about
Toon menu
Analyse

Jouw Piketty of de mijne? (2)

In de vorige aflevering kwam het verwijt van media in Nederland en België aan de orde, dat hun boekuitgevers hadden zitten slapen toen 'Le Capital au XXIe siècle' van Thomas Piketty wereldwijd aansloeg. Het verwijt bleek een gevalletje van projectie. Hoe werd de Franse econoom alsnog in ijltempo ook in de Lage Landen “de nieuwe Karl Marx”? Deel 2 van een reconstructie.
maandag 19 mei 2014

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Nu na een halfjaar de naam van Thomas Piketty in de Lage Landen is gevestigd en zijn boek geruchtmakend bevonden, moeten meningen zich opstapelen. Allereerst door De Standaard, die uit het eigen weekendinterview al op maandag drie vragen gepeurd heeft voor diverse experts. Dezelfde 7 april stelt de rubriek ‘Peter Casteels’ columnisme’ op Apache dat linkse politici het helemaal niet eens zouden zijn met Piketty, indien ze Le Capital au XXIe siècle zouden lezen.

Daags erna is, in zijn wisselcolumn voor De Morgen, een bijzinnetje van economieprof Koen Schoors in zijn vermoeide nuance leuk: ‘Sinds het werk van ThomasPiketty, dat academisch al bijna een decennium bekend is, is het duidelijk dat arbeid in bijna de hele wereld relatief te zwaar wordt belast.’

De moeilijkheid is natuurlijk dat Piketty’s wetenschappelijk werk zo uitputtend is, omdat het niet in een soundbite kan worden gegoten. Om recht te doen aan de nuance zijn twee dingen nodig: deskundigheid en tijd. Ze zijn in het huidige klimaat echter zo schaars, dat ze meestal worden ingekocht.

Voor een opinie zou Le Capital au XXIe siècle of Capital in the Twenty-First Century moeten worden doorgenomen. Hoewel de belangrijkste grafieken al beschikbaar waren, is het voor geïnteresseerden dan ook een zegen dat er op 8 april, aan de andere zijde van de oceaan, een samenvatting van het boek wordt gepubliceerd. Het zou niet de eerste spoedcursus Piketty blijken.

Spreekt het voort

Op maandag 14 april openbaart NRC Handelsblad het bestaan van het boek. In februari 2009 had deze kwaliteitskrant weliswaar gemeld dat Piketty een ‘linkse econoom in opkomst’ was, inmiddels kon de schijnbaar centrale boodschap van zijn boek meegedeeld worden. Het was meteen het voorbode van iets wat de hoofdredacteur twee dagen later per tweet wereldkundig maakte: ‘Zeer fijn interview met briljante Franse econoom Thomas Piketty.’

Het interview is een format dat meer lezers bereikt dan beschouwingen over of recensies van van complexe materie. Er kan een persoonlijke toon worden aangeslagen, een gezinssituatie onthuld en ervaringen bij de actualiteit. Hier ontlokt Peter Vermaas aan zijn gesprekspartner bijvoorbeeld: “‘Heel bijzonder’, zegt de Franse econoom Thomas Piketty, oprecht bescheiden over de hype rond zijn vuistdikke boek.”

Op 23 april, in Knack, publiceert Marnix Verplancke eveneens een gesprek. Daarin komt wederom Piketty’s bescheidenheid naar voren en mag hij, niet voor het laatst, herinneringen ophalen aan de val van de Muur (hij was toen achttien). Aan het slot onderstreept de econoom het belang van het belastingsysteem en van de Europese instellingen, waar dan wel veel technische details aan kleven maar die geen futiliteiten betreffen. “We zouden allemaal wel in een rechtvaardiger wereld willen leven, maar er iets concreets voor doen? Ho maar. Dat noem ik intellectuele luiheid, zowat het grootste probleem waarmee we vandaag geconfronteerd worden.”

Licht bewerkt zal dit interview op 4 mei in Trouw verschijnen. Vice versa ging een interview op 24 april, met bronvermelding, toen Evert Nieuwenhuys van de website OneWorld aan MO onmiddellijk groen licht gaf voor herpublicatie. Dit gesprek was relatief zakelijker, en Piketty laat weten dat boeken ‘politieke wapens’ zijn.

Toe-eigening

Gangbaar bij een explosie aan publiciteit rond één persoon is het innemen van een positie die, zou Pierre Bourdieu zeggen, distinctie brengt. Op 16 april publiceert de jonge Nederlandse uitgeverij Leesmagazijn op haar weblog een vertaling van Piketty’s opiniestuk uit de Financial Times van 28 maart. Achteraf behoorde dit feit tot de argumenten voor de stelling dat de Nederlandse versie van Le Capital au XXIe siècle het best in dit nichefonds gepast had. Ik kom daar nog op terug, maar stip nu aan dat, zoals in de vorige aflevering vermeld, een (andere) vertaling van het opiniestuk in De Morgen van 3 april had gestaan.

Ook intrigeert het gegeven dat het NRC is geweest die aan de kaak stelde dat Nederlandstalige uitgevers zo lang op zich lieten wachten bij interesse voor Piketty’s boek. Zelf berichtte deze krant pas laat over Capital in the Twenty-First Century. Bovendien zou de naam van Piketty tussen 14 april en 7 mei dan wel in acht teksten vallen, maar de teneur ervan was overwegend neerbuigend, in tegenstelling tot de van oorsprong christelijke krant Trouw.

Wat NRC met Piketty klaarspeelde, doet sterker denken aan de manier waarop vlak na de vertaaldeal Sebastien Valkenberg in Elsevier te werk gaat. Deze positioneert zich tegen de econoom, en tegen voorstanders en sympathisanten uit eigen land die hij over een kam lijkt te scheren. Wanneer Valkenberg spreekt over ‘de gretigheid waarmee de media Piketty omarmen’ hyperlinkt hij echter exclusief naar Rutger Bregman, die op de boekenmarkt in dezelfde niche opereert als hij.

Afgaand op een spervuur van tweets was de Franse econoom voor Bregman zo ongeveer de weg en de waarheid geworden. Op 16 april berichtte hij in het holst van de nacht op Twitter te gaan kijken naar een livestream van een uit de vele Amerikaans debatten over Capital in the Twenty-First Century. Dat enthousiasme rijmt met de perceptie dat Bregman degene zou zijn geweest die Piketty in de Lage Landen introduceerde. En voor wat het waard is: hij publiceert bij de uitgeverij die de vertaalrechten voor de studie binnenhaalde.

Relativering

Misschien is er niet zozeer een Piketty-hype, als wel een flow. Aangrijpend is gretigheid in de tweet van een recensent die over de materie gaat schrijven. De ontvangst van Pikettyin de Lage Landen valt het best te karakteriseren als een overval. Mag het lijken dat de man tussen eind maart en begin mei 2014 niet uit de media was weg te slaan, het gaat hier om een beperkt aantal nieuwsbronnen die door zichzelf kennelijk als bepalend worden ervaren.

Wanneer de astronomische aankoop van de vertaalrechten als peildatum mag gelden, dan valt op dat Piketty non-existent was in heel wat media met een groot bereik: Het Nieuwsblad, Het Laatste Nieuws, De Telegraaf, Algemeen Dagblad, HP/De Tijd…. Ook op nieuws- en opiniesites als Newsmonkey, Doorbraak, Vonk, GeenStijl, The Post en NU.nl schitterde Piketty door afwezigheid. Het is verleidelijk om hier lezerssegmenten van elkaar te onderscheiden. Ze worden echter verbonden door het blad Humo, waar de naam van Piketty welgeteld eenmaal is gevallen, uit de mond van Luc Huyse in een interview.

Aandacht kwam voornamelijk van de grond onder inwerking van buitenlandse media. Maar ook hier past een nuance. Om de meest interessante en gezaghebbende internationale bronnen te krijgen, bestaan er in de Lage Landen sites. Zoals 360, dat Piketty pas op 31 maart opmerkt naar aanleiding van de Engelse vertaling. Toen de site begin mei melding maakte van ‘de meest interessante denkers van 2014’ volgens een Brits magazine, was Piketty daar niet tussen te vinden. Op Sargasso zag hij half april het levenslicht. Nog een andere Nederlandse poortwachter voor internationale nieuwsbronnen, Welingelichte kringen, noemde Piketty pas op 20 april. Op 6 mei, na het zoveelste artikel van The Economist, gold hij er, met consequent verkeerd gespelde achternaam, als hype die “linkse praat” verkondigt.

Ten slotte is het misschien goed te beseffen dat noch de Franse noch de Engelse editie van Piketty’s bestseller besproken werd bij Biblion en De Leeswolf, bladen met invloed op de aanschaf door bibliotheken. Alvast in de provincie Antwerpen heeft geen enkele bibliotheek een exemplaar in de collectie, uitgezonderd de Universiteit Antwerpen. De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag kan de lezer evenmin verder helpen.

Verkoopverwachting

Feitelijk is het koord smal waarop een uitgever balanceert door Le Capital au XXIe siècle in Nederlandse vertaling te brengen. Bestaat er een publiek, dat de materie wil doorworstelen? De mare van het internationaal bestsellerschap is gevoed doordat de titel bij Amazon uitverkocht is geweest. Begin mei bleken er 50.000 exemplaren verkocht in Frankrijk en 100.000 in de VS. Veel in het genre, bescheiden als aantal voor de algemene markt. En de auteur zelf heeft berekend dat er per hoofd van de bevolking meer in zijn geboorteland is weggezet.

De vele comments bij Nederlandstalige artikelen over Piketty laten uitschijnen dat de problematiek hier in elk geval aanspreekt. Los van het feit dat er al tijden een crisisgevoel heerst, zijn er – tussen vele door de politiek bijkans uitgelokte onrechtvaardigheden – kwesties als doorgroeiende inkomensongelijkheid, salarissen en bonussen van CEO’s, bevindingen van de OESO, het Wereld Economisch Forum en het IMF, bijgetreden door uitspraken van paus Franciscus en Barack Obama en Christine Lagarde: de tijd is rijp om Piketty’s overtuigingen te toetsen.

Zouden potentieel geïnteresseerden ook bereid zijn daarvoor tientallen euro’s neer te tellen, in het besef dat de illustraties beperkt blijven tot grafieken? Mocht de vertaling worden ingeleid door een bekende laaglander, dan drijft dat de prijs slechts op.

Er spelen twee factoren, op basis waarvan mag worden verwacht dat het uitgeefrisico binnen de perken blijft. Piketty’s studie haalde op 19 en 29 april de voorpagina van de Volkskrant, in de column ‘Voetnoot’ van Arnon Grunberg. Doordat deze een van de bekendste en meest succesvolle auteurs in de Lage Landen is, werd het politieke wapen Le Capital au XXIe siècle geladen met literatuur (die Piketty zelf al in zijn betoog verweven had).

Ook is Piketty’s studie op 30 april tien minuten lang aan bod gekomen in De Wereld Draait Door. Dat televisieprogramma mag dan wel niet onomstreden zijn, het is immens populair en wordt primetime uitgezonden. Zo luidde de begeleidende tekst:

“Het boek ‘Capital in the Twenty-first Century’ van de Franse Economoon Thomas Piketty is een van de populairste boeken op het moment. Geroemd door wereldwijde media, wordt Piketty soms al de ‘rock-star economist’ genoemd en trok de Volkskrant zelfs de vergelijking met Economische grootheden als Adam Smith en Karl Marx. Wat maakt dit boek over onze economie zo speciaal en baanbrekend? We bespreken het met Mathijs Bouman en Bas Jacobs!”

Voor insiders moet het een pingponggesprek zijn geweest, waarin argumenten in het defensief werd gedrongen door veralgemeningen en superlatieven, maar potentieel geïnteresseerden zullen zijn gewonnen. Als voormalig cultuur-, pop- en sportjournalist weet presentator Matthijs van Nieuwkerk als geen ander ingewikkelde zaken, zoals dat heet, sexy te maken.

Het zou nog meevallen, als dit uit de ontvangst van Thomas Piketty in de Lage Landen de voornaamste conclusie was. Maar dat is ze niet.

reacties

2 reacties

  • door Jan Willems op maandag 19 mei 2014

    In deze schitterende tweedelige serie over de Piketty-hype blijkt nog maar eens op welke onbetamelijke wijze berichten tot stand komen en burgers geïnformeerd. Meer wil ik daar echt niet meer over kwijt. Trouwens, binnenkort weet niemand nog wie Piketty is. En dat de Nederlandse vertaling als zoete broodjes over de toonbank van een boekhandel zal gaan, daar heb ik mijn grote twijfels over. Wie koopt er nu een boek die quasi-bol staat met cijfers, grafieken en dergelijke? Toen Piketty naar de USofA toog voor verder onderzoek, verwachtte men daar dat hij nieuwe (mathematische) modellen over economie zou ontwikkelen. Maar daar had hij eigenlijk geen zin in. Cijfers op zich zeggen niks, was zijn argument, want je moet de zaken in zijn (historische) contekst zien. Wat hij op de keper ook heeft gedaan. De toenemende ongelijkheid heeft heel veel te maken met de almaar groter wordende lookkloof op de arbeidsmarkt met CEO’s en aanverwante als meest begunstigde. Zie maar naar de bonussen. En wie bijvoorbeeld de voorstellen inzake belastingen van de N-VA leest, zal merken dat die partij terzake de kant van die lui kiest. De N-VA is geen volkspartij, geen partij van de middenklasse zoals ze zichzelf graag presenteert, maar een partij van de CEO’s en andere vet betaalde ‘managers’ die het bedrijfsleven leiden, zelfs tot naar het faillissement.

  • door Joris Note op maandag 19 mei 2014

    Verre van mij om onze mainstream-media te willen verdedigen, maar toch. Is het niet normaal dat de publicatie van een dik, geleerd en niettemin 'succesrijk' boek gepaard gaat met enige verwarring en met een hoop napraterij en de-trein-niet-willen missen? Ik zal wel ouderwets traag zijn, maar het gaat om een boek dat nog geen negen maanden geleden verscheen: is het niet wat vroeg te willen oordelen over de adequaatheid van de reacties in niet-gespecialiseerde bladen en programma's? In elk geval vind ik dat deze twee afleveringen een weinig relevant en vreselijk vervelend verhaal vertellen. Maar godweet komt er nog iets belangwekkends.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties