Fig.1. Advertentie van de Nederlandse supermarktketen HEMA voor haar zorgverzekering.

Nederlandse gezondheidszorg wordt supermarkt geneeskunde

dinsdag 6 januari 2015 15:28

“Hoera de zorgverzekering van HEMA”.
Deze advertentie tussen de pyjama’s en de patatten van supermarktketen HEMA
illustreert mooi de snel oprukkende commercialisering van de gezondheidszorg in Nederland. “Het
hele jaar 10% korting op bijna alles van HEMA”, heet zoiets niet koppelverkoop?
“Kinderen gratis naar Walibi”, het is niet duidelijk of ze kunnen genieten van
de Walibi-speedy pass. Let op, het gaat
hier niet voor één of andere gadget of luxe-akkefietje. Het gaat hier om de
basisverzekering voor het basispakket aan gezondheidszorg. “Huisartsenzorg
verwordt tot supermarkt geneeskunde”, schreef een huisarts.

Voor 2006
had je in Nederland twee categorieën van verzekerde patiënten. Enerzijds de
ziekenfondsverzekerden, met een inkomen onder de 33.000 euro bruto in 2005
(39.600 euro aan huidige prijzen), anderzijds de mensen met een hoger inkomen.
Die laatsten moesten zich volledig privaat verzekeren. De ziekenfonds patiënten
betaalden een premie van 35 euro per maand, per persoon uit eigen zak. Ze
betaalden 1,5% op hun brutoloon en de werkgever betaalde ook nog eens 6,5%. Hun
ziekenfondsen waren non-profit.

Vanaf 2006
werd dit alles vervangen door één markt van volledige private winstgestuurde
Zorgverzekeraars. Iedereen moest zich aansluiten voor het basispakket bij één
Zorgverzekeraar. Zogezegd is er acceptatieplicht voor dit basispakket. De
Zorgverzekeraars zouden daardoor niemand mogen weigeren. Daarnaast kan iedereen
mits hogere premies allerlei aanvullende verzekeringen nemen. De zorg zou door
concurrentie tussen de Zorgverzekeraars goedkoper
worden en tot meer transparantie
leiden, iedereen zou weten wat de zorg waar kost. De concurrentie zou de zorg beter maken. Tenslotte zou het systeem
dankzij een zorgtoeslag voor de lage inkomens sociaal blijven en door de acceptatieplicht de solidariteit gegarandeerd blijven. Zo luidde de argumentatie van de
voorstanders van de Zorgverzekeringwet. Laten we acht jaar later deze
voorspellingen toetsen aan feiten en cijfers.

“Huisartsenzorg verwordt tot supermarkt geneeskunde”

Goedkoper?

  • De premies zijn jaar na jaar gestegen

  • Voor 2015 stijgen de premies tot meer dan 10%

 Zie fig. 2. Premie stijgt jaar na jaar (grafiek)

In 2015
wordt de stijging nog forser. In deze Zorgwijzer krijg je een
overzicht van het grote aantal Zorgverzekeraars met uiteenlopende tarieven en
aanbiedingen en vooral forse premieverhogingen die  in 2015, die variëren van plus 3 procent tot plus
meer dan 10 procent.

  • Vanaf 2008 wordt het eigen risico
    ingevoerd, dat jaar na jaar stijgt met +142 procent op zes jaar tijd

  • In 2015: eerste 375 euro uit eigen
    zak te betalen, bij lage basispremie is er 875 euro eigen risico

In 2008 werd
het eigen risico ingevoerd, het bedrag dat je volledig uit eigen zak moet
betalen, vooraleer je van tussenkomst van de zorgverzekeraar kunt genieten. Dat
bedrag neemt jaar na jaar toe: in 2009: € 155; 2010: € 165; 2011: € 170; 2012:
€ 220; 2013: € 350; 2014: € 360; 2015: € 375. Een stijging van 142 procent op zes jaar tijd. Globaal betekent dit dat
de patiënt vandaag hierdoor 3,2 miljard euro zorgkosten extra uit eigen zak
betaalt. Het eigen risico geldt niet voor consultatie bij de huisarts en basale
verloskundige zorg. Maar wel voor de geneesmiddelen die de huisarts
voorschrijft of de technische onderzoeken en verwijzingen voor specialistenzorg
en ziekenhuiszorg. Een rapport ‘Brede heroverwegingen Curatieve Zorg
(2010) van de
Inspectie der Rijksfinanciën dat adviezen moet geven tot besparingen, adviseert
om het bedrag van het ‘wettelijk eigen risico’ nog op te trekken tot 775 euro.
De argumenten klinken bekend: “Als consistent sturingsmodel kunnen eigen
betalingen het kostenbewustzijn van burgers vergroten en hen helpen in hun
keuzegedrag in de zorg en in hun leefstijl. Eigen betalingen leveren ook een financieringsbijdrage”. Daarnaast suggereert het rapport: “Een eigen bijdrage van €5 per
huisartsenconsult. De gedragseffecten voorhuisartsenzorg zijn relatief groot
omdat verzekerden zelf kunnen beïnvloeden of ze wel of geen zorg vragen.”
Terwijl juist internationaal overal, ook bij de Belgische professoren
huisartsgeneeskunde
,
gepleit wordt om in de eerste lijn de remgelden af te schaffen. 

De ‘basispremie
vanaf 73 euro per maand’ die je op de bovenstaande advertentie van Hema (Fig.1.)
kunt lezen heeft betrekking op een verzekering waarbij bovenop de 375 euro
wettelijk verplichte eigen risico ook nog eens 500 euro zogenaamd vrijwillig
eigen risico bijkomt. M.a.w. bij die relatief lage basispremie betaal je wel de
eerste 875 euro van het jaar aan gezondheidszorg volledig uit eigen zak, voor dat je beroep
kunt doen op de Zorgverzekeraar. De basispremie bij Hema met het wettelijke 375 euro eigen
risico bedraagt immers 97 euro per maand.

“Het wettelijk eigen risico is gestegen van 155 euro naar 375 euro op
vijf jaar tijd. Bij een lagere basispremie moet je de eerste 875 euro van het
jaar volledig uit eigen zak”

Beter?

Grote verspilling door concurrentie, reclame en overstapkosten

Jaarlijks verspillen
de Zorgverzekeraars een half miljard euro premiegeld aan reclame. Daarbij komen
dan nog de overstapkosten. Ieder jaar moeten contracten hernieuwd worden . Er
is veel overstap, zoals bij ons tussen de elektriciteit, gas en telecom
providers. Bijna 1 miljoen Nederlanders
stappen jaarlijks over. In 2012 bedroegen de kosten voor het overstappen alleen al 541 miljoen euro, of 571 euro per overgestapte
verzekerde. (De Telegraaf dd.14/10/2014)

Het rapport ‘Brede heroverwegingen Curatieve Zorg
van de Inspectie der Rijksfinanciën raamt de
totale besparing op het afschaffen van concurrentie tussen zorgverzekeraars op
950 miljoen euro per jaar!

“Jaarlijks
verspillen de Zorgverzekeraars een half miljard euro premiegeld aan reclame”

Artsen en zorgverstrekkers
slachtoffer van een gigantische bureaucratie

In een
eerdere bijdrage beschreef ik hoe in Nederland de huisarts koopman is geworden. De Zorgverzekeraars werken puur vanuit
commerciële motieven op een private markt. Zowel de patiënt als de huisarts
moeten zich nu als respectievelijk zorgvrager en zorgverschaffer ‘inkopen’ op
die markt. De huisarts moet daarbij ten aanzien van die commerciële
ondernemingen leren ‘bluffen, relaties onderhouden, invloed en macht
uitoefenen’. Desnoods ‘juridische procedures starten of naar de pers stappen’.
‘Dit ingewikkeld spel’ veroorzaakt bij vele huisartsen ‘slapeloze nachten’,
aldus een artikel in een huisartsentijdschrift waarbij
advocaten huisartsen bijstaan in hun onderhandelingen met de Zorgverzekeraars. Artsen, therapeuten en ander zorgpersoneel worden gek van het eindeloze
onderhandelen met verzekeraars over tarieven, budgetten, behandelingen en
verantwoordingen. Artsen worden
overruled door de Zorgverzekeraars.

Fig.3. geeft
het schema van het onderhandelingsproces dat de huisarts geadviseerd wordt te
doorlopen.

Patiënt wordt verknipt in
ziektebeelden

In Nederland
heeft de huisartsgeneeskunde steeds een zeer vooruitstrevende positie
gehad. De uitgangspunten van de fameuze
conferentie van Woudschoten in de jaren ’50 zijn internationaal een
kwaliteitslabel geworden voor goede huisartsenzorg: continue, integrale,
persoonlijke zorg voor patiënten en gezinnen. Nederlandse huisartsen stonden
niet alleen op vlak van multidisciplinaire zorg, integrale zorg maar ook van
‘evidence based medicine’ ver voorop, vergeleken met de meeste andere Europese
landen. De privatisering en vermarkting
van de zorg dreigen deze verworvenheden teniet te doen.

 In juni 2010 publiceerde SP Nederland ‘De huisarts aan het woord’, een grootschalige enquête over de gevolgen van de privatisering van de
ziekenfondsen, waaraan 1903 huisartsen deelnamen. Dat betekent 22% van alle
Nederlandse huisartsen, een behoorlijk grote respons. De belangrijkste conclusies
luiden (de citaten tussen aanhalingstekens zijn letterlijke uitspraken van
deelnemende huisartsen)

  • “Geld
    en cijfers worden de drijfveer in plaats van de zorg en de patiënten”
  • ·87
    procent van de artsen vindt de werkdruk de afgelopen jaren toegenomen (…) door
    toename van administratiedruk en taken. De ingevoerde marktwerking en
    keten-DBC’s (Diagnose Behandeling Combinatie) leiden tot bovenmatige
    bureaucratie. Evenals het hybride financieringssysteem (deels abonnement, deels
    verrichtingen) met regels en tarieven die verschillen per zorgverzekeraar. Meer
    dan de helft van de artsen is ruim een dag per week kwijt aan administratie
  • ·       
    Marktwerking
    leidt tot hogere uitgaven, meer bureaucratie, minder solidariteit, tweedeling
    en een zorg die vooral gericht is op productie
  • ·       
    Patiënten
    worden opgeknipt in ziektebeelden … dat leidt dat steeds verder afdwalen van de
    uitgangspunten van de conferentie van Woudschoten: continue, integrale,
    persoonlijke zorg voor patiënten en gezinnen. Huisartsen vrezen het einde van
    de unieke huisartsenzorg in Nederland. (…) “Huisartsenzorg verwordt tot supermarkt
    geneeskunde”
  • ·       
    “Doorsterke
    nadruk op verrichtingen is de dokter meer bezig met het handhaven of vergroten
    van omzet en het indienen/controleren van betalingen dan met patiënten zorg.
    “ 
  • ·       
    Twee
    derde van de huisartsen vindt het sturen van de zorg via financiële prikkels
    (bonus) op principiële gronden onwenselijk
  • ·       
    De
    marktwerking en concurrentie leiden tot het tegenovergestelde van goede
    samenwerking. Bestaande samenwerkingsverbanden worden uit elkaar getrokken
  • ·       
    Eén
    huisarts oppert het volgende idee: “Door de overheid gefinancierde centra,
    inclusief personeel, voor 10-20.000 patiënten zoals dat in Noorwegen e.a. bestaat.
    Artsen zijn in loondienst en worden betaald naar ervaring, eventuele bijzonder
    kwalificaties en patiëntenaantal. Zij hebben geen enkele administratieve last
    meer.”

De SP strijdt voor één landelijke
publieke zorgvoorziening
. Waar meer zorg en minder markt wordt geleverd tegen lagere premies en
hogere kwaliteit.

“Geld en cijfers worden de drijfveer in plaats van de zorg en de
patiënten”

 Meer en meer diensten worden uit het
verplichte basispakket gehaald

Grote delen
van fysiotherapie, tandzorg, vele soorten psychische zorg en de terugbetaling
van geneesmiddelen zoals maagzuurremmers (type omeprazole e.d.) zijn reeds uit
het verplichte basispakket gehaald. Dus die diensten en producten worden niet
meer terugbetaald. Het rapport ‘Brede heroverwegingen Curatieve Zorg
van de Inspectie der Rijksfinanciën
suggereert nog een verdere ‘pakketbeperking’. D.w.z. nog meer medische,
paramedische en geneesmiddelenkosten uit het basispakket halen. Deze worden dan
niet meer vergoed door de Zorgverzekeraars, maar moeten via een aanvullende
verzekering gedekt worden, ofwel door de patiënt uit eigen zak betaald worden.

Zorgverzekeraars monopoliseren
gezondheidsgegevens

De
zorgverzekeraars bezitten over schatten aan informatie over de zorg. Het is
private informatie geworden. Uit concurrentieoverwegingen geven zij deze zo
belangrijke gegevens niet prijs. Voor
marktprospectie en allerlei vormen van risicoselectie al of niet ‘op het randje
van de wettelijkheid af’ kunnen zij deze gegevens naar hartenlust gebruiken.
Maar voor het publieke belang van studies over de volksgezondheid blijft deze
zo belangrijke informatie verstoken.

Sociaal?

  • Middelentoets vooraleer recht op
    zorgtoeslag

  • De inkomensgrens voor recht op
    zorgtoeslag daalt sinds 2012 jaar na jaar

  • Aantal huishoudens met recht op
    zorgtoeslag gedaald van 6,1 miljoen naar 4,2 miljoen in drie jaar tijd ondanks
    stijgende armoede

Als sociale
correctie bij het invoeren van de Zorgverzekeraarswet in 2006 werd de
zorgtoeslag ingevoerd. Vanaf 2006 moet iedere Nederlander, ongeacht zijn
inkomen, bij de Zorgverzekeraars naargelang het verzekerd pakket en de
prijssetting eenzelfde premie betalen. Voor de mensen met een laag en midden
inkomen is er een inkomensgrens vastgelegd waarbij de persoon of zijn gezin een
forfaitaire zorgtoeslag krijgt als een soort rugzakje, enveloppe of subsidie om
daarmee een deel van de premie aan de private verzekeraars te kunnen betalen. De hoogte van de zorgtoeslag hangt af van de
hoogte van het bruto-jaarinkomen. Maar
sinds 2012 daalt deze inkomensgrens jaar na jaar.

Tabel. Bruto-inkomen
voor belastingen als inkomensgrens voor recht op zorgtoeslag voor alleenstaande
en voor samenwonenden

alleenstaande

samenwonenden

2012


35.059


51.691

2013


30.939


42.438

2014


28.482


37.145

2015


26.316


32.655

Voor de invoering
van de Zorgverzekeringwet in 2006 had je recht op ziekenfondspremie bij een
inkomen tot 33.000 euro, dat is 39.600 euro in prijzen van 2015. Hierdoor ligt
het aantal mensen dat destijds beroep mocht doen op de ziekenfondsverzekering
veel hoger, dan het aantal mensen dat vandaag kan genieten van de zorgtoeslag.

Ieder jaar
zijn er dus telkens honderdduizenden Nederlanders die ondanks de stijgende
armoede hun zorgtoeslag kwijt geraken. De Zorgwijzer meldt: “In 2015 raken gemiddeld een
half miljoen Nederlanders hun recht op zorgtoeslag kwijt. Het kabinet gaat een
nieuw beleid voeren, waarbij gestreefd wordt om minder toeslagen uit te keren.
In het geval van de compensatie op de zorgpremie gaan huishoudens met een
brutosalaris van rond de 2450 euro per maand er op achteruit. Dit jaar
ontvangen zij nog een zorgtoeslag van 450 euro, maar volgend jaar zal dat
bedrag worden teruggebracht naar nul euro.(…) Het kabinet vermindert in 2015
het aantal ontvangers van de zorgtoeslag opnieuw naar in totaal 4,2 miljoen
huishoudens. Ter vergelijking, in 2012 ontvingen nog 6,1 miljoen huishoudens
een toeslag op de zorgverzekering.(…) Volgens minister Schippers van
Volksgezondheid wordt er door deze maatregel in 2015 125 miljoen euro bespaard
en nog eens 400 miljoen euro in 2016.”

Bovendien wordt
er een middelentoets gedaan. Je moet al je bezittingen en spaargelden bloot
geven. Tot uw vermogen hoort onder meer spaargeld, schenkingen, beleggingen en
een vakantiehuis. Ook vermogen dat u hebt in het buitenland telt mee. De waarde
van uw eigen woning telt niet mee.  Voor 2015 mag je niet meer vermogen hebben dan
€ 103.423 (voor alleenstaanden) of € 124.753 gezamenlijk (voor partners).

Per persoon
bedraagt de eigen bijdrage voor de normale basispremie aan de Zorgverzekeraar tussen de 98 en 120 euro per maand. Voor een
alleenstaande bedraagt de zorgtoeslag echter maximaal € 72 per maand en voor twee
samenwonenden maximaal € 138. Maar dat is pas als het gezamenlijke toetsingsinkomen
lager is dan € 19.253. Voor de meeste personen die in aanmerking komen voor de
zorgtoeslag is het bedrag echter niet hoog.

Zorgtoeslag
per maand in 2014 bij bruto-jaarinkomen voor alleenstaande:

·       
28000
euro = 5 euro per maand

·       
26000
euro = 5 euro

·       
25000
euro = 16 euro

·       
24000
euro = 27 euro

·       
23000
euro = 39 euro

·       
22000
euro = 50 euro per maand

·       
<
19000 euro = 72 euro

“Dit jaar
ontvangen honderdduizenden huishoudens met een brutosalaris van rond de 2450
euro per maand nog een zorgtoeslag van 450 euro, maar volgend jaar zal dat
bedrag worden teruggebracht naar nul euro”

Lessen
voor België

De Milton Friedman vouchers van Annemie Turtelboom,
de rugzakjes van Jo Van Deurzen en het
gezaag van Maggie De Block

Sociale
correcties van de markt willen toepassen door het geven van een ‘rugzakje’ of
een ‘persoonsgebonden budget’ of een ‘zorgtoeslag’ of één of andere vorm van
subsidie waarmee de patiënt als klant zijn zorg of andere dienstverlening kan
gaan inkopen op de markt is een idee van Milton Friedman. Dat heb ik geleerd op
de Antwerpse gemeenteraad van 24 november 2014 van minister Annemie Turtelboom.
Zij was bijzonder fier op de maatregel om 2,2 miljoen euro te besparen op de
bos- en zeeklassen en deze te vervangen door zogenaamde vouchers. Bonnen voor
een overnachting tijdens een schooluitstap. Dus zei Turtelboom: ‘Milton
Friedman had gelijk wanneer hij in 1955 schreef dat de subsidies van de
overheid moeten verschoven worden van de producenten van publieke diensten naar
de consumenten. Die gaan dan veel efficiënter om met de schaarse middelen. Dat
hebben deze vouchers nu bewezen’.

Minister van
welzijn Jo Van Deurzen wil nu hetzelfde systeem toepassen voor de
gehandicaptenzorg en voor de ouderenzorg. De zwaarst gehandicapten of meest
zorgbehoeftigen met de laagste inkomens krijgen een ‘rugzakje’ waarmee ze hun
zorg op de markt zelf mogen inkopen. Gelukkig is de Vlaamse markt nog
hoofdzakelijk non-profit, maar dat kan snel veranderen. Dat is al volop bezig
in de ouderenzorg. ’Persoonsgerichte financiering van ouderenzorg zodat de
oudere zelf aan het roer komt’, heet dat in het jargon van het VOKA. Deze
Vlaamse patroonsorganisatie, ‘de baas’ van mijnheer De Wever volgens de woorden
van de burgemeester van Antwerpen zelve, gaat samenwerken met het Vlaams
Onafhankelijk Zorgnetwerk. ‘Beide organisaties bundelen de krachten in het
belang van de onafhankelijke (lees commerciële) ouderenzorg in Vlaanderen’,
zeggen ze in een gemeenschappelijke verklaring onder de titel: “Ondernemerschap in Vlaamse
ouderenzorg alle kansen geven
”.
Tegelijkertijd heeft bevoegd minister Van Deurzen in navolging van de
gehandicaptenzorg ook in de ouderenzorg het concept van ‘persoonsvolgende
financiering’ aangekondigd.

Minister
Maggie De Block in de regeringsverklaring:
“Na het
overgangsjaar 2015 een aantal grote structurele
maatregelen”. Het aantal ziekenhuisbedden moet drastisch afgebouwd worden. Maar de diensten die dat moeten opvangen
zoals de thuiszorg, mantelzorg voor bejaarden, de ondersteuning van de RVT’s,
de revalidatie e.a. zijn allemaal met de zesde staatshervorming overgeheveld
naar de gewesten, maar zonder de noodzakelijke financiële middelen. De
besparing op gewestelijk niveau maakt dat er geen ruimte is om die zorg op te
nemen. Uit buitenlandse ervaringen, bijzonder bij de crisisplannen in de
Zuid-Europese landen en hier de situatie in Nederland, weten we wat de gevolgen
zullen zijn van die onderfinanciering op gewestelijk of lokaal niveau.
Wachtlijsten, slechte zorg, maar vooral privatisering van de zorg met torenhoge
eigen bijdragen voor de patiënten.  De
patiënten in financiële moeilijkheden worden al of niet met ‘een rugzakje’ de
private markt opgestuurd waar ze zelf hun zorg zullen moeten inkopen. ‘De discussie is veel meer: wat doe je op welk niveau? Dat is precies
waar de hervorming van de ziekenhuisfinanciering voor moet zorgen, zegt Maggie
De Block in een interview in De Morgen, in vergelijking met het
buitenland bijvoorbeeld blijven we veel te lang in de kraamkliniek. Het lijkt
me dus evident dat, als je die ligduur inkort, er een ander omkadering is. Dus
moet je de rol van de vroedvrouw, de huisarts, het ziekenhuis en de materniteit
herbekijken.’ Waarop de journaliste
repliceert: ‘Maar die omkadering staat nog niet op punt. Terwijl de ligdagen
wel al dalen’. Waarop de minister
wederantwoordt: ‘Het staat wel al in de steigers. Aanvullende kraamhulp is
bovendien de bevoegdheid van de regio’s. Er is nu eenmaal een versnippering in
bevoegdheden. Er zal veel overleg nodig zijn met de regio’s. Het is wat het is.
Het heeft geen zin om daarover te zagen’. 
Dit is een belangrijke voorproef van wat ons te verwachten staat.

Zorgtoelage, huurtoelage,
kinderopvangtoelage…

In Nederland
wordt dit systeem van zogenaamde sociale correctie waarbij men de publieke
diensten afbouwt en mensen met laag inkomen al of niet met een subsidie de private markt op stuurt om dezelfde diensten in te
kopen, sterk uitgebouwd. Niet alleen in de zorgsector met de zorgtoelage, maar
ook in de huursector met de huurtoelage of in de kinderopvang met de
kinderopvangtoelage. Het Antwerps Stadsbestuur en de Vlaamse regering voeren
exact dezelfde politiek. De Vlaamse regering investeert weinig in
gehandicaptenzorg of ouderlingenzorg om de ellenlange wachtlijsten op te
vangen. Ze wil nu wel ‘rugzakjes’ geven waarmee deze mensen hun zorg zouden
kunnen inkopen op de markt. In Antwerpen bouwt men de stadscrèches af en geeft
men kindjes een toelage om gebruik te maken van private kinderopvang die zonder
inkomensgebonden tarieven werkt. In Nederland is reeds de eerste kinderopvangorganisatie
De Estro Groep in juli van 2014 failliet verklaard. Het gaat om een bedrijf, met 340
crèches en opvanglocaties. In handen gevallen van zogenaamd ‘durfkapitaal’
zoals de Nederlanders dat zo eufemistisch benoemen.

Solidariteit gegarandeerd?

Nederlandse Zorgverzekeringwet van 2006 schaft
solidariteit aan inkomstenzijde af

Waar dat met
de indeling van ziekenfondspatiënten en privaat verzekerde patiënten er nog
enige solidariteit was georganiseerd aan de inkomstenzijde, wordt die door de
Zorgverzekeraars volledig teniet gedaan. Voor 2006 betaalden
ziekenfondspatiënten een forfaitaire bijdrage van 35 euro per maand en verder
een percentage op hun loon. Wie meer verdiende droeg meer bij. De bijpassingen
vanuit belastingsgelden om hun ziektekosten te dekken hadden gezien de progressiviteit
van de inkomstenbelasting ook een solidair karakter. Met de Zorgverzekeringswet
betaalt iedereen evenveel, ondanks de inkomsten. Het is volkomen gelijkaardig
met de zorgverzekering in Vlaanderen. Daarvoor betaalde iedere inwoner van het
Vlaams gewest van 26 jaar of ouder 25 euro per jaar, ongeacht zijn inkomen.
Deze Vlaamse regering heeft die premie eensklaps verdubbeld: van 25 naar 50
euro voor. Deze zorgverzekering is asociaal, de toegang ertoe kafkaiaans en
erop beroep doen wordt alsmaar moeilijker. Oorspronkelijk was ze bedoeld om ook
private verzekeringsmaatschappijen zoals DKV hieraan te laten deelnemen. Er
werd een belangrijk precedent geschapen omdat voor het eerst commerciële
verzekeringen zouden kunnen beroep doen op verplichte universele
verzekeringsgelden. Omdat toen de zorgverzekering te weinig rendabel was hebben
die private maatschappijen toen wel afgehaakt, maar het precedent op zijn
Hollands was geschapen.

Solidariteit langs de uitgavenzijde:
de acceptatieplicht, wordt meer en meer omzeild

Zoals overal
zijn private verzekeringsmaatschappijen geïnteresseerd in wie jong is, gezond
is, rijk is en actief is. Als je niet aan één van die voorwaarden voldoet ben
je minder interessant en proberen ze je te mijden. Het Nederlandse dagblad de Volkskrant op 5 december 2014 schrijft: “Voorzitter André Rouvoet
van branchevereniging Zorgverzekeraars Nederland waarschuwt zijn leden niet
langer de randen van de Zorgverzekeringswet op te zoeken. Door vooral jonge en
gezonde klanten te werven, ondermijnen de verzekeraars de solidariteit in de
gezondheidszorg.(…) Het selecteren op risico’s is verboden voor zorgpolissen,
maar verzekeraars hebben talloze trucs gevonden om het verbod te omzeilen
zonder de wet te overtreden. Zo kunnen ouderen sommige goedkope polissen alleen
schriftelijk afsluiten terwijl jongeren dezelfde polis met een paar muisklikken
kunnen aanschaffen. Jongeren en hoger opgeleiden – twee relatief gezonde
doelgroepen – kunnen exact dezelfde polissen vaak goedkoper krijgen dan ouderen
en laag opgeleiden. Gezonde polishouders die bereid zijn hun eigen risico te
verhogen worden verwend met hoge kortingen op hun premie. En via de aanvullende
pakketten worden goedkope basisverzekeringen onaantrekkelijk gemaakt voor
kostbare polishouders als chronisch zieken of vrouwen met een kinderwens.”

En wat doet
de overheid? “De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bestempelde deze praktijken
eerder al als ‘onwenselijk’, maar staat machteloos (…). Als spreekbuis van de
verzekeraars kan Rouvoet slechts een moreel appèl op zijn leden doen om hun
gedrag te verbeteren.”

Voor de
aanvullende verzekering, die meer en meer taken binnenhaalt gezien de
voortdurende beperking van het basispakket, is er geen acceptatieplicht. Daar
kunnen de verzekeringsmaatschappijen naar harte lust selecteren, uitsluiten,
discrimineren of torenhoge premies binnenrijven.

 “De Nederlandse Zorgautoriteit
(NZa) bestempelde deze praktijken eerder al als ‘onwenselijk’, maar staat
machteloos… en de spreekbuis van de
verzekeraars zal een moreel appèl doen op zijn leden om hun gedrag te
verbeteren”

Gezondheidszorg speelbal van casinokapitalisme

Monopolievorming door vier grote
spelers op een chaotische markt van meer dan 50 verschillende zorgverzekeraars

De wilde
concurrentie op de markt heeft als gevolg dat vandaag de vier grootste
verzekeraars één achtste tot één derde van de markt in handen hebben en
daardoor ‘too big to fail’ zijn geworden. (Zie fig.3.) Zij kunnen zich meer en
meer permitteren en zetten de toon. Zij zetten zich op de stoel van de artsen
en andere zorgverstrekkers. Zij kunnen bikkelhard onderhandelen met artsen en
zorgverstrekkers om de laagste inkoopprijzen te bedingen. Zij kunnen ziekenhuizen buiten spel zetten en
in faling brengen. Zij hebben via hun lobbykracht enorme invloed op de
traditionele politieke partijen. Half december viel de Nederlandse regering
bijna over een zorgwet die de vrije artsenkeuze van de patiënt sterk beperkte.
De wet was volledig geschreven op maat van de Zorgverzekeraars. (Zorgwijzer)

Fig. 4. Vier
verzekeraars hebben grootste deel van de markt in handen

Gezamenlijk
hebben de verzekeraars al ruim 9,3
miljard euro aan reserves opgepot. Dat is twee keer zoveel als vereist
is volgens de solvabiliteitsnorm.

“Vier Zorgverzekeraars hebben ieder
één achtste tot één derde van de markt in handen”

Durfkapitaal voor ziekenhuizen

Dit alles
wordt nog erger nu het Nederlandse regeringskabinet wil dat ziekenhuizen winst moeten
kunnen uitkeren aan durfkapitaal. Ook hier luidt het argument dat het de
kwaliteit van zorg zou ten goede komen. ‘Als je er eigen geld instopt, krijg je
dat met meerwaarde terug. Dat betekent dat je het ziekenhuis zo doelmatig
mogelijk moet laten draaien. Dat wil ik als ziekenhuisdirecteur natuurlijk ook,
maar met de hete adem van de aandeelhouders in de nek is efficiënt werken wel
urgenter’, werd er geargumenteerd op de Kamercommissie die het wetsvoorstel voor dit
durfkapitaal voorbereidde.

“Met de hete adem van de aandeelhouders in de nek is efficiënt werken wel
urgenter” (Kamercommissie wetsvoorstel durfkapitaal voor ziekenhuizen)

Als het ziekenhuis een bank was…dan was het al lang gered!

De eerste faillissementen van
ziekenhuizen zijn een feit

Het
ziekenhuis De Sionsberg in Dokkum in Friesland vroeg op 25 november 2014 het
faillissement aan. (EénVandaag.nl) Het ziekenhuis kan niet meer aan
zijn financiële verplichtingen voldoen. Het streekhospitaal kampte met een
schuld van 40 miljoen euro. Bij de Sionsberg werken 250 mensen. Het was nog
maar een paar jaar geleden dat de Sionsberg tot het beste ziekenhuis van
Nederland werd uitverkozen. In een door weekblad Elsevier verricht onderzoek,
in 2007 uitgevoerd op basis van 96 criteria waaronder patiëntvriendelijkheid,
zorgkwaliteit en veiligheid, wist het hospitaal zelfs de grote medische
bolwerken uit de Randstad voor te blijven. De privatisering en vermarkting van
de zorg heeft dit kleine ziekenhuis de das omgedaan. Het ziekenhuis blijft
voorlopig open. Alle medewerkers die ontslagen worden vanwege het faillissement
van Zorggroep Pasana, blijven voorlopig onbetaald hun werk doen. Een van de
redenen is dat andere Friese ziekenhuizen de extra patiëntenstroom niet
aankunnen als De Sionsberg de deuren sluit. Op dit moment zijn de
onderhandelingen nog steeds bezig over overnames, afdankingen en een mogelijke doorstart.

In juni 2013
werd al het Ruwaard van Putten ziekenhuis in Spijkenisse failliet verklaard.
Het was voor het eerst in twintig jaar dat in Nederland een ziekenhuis failliet
ging. Ook sinds wat nu in Nederland eufemistisch genoemd wordt “de
verzakelijking van de zorg in 2006” kwamen in 2009 de IJsselmeerziekenhuizen in
de problemen. Die werden door Loek Winter’s MC Groep gered van de ondergang,
maar daarvoor kreeg het bedrijf destijds nog wel 18 miljoen euro pure staatssteun
cadeau. Die vlieger gaat anno 2013 niet meer op. Minister Edith Schippers zei
in april 2013 in een interview in het NRC Nieuws nog dat “zij bereid is ziekenhuizen
failliet te laten gaan als zij hun eigen broek niet meer op kunnen houden. (…)
Het feit dat wij banken moeten redden is al pervers. De bank krijgt de
boodschap dat als zij het niet goed doet, de belastingbetaler toch klaar staat
om haar te redden. Met ziekenhuizen wil ik zeker die kant niet op.”

“Het feit dat wij banken moeten redden is al pervers. De bank krijgt de
boodschap dat als zij het niet goed doet, de belastingbetaler toch klaar staat
om haar te redden. Met ziekenhuizen wil ik zeker die kant niet op.” (Minister
van Volksgezondheid Edith Schippers, VVD in het
NRC Nieuws)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!