonde, vroeg ze: “Is je partner ook een
Iraniër?” waarop ik antwoordde dat hij een echte Vlaming was. Haar voorstel om
mijn probleem op te lossen was als volgt: “Voeg een pasfoto aan je cv (foto 9), want sommige werkgevers denken helaas bij het lezen van je naam dat je misschien
een hoofddoek draagt. Misschien kan je ook overwegen om de naam van je partner
voor je eigen naam te plaatsen, zodat ze zien dat je een Vlaamse achtergrond
hebt”. De naam van mijn partner voor mijn eigen naam plaatsen, vroeg ik geschokt? Ik was erg beledigd.

Dubbele uitsluiting

Iedereen met wie ik afgestudeerd
was, was reeds via de databank van de VDAB bij de baggergigant Jan De Nul op
gesprek geweest. Toen ik het bedrijf zelf contacteerde om te weten waarom ik
er niet bij was, vertelden ze me dat ze mijn gegevens bij de VDAB niet
hadden gezien. Ik mocht wel mijn sollicitatiebrief opsturen, iets wat mijn
jaargenoten niet moesten doen. Ze werden spontaan uitgenodigd.

Ik ben echter nooit voor een
gesprek uitgenodigd geweest. Hoewel mijn profiel identiek was aan dat van mijn
studiegenoten, kreeg ik onmiddellijk een brief dat mijn profiel niet voldeed aan
de vereisten van de functie.

Ten slotte ging de job naar een jongen van ons schooljaar, ondanks de vele sollicitaties van de meisjes voor de vacante plaats. Toen ik me via een kennis die bij Jan De Nul werkt, informeerde over de gang
van zaken, kreeg ik te horen: “Voor buitenlandse projecten, vooral in de
Golfregio, stellen ze geen vrouwelijke projectleiders
aan omdat ze menen dat ze op terrein geen gezag kunnen afdwingen. Je weet zelf
al te goed welke status de vrouwen in die Arabische Golfstaten hebben, hé”. Ik
was gechoqueerd want zoiets verwachtte ik absoluut niet in een land waar
gelijke rechten tussen vrouwen en mannen in de wet opgenomen zijn.

Hoofddoek en slinger van
Foucault

Geboren en opgroeiend in Iran na
de revolutie van 1979 was ik net als alle andere vrouwen verplicht om een
hoofddoek te dragen. Ook meisjes die amper zeven jaar oud zijn, moeten vanaf
de eerste inschrijving aan de school een hoofddoek dragen. Deze verplichting
heeft ernstig verzet bij de Iraanse dames veroorzaakt.

Tijdens 36 jaar Islamitisch
bewind in Iran hebben de Iraanse vrouwen hun haarlijn en kledij als
strijdmiddel aangewend. Elk jaar schoof de verplichte hoofddoek een halve
centimeter achteruit, de lange mantels werden korter, de wijde broeken werden
strakker en de kleuren veranderden van grijs/zwart/donkerbruin/-blauw naar naar lichte
pastel- en felle kleuren.

Met afkeer voor de verplichte hi’jab
(het bedekken van haar en vrouwelijke rondingen) die ik als kind in Iran
ervoer, heb ik lang geen begrip kunnen opbrengen voor vrouwen die uit vrije wil
een hoofddoek wilden dragen. Nog niet zolang geleden vond ik hun strijd
pietluttig in vergelijking met discriminatie op basis van sekse, naam, afkomst,
godsdienst en seksuele geaardheid. Maar vanaf het moment dat ik ontdekte dat
racisme en discriminatie de drijvende krachten zijn achter het hoofddoekverbod,
heb ik mijn visie radicaal herzien.

Al enkele jaren draag ik over mijn hoofd van tijd
tot tijd een sjaal, volgens sommigen een hoofddoek. Ik doe dat
uit de overtuiging dat elke mens vrij mag dragen wat zij/hij wilt. Geen enkele
autoriteit heeft de legitimiteit om zich met de persoonlijke kledingkeuze van
mensen te bemoeien.

Wij zijn sowieso onderworpen aan
sociale druk die vaak door stereotypen en vooroordelen wordt gestuurd. Een
democratische overheid moet juist daarom de rechten van alle minderheden
garanderen. Er is geen redelijk argument waarom minderheden binnen een
minderheid, plots aan de dominante discours binnen die bepaalde minderheid,
onderworpen moeten worden.

Franz Kafka zou zeker beamen dat iedereen het recht
heeft om een hoofddoek/sjaal te dragen zelfs als dat niet om godsdienstige
redenen is.

*****

Foto 2: Iraanse vrouwen: jonge generatie
http://ngm.nationalgeographic.com/ngm/photo-contest/2012/entries/197083/view/

Foto 3: A
Fashionable Revolution: Veiling, Morality, and Consumer Culture in Iran
http://ajammc.com/2014/03/11/a-fashionable-revolution/

Video: Iran’s Fashion Renaissance- VICE Reports
https://www.youtube.com/watch?v=zEp8HzG8K5A

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!