Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

De teloorgang van het met zorg geschreven woord

Charlie is een nieuw online magazine dat verder gaat waar andere (vrouwen)bladen stoppen. Geen voorgekauwde eenheidsworst, maar échte verhalen, realistische rolmodellen en nieuws dat je nergens anders vindt. Charlie staat voor een vrije geest en een warm hart. En voelt zich prima als luis in de pels van de commerciële media. Vandaag: over dalende leescijfers – meer in het bijzonder over het talent om goede boeken te kunnen onderscheiden en verkopen.
dinsdag 9 september 2014

Opnieuw drama in boekenland. De cijfers die Boek.be deze maand publiceerde, wijzen erop dat de verkoop van boeken voor het derde jaar op rij is gedaald. In de eerste helft van 2014 daalde het aantal verkochte boeken opnieuw met 6,6%. Voor wat betreft literaire fictie zelfs met bijna 12%. Het zijn nog steeds barre tijden voor boekenwinkels, maar net zo goed voor kranten en tijdschriften. Lezen we niet meer? Worden we dommer? Of is er hier meer aan de hand?

Het onderwerp is de voorbije jaren al menig maal uitgebeend, de vinger tot vervelens toe op de wonde gelegd. De grote boosdoener, dat zijn de Nieuwe Technologieën. Internet, smartphones, e-books, sociale media, apps, tablets en aanverwanten hebben het aanbod waaruit we onze vrijetijdsbesteding selecteren zodanig uitgebreid dat het lezen van een met zorg opgestelde en gedrukte tekst stilaan in de verdrukking geraakt. Maar is dat wel helemaal waar? En vooral: wat kunnen we er dan aan doen?

Democratisering en verschraling

Het klopt natuurlijk dat nieuwe technologieën het keuzeaanbod sterk hebben uitgebreid en dat zowel boekenwinkels als kranten en tijdschriften daaronder te lijden krijgen. Maar tegelijk heeft de digitale revolutie voor een enorme verrijking gezorgd. Nog nooit hadden we zoveel kanalen ter beschikking om onszelf te informeren over de wereld. Nog nooit was de toegang tot zeldzame, moeilijk te vinden of oude boeken zo gedemocratiseerd als door het digitale aanbod van vandaag. Nog nooit waren de mogelijkheden zo groot om teksten terug te vinden, in de vorm van artikels en blogs, die zo nauw bij onze persoonlijke voorkeur en interesse aansluiten.

Het probleem is echter dat al die mogelijkheden verstopt zitten in een gigantische zee van bagger die over onze hoofden wordt uitgegoten. We verdrinken in vrijheid van keuze. Amazon alleen biedt meer dan een miljoen titels in e-book-versie aan. Hoe vind je in godsnaam daarin die boeken terug die bij jou passen? Hetzelfde geldt voor nieuwssites, die als paddenstoelen uit de grond lijken te schieten en voor de myriaden pennenvruchten uit de blogosfeer. Marketingspecialisten ondernemen continu pogingen om op basis van je online-profiel hun aanbod op je af te stemmen, via big data bijvoorbeeld of via gespecialiseerde sites die zelf niets produceren maar vooral verzamelen en bundelen. Voor de gebruiker die echt op zoek is naar meerwaarde leveren die strategieën echter bitter weinig op. Het volstaat om eens naar pakweg de online aankoopsuggesties te kijken die je op sociale media krijgt. Dat is gewoon reclame, geen gids door het digitale doolhof.

We verdrinken in vrijheid van keuze.

Een nog veel groter probleem is echter de verschraling die onlosmakelijk verbonden lijkt met die democratisering. De boekenverkoop daalt, dus grote uitgeverijen beslissen om minder titels uit te brengen en zich toe te spitsen op de meest populaire genres. De etalages van grotere boekenwinkelketens blinken uit in eenheidsworstgehalte. Kranten snoeien in tijd en mensen, ten koste van onderzoeksjournalistiek en ten bate van het gebruik van de copy-paste-toetsen. Tijdschriften gaan massaal op de fles. 

Hoe het geschreven woord te redden?

Van de overheid hoeven we alvast geen heil te verwachten, zoveel is ondertussen duidelijk. Cultuur rijmt tegenwoordig op te duur. Per regeerakkoord werd ons duidelijk gemaakt dat vooral wij, samen met de andere klaplopers en armoezaaiers, de factuur zullen mogen betalen van het opvrijen der grote bedrijven. Eerst de taart bakken en ze dan in zijn geheel laten opvreten door de dikste der medeburgers, zo luidt het devies.

Het zij zo. We zullen de klus dus zelf moeten klaren. Wij met z’n allen, bedoel ik dan. Het probleem is immers geen louter marktgegeven, maar wel een beweging op samenlevingsniveau. Democratisering en verschraling doen zich immers net zo goed voor in de muziek-business, in de audiovisuele sector, in de kleinhandel, in de economie in zijn geheel… De samenleving verandert en zowel burgers als ondernemers moeten beslissen hoe ze daar mee omgaan.

We zullen de klus dus zelf moeten klaren. Wij met z’n allen.

Eerst de burgers. Om te beginnen zullen we, in het aanzicht van zoveel keuzevrijheid, bewuster moeten gaan kiezen. Onszelf informeren en een aantal vragen stellen. Weegt het feit dat we een boek de dag na een muisklik al in huis hebben op tegen het feit dat datzelfde boek werd ingepakt door migrantenhanden die voor een hongerloon twaalf uur per dag afgejakkerd worden? Is een copy-paste van een persbericht van een multinational inwisselbaar met een nieuwsartikel op basis van onderzoeksjournalistiek? Zijn de ondertoon en de geest van een tijdschrift, de gezamenlijke invalshoek die achter de artikels schuilt, geen meerwaarde ten opzichte van een rits losstaande blogs?

Afval sorteren vinden we normaal, kernenergie doet ons een beetje huiveren, fijn stof baart ons zorgen en olierampen verontwaardigen ons. Net zoals er bij heel wat mensen de laatste decennia een ecologisch en duurzaamheidsbesef is ontstaan, moeten we ook een kwaliteitsreflex ontwikkelen voor wat betreft het geschreven woord. We moeten kritischer leren kijken naar wat ons allemaal in tekstvorm onder de neus geschoven wordt.

Natuurlijk is dat ook niet louter een kwestie van individuele verantwoordelijkheid. Als het over arbeidsomstandigheden bij online boekenwinkels gaat, moet de overheid regulerend optreden en burgers informeren. Als het over onafhankelijke berichtgeving gaat, moeten journalisten zichzelf en mekaar consequent kritisch bevragen. En schrijvers, die moeten gewoon goeie boeken blijven schrijven.

Maar ook dat zal niet volstaan. Zelfs als de overheid en de producenten van het geschreven woord hun werk doen, dreigt wie bewust op zoek wil gaan naar kwaliteit de weg kwijt te geraken in het labyrint van bagger waarin we verzeild zijn geraakt. En om daaraan te verhelpen kunnen ook ondernemers een rol opnemen. Het soort ondernemerschap dan, dat er geen behoefte aan heeft te lonken naar de centen die nu naar kinderopvang of onderwijs gaan, maar dat gedreven wordt door talent en dat de handen uit de mouwen wil steken om werk te maken van het aan de man en vrouw brengen van meerwaarde. Laten we eens kijken hoe zo’n ondernemerschap toe te passen op ons drieluik van het geschreven woord: boeken, kranten en tijdschriften.

Het boek

De onafhankelijke boekhandels zijn nu al een voorbeeld van vernieuwing. Bijna fijngeknepen tussen grote ketens aan de ene kant en het e-book aan de andere kant, houden zij moedig stand en proberen in de veranderde wereld een nieuwe rol op te nemen. Of beter: hun oude rol opnieuw uit te vinden. De kleine boekhandel profileert zich meer en meer als de gids bij uitstek op uw zoektocht naar een goed boek. Een boek ook, dat je elders niet meer vindt. Je kan er terecht voor persoonlijk advies, want op basis van wat je koopt en het praatje dat je met de verkoper maakt (en wat die rechtstreeks van alle andere klanten hoort), kan die na verloop van tijd vrij goed inschatten welke boeken aansluiten bij jouw smaak. Oneindig veel beter dan een zoekrobot dat ooit zal kunnen. Die rol van adviseur hebben onafhankelijke boekhandels natuurlijk altijd vervuld, maar vandaag is daar meer dan ooit vraag naar, is die meer dan ooit nodig.

In de toekomst zullen zij daar nog verder in moeten gaan. Het is misschien vloeken in de kerk, maar waarom bijvoorbeeld niet het zo verketterde e-book omarmen? Voor mij zijn e-books geen echte concurrent voor een hardcopy. Een boek dat je in je handen kan houden zal altijd een streepje voor hebben op de vluchtigheid van het digitale. Maar tegelijk biedt het me wel de mogelijkheid om meer boeken te kopen dan de grenzen die mijn boekenkast toelaat en om ze makkelijker overal mee naartoe te nemen. In dat overdadige e-book-aanbod heb ik echter ook een gids vandoen. Is het een illusie te denken dat we ooit in een kleine boekenwinkel een soort elektronische (of virtuele) zuil zullen zien opduiken waar je met je tablet e-books kan downloaden? Naast de echte boeken weliswaar, zodat je na advies van de verkoper kan beslissen in welke vorm je het boek in kwestie aanschaft?

De krant

Ook de krantenbusiness zou baat hebben bij wat ondernemende vernieuwing die het niveau van marketing en besparingen overstijgt. Journalisten reageren doorgaans heel geprikkeld als je zoiets poneert. Zij gaan er prat op dat verschraling hoogstens de concurrentie treft, niet de eigen krant. Dat is ook logisch, aangezien zij meestal met veel passie en inzet en onder grote druk hun beroep uitoefenen. Maar om aan de veranderende wereld te weerstaan, zullen zij dringend moeten stoppen met bekvechten en het wegzetten van de digitale concurrenten (meestal in de vorm van alternatieve nieuwssites) als onprofessionele knoeiers. Net zo goed overigens in de andere richting, want dergelijke sites leven doorgaans net niet op voet van oorlog met de klassieke pers.

It’s time to face the music, jongens: krantenredacties krimpen en alternatieve nieuwssites zijn bezig aan een professionaliseringsoefening. Het zou voor beiden interessant kunnen zijn om veel meer dan vandaag de handen in mekaar te slaan. Wissel artikels uit, en vooral ook onderwerpen. Probeer terug ruimte te creëren voor onderzoeksjournalistiek door de vruchten van mekaars werk te plukken in plaats van te proberen alles op eigen houtje te doen en met te weinig middelen.

Het tijdschrift

Om ons drieluik van het geschreven woord af te sluiten: net als kranten en boekenwinkels, zullen ook tijdschriften niet overleven bij gratie van trendy marketing alleen en zal het ontwikkelen van meer meerwaarde-ondernemerschap bittere noodzaak zijn.

Die vaststelling is trouwens ook de achtergrond van het ontstaan van Charlie. Een groep mensen die uit pure frustratie omwille van de verschraling dan maar zelf iets nieuws uit de grond proberen stampen. Die heel hard proberen om iets met toegevoegde waarde te creëren, iets waar er volgens ons een nood aan is.

En dit vanuit de overtuiging dat het tijdschrift, net als het boek en de krant helemaal niet tot uitsterven gedoemd is. We bewandelen daarbij, tegendraads als we zijn, de omgekeerde weg: van online naar hardcopy, van vrijwilligerswerk naar iets dat hopelijk ooit als levensvatbare niche te bestempelen valt, van aanbod naar vraag. De recepten en strategieën die we daarvoor zullen moeten uitdenken zijn nog niet helemaal gerijpt en we hebben nog een weg te bewandelen. Maar omdat we vastberaden zijn om een steen in de rivier te verleggen, zal u daar ongetwijfeld in de komende maanden nog veel meer over horen. Het met zorg geschreven woord is nog lang niet dood! 

Dit stuk uit Charlie stond oorspronkelijk hier.


Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

Eén reactie

  • door HELENE PASSTOORS op dinsdag 9 september 2014

    "De boekenverkoop daalt, dus grote uitgeverijen beslissen om minder titels uit te brengen en zich toe te spitsen op de meest populaire genres. De etalages van grotere boekenwinkelketens blinken uit in eenheidsworstgehalte." Dat is voor mij de beste zin in het stuk. - Niet-fictie: waarom zou ik een boek kopen dat bevestigt wat ik al weet uit de media of andere bronnen, of dat mij niet uitdaagt om anders naar een onderwerp te kijken? En toch is dat precies niet wat uitgevers geïnspireerd heeft om tegen crisis te vechten. In hun grote drang om 'marktgericht' uit te geven, wordt het eenheidsworst die niemand meer interesseert. Desgewenst veranderen ze het manuscript tot de auteur zich er niet meer in herkent. Of zelf net zo goed alles had kunnen opzoeken op het internet en aan elkaar plakken en klaar is Kees. - Fictie: vanwege dezelfde marktgekheid dwingt de uitgever de auteur om bijv. het einde te veranderen want "dat is te triest voor ons publiek", of te 'uitzichtloos". (Dit is een autentiek voorbeeld van de ervaringen van een Engelstalige auteur met Amerikaanse uitgevers; uiteindelijk was hij zo razend dat hij zijn romans eerst in vertaling liet uitgeven en had uiteindelijk veel succes, ook in het Engels...) Enzovoorts. - Vroeger gaf iedere goede uitgever een mix uit van goedverkopende boeken met zeer interessante maar die voorspelbaar geen grote verkoopcijfers zouden halen. Wie doet dat nu nog?

    Wat betreft e-boeken: ja, boekhandelaren zouden daar ook beter mee beginnen. Voor niet-fictie hebben die een enorm voordeel: je kunt er digitaal alles in opzoeken en aantekeningen maken of onderstrepen en dat gemakkelijk terugvinden. Alleen zijn de prijzen voor recente boeken niet erg verschillend van de gedrukte uitgave... Anderzijds kun je alle klassieken bijna voor niets krijgen.

    Dan is er print on demand: met de huidige technologie kan de uitgever drukken naargelang er bestellingen komen. Voor academische boeken is dat al schering en inslag. Maar waarom niet voor andere boeken ook? Eén exemplaar in de boekhandel en je kunt bestellen.

    Wat de media betreft, is er nu een Frankrijk een prachtig tegenvoorbeeld tegen de marktgerichte ''eenheidsworst': Médiapart. Deze online krant schrijft alleen wat anderen achtergrondartikelen noemen en onderzoeksjournalistiek die enorme impact heeft. Bovendien breidden ze het aanbod uit met online discussies van zeer hoge kwaliteit met meerdere specialisten of grote acteurs in het overwerp (die vaak staan te dringen om uitgenodigd te worden). Als lezer heeft men dus elke dag hoge kwaliteit informatie ter beschikking. Médiapart is het eigendom van journalisten en enkele "vrienden". Het begon te publiceren in 2008 en heeft nu 90.000 leden. De 'ledenclub' is zeer enthousiast met blogs en discussies. Enzovoorts. De krant heeft al een twintigtal uitstekende journalisten in dienst. Het abonnement (lidmaatschap) kost ongeveer de helft van een online abonnement op de grote Belgische media... Met andere woorden: voor kwaliteit is er wel degelijk een 'markt'.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties