De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

De Stad is een verheven omgeving. Maar laat ons toch ook de gewone menselijke essentie dienen

Lize Spit en Stef Hublou over een stedelijk akkefietje dat de waardigheid miskent

donderdag 20 augustus 2020 20:19
Spread the love

… Het is een absurd maar levensgroot probleem. Zelfs voor de heren der schepping zijn er in de steden veel te weinig mogelijkheden. Ik kan daar niet bij. Dat is echt een kortsluiting tussen de mens als fysiologisch wezen en het stedelijke universum. Een iconische misstap van het beleid. Dat met duizend en één dingen bezig is, maar niet met het meest basale, meest natuurlijke; met iets waar bij uitstek de menselijke waardigheid mee zou gediend zijn/momenteel door in het gedrang komt. Ik heb er onlangs nog een bericht over geschreven, inclusief voorstellen, en dit gepost bij de schepenen van mijn stad, Leuven. Ik hoop dat de stilte die daarop volgde, betekent dat het schaamrood is opgekomen en dat er in stilte aan gewerkt wordt. Leuven ontving de Green Leaf Award van Europa, maar een plek om te plassen voor de inwoners en bezoekers M/V, dat kan er blijkbaar in 2020 nog altijd niet van af. Ik weet dat het voor stedelijke besturen niet gemakkelijk is, de burger, de kiezer even in dit heel natuurlijk-gewone perspectief te bekijken. In Rusland merkte ik tijdens mijn reizen dat de kloof ginds nog veel groter is. De stank sterker, het vuil vunziger. Toen was ik lichtjes trots en blij-verrast dat de Belgen dit existentieel feit een klein beetje dapperder (?) en hygiënischer, meer zorgzaam aanpakken. Ik blijf hopen dat Brave Little Belgium (Barack Obama) nog zal evolueren en ook op dit terrein meer menselijkheid zal vinden. (Misschien is een rem het feit dat de besturen de horeca te vriend willen houden, door de mensen, mannen, vrouwen en kinderen voor het blok te zetten: “Moet je plassen, ga dan iets drinken tegen betaling!”)

 

De ondermaatse zorg & verzorging is overigen ook een manier om op sluipende, subtiele manier een bepaald macho/patriarchaal aspect van onze cultuur in ere te houden. (Het kan ook aan brute onwetendheid liggen, want ik merkte al zeer jong dat het met de kennis van de natuur én van de menselijke natuur in dit stukje wereld bedroevend is gesteld). Inderdaad, wie de fysiologie der zoogdieren goed heeft begrepen, weet dat de mannetjes over een groter reservoir voor plas beschikken; zij/wij worden immers verondersteld aan afbakening van ons territorium (dat wij gezamenlijk met ons vrouwtje bewonen en exploiteren) te doen. De driedubbel lange wachtrijen voor de vrouwen toiletten in onze beschaving brengen bij mij altijd een speciaal gevoel teweeg. Zowel plaatsvervangende schaamte, voor de overheden en de mannen, als een diepe, existentiële tristesse: over de rol van stiekem slachtoffer waarin de vrouw nog maar eens geduwd en gedumpt wordt. En droefenis over het gebrek aan alertheid, aan bewustzijn, aan vitaliteit, aan tegenwoordigheid van geest én aan de benodigde woordenschat en stijl…die maakt dat vrouwen – en mannen – dit al stedelijke generaties lang over hun kam laten gaan. Wat die laatste twee benodigdheden betreft heeft Lize Spit dus voor een pioniersbijdrage gezorgd. Mijn overdreven warme avond is dan toch nog een beetje geslaagd. ‘We leven op hoop’, zeggen we in zulke situatie in Leuven.

 

Deze week verzorg ik elke dag de zomercolum in De Morgen. Op maandag:

‘watervalletje’

Doorgaans probeer ik me niet te veel te storen aan mannelijke privileges (integendeel, je krijgt haast met de moderne man te doen – al die privileges waar hij zelf nooit om gevraagd heeft die hem nu plots worden aangewreven), maar er zijn momenten waarop de ergernis gewoon niet te houden is, bijvoorbeeld wanneer je boodschappen doet in de buurt van het Brusselse Zuidstation, en je op de heen- en terugweg moet passeren langs de verschillende plasgoten die ze daar geplaatst hebben.

In het centrum van de stad, aan de Beurs en aan Anneessens, hebben ze S-vormige cabines voorzien, met in elk van de lussen een afgeschermde pisbak (daar kan een vrouw mits zin voor avontuur en acrobatiek nog wel haar ding doen), maar hier in Anderlecht zijn het geen beschutte hokjes, wel lelijke stalen bakken van zo’n anderhalve meter hoog en een meter breed, alsof iemand een dichtgeklapte bijzettafel heeft achtergelaten op straat. Wie van dichtbij kijkt, ziet dat de bak vooraan twee deuren heeft die je kan openslaan, die uitgeven op een binnenvlak met voortdurend verticaal stromend water, een watervalletje zeg maar, waar je dan gewoon tegenaan kan pissen – klaar is kees, weg plasje, weg urinegeur rond de stationsbuurt.

Ik snap wel dat ze iets moesten doen om de wildplasser te lokken, maar ja, dit zijn openbare toiletten, daar mág geen zorg voor gedragen worden, dus door ophopende papieren zakdoekjes en ander voor de onderliggende roosters ongepast gevoeg, loopt het water niet behoorlijk weg, ontstaan er alle kanten op spuitende stralen, loopt het reservoir over, waardoor er rond die plasbakken over de gehele breedte van de stoep omvangrijke stromen hun weg zoeken naar de dichtstbijzijnde goot.

Er hangt rond die riviertjes zo’n indringende geur dat het me verbaast dat die niet zichtbaar is, zoals in stripboeken, een groengele uitwaaierende damp. Ik wandel met m’n zware boodschappentassen zo goed mogelijk rond de stroom heen, klem m’n lippen op elkaar, stop met ademen door m’n neus, en zelfs m’n ogen knijp ik tot spleetjes.

Je zou hopen dat men bij het toekennen van deze plasbakken aan de wildplasser nog enig nobel doel zou nastreven, bijvoorbeeld bewustmaking van hun privilege. Dat hun warme pis plots een groot led-scherm activeert waarover in grote letters de volgende boodschap rolt: ‘geniet ervan want als je een vrouw was, dan hield je nu gewoon je plas op, zelfs wanneer je met twee zware boodschappentassen hoefde te sjouwen’.
Maar nee, die plasbakken staan er enkel om de staande plassers op hun wenken te bedienen. Hier, kom meneer, plas maar, je krijgt er gratis een ruisend watervalletje bij!”

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!