about
Toon menu
Opinie

Nee, ik ben de ware redder van de wereld

Bob Geldof kreeg onlangs in de documentaire 'Starsuckers' van Chris Atkins zware kritiek te verduren op zijn Live 8-concerten uit 2005. Hij zou deze toen op dezelfde dag georganiseerd hebben waarop de Make Poverty History-coalitie met een betoging van 250.000 mensen door het Schotse Edinburgh trok.
vrijdag 16 april 2010


Nathalie Rothschild van de Britse kritische mediasite Spiked! meent dat beide partijen de bal mis slaan.

De clash tussen Bob Geldof en Make Poverty History: een wansmakelijk debat tussen 'Afrika-reddende' ego's

Het gebeurt niet vaak dat ik mijzelf akkoord zie gaan met Bob Geldof, die refereerde naar de betogers tegen armoede op de G8-top in het Schotse Gleneagles, in 2005, als 'zeuren verkleed als clowns'. Het gebeurt evengoed niet vaak dat ik akkoord ga met John Hilary, directeur van de Britse NGO War on Want en kaderlid van de Make Poverty History-coalitie, die Geldof ronduit 'arrogant' noemde.

De polemiek tussen beiden nam een aanvang nadat een nieuwe documentaire over de beroemdhedencultuur, 'Starsuckers' van Chris Atkins, een uithaal had gedaan naar Geldofs liefdadigheidswerk, en dan vooral naar zijn met beroemdheden bezaaide Live 8-concerten. Die hadden als doel de leiders van de G8 onder druk te zetten om de schulden van de derdewereldlanden kwijt te schelden en eerlijke handel voor Afrika te verzekeren.

In de documentaire stellen Hilary en anderen dat Live 8 de inspanningen van Make Poverty History overschaduwde en zelfs tegenwerkte. De wereldwijde coalitie wilde juist de aandacht vestigen op de wereldwijde armoede en de leiders van de G8 op hun verantwoordelijkheid wijzen. De Live 8-concerten vonden plaats op precies dezelfde dag waarop betogers, geleid door de Make Poverty History-coalitie, in de straten van Edinburgh hun protest uitten. Starsuckers suggereert dat Live 8 zo de belangstelling afleidde van de demonstraties.

Trouw aan breedsprakerigheid met grofgebekte brief

Trouw blijvend aan zijn kenmerkende breedsprakerigheid stuurde Geldof als reactie een grofgebekte brief en een hele resem juridische dreigementen naar regisseur Chris Atkins. Die maakte dit alles publiek. Dat zette Hilary ertoe aan om in een artikel in The Guardian zijn eigen uitspraken uit Starsuckers te verdedigen en de arrogantie van Geldof aan de kaak te stellen.

Het is een werkelijk absurde situatie, een gevecht tussen ego's, met Geldof aan de ene kant die stelt dat rock'n roll de wereld kan redden, en NGO-kaderleden als Hilary aan de andere kant, die zich opstellen als de redders van de Derde Wereld. Daarbovenop krijgen we Atkins, wiens documentaire Live 8 afschildert als een op sensatie beluste, cd-verkoop stimulerende pretmakerij en Make Poverty History als een waardige politieke en democratische beweging.

Starsuckers suggereert dat wij, het publiek, zodanig geboeid zijn door de beroemdhedencultuur dat zodra Geldof, Madonna en co. het podium op stappen, de G8-top ons plotseling niets meer kon schelen. In plaats daarvan werd maanden campagnewerk van de goede mensen van Make Poverty History teniet gedaan, waardoor politici de wereldproblemen uit het zicht van de publieke opinie konden manoeuvreren, terwijl wij vastgekluisterd zaten aan onze televisieschermen. Volgens de Live 8-website volgden naar schatting drie miljard mensen de wereldwijde concerten.

Het was eigenlijk moeilijk om de Live 8- en Make Poverty History-campagnes uit elkaar te houden. Beide waren immers campagnes die fundamenteel hetzelfde doel hadden: ‘armoede geschiedenis te maken’ zodat de VN-Millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling gehaald zouden worden. Beide spoorden het westerse publiek ertoe aan om druk te zetten op politici, en wereldleiders wedijverden ook om op de foto gaan met de frontmannen en -vrouwen van beide campagnes.

Zowel Live 8 als Make Poverty History focusten op Afrika en beide suggereerden dat hun doelen dezelfde waren als die van armen over de hele wereld. Tenslotte werden zowel Live 8 als Make Poverty History gepromoot door beroemdheden – zingende, dansende, grappende, croonende filmsterren, popsterren, televisiepresentatoren en komieken.

Campagnefilmpje met Sting

Veel beroemdheden steunden zelfs beide campagnes. Geldof zelf verscheen in een Make Poverty History-campagnefilmpje waarin verschillende wereldsterren elke drie seconden met hun vingers knipten om het sterftecijfer weer te geven van kinderen die in extreme armoede leven.

Op het einde parafraseerde dat promotiefilmpje bovendien een zin uit ‘Every Breath You Take’ van Sting, die ook op een Live 8-concert zou spelen.
Het is dus vrij ongeloofwaardig voor Hilary om Geldof te beschuldigen van het ondermijnen van een politieke beweging door het gebruik van popsterren terwijl de Make Poverty History-campagne zelf zwaar leunde op  beroemdheden.

Net zoals Live 8, en Live Aid daarvoor, schatte Make Poverty History zowel het westerse publiek als dat in de Derde Wereld niet al te hoog in. Blijkbaar worden westerlingen niet in staat geacht om zaken ernstig te nemen, tenzij mensen als Brad Pitt en Bono ons vertellen dat we dat moeten doen, en blijkbaar hebben mensen in Afrika en elders het te druk in hun zoektocht naar voedsel en het wegwuiven van vliegen van hun gezicht om hun problemen zelf aan te kaarten bij politici.

Een reden voor beroemdheden, NGO’s en andersglobalisten om in hun naam te gaan spreken. Zoals Bono het in die tijd stelde: "Ik vertegenwoordig een groot aantal mensen [in Afrika] die nergens inspraak hebben … Ze hebben mij niet gevraagd hen te vertegenwoordigen en het is dus nogal brutaal om het te doen, maar ik hoop dat ze er blij mee zijn."

"Blijkbaar worden westerlingen niet in staat geacht om zaken ernstig te nemen, tenzij mensen als Brad Pitt en Bono ons vertellen dat we dat moeten doen, en blijkbaar hebben mensen in Afrika en elders het te druk in hun zoektocht naar voedsel en het wegwuiven van vliegen van hun gezicht om hun problemen zelf aan te kaarten bij politici."

Ten tijde van de Live 8-concerten haalden veel columnisten uit naar de overdreven nadruk die werd gelegd op beroemdheden; gewichtig doende bekende koppen als Geldof, Bono en Chris Martin werden het doelwit van cynische kritiek. En hoewel er inderdaad rake kritiek gegeven kan worden, zoals Starsuckers voor de zoveelste keer heeft aangetoond, op die overdreven nadruk op beroemdheden, zijn er weinigen die de ideeën achter beide campagnes in vraag hebben gesteld.

Overweldigende consensus voor de Goede Zaak

In plaats daarvan is er een overweldigende consensus dat de campagnes een Goede Zaak waren. Van Nelson Mandela tot P Diddy, van Tony Blair tot Cameron Diaz, van Ricky Gervais tot Jon Snow – werkten ze niet allemaal samen om duidelijk te maken dat niemand van armoede houdt, en het toch, sowieso, liever zouden zien verdwijnen? Daarom, zo ging de logica verder, moet deze campagne worden ondersteund.

Maar waar Make Poverty History echt voor stond, was de bevestiging van de lage ambities van ontwikkelingslanden en de opdeling van de aarde in ‘slachtoffers’ in de Derde Wereld en de ‘redders’ in het Westen.

Het doel was niet echt om armoede geschiedenis te maken, maar om extreme armoede te doen verdwijnen, door staten onder druk te zetten en zo te verzekeren dat de VN-Millenniumdoelstellingen gehaald zouden worden. Deze doelstellingen stellen levensomstandigheden voorop die niemand in het Westen acceptabel zou vinden. Zo wilden ze bijvoorbeeld tegen 2015 een halvering bereiken van het aantal hongerlijders en mensen die moeten leven van minder dan één dollar per dag.

Wat moet er dan gebeuren met die andere helft? En zullen mensen die opgegroeid zijn in extreme armoede door net te kunnen overleven nu wél kunnen genieten van een goede levenskwaliteit? Nauwelijks, toch?

Internationale hulporganisaties en mensen als Geldof en Bono presenteerden zichzelf als een groot tegengewicht voor wereldleiders, maar de VN-Millenniumdoelstellingen waren al officieel bekrachtigd in 2000 door alle lidstaten van de Verenigde Naties.

Terwijl beroemdheden op hun gitaren tokkelden en er onze harten mee beroerden, en terwijl hulporganisaties hoogstaande reclamebureaus inhuurden om succesvolle campagnes in elkaar te steken, werden zij die aan de ontvangende kant zitten van de armoedebestrijdingprogramma’s verdoemd tot een leven bepaalt door de magere ambities van westerse besluitmakers en hun uit beroemdheden en NGO’s bestaande cheerleaders.

En dus heeft John Hilary Bob Geldof nu beschuldigd van arrogantie, van het onterechte geloof dat hij "de enige echte verantwoordelijke was voor het ontstaan van een massabeweging tegen wereldwijde armoede". Hij heeft gelijk.

Bestendigen van beeld als bedelaars

Naast Geldof zijn het echter ook de internationale hulporganisaties, multilaterale agentschappen, wereldleiders en een groot aantal beroemdheden die tezamen hebben meegeholpen aan het bestendigen van het beeld van de inwoners van derdewereldlanden als bedelaars die zelf geen keuzes kunnen maken en maar blij horen te zijn dat de westerlingen hen helpen om de ergste uitwassen van armoede de wereld uit te krijgen.

Samen hebben ze ervoor gezorgd dat het omzeilen van het democratisch proces acceptabel leek, door keer op keer opnieuw het recht op te eisen om 'in naam van de armen' wereldwijd te mogen spreken. Armen, die zo werden afgeschilderd als 'slachtoffers' van corrupte overheden, als hongerlijdende, stemloze zwakkelingen die dringend gered moesten worden.

Terwijl campagnes opgebouwd rond beroemdheden inderdaad zeer veel kritiek verdienen, kaart Starsuckers het verkeerde probleem aan. Het is de wijdverspreide consensus dat de ene helft van de wereld de andere helft mag dicteren hoe ze moet leven, die werkelijk in vraag zou moeten worden gesteld.

Nathalie Rothschild

Nathalie Rothschild is redacteur bij de Britse kritische mediawebsite Spiked!. Zij schreef reeds eerder columns over de VN-Millenniumdoelstellingen, ontwikkelingssamenwerking en de arrogantie van westerse 'redders' van de wereld.

Dit stuk verscheen in originele Engelse versie op de website van Spiked!

Vertaling uit het Engels: Louis De Geest

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.