Amjad Mahmood Khan en Mujeeb-ur-Rahman zijn Ahmadi's die Pakistan ontvluchtten wegens de vervolging van hun geloofsgemeenschap. Hier spreken zij over deze repressie op een lezing aan universiteit van Harvard (foto Cara Solomon, Harvard Law School/IPS)

Dood of vlucht voor minderheid Pakistan

Pakistan is het enige land waar de islamitische soennitische minderheidsbeweging Ahmadiyya bij wet verboden is. Ook in andere moslimlanden neemt de discriminatie en het geweld tegen deze beweging toe. "In Pakistan blijven was niet meer mogelijk", getuigt een naar de VS uitgeweken Ahmadi.

woensdag 22 oktober 2014 14:45

In
2012 werd werd de 26-jarige zoon van Farooq Kahloun doodgeschoten.
Bij die aanslag raakte ook zijn jongere zoon Ummad zwaargewond, net
als Kahloun zelf. Er zitten nog steeds vier kogels in Kahlouns borst
en arm. Als Ahmadiyya-leider besefte Kahloun dat hij een potentieel
doelwit was voor huurmoordenaars in de zo goed als wetteloze
Pakistaanse stad Karachi.

De
algemene onveiligheid is nog veel groter voor wie zoals Kahloun een
Ahmadi is omdat hij behoort tot een islamitische beweging die door
veel conservatieve moslims wordt verketterd. “Nooit gedacht dat
ze mijn familie in het vizier zouden nemen”, verklaart de
57-jarige Kahloun. Hij is een succesvolle zakenman die alles heeft
achtergelaten en politiek asiel vond in de Amerikaanse stad Memphis
in de staat Tennessee. Daar leeft hij vandaag met vrouw en dochter.

Takfiristroming

Onder
druk van Saoedi-Arabië kondigde het Pakistaanse parlement in 1974
officieel af dat Ahmadi’s geen moslims zijn. Tien jaar later maakte
de toenmalige militaire dictatuur het zelfs strafbaar voor Ahmadi’s
om zich als moslims “voor te doen”.

Volgens
juristen en mensenrechtenadvocaten druist dat in tegen de Pakistaanse
grondwet, meer bepaald tegen de artikels 8 tot en met 27, die
vergelijkbaar zijn met de Amerikaanse Bill of Rights (de verzamelnaam
voor de tien amendementen bij de tekst van de Amerikaanse Grondwet).
“Dit zijn beschamende wetten”, vindt Kahloun. “Als we
geen andere profeet of koran hebben, wat moeten we dan doen?”

De
Takfiristroming binnen de islam roept andere moslims of groeperingen
van moslims uit tot ‘kafir‘ of ongelovige. Het is aan deze omstreden
strekking binnen de islam te wijten dat de eerste Pakistaanse
Nobelprijswinnaar, Abdus Salam, als Ahmadi zijn land ontvluchtte. Ook
de kinderrechtenactiviste Malala Yousufzai, die onlangs als tweede
Pakistaanse een Nobelprijs kreeg, is Ahmadi. Zij leeft in
ballingschap in Groot-Brittannië.

Zware aanslag
in Lahore

De
daders van dergelijke aanslagen worden zelden gevat, berecht of
gestraft. Zo ontstaat een cultuur van straffeloosheid, die aanmoedigt
tot nog meer aanslagen, vrezen analisten. Bij een van de dodelijkste
terreuraanslagen in Pakistan in mei 2010, werden enkele daders aan de
politie uitgeleverd. Het is echter nog steeds wachten op een
veroordeling. Die aanval was gericht tegen een Ahmadi-moskee in de
stad Lahore. Meer dan negentig gelovigen kwamen daarbij om het leven,
vele anderen raakten gewond.

“We
konden niet meer in Pakistan leven. Niemand zou weggaan mocht hij of
zij de keuze hebben, maar nu vlucht elke Ahmadi die daartoe de kans
krijgt”, zegt Kahloun aan de telefoon. “In Karachi worden
er dagelijks mensen gedood. Dokters, hoogleraren, niet alleen
Ahmadi’s, ook sjiieten en anderen.”

‘Foute’
moslim

Volgens
de onafhankelijke mensenrechtencommissie van zijn land zijn vorig
jaar 687 mensen gedood bij meer dan tweehonderd gevallen van
sektarisch geweld. Dat is 22 procent meer dan in 2012. Bovendien
werden 1319 mensen verwond, 46 procent meer dan in 2012.

“Het
aantal Ahmadi’s en religieuze gemeenschappen die asiel zoeken in het
buitenland blijft toenemen”, verklaart Qasim Rashid, een
Ahmadi-advocaat van Pakistaanse afkomst die zich in de Amerikaanse
staat Virginia heeft gevestigd. Rashid is ook de auteur van The Wrong
Kind of Muslim
(2013)
over de Ahmadi-vervolging in Pakistan.

Hij
hamert op het belang van godsdienstvrijheid over de hele wereld.
“Doordat dit recht niet gegarandeerd wordt, kunnen groepen als
de taliban en IS zo machtig worden”, aldus Rachid. Pakistan is
het enige land waar het wettelijk strafbaar is voor Ahmadi’s om hun
geloof als moslims te belijden, maar institutionele discriminatie en
vervolging van Ahmadi’s zit ook op andere plaatsen in de lift.`

“De
Pakistaanse wetten zijn de meest agressieve. Andere landen beginnen
echter het voorbeeld van Pakistan te volgen. Het is niet de lokale
bevolking die deze aanvalllen leidt, maar Pakistaanse moellahs”,
stelt de advocaat. Bangladesh verbiedt religieuze Ahmadi-boeken,
Ahmadi’s liggen onder vuur in Maleisië en Indonesië is begonnen met
verzegelen van Ahmadi-moskeeën.

Indonesië

De
21-jarige Khalida Jamilah woonde in de Indonesische deelstaat
West-Java. Indonesië heeft de grootste moslimpopulatie ter wereld.
Zij vertelt dat Ahmadi-families zoals de hare hun geloof als moslims
vrij mochten uitoefenen tot in 2005, toen moslimextremisten een
Ahmadi-conventie in West-Java aanvielen.

Haar familie was toen op die
conventie aanwezig.

Ze
zochten daarom politiek asiel in de VS en verhuisden naar Los Angeles, waar
Jamilah’s vader nu taxichauffeur is. “Hier
(in de VS) kunnen we openlijk ons geloof aanhangen”, getuigt
Jamilah, vandaag een studente journalistiek aan de Universiteit van
California in Berkeley.

Pakistan’s
Ahmadis Faced with Death or Exile

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!