Willy Musitu Lufungula: "De cultuur van de 'alteriteit' gaat uit van de vaststelling dat alle mensen verschillend zijn, maar tegelijk fors op elkaar lijken" (foto: Pax Christi).
Nieuws, Samenleving, België, Antwerpen, Discriminatie, Intercultureel samenleven, Etnische identiteitsbeleving, Socioloog, Vlaamse Vredesweek, Diaspora-Congolezen, Pax Christi Vlaanderen, Samenleven, Willy Musitu Lufungula, Het anderszijn, Alteriteit -

Willy Musitu Lufungula houdt pleidooi voor ‘cultuur van de andersheid’

De Antwerps-Congolese socioloog Willy Musitu Lufungula voerde interessant veldonderzoek naar 'de beleving van de Congolese migranten in België'. Voor de 24ste Vredesweek heeft Pax Christi Vlaanderen Musitu als 'vredesweekgetuige' aangetrokken.

dinsdag 24 september 2013 12:55

Vredesweekgetuige over Congolese migratie in België

Musitu heeft sociologie gestudeerd in Kinshasa en Berlijn, maar woont als erkend politiek vluchteling en inmiddels Belgisch staatsburger met vrouw en drie kinderen in Antwerpen-Borgerhout, waar hij actief is in tal van buurtverenigingen en vrijwilligerswerkverbanden.

Maar vooral: Musitu belichaamt in denken en doen het thema van de 24ste Vlaamse Vredesweek: ‘Ontmoeten doet er toe’. “Ontmoeting en dialoog zijn de enige weg naar vrede”, aldus Musitu, “ontmoeting en dialoog in formele verbanden – op de werkvloer, op school – maar ook in informeel verband: in eigen gezin, in de buurt, op straat of op de bus, in de winkel, onder kennissen, enzovoort.”

Pax Christi Vlaanderen kwam Musitu op het spoor via de publicatie van zijn onderzoek naar “le vécu de l’immigration congolaise en Belgique”. Aanvankelijk bij communicatiebureau Dubois meets Fugger (DmF) aangezocht voor onderzoek over het gebrek aan intercultureel samenleven in Antwerpen, ging Musitu na het opdoeken van DmF voort met zijn veldonderzoek bij Congolese migranten.

Er is immers bijzonder weinig wetenschappelijk onderzoek naar de beleving van Congolezen in België, in vergelijking met de vele studies naar de Marokkaanse en Turkse gemeenschappen. Vreemd, want de Congolese diaspora in ons land telt zowat 55.000 personen en wegens de historische banden met België in menig opzicht meer aandacht waard.

Dialect bemoeilijkt

Ondanks de 170 nationaliteiten op Antwerps grondgebied, blijken etnisch-culturele groepen in ‘t Stad erg weinig onderling contact te hebben, stelt Musitu vast. Initiatieven als burendagen of conversatiegroepen worden zelden benut. “Zelfs buren in dezelfde gebouwen kennen elkaar niet, noch groeten ze elkaar, hoewel ze ruimtes als de lift, het wassalon, het speelplein of het park delen.”

De socioloog ziet vier redenen voor die gebrekkige interculturele communicatie: discriminatie, vooroordelen, onverschilligheid en onvoldoende kennis van het Nederlands. Discriminatie komt het meeste voor: op de arbeidsmarkt, op school en inzake huisvesting. Mensen met Congolese achtergrond worden gediscrimineerd op basis van hun huidskleur, hun vreemde naam of hun taal.

Kennis van het Nederlands is vooral voor oudere Congolezen een hardnekkig probleem. Maar gunnen Vlamingen anderstaligen voldoende kans hun Nederlands te oefenen en overschatten ze hun eigen kennis van vreemde talen niet? “Ik spreek op het gemeentehuis Nederlands”, zegt één van Musitu’s getuigen, “maar de vriendelijke ambtenaar schakelt meteen over op een zeer gebrekkig Frans.”

Musitu is de idee dat een gemeenschappelijke taal de integratie bevordert zeer genegen, maar waarschuwt toch voor enkele perverse aspecten van die fixatie op het Nederlands. “Ik woon intussen al een achttal jaar in Antwerpen en heb tal van Vlaamse vrienden. Maar het gebeurt nog vaak dat ik iets niet versta omdat Vlamingen dikwijls dialect spreken en het ons daarmee niet makkelijker maken.”

Ontmoeting vraagt tijd

De Antwerpse Congolees brengt niet alleen de gebrekkige interculturele communicatie in kaart, maar suggereert ook denksporen om er wat aan te doen. Die aanbevelingen zijn klassiekers: migranten aansporen om Nederlands te leren, de culturele meerderheid bewust maken van het belang van culturele diversiteit, discriminatie bekampen, bedrijven aanzetten tot diversiteitsplannen, enzovoort.

Musitu beseft dat hij niet de eerste is om deze mix aan oplossingen aan te prijzen en promoot daarom een interessant supplementair concept: de ‘cultuur van de alteriteit of het anderszijn’. “Diversiteit mag je niet alleen verstaan in termen van afkomst”, zegt hij. “Elke mens verenigt immers verschillende identiteiten in één persoon.”

Inderdaad, je kunt zowel Turkse Antwerpenaar als Congolese Vlaming of West-Vlaamse Brusselaar zijn, net zoals je Belg én christen of Belg én vrijzinnig kan zijn. Of vrouw én sportief of muzikaal én oud of jong, noem maar op. Dat maakt het des te belangrijk – en boeiend – om de tijd te nemen om elkaar echt te ontmoeten en op zoek naar de verschillende facetten van de andere persoon.

“De cultuur van de alteriteit gaat uit van de vaststelling dat alle mensen verschillend zijn, maar tegelijk fors op elkaar lijken”, stelt Musitu. “Wij hebben de zelfde basisbehoeften: liefde, vrede, veiligheid, geluk, enzovoort. En om aan deze behoeften te voldoen, hebben wij elkaar nodig, bewust of onbewust.”

Achter de stroeve stijl van dit boek schuilt een authentiek denker … en doener.

Willy Musitu Lufungula gaat op dinsdag 24 september 2013 (van 19 tot 21 uur) onder leiding van Guy Poppe in gesprek met Ted Bwatu en Tracy Enta onder de titel ‘Hoe samenleven in A; (Congolese) Belgen aan het woord’ (Vredeshuis, Italiëlei 98a, Antwerpen).

Willy Musitu Lufungula, Comment vivre ensemble? Le vécu de l’immigration congolaise en Belgique. Avant-propos de Jan De Volder, (Questions contemporaines/Série ‘Questions de Communication’), Parijs, L’Harmattan, 2012, 218 pagina’s.
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!