Quand rien N-VA plus: bombarderen dan maar?

Quand rien N-VA plus: bombarderen dan maar?

Hier en daar gaan er stemmen op om militair tussen te komen in Libië. Een korte terugblik op de oorlog in Libië van z’n vijf jaar geleden doet vermoeden dat dit geen goed idee is.

maandag 29 februari 2016 01:19
Spread the love

Het is 20 oktober 2011 wanneer kolonel Moammar Khadaffi levend gelyncht wordt. Terzelfdertijd leggen Westerse politici, die de man nog persoonlijke ontmoet hebben, grote verklaringen af over het weerkeren van vrijheid en democratie in Libië. Elf dagen later beëindigde de NAVO officieel de missie in het Afrikaanse land.










De foto’s van Khadaffi en Sarkozy zullen later van de site van het Elysée worden verwijderd

Een humanitaire inval of business as usual?

Het moet gezegd, Libië was allesbehalve een armzalig land voor het door een NAVO-coalitie de chaos in werd gebombardeerd. Op de index van de menselijke ontwikkeling (HDI) van de Verenigde Naties scoorde het land als beste van heel Afrika. Mede door de verkoop van olie werd Khadaffi’s islamitisch socialisme opgebouwd. Dat deze oliewinsten in Libië bleven was een doorn in het oog van Westerse multinationals en hun regeringen.

Khadaffi had zijn doodvonnis helemaal geschreven toen hij trachtte een door goud gedekte pan-Afrikaanse munteenheid op te richten. Dat blijkt onder andere uit de gelekte mails van Hillary Clinton. Om de invloed van Frankrijk in West-Afrika te garanderen is het van belang dat de franc CFA (Franc des Colonies Françaises d’Afrique) behouden blijft. Het is misschien niet zo goed geweten, maar via deze weg controleert de Franse staat nog steeds de nationale reserves van veertien Afrikaanse landen. Dit postkoloniaal uitbuitingssysteem garandeert niet alleen dat deze landen nog steeds koloniale schuld aan Frankrijk betalen, het zorgt er ook voor dat ze hun beleid uitstippelen op maat van deze ‘voormalige’ koloniale grootmacht. Het mag dan ook niet verbazen dat de Fransen de voortrekkers waren in het op de been brengen van een coalition of the willing en als eerste de rebellen, die verzameld zaten in de Nationale Overgangsraad, als de legitieme vertegenwoordigers van Libië erkenden.

Het installeren van vrijheid en democratie

We weten dat er nog voor de opstand Franse en de Britse gespecialiseerde commando’s in Libië aanwezig waren die de Libische rebellen trainden en bewapenden. Toch gaat ook ons land niet vrijuit. De Belgische F-16’s zorgden er mede voor dat de rebellen naar de overwinning werden gebombardeerd. Hoogdravende waarden zoals die door Westerse wereldleiders in speeches werden verdedigd maakten al gauw plaats voor een rauwe realiteit. Een realiteit van een land dat in de totale chaos was gestort en werd overgelaten aan strijdende milities die elkaar naar het leven stonden. De massale schending van mensenrechten was vanaf heden geen nieuws meer. De olie was terug in de handen van Westerse multinationals en de bedreiging voor de Westerse hegemonie was de kop ingedrukt.

Daesh? Niks mee te maken

Om opnieuw te interveniëren wordt er gewezen naar de expansie van Daesh (IS) in Libië. Toch zou het eigenlijk niet mogen verbazen dat het jihadi-salafisme in Libië weliger tiert dan ooit tevoren. Het was namelijk een wezenlijk onderdeel van de Westerse strategie om juist te steunen op jihadi-salafisten die bereid waren om de wapens op te nemen. Een beroep doen op figuren van bedenkelijk allooi heeft als voordeel dat het vuile werk door hen wordt opgeknapt en een interventie zich officieel tot het droppen van bommen beperkt. Op het thuisfront wordt een interventie helemaal verteerbaar gemaakt doordat deze rebellen in Westerse media worden weggezet als een groep in nood die Westerse militaire steun broodnodig hebben.

Passend binnen dit frame werd Khadaffi in Westerse reguliere media dan ook weggezet als een halve zot wanneer hij er op wees dat Al-Quada gerelateerde personen deel uitmaakten van het rebellenleger. Ongetwijfeld had hij het hierbij onder andere over Abdelhakim Belhadj. Dat er meerdere linken te maken vallen tussen deze persoon en Al-Quada verhinderde niet dat het uitgerekend deze man was wiens troepen nog voor de oorlog getraind werden door de Verenigde Staten. Tijdens de oorlog gaf hij leiding aan de belangrijkste rebellengroep van het land. Na de oorlog werd hij benoemd tot militair gouverneur van Tripoli.

Wanneer Westerse landen jihadi-salafisten trainen, bewapenen en hen een weg naar Tripoli bombarderen moet men niet verbaasd zijn dat deze ideologie in Libië vaste voet aan grond krijgt.

Dat Daesh (IS) gerelateerde groepen zich in Libië laten gelden is dus zeer duidelijk een product van de oorlog in Libië. Onder dit voorwendsel opnieuw gaan Interveniëren in Libië roept op zijn minst argwaan op. Het feit dat deze terreurgroep juist het grootst is in Syrië, Irak en Libië, landen waar het Westen ofwel zelf is binnengevallen of dat doet via de steun aan een rebellenleger, spreken alvast niet in het voordeel van een nieuwe interventie.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!