Steun jij DeWereldMorgen.be al?

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis voor iedereen.
Dat is enkel mogelijk door de steun van onze lezers.
Wij hebben jouw steun hard nodig!

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Interview

"Ongelijkheid tast het brein aan van alle mensen"

In 2009 publiceerden wetenschappers Richard Wilkinson en Kate Pickett 'The Spirit Level – Why Equality Is Better For Everyone'. Hun onderzoek bewees dat meer gelijke maatschappijen op alle vlakken beter functioneren dan ongelijke. Wilkinson was te gast op Manifiesta en DeWereldMorgen.be sprak met hem.
dinsdag 20 september 2016

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Richard Wilkinson (1943) was sociaal epidemioloog tot aan zijn pensioen in 2008. Eerst afzonderlijk en de laatste jaren samen hebben collega Kate Pickett (1965) en hij het verband bestudeerd tussen welvaartsniveau, sociale klasse, inkomen en bepaalde ziektes en ziektepatronen.

Voor hun onderzoek bundelden ze gegevens over levensverwachting, kindersterfte, obesitas, mentale ziektes, opleidingsniveau, tienerzwangerschappen, het doden van medemensen (in al zijn vormen van moord met voorbedachten rade tot onvrijwillige doodslag), percentage gevangenen en sociale mobiliteit. Die vergeleken ze dan systematisch met het niveau van inkomensongelijkheid in het betrokken land.

The Spirit Level

In 2009 publiceerden ze het resultaat van hun onderzoek in The Spirit Level - Why Equality Is Better For Everyone. Het boek is een wetenschappelijke analyse met veel grafieken en vergelijkende gegevenstabellen. Hun eerste uitgever Allen Lane verwachtte een verkoop van hoogstens 10.000 exemplaren. Voor een ruim publiek leek het boek hen immers te droog en te hoog gegrepen. 

Dat bleek een grote vergissing. De paperbackeditie van Penguin in 2010 werd een internationale bestseller. Het boek is sindsdien elk jaar aan een nieuwe editie toe, werd vertaald in 23 talen (niet in het Nederlands). De neoliberale goeroes waren niet bepaald tevreden. Er verscheen zelfs een anti-boek The Spirit Level Delusion. In latere edities voegden de auteurs een hoofdstuk toe waarin ze de tegenargumenten van deze critici weerlegden.

Omdat de wetenschappelijke correctheid van het onderzoek onweerlegbaar bleek poogden critici zich te concentreren op zogenaamde selectieve ideologische vooringenomenheid van de auteurs bij de keuze van hun onderzoekscriteria. Het mocht niet baten. Het boek blijft verkopen. In de lente van 2017 verschijnt een nieuw boek van beide auteurs. 

Onderzoek sinds de jaren 1970

“Ik deed dit soort onderzoek al in de vroege jaren 1970. Zo heb ik kunnen vaststellen dat de tendenzen die we nu vaststellen ernstiger werden vanaf de jaren 1980; hoe de verschillen tussen landen op vlak van ongelijkheid bepaalde gezondheids- en welzijnsproblemen vergrootten. Mijn collega Kate werkt nog steeds verder aan dit onderzoek en ik zet me in om dat de resultaten te verspreiden.”

“We hebben net een nieuw boek klaar dat bij de uitgever ligt. Ik kan nog geen titel zeggen, dat doen zij wel voor ons. Het komt uit ergens in de lente van 2017. Het gaat uiteraard verder door op het onderzoek in ons eerste boek. Het grootste deel van de fenomenen die we voor The Spirit Level onderzochten waren gedragsfenomenen.”

“Zo toonden we aan dat er meer geweld en meer tienerzwangerschappen en minder sociale samenhang zijn in meer ongelijke maatschappijen dan in meer gelijke. Dit toont aan dat ongelijkheid iets doet in ons brein. Veel mensen denken dat ongelijkheid iets is dat buiten henzelf staat als individu, als persoon. “Er is wel meer geweld, maar daar heb ik geen last van.”

“Mensen zien hun leven als een kleine cirkel van collega's, vrienden en familie, hun dagdagelijks leven, dat volgens hen grotendeels los staat van wat er in de rest van de maatschappij gebeurt. Dat ongelijkheid dan toeneemt heeft voor hen persoonlijk geen belang. Wat we in ons nieuw boek aantonen is dat toenemende ongelijkheid wel degelijk doordringt in dat persoonlijke leven. Wat we vaststellen is dat in meer ongelijke maatschappijen de mensen meer bezorgd zijn over hoe anderen hen zien en beoordelen. Mensen reageren op deze evolutie op twee manieren.”

“Eén van de reacties is meer angst, meer onzekerheid over je eigen zelfbeeld, sociale terugtrekking, omdat sociale contacten te stresserend worden. Wanneer je meer bezorgd wordt over hoe anderen je beoordelen, begin je daarnaast meer te investeren in je eigen imago, je wordt meer narcistisch.”

Meer egoïsme, meer kortzichtigheid

“Ons nieuw onderzoek toont aan dat er in meer ongelijke maatschappijen meer egoïsme, meer kortzichtigheid, meer zelfingenomenheid is. Mensen gaan hun persoonlijke verdiensten veel hoger inschatten en omgekeerd gaan ze zij die het slechter doen dat individueel verwijten. In geen geval gaan ze de redenen voor hun succes en voor het mislukken van anderen zoeken in maatschappelijke factoren. "Alles wat ik heb is er dankzij mezelf". Alleen wat je persoonlijk hebt bereikt is dan van belang.”

“Meestal trekken de meer welvarende mensen in ongelijke maatschappijen zich niet al te veel aan van mogelijke verklaringen. Ze vinden ook niet dat ze zich moeten verantwoorden of zo. Die 'andere mensen' hebben dat toch maar aan zichzelf te wijten. Maar of ze dat willen niet, ze ontsnappen niet aan de realiteit.”

“Zo zie je dat ze bijvoorbeeld veel bezorgder zijn over hun tienerdochters wanneer die uitgaan met vrienden. De kinderen zelf hechten ook meer belang aan wat ze gaan aandoen, met wie ze omgaan. Belangrijk is wie je kent op een feestje, ergens toekomen op een party en niemand kennen wordt dan vreselijk. Dat compenseer je dan met hippe drankjes of drugs, om je beter te voelen. Je doet meer alsof je je alles kan permitteren en gaat meer spenderen dan je werkelijk aankan.”

Drugs als sociale compensatie

“Dingen zoals XTC maken je meer ontspannen in gezelschap, zeker als daar mensen tussen zitten die tot een meer welvarende klasse behoren. Ongelijkheid daarentegen maakt je veel ongemakkelijker, omdat het nog meer benadrukt hoe je zelf als persoon tekort schiet, hoe je minder bent dan een ander, ook al is dat een gevolg van omstandigheden waar je zelf niet verantwoordelijk voor bent. Je zit opgescheept met het gevoel dat dit je persoonlijke probleem is, niet dat van de maatschappij.”

“Deze fenomenen komen natuurlijk overal voor in deze geglobaliseerde wereld waar het wel lijkt of alleen materiële verdiensten nog tellen. Ze blijken echter veel meer en veel intensiever voor te komen in meer ongelijke maatschappijen, waar het verschil tussen rijk en arm veel groter is. Daar gaat het onderzoek van ons nieuw boek over.”

“Wij werden voor ons eerste boek zwaar aangevallen door conservatieve krachten die de waarde van ons wetenschappelijk werk in twijfel poogden te trekken. Wij hebben daar op geantwoord door er op te wijzen dat ik al tientallen jaren met dit onderzoek bezig ben als epidemioloog (de studie van oorzaken, gevolgen en remedies voor epidemieën). Ik heb vooral de factoren bestudeerd die de gemiddelde levensverwachting bepalen in Groot-Brittannië. Dit onderzoek (in het boek) is niet zomaar over een nacht ijs gegaan.”

Geleidelijke evolutie

“Toen ik met mijn onderzoek begon geloofde ik nog dat regeringen en overheden ten gronde niet zoveel konden doen om volksgezondheid en levensverwachting gunstig te beïnvloeden, omdat het hier ging over zaken die diep geworteld waar in de maatschappij zoals ze is. Dacht ik. Alleen een of andere revolutie zou dat kunnen. In mijn onderzoek van Groot-Brittannië ging ik er ook van uit dat dit fenomenen waren die op dezelfde manier voorkwamen in andere maatschappijen.”

“We hebben echter twee dingen geleerd. Eerst en vooral dat schijnbare gelijkaardige landen toch zeer verschillende gezondheidsstatistieken hadden. Bovendien hebben we in Groot-Brittannië de regeringen van Margaret Thatcher en John Major meegemaakt. De veranderingen als gevolg van het sociaal besparingsbeleid waren onmiskenbaar. De verschillen in levensverwachting tussen arme en rijke Britten worden veel groter over een periode van tien jaar.”

“We hebben nu ook de ervaring met Rusland na de val van het communisme, waar de levensverwachting drastisch is in elkaar gezakt voor een groot deel van de bevolking. Een zelfde fenomeen in een heel andere historische context vind je in de VS wanneer je de verschillen onderzoekt tussen de zuidelijke, meer ongelijke staten en de noordelijk, industriële en meer gelijke staten.”

“Zelfs dan bleef ik denken dat het vooral de materiële omstandigheden waren. We onderzochten dus de correlatie tussen vochtige huizen en bepaalde ziektes, het verschil in luchtvervuiling tussen arbeiderssteden en groene rijkere gemeentes, het belang van werkomstandigheden voor beroepsziektes. Ook onze veldwerkers dachten dat.”

Psychologische impact van sociale status

“Het begon geleidelijk aan door te dringen dat ook de sociaal-psychologische karakteristieken bepalend waren voor gezondheid en levensverwachting. Het behoren tot een bepaalde sociale klasse leidt tot meer hartaandoeningen, ademhalingsproblemen, allergieën en veel vormen van kanker. We konden er niet langer naast kijken: armere mensen zijn over de hele lijn meer kwetsbaar en vatbaar voor alle vormen van doodsoorzaken.”

“We leerden ook veel uit de onderzoeken van collega's die gedragspatronen bij primaten onderzoeken. Men stelde daar vast dat sociale status zelf – los van materiële omstandigheden – een bepalende factor is in levensverwachting."

"Het klopt dus gewoon niet dat ik dit onderzoek veertig jaar geleden ben begonnen met een vooraf vastgelegd besluit, integendeel. Het zijn de feiten die mij daar toe gebracht hebben. Het nieuwe boek onderzoekt de psychologische gevolgen van sociale status en is daarmee een aanvulling op het eerste boek.”

Klimaatverandering

“Fundamentalisten van de vrije markt ontkennen niet alleen dit onderzoek. Zij blijven ook de klimaatverandering negeren. Die gaat de wereld nochtans voor onvermijdbare keuzes plaatsen. De overgrote meerderheid van de bevolking weet echter beter, gewoon door de dagelijkse ervaring die ze ondergaan.”

Richard Wilkinson (links) (Solidair)

“We hadden nooit geacht dat ons boek een dergelijke impact zou hebben. We hebben sindsdien samen (met collega-auteur Kate Pickett) bijna duizend lezingen gegeven. Dat blijft maar doorgaan, zeven jaar nadat het boek is uitgekomen. Ik verwacht dit keer wel dat dit gaat doorgaan. Echt zeker weet ik dat natuurlijk niet, maar ik hoop het toch.”

 De organisatie EqualityTrust werd opgericht om de resultaten van het onderzoek toegankelijker te maken (zie ook de PowerPoint presentatie met een aantal grafieken en uitleg hieronder).

Richard Wilkinson and Kate Pickett. The Spirit Level - Why Equality is Better For Everyone, Penguin, London 2009 (2010) 978-0241954294 (nog steeds een absolute aanrader!!!)

reageer

2 reacties

  • door Maurice de Liberaal op donderdag 22 september 2016

    Er worden naar mijn mening te veel problemen gekoppeld aan ongelijkheid die hier los van staan. Bijvoorbeeld in de laatste slide wordt getoond dat de VS een hele hoge score heeft op criminaliteit, geweld en gevangenis populatie en de suggestie wordt gewekt dat dit voornamelijk komt door de ongelijkheid. Wat hierin niet benoemd wordt is de hoge mate van vuurwapenbezit en de hoge mate van vaardigheid die Amerikanen met vuurwapens hebben. Op veel Amerikaanse middelbare scholen krijgen scholieren vanaf 15 jaar een militair opleidingsprogramma inclusief het gebruik van automatische vuurwapens genaamd High School ROTC. Dit draagt ongetwijfeld bij aan het gewelds niveau en heeft niets met ongelijkheid te maken.

    • door Lode Vanoost op donderdag 22 september 2016

      Een grotere cultus van privé-wapenbezit en hogere moordcijfers door vuurwapens zijn een kenmerk van zeer ongelijke landen, zoals de VS, Mexico, Brazilië... Overigens begrijp je dit onderzoek te eenzijdig. Sociale status en ongelijkheid zijn zeer belangrijke factoren om de algemene welvaart van een land te bepalen. Het zijn echter niet de enige. Dat zeggen de auteurs ook in hun lezingen en hun boek. Het is de vraag van de kip en het ei. Wat komt er eerst: ongelijkheid of wapenbezit? In werkelijkheid zijn dit fenomenen die gelijklopend zijn maar waarvan de causale band nooit 100 procent juist is. Zo leggen Wilkinson en Pickett in hun boek uit dat Zweden en Japan zeer gelijke maatschappijen zijn met zeer goede welvaartsfactoren. Zweden is een sociaal-democratie en Japan is economisch liberaal. In Japan brengt men welvaart niet door hoge belastingen en openbare subsidiëring van gezondheidszorg maar daar lage lonen voor iedereen, ook de hoge functies, lage belastingen en een strakke prijzenpolitiek voor onderwijs, gezondheidszorg en dergelijke.

Lees alle reacties