Beaulieu – de zaak van de familie De Clerck
Nieuws, Samenleving, Politiek, België, Het land van de 1000 schandalen, Beaulieu -

Beaulieu – de zaak van de familie De Clerck

De groep Beaulieu is het bedrijfsimperium van Roger 'boer' De Clerck, geboren in Wielsbeke. Vanaf 1987 krijgen z'n vier zonen de leiding van een deel van de groep. De groep Beaulieu komt meer dan eens in opspraak. De perikelen van de familie De Clerck vormen een belangrijke inspiratiebron voor het boek en de tv-serie Het goddelijke monster.

woensdag 1 augustus 2012 23:47

In de jaren tachtig wordt De Clerck verdacht van grootscheepse fraude d.m.v. fictieve geldtransacties; naar schatting wel anderhalf miljard frank zou hij naar het buitenland hebben versast, de fiscus zou voor veel geld opgelicht zijn. In 1986 velt de rechter een merkwaardig oordeel: hij acht de tenlastelegging bewezen maar vindt toch dat aan de verdachte de opschorting van de uitspraak van de veroordeling mag worden toegekend. In mensentaal, de schuld is bewezen maar straf hoeft niet. Het openbaar ministerie gaat in beroep maar ook dan houdt de rechter het bij de vrijspraak.

In 1989 maken werknemers van de Beaulieu-groep en de vier broers De Clerck kennis met de Britse gevangenis. Fraude, luidt de verdenking, betalingen in het zwart en dus winsten in het zwart. De zonen De Clerck komen vrij na het betalen van een borgsom. Hun personeelsleden geven één en ander toe. Roger De Clerck ziet zich in maart 1990 genoodzaakt een minnelijke schikking van bijna tweehonderdvijftig miljoen frank te betalen. De Beaulieu-groep laat weten dat ze daarmee geen schuld bekent.

In 1990 start dan de affaire-Verlipack met een klacht dat de Beaulieu-groep op ongeoorloofde wijze een pak overheidssteun voor het holglasbedrijf Verlipack zou hebben binnengehaald. De onderzoeksrechter ontdekt dat Beaulieu gebruik heeft gemaakt van een stroman, Walter De Backer. Die stroman heeft Verlipack in 1985 overgenomen dankzij de welwillende hulp van de staat die negenenveertig procent van het kapitaal ophoest maar toch afziet van een plaats in het bestuur. Bovenop geeft minister van Economische Zaken Mark Eyskens nog een staatslening van honderdennegen miljoen frank aan Verlipack. Het bedrijf betaalt die lening nooit terug. En dan zijn er ook nog fiscale uitwijkmaneuvers naar Luxemburg.

Beaulieu geeft alle schuld aan Walter De Backer, beëindigt de samenwerking met hem en dient zelfs klacht in tegen hem. Een dag later komt De Backer om bij een ongeval met zijn wagen.

Nog is het niet gedaan want al het gerechtelijk speurwerk brengt nog een andere zaak aan het licht, de zaak-Fabelta. Het textielbedrijf Fabelta-Zwijnaarde is eind 1982 failliet gegaan. Beaulieu verklaart zich bereid het bedrijf over te nemen indien de staat ook z’n beste beentje voorzet. Er komt een akkoord waarbij Beaulieu tweehonderd miljoen frank inbrengt en de staat zevenhonderdvijftig miljoen frank. Eénmaal er winst is, belooft Beaulieu de overheidsaandelen terug te betalen. Zo gezegd, zo gedaan.

Er is echter een probleem. De Europese Gemeenschap wijst die overeenkomst af en wil dat Beaulieu de inbreng van de staat terugbetaalt. Maar Economische Zaken waar Mark Eyskens dan minister is, wil daar niet van horen en gaat door met de betalingen. Later krijgt Beaulieu de toelating om de overheidsaandelen af te schaffen, m.a.w. de inbreng van de staat is nu geprivatiseerd en wordt dus nooit terugbetaald. Dit geschenk van driekwart miljard frank is een schande, wordt er geroepen in het parlement.

Op 14 november 1991 belandt Willy Ramboer achter de tralies. Die hield zich in de jaren 1981-85 op het kabinet van Eyskens bezig met de nu betwiste dossiers. Hij heeft de schijn tegen maar heeft een grote troef: die overeenkomsten kon alleen de minister tekenen. En die is onschendbaar.

Ruim twee jaar later valt er toch een gerechtelijke uitspraak. Op 25 februari 1994 oordeelt de rechtbank van koophandel in Gent dat Fabelta – eigenaar Beaulieu dus – zevenhonderdvijftig miljoen frank moet terugbetalen. De intresten op dat bedrag worden slechts vanaf 1988 aangerekend. En nog, deze rechter acht de handelwijze van de overheid verwerpelijk.

In de nog steeds lopende zaak-Verlipack zijn er begin mei 1994 maar liefst achtenzestig huiszoekingen. Er wordt gezocht naar “aanwijzingen van verdachte geldstromen en omstreden financiële operaties”. De reactie van de familie De Clerck is er één van onbegrip.

Op 7 maart 1996 valt het Hoog Comité van Toezicht binnen bij Jan De Clerck. Dat is de baas van Domo, een deel van de Beaulieu-groep dat hij controleert. Ook ditmaal zou het om een onderzoek gaan naar financiële transacties binnen de groep Beaulieu.

(zie ook De Clerck Jan)

uit het boek Barrez Dirk, Het land van de 1000 schandalen. Encyclopedie van een kwarteeuw affaires, Globe, 1997, 384 p. (geactualiseerde franstalige versie in 1998)

Wie naar de tv-serie Het goddelijke monster kijkt – en al ietwat ouder is – zal in de familie Deschryver nogal makkelijk de familie De Clerck herkennen van het Beaulieu bedrijfsimperium. Zelfs de feitelijke opsomming van de verdenkingen tegen de groep en van wat zich heeft afgespeeld rond Beaulieu, oogt soms sterker dan wat de fictie van boek en serie te bieden heeft.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!