Goudschat in Haïti wacht op vinder
Nieuws -

Goudschat in Haïti wacht op vinder

PORT-AU-PRINCE — In de heuvels van Haïti ligt voor 16 miljard euro aan goud, koper en zilver. Investeerders in Noord-Amerika zijn zo overtuigd van de verborgen schat, dat ze al 24 miljoen euro hebben uitgegeven aan onderzoek en het aanleggen van wegen.

donderdag 28 juni 2012 13:51

Het sprookje is waar, maar of het goed afloopt is een andere vraag. Uit onderzoek van Haiti Grassroots Watch (HGW) blijkt namelijk dat er sprake is van achterkamertjespolitiek, uiteenlopende belangen, dubieuze “memorandums” en een ongelijk speelveld.

Hoewel de Haïtiaanse wet stelt dat alles in de bodem “aan de Haïtiaanse natie” toebehoort, is er veel onduidelijkheid over het testen en graven in het noorden van het land.

Dieuseul Anglade, een gerespecteerde geoloog die in de afgelopen twintig jaar het staatsmijnbouwbureau leidde, werd onlangs ontslagen door de nieuwe Haïtiaanse premier. Anglade heeft zich herhaaldelijk uitgesproken voor strengere wetgeving en betere overeenkomsten voor de staat en het Haïtiaanse volk. “Als er geen betere contracten komen met mijnbouwbedrijven, kunnen we de mineralen beter onder de grond laten zitten voor toekomstige generaties”, zei hij in een interview, vlak voor hij werd ontslagen.

Eurasian Minerals

Een belangrijke speler in het goudspel is Eurasian Minerals. Het Canadese bedrijf en de Haïtiaanse dochterondernemingen willen aan de slag in dezelfde heuvels waar Christopher Columbus en de Spanjaarden ooit de inheemse Haïtianen dwongen naar goud te zoeken.

Eurasian heeft in het gebied al 53 vergunningen en overeenkomsten. Het bedrijf heeft de exploitatierechten in handen van een derde van het noorden van Haïti. Eurasian werkt samen met de tweede goudproducent in de wereld, het Amerikaanse Newmont.

Een ander Canadees bedrijf, Majescor, en een klein Amerikaans bedrijf, VCS Mining, en hun dochterondernemingen, hebben rechten op een gebied van 750 vierkante kilometer. Alles bij elkaar hebben Noord-Amerikaanse mijnbouwbedrijven en hun partners rechten op 15 procent van het Haïtiaanse grondgebied.

Goudprijs

Lange tijd was het te duur om het Haïtiaanse goud en zilver boven de grond te halen, mede als gevolg van de politieke onrust in het land en weerstand tegen mijnbouwbedrijven in de afgelopen dertig jaar.

Nu de goudprijs al lange tijd hoog is en er in Haïti een VN-vredesmacht van tienduizend man is, zijn de omstandigheden voor mijnbouwbedrijven gunstiger geworden. De nieuwe premier van Haïti, Laurent Lamothe, wil van mijnbouw een nieuwe groei-industrie maken.

In een land waar de werkloosheid op 70 procent ligt en meer dan de helft van de bevolking moet leven van minder dan een dollar per dag, klinkt de verborgen schat als een El Dorado.

Maar niet alle Haïtianen zijn enthousiast over de plannen van Lamothe. De mijnbouw kan watervervuiling en andere milieuschade veroorzaken. De Dominicaanse Republiek, die grenst aan Haïti, heeft op sommige plaatsen nog steeds te kampen met de schadelijke effecten van fouten die tientallen jaren geleden werden gemaakt. Ook is het onduidelijk in hoeverre Haïti en zijn bevolking zullen profiteren van de mijnbouw.

Open mijnbouw

Het Haïtiaanse goud kan alleen gewonnen worden via open mijnbouw. Hoewel Newmont Mining, de partner van Eurasian, daar al decennialang ervaring mee heeft, worden er nog steeds grote fouten gemaakt.

In Peru, waar Newmont een van de grootste open mijnen in de wereld heeft, de Yanacochamijn, beweren boeren dat hun watervoorraden langzaam vergiftigd zijn met cyanide. In 2000 werden aanzienlijke hoeveelheden kwik gelekt, waardoor tientallen mensen dodelijk ziek werden.

In Ghana exploiteert Newmont een mijn in een landbouwregio die bekendstaat als de Ghanese graanschuur. Zo’n 9500 mensen moesten vertrekken om plaats te maken voor de mijnbouw en in 95 procent van de gevallen ging het om kleine boeren, volgens nieuwsdienst Environmental News Service.

Minstens een keer, in 2009, werd het water ernstig vervuild met cyanide. Newmont heeft dat erkend en ingestemd met de betaling van een schadevergoeding van 5 miljoen dollar (4 miljoen euro).

Boeren

Hoewel ze erkennen dat de mijnbouw voordelen kan opleveren voor Haïti, stellen de voormalige mijnbouwchef Anglade en andere experts dat het risico groot is dat het toch al kwetsbare milieu van Haïti geschaad wordt.

“Als ik er goed over nadenk, weet ik niet zeker of mijnbouw zo’n goed idee is”, zei boerin Elsie Florestan tegen HGW. Ze heeft wat land bij Grand Bois, waarop maïs, maniok en zoete aardappelen worden verbouwd. Eurasian en Newmont hebben onlangs hun testboringen bij Grand Bois afgerond.

“Ze zeggen dat het bedrijf twintig jaar lang rivierwater nodig heeft en dat al het water vervuild zal raken”, zegt Florestan, die lid is van Tèt Kole Ti Peyizan (Kleine Boeren Werken Samen). “In dat geval zullen wij hier weg moeten. We moeten iets van ons laten horen, anders komt dat niet goed.”

Transparantie

Florestans angst is waarschijnlijk niet ongegrond. Haïti is geen ondertekenaar van de internationale conventie voor Veiligheid en Gezondheid in Mijnen of het vrijwillige Transparantie-initiatief, die – als ze gevolgd worden –

enige bescherming bieden. Haïti behoort tegelijkertijd tot de meest corrupte landen in de wereld. Het staat op de 175ste plaats in een lijst met 200 landen.

Tot nu toe werden vergunningen achter gesloten deuren verstrekt en testboringen werden zonder toezicht uitgevoerd. “We krijgen van de overheid geen mogelijkheden om de bedrijven in de gaten te houden”, zei Anglade tijdens een interview in de periode dat hij nog hoofd van het mijnbouwbureau was.

De mijnbouwbedrijven hebben ook hooggeplaatste vrienden. De voormalige minister van Financiën, Ronald Baudin, zat in 2010 en 2011 aan de onderhandelingstafel met Newmont. Nu werkt hij direct voor het bedrijf. In een interview met HGW, waarin hem de vraag werd gesteld of er geen sprake was van belangenverstrengeling, was zijn antwoord “Ik moet toch eten, of niet?”

In maart hielp Baudin Newmont aan toestemming voor testboringen. Volgens Anglade, toen nog hoofd van het mijnbouwbureau, op illegale wijze. Hij weigerde te tekenen. “Ik heb gezegd dat het illegaal was en niet in het belang van Haïti”, zei Anglade. Twee maanden later werd hij ontslagen. De ministers van Financiën en Openbare Werken tekenden eind maart wel. Op 23 april meldde Eurasian dat er voor enkele specifieke projecten geboord mocht worden.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!