Suffer in the city (10 april)

Suffer in the city (10 april)

Over de vele interne migranten in de Oost-Chinese megapolissen kreeg u op deze Chinablog al eerder te lezen. Maar om het echt goed te kunnen duiden kregen we hier interessante duiding van professor Yujan Zhan. Ze werkt veel samen met de vakbonden van Shenzhen. In het bijzonder ook rond de problematiek van de jonge migranten in die regio.

donderdag 10 april 2014 18:47

Je wist al wel wat
over de massale interne migratie in China, van het agrarische Westen naar de
industriële groeipolen in het Oosten, van de stad naar het platteland.  Als communicerende vaten op die immense
Chinese arbeidsmarkt: van het overschot in de landbouw naar het tekort in de
industrie.  En gisteren zagen we het ook
bij Foxconn, met veel jonge migranten die zelfs dag en nacht op de site
verblijven, overdag in de fabrieken, ’s nachts opeengepakt in de slaaptorens,
verspreid over het bedrijfsterrein. 
50.000 van de werknemers worden zo gehuisvest. U kon dat gisteren al
lezen in de bijdrage van Ferre Wyckmans op deze Chinablog gisteren.  Maar om het echt goed te kunnen duiden kregen
we hier interessante duiding van professor Yujan  Zhan, directeur van het Onderzoekscentrum
voor Arbeidsrecht en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Shenzhen.  Chinakenner Ng Sauw Tjhoi, mee met onze
delegatie, bracht ons in contact met haar.   Ze werkt veel samen met de vakbonden van
Shenzhen.  In het bijzonder ook rond de
problematiek  van de jonge migranten in
die regio.    

Je kreeg er in elk
geval een beter beeld door, met meer pixels. Het blijkt niet die horde
laaggeschoolde gelukzoekers te zijn, zoals ze vaak worden bekeken,  als boerkes uit het Westen.  Doorgaans hebben die jongeren het
leerplichtonderwijs afgerond.   Niet
zelden hebben ze ook hoger onderwijs achter de rug: vanuit het platteland
getrokken naar de universiteiten in de grootsteden, en daar blijven hangen om
werk te zoeken.  Maar dat scholingsniveau
bepaalt natuurlijk ook hun verwachtingspatroon. 
Ze gaan in het Oosten niet enkel werken om de armoede te ontvluchten,
maar ook om vooruit te komen in het leven. 
Meer nog, uit onderzoek van prof. Yujan blijkt dat ze vooral dat laatste
willen, meer nog dan een hoger inkomen. 
En dat ze in die verschillen van de (oudere) generatie Oost-Chinezen,
die op hun voorkeurlijstje eerst het hoger inkomen zetten, en dan pas de
carrièreontwikkeling.

Geen klein probleem:
dat verwachtingspatroon contrasteert scherp met de plaats die ze in Oosten maar
krijgen.  Niet alleen op de Oost-Chinese
arbeidsmarkt. Maar net zo goed in de samenleving.   Dat werd mooi geregistreerd in een enquête
van de universiteit van Shenzhen in samenwerking van de  vakbonden van die stad bij een goeie 5.000
arbeidsmigranten.   Die nieuwe generatie migranten, dat blijkt een
bijzonder jonge groep te zijn, gemiddeld 23,7 jaar oud, voor   Foxconn blijkt dus geen uitschieter te
zijn.  Opvallend:  een kleine meerderheid vrouwen.    Als
je naar de aard van de tewerkstelling kijkt, dan blijkt dat het vooral precaire
lageloonjobs zijn.  Vaak niet of nauwelijks
boven het minimumloon, vooral geconcentreerd in de arbeidsintensieve industrie
en diensten, zij het – ook opvallend – nauwelijks aanwezig in de bouwsector
(nauwelijks 3.9%).  Met overwegend
tijdelijke contracten (93,3%).   Ook
opvallend: nauwelijks aanwezig in de bouwsector, wel in de industrie en de
andere dienstensectoren.   Zij het sterk
geconcentreerd in de staatsbedrijven en de bedrijven van Hongkong en
Taiwan.  Slecht 3.8% werkt voor  Europese en Amerikaanse multinationals.  Qua arbeidskwaliteit blijkt het ook al niet
denderend te zijn.  Veel overwerk, al is
maar om het slappe maandinkomen aan te vullen, ook om af en toe wat geld naar
huis te kunnen sturen.  Vaak ook ongezond
werk, met weinig aandacht voor voorkomen en beveiligingen en daarom een hoge
kans op arbeidsongevallen.   

Daar komt bij dat hun
situatie ook buiten het werk bijzonder problematisch is.   Bijna de helft van hen  (46,8%)  in slaapblokken van de bedrijven zelf, al dan ingeplant
niet op het bedrijfsterrein. 
Opeengepropt in overbevolkte appartementjes of studio’s, gemiddeld 6,4
personen per accommodatie, met amper 3.7 m² per persoon. 
En daardoor ook met nauwelijks andere mensen in contact dan met collega’s.
Met als enig doorkijkgaatje het Internet.  
En dat alles te midden van groeisteden met al zijn consumptiematige
verleidingen en verlokkingen.   

Wat met jonge vrouwen
die zwanger worden, kan je je afvragen. Is door overheid, vakbond en bedrijf kennelijk
goed geregeld.  Hoorden we ook bij
Foxconn.   Althans qua moederschapsrust en
borstvoedingsverlof. Maar wat nadien? Dan blijkt dat die kinder vaak achterblijven
op het platteland.  Om opgevoed te worden
door de grootouders, naar we aannemen. 
De zgn. “new left-behind childeren”, noemt Yujuan ze. 

En dat alles versterkt
door het feit dat ze in die grootsteden ook een tweederangsstatuut krijgen van
de overheid.  Dat heeft te maken met het
Chinese systeem van registratie van huishoudens, met een zwaar onderscheid in
rechten en verplichtingen tussen  de
stedelijke residenten en de inwijkelingen vanuit het platteland, waarbij de
migranten verstoken blijven van adequate sociale bescherming en collectieve
diensten. 

Je ziet daardoorheen
natuurlijk ook het spanningsveld: tussen de droom van die betergeschoolde
migrantenjongeren naar een beter leven enerzijds en wat de facto hun plaats is
op de arbeidsmarkt en in de samenleving in die grootsteden; meer nog, wat hun
perspectieven zijn.   Het is hier een enorme uitdaging voor de vakbonden.  Die ze ook lijken te erkennen.   Maar je ziet het zo aankomen dat die
spanning zal toenemen naarmate die jongeren ouder worden en die lokroep van het
Oosten niet de verwachte gevolgen heeft. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!