De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Ontoereikende analyses en gebrek aan fundamenteel economische alternatieven

Ontoereikende analyses en gebrek aan fundamenteel economische alternatieven

woensdag 13 april 2011 12:28
Spread the love

 In ‘Business as usual: De volgende ineenstorting van Wall Street’, bespreekt Jonathan Krishner in de ‘Boston Review’ van januari/februari, de huidige financiële crisis. Zijn analyse baseert hij op de volgende boeken: Johnson, S., J. Kwak, 2010, 13 Bankers; Posner, R.A., 2009, A failure of capitalism; Roubini, N., S. Mihm, 2010, Crisis economics; Sitglitz, J.E., 2010, Freefall. Deze literatuur is te beschouwen als de laatste update van oorzaak en oplossing van de huidige financiële crisis, van auteurs die internationaal hun sporen verdiend hebben.

De conclusie

De conclusie van Krishners’s analyse is dat er volgens deze auteurs te weinig maatregelen zijn genomen om in de toekomst een nog heviger crisis te vermijden. Financiële en politieke elites hebben het bloeden gestelpt, maar de ziekte in stand gehouden. En die ziekte is een cultuur, ideologie en politieke economie van ongeremde financiën. Door om de hete brei van de feitelijke zaken heen te draaien, wordt de toestand in de wereld alleen maar slechter.

De kwestie

Het moet gezegd dat het hier in ieder geval een conclusie betreft die op z’n minst de nieuwsgierigheid wekt. Er gaat de veelbelovende suggestie vanuit dat de oplossing en het voorkómen van crises als de huidige, vraagt om fundamenteel economische alternatieven, waarin het onheil van het kapitalisme en van de vrije markt tot het verleden behoort.

Bovendien lijken de reputatie van genoemde auteurs en de titels van de betreffende boeken die suggestie te ondersteunen en te rechtvaardigen. Maar als alles is gezegd en gelezen, wat blijft er dan van die suggestie over? Krijgen we in deze boeken een min of meer fundamenteel alternatief voorgeschoteld dan wel op zijn minst een aanduiding van de noodzaak ervan, of blijft uiteindelijk alles toch ‘bussines as usual’, ondanks dat Krishner en de genoemde auteurs daar zo tegen fulmineren? Dat is de kwestie!

Te rade bij de vier boeken

Analyse en conclusie

Volgens de vier boeken moeten we de oorsprong van de huidige kredietcrisis zoeken in de steeds verdergaande liberalisering en deregulering van de kapitaalstromen sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw. Bankieren werd zo weer spannend en opwindend, niet in het minst omdat door de liberalisering fraude en excessen aan de aandacht van de overheid ontsnapten. Al tijdens de regering Reagan (‘Reaganomics’), waar de revolutie van liberalisering en deregulering onder invloed van de ‘Chicago-boys’ een aanvang nam, leidde dat tot de val van 2000 banken. De crisis werd bedwongen door massieve regeringssteun.

De ontmanteling van de kapitaalcontroles ging in verhevigde mate verder onder Clinton, waar bijvoorbeeld het wetsontwerp werd ondersteund dat beschermingsconstructies van de financiële markten ontmantelde. Dat wetsontwerp had ook de steun van Greenspan, de president van de FED, die tot aan zijn aftreden bij de start van de regering Obama, de mythe van de vrije markt en het zogenaamd zelfherstellend vermogen ervan, in stand zou houden, ook onder de regering van Bush, met haar verdere deregulering en afbraak van toezichthoudende instanties.

De conclusie van de auteurs is dat deze trend van liberalisering en deregulering zich ook nu nog steeds wereldwijd voortzet, en dat we met de economie weer dezelfde weg opgaan die naar de recente financiële ineenstorting voerde. De fundamentele vergissing achter de politiek van liberalisering en deregulering is dat de financiële markten rationeel en efficiënt zouden opereren, terwijl deze sector juist intrinsiek riskant is en financiële crises de norm zijn. De hardnekkigheid van deze misrekening danken we aan het feit dat we worden geregeerd door een financiële oligarchie, die haar macht heeft gebruikt om politieke invloed te kopen, die op haar beurt de economische macht ondersteunt.

De oplossing

Johnson en Kwak, Roubini en Mihm, en Stiglitz zijn voorstander van wat zij noemen grootscheepse veranderingen. Vanuit het inzicht dat een ongereguleerde financiële sector vatbaar is voor crises, zijn zij voor een opdeling van instituten en banken die te groot zijn om te laten omvallen. Posner stelt zich voorlopig op het standpunt van bescheiden hervormingen. Hij schaart zich aan de zijde van het Keynesianisme: financiële markten hebben de neiging verstoord te raken, en dan doet zich de noodzaak voor van stimuleringsmaatregelen door de overheid.

Meer van hetzelfde

Wie door deze auteurs en hun boeken zou hopen gesterkt te worden in de noodzaak van een fundamenteel, sociaalecologisch, postkapitalistisch alternatief, komt bedrogen uit. Ofschoon alle vijf auteurs er oog voor hebben dat in het kapitalisme (financiële) crises de norm zijn, bepalen zij zich uiteindelijk toch tot herstel van de vrije markt als zij in crisis raakt. Misschien uit angst voor reputatieverlies in een wereld waarin je niet voor vol wordt aangezien bij een pleidooi voor een onvermijdelijke postkapitalistische economie? Wat de reden daarvoor ook is, zij zorgt kennelijk voor analyses en oplossingen waarin het kapitalisme/neoliberalisme/de vrije markt de hand boven het hoofd wordt gehouden.

De oplossing van deze vijf voorziet dan ook niet in wat zij beogen, namelijk het voorkomen van crises in de toekomst. Daarvoor is hun analyse niet diepgaand genoeg. Het is meer van hetzelfde, een voortzetting van wat al eerder door anderen is geopperd, welhaast van de categorie ‘dertien in een dozijn, ‘business as usual’. Wij zien geen reden aan te nemen dat deze auteurs met deze voorstellen niet alleen het bloeden hebben gestelpt, maar ook de ziekte zelf zouden hebben genezen. Van sommige ziekten is alleen herstel mogelijk als het kwaadaardig gezwel wordt verwijderd. Zo’n ziekte is ook het kapitalisme/de vrije markt. Geen heling zonder postkapitalistisch alternatief.

Een postkapitalistisch alternatief

In een vijftal boeken* hebben we in het analytische gedeelte ervan aangetoond dat en waarom het kapitalisme/neoliberalisme onvermijdelijk leidt naar steeds heviger financiële, economische, sociale en ecologische crises. En dat niet zozeer vanwege te weinig controle op de financiële instellingen, maar vooral omdat ieder economisch stelsel, waarin geld wordt geïnvesteerd in de productie met de bedoeling er meer uit te halen dan er in werd geïnvesteerd – en dat gaat ook op voor het kapitalisme – onherroepelijk leidt tot een keten van opeenvolgende onzalige elementen, die een steeds groter gevaar oplevert voor de leefbaarheid op de planeet.

Kort door de bocht: moordende concurrentie bij de verkoop van producten op de markt leidt tot de noodzaak om via kapitaalintensieve productie goedkoper te gaan produceren om zo die concurrentie het hoofd te bieden; die kapitaalintensieve productie, dat wil zeggen de voortdurende aanschaf van steeds snellere en duurdere machines, leidt tot een grote druk op de winst; die druk bewerkstelligt de tendens dat de winstvoet daalt; die tendens dwingt tot voortdurende groei van de productie – de zogenaamde groeidwang – om aldus ondanks dalende winstvoeten toch voldoende winst te kunnen maken, om genoeg te kunnen accumuleren dus; maar de koopkracht in het kapitalisme is altijd te gering om de steeds groeiende productie te kunnen absorberen, met als gevolg overproductie en een kapitalist die betere tijden afwacht en intussen niet meer investeert en zo de samenleving in een economische crisis stort.

Maar voor het zover is zullen de kapitalist en de financiële oligarchie alles in het werk stellen om met steun van de politiek, zoveel mogelijk een steeds groeiende hoeveelheid geld naar zichzelf toe te sluizen ter compensatie van de dalende winstvoeten. Het kapitalisme genereert aldus altijd te weinig geld voor een gedegen onderhoud van samenleving en natuur. Dat stelsel is een parasiet, teert op de samenleving en natuur in plaats van hen te dienen, en rust niet aleer het de gehele sociale zekerheid en de solidariteit waarop die zekerheid gebaseerd is, heeft vernietigd. Deze onheilsketen zit in haar aard, het is de duivelse logica van het systeem, de aard van het beestje. Het is dit soort, veel meer diepgravende analyses, van waaruit we de oplossing moeten zoeken voor het onheil van het kapitalisme.

In onze publicaties hebben we die poging van een oplossing ondernomen: het postkapitalisme. Het is, ook hier weer kort door de bocht gezegd, een economische structuur, waarin:

1. De basis ontbreekt voor de keten van opeenvolgende onzalige elementen zoals we die kennen in het kapitalisme, omdat in het postkapitalisme geen geld meer wordt geïnvesteerd in de productie. Geld is geen noodzakelijke productiefactor.

2. Hierdoor zijn de productiefactoren grond en arbeid, en de geproduceerde goederen en diensten gratis.

3. Het inkomen bestaat uit een door de overheid aan eenieder periodiek uit te keren budget. De hoogte van dat budget is zodanig samengesteld dat een redelijk welvarend leven mogelijk is, maar dat de totale consumptie de draagkracht van milieu en natuur niet kan overschrijden. De waarde van dat budget bestaat niet uit geld dat in en door de productie verdiend is, want de postkapitalistische productie kent geen geld. Het periodiek budget bestaat uit ‘vervuilingseenheden’ of een ‘ecologische bestedingsruimte’. De dekking van het postkapitalistisch betaalmiddel is niet arbeid, maar milieulast. Met bijvoorbeeld vijf vervuilingseenheden kan de postkapitalistische mens een product aanschaffen waarvoor bij de productie het milieu voor vijf eenheden is vervuild.

Wat hier naar voren gebracht wil worden en wat hieruit ook duidelijk wordt, is dat een diepgravende analyse die het kapitalisme im Frage durft te stellen, uit kan komen bij een totaal andere economische structuur dan die we vinden in de main stream voorstellen, die vrijwel allemaal uitgaan van ontoereikende analyses en de vrije markt toegedaan zijn. Het ware te wensen dat deze stand van zaken enige verontrusting zou wekken en zo de aanzet zou kunnen geven tot een zoektocht naar economische structuren buiten de tot nu toe bewandelde paden. *_________________________________________________________________________ Versteijnen, J., 2004, Een economie waar iedereen bij wint, Breda. Versteijnen, J., B. Snoek, 2008, Als het tij verloopt moet men de bakens verzetten, Den Haag. Versteijnen, J., 2009, De zak van de duivel is nooit vol, Soest. Versteijnen, J., 2009, Ooit is het welletjes, uitgave in eigen beheer. Versteijnen, J., B. Snoek., W. Snip, 2010, Als markt en regering falen, Soest.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!