KOERSWIJZIGING bij Bart De Wever na onze brief aan hem?

KOERSWIJZIGING bij Bart De Wever na onze brief aan hem?

vrijdag 15 januari 2016 17:48

Een Koerswijziging. Soms krijgt het woord een bijna sacrale betekenis. Zoals wanneer het gaat om een belangrijk schip, waarvan de komst of de koers beslist over leven of lijden voor veel mensen. Onze Belgische topartiest Hergé, kende de roerselen van de menselijke ziel als geen ander. Hij vat in zijn tekeningetjes perfect waar het in het leven in de limiet echt om gaat. Vrees, hoop, gloeiende sympathie, vriendschap, reizen, geldzucht, idealisme, liefde voor waarheid en rechtvaardigheid, persoonlijkheid, grootmoedigheid, hulpvaardigheid, whisky, hondjes, haat … In het verhaal “Cokes in voorraad” krijgen wij een scène te zien die ik graag kies om een beetje te duiden wat er afgelopen week gebeurde. De voorzitter van de Nieuw-Vlaamse Alliantie, de politieke partij die iedere observator boeit, de heer Bart De Wever, besliste tot een Koerswijziging.

Hij lijkt weer aan te knopen bij wat misschien toch zijn meest oorspronkelijke inspiratie en roeping als mens en politicus mag heten.

Wie zijn wij dan om daar dadelijk met veel misbaar op te reageren, zo zou een mens zich de vraag kunnen stellen. Is het geen zegen in dit kleine land te mogen beschikken over een man met diepe wortels en visionair talent als hij? Een man met zo veel envergure als deze politicus, historicus, columnist en debater? Een man ook met een ongehoorde dominantie die tegelijk origineel, elegant, zelfverzekerd, rechtuit en doeltreffend mag heten.

Het treft mij dat sommige van onze grootste geesten hem lastig vallen. Zoals Luc Huyse, de gedreven, briljante senior socioloog bij wie ik zelf met veel genoegen college heb gevolgd. In de eerste dagen van het jaar, wreef die de betrokken politicus onder de neus dat hij telkens na verloop van een vijftal jaren de belofte uitspreekt nog wat langer aan de macht te blijven, en daarna wellicht af te zwaaien. Hoe kinderlijk kan het gesprek tussen heren, tussen intellectuelen worden? Waarom zouden wij een man met zoveel leiderstalent en denkkracht zo dringend vragen, “Wanneer zijt ge nu weg?”.

Met de ideologie van betrokken partijleider ben ik het helemaal niet altijd eens. ‘Versterving’ prediken, de mensen dwingen de riem aan te halen, dat is misschien toch gevaarlijk, bij ons, waar een groep gewone mensen dagelijks op hun tandvlees zitten in de pure overlevingsmodus van de stedelijke existentie. Armoede bestaat. En van de andere kant bekeken, de weg die Jeshoea in Galilea is gegaan, (in de tijd van de grote held van de heer De Wever, keizer Augustus!), bewijst toch dat in het rood van je eigen resources gaan om de arme mensen en de zieken bij te staan, bron van de grootste glorie kan worden? Met St.-Franciscus van Assisi hetzelfde (gestorven in 1226). Wie zal over 800 jaar nog over ons spreken, zich laten herbronnen door de oorspronkelijkheid van ons bestaan? Franciscus is een heilige voor vandaag en morgen. A man for all seasons. Vandaag echter, die Waan van de Dag! Wij zijn nu allen commentatoren dankzij het internet; laten wij de mensen die ons leiding geven en over ons beslissen nog toe ongestoord hun werk te doen? 

Mag ik, als zoon van een vader uit een ander en minder plat land, als zoon van een voedstervader die zijn laatste twintig jaar in het voorbeeldland van de wereld heeft geleefd, iets opmerken? Waar is onze trots? Over onze grootste leidersfiguren. Waar is ons besef gebleven, onder Vlamingen en Walen en Brusselaars, dat er een wezenlijk verschil bestaan in het menselijke universum tussen gewone mensen en Grote Mensen. Tussen grote geesten en arme geesten. Tussen Grote Zielen en kleine zielen. Tussen gemeen en verheven. Tussen leider en volger. Tussen kapitein en matroos.

Mijn advies: kijk toch eens verder dan het Noordzeestrand. Durf de lessen trekken die uit de Verenigde Staten van Amerika tot ons komen. Bekijk de film “Master and Commander”. Russel Crowe en Hollywood bieden daarmee een stuk tijdloze wijsheid aan. Ieder kind dat kijkt zal intuïtief begrijpen dat een kapitein een volkomen ander soort wezen is dan de zeeman op het dek. Dat ons aller lot afhangt van het werkvolk is waar, oude kennis Jacques Brepoels, maar toch veel meer nog van het genie van onze kapiteins. Van het genie en het talent, van de intelligentie en de kalmte, van de altijd heel persoonlijke openheid voor inspiratie. Ons lot hangt af, als bezetters van een plaatsje in eenzelfde Boot op reis samen door Tijd en Ruimte, van de geestkracht en leiderscapaciteit, van de verbeeldingskracht en het dieptezicht, de ervaring en expertise, de sluwheid… van onze kapitein, en in eerste en laatste instantie van zijn karakteradel, zijn eerlijkheid, zijn goedheid. En ook van de ruimte die hij krijgt en neemt om te denken.

(Wie nog meer inspiratie wi: kijke naar dat andere recente portret van een waarlijk groot man,  “Lincoln”. Een grote dame komt aan bod in de film over Aung San Suu Kyi, de Nobelprijswinnares van vrede (en geduld), de generaaldochter van ‘Birma’. 

 

Luister. Het lot van de dichtbevolkte rijke wereld is onzeker. Wie de dierenwereld goed kent weet het: er bestaat een kans dat wij niet ontsnappen aan het lot van alle te groot geworden dierenpopulaties. Als in de loop van de begonnen eeuw de druk op zenuwen, ‘hart’ en zintuigen te groot wordt… Sensory overload kan een killer worden. In zulke omstandigheden bijten sprinkhanen elkaar de kop af, na een fase van voortdurend stijgende activiteit en interactie. No kidding. De rekkelijkheid van onze innerlijke vrede, die mogelijk wordt door de ‘cultuur’ als rem en kanalisering voor dieperliggende biologische mechanismen (onze natuur), die is beperkt, dat is duidelijk.

 

 

Denk hier over na. De nederige, nuchtere  houding van de seculiere humanist kan helpen dit soort basiskwaliteit van de condition humaine te aanvaarden en goed in te schatten. Een soort devote schroom lijkt velen nog te bevangen als het gaat om dergelijke omvattende kwesties te overwegen. Toch is dat hard nodig. Een laag burgerlijk fatsoen zal in de limiet geen beveiliging bieden. Noch inzet van welke verfijnde technologie ook. Of van persoonlijk kapitaal. Noch een escape naar een andere planeet. De echo van de genocide in Rwanda in 1994 moet echt als blijvend alarmgeluid functioneren. Wij mogen onze oren niet dichtstoppen voor zulk primordiaal signaal over leven en dood van de mens. Onze Titanic stoomt op de catastrofe af, het is alleen de vraag hoe veel tijd wij nog hebben en wat wij kunnen doen om het tij te keren. De wereldbevolking, haar toename in vergelijking met de eindige ruimte en resources, dat is een kapitaal probleem. Daar geef ik prof. Etienne Vermeersch en prof. Jan Van der Veken, beiden eminente senior filosofen vanuit een eigen spirituele of levensbeschouwelijke achtergrond, groot gelijk in. 

Dit gezegd zijnde, terug naar de heer De Wever. Hij is zelf geen uitgesproken godsdienstige persoon, maar zou hij geen baat hebben bij het voortbestaan van en de cultuur van enkele waarden uit onze traditie en religieuze visie? Zoals het besef van het mysterie van de persoon. Dat je niet zomaar iemand kunt veroordelen, omdat je nooit helemaal begrijpt wie je voor je hebt. (Enkel rechters hebben daar soms een geoefend talent in. En bepaalde mystici en charismatische personen, die zondermeer tot diep in je ziel kijken in je ogen.) “Het Personalisme” is in die zin aan oppoken toe. Het is de visie van de christendemocratie en het katholicisme waarbij je de mens centraal stelt, in de zin ook juist dat je hem eerbiedigt als unieke persoon in dit universum. En dat je inziet dat hij of zij zijn toekomstverhaal enkel kan schrijven via Ont-moeting met anderen. (In de oorspronkelijke versie van na de laatste wereldoorlog heette dat, ‘in deelname aan de Groep’).

So far so good. Ik heb mijn hand opgestoken op de landweg. Op het pad van betrokkene, waar het ook moge heen leiden. Vanwaar mijn grote betrokkenheid, zult u vragen. Wel, ik wil antwoorden. Een repliek in vier delen.

Ten eerste vanuit bovenstaande inzichten. Over de diepe aard van de mens die zondermeer in mystiek wortelt. Elke mens is, meer dan de hogere dieren, geweven rond een goddelijke vonk. Wij zijn als mensen “a material girl” (Madonna), ja, wij zijn Eindig. Maar tegelijk is de Mens altijd draagster van het Oneindige! De oneindigheid van de Schepping zit altijd ergens diep in ons. Op werkzame wijze. Wij behoren, bewust of onbewust, tot een oneindige keten van voorouders en nakomelingen. Wij staan in contact met een eeuwig iets in deze Kosmos. De mystici getuigen daarover. Wij voelen dat geregeld als iets zeer reëel aan. Om bepaalde redenen zijn de voelsprieten van velen doof voor die Kosmische Verbinding vandaag. Their loss. Jan-Hendrik Bakker beschrijft in zijn vorige zomer verschenen essay “In Stilte. Een filosofie van de afzondering” hoe de mens die zich omringt en buigt over toestellen, toch veel mist dat de bewoners van afgelegen streken een grote rijkdom geeft. Zoals het mogen bewonderen van het kosmische licht. In de zon, bijvoorbeeld na de lange nacht van het Hoge Noorden, in het Noorderlicht, in de sterren… Bij ons is het not done naar de zon te kijken… Geen wonder dat wij verloren lopen in het bestaan.

De bijzondere bezieling van de mens en zijn wonderbare uniciteit heeft ook gevolgen voor de perceptie van onszelf. Wij kunnen niet louter beroepsmensen zijn, of burgers, of consumenten, ook als wij zelf die diepere identiteit verwaarlozen. En dan de perceptie van onze leiders. De goede kapitein is niet gelijkwaardig aan de zeeman die het dek schrobt. Een man is niet echt gelijkwaardig aan een vrouw. De verschillen doen er wezenlijk toe. Daar liep het mis, sinds midden vorige eeuw, nadat om eerbare redenen de gelijkheid is beschreven en bezongen. Mensen zijn echter niet gelijk en zelfs niet gelijkwaardig, tenzij in hun Onschendbaarheid. Alle Mensen hebben een soort absoluut recht om gezien en gehoord te worden, in hun levensverhaal, en op bijstand in nood. Ik ervaar de plicht de barmhartige Samaritaan te zijn waar het moet. En dat geeft mij een diepe grond, een hoge waardigheid. Zowel de alleenstaande moeder die niet meer weet van welk hout pijlen maken, als de politicus lonely at the top, verdienen onze bijstand. 

Ten tweede omdat ik van mijn vader Heinrich heb geleerd hoe de Grote Geschiedenis op gloeiende wijze raakt aan ons eigen persoonlijke bestaan. Aan ons lijf. Hij was gewetensbezwaarde bij het begin van de totale oorlog die werd ingezet door het Derde Rijk, onder leiding van het bizarre en wreedaardige genie van Adolf Hitler. Hij vond na een tijd van vasthoudend verzet gehoor bij zijn superieuren en een plaatsje in de Dorniers en Messerschmidts die boven Oost-Europa verkenningsvluchten maakten en daarbij een fotograaf nodig hadden. Als zo een man jou zijn verhalen vertelt als modus van opvoeding, dan ga je onvermijdelijk bepaalde essentialia over mens en wereld zeer goed beseffen. Ook al duurt dat educatieve mooie liedje maar tot kort voor je vierde verjaardag. Dan besef je dat mens en geschiedenis beiden een zo goed als absoluut appel uitsturen op jou betrokkenheid en inzet. Onverschilligheid is geen werkelijke optie voor de mens. Wie daar tegen zondigt, doodt zichzelf. Voorbeelden zijn er te over… Velen geloven niet (meer) dat er leven is voor de dood, al dan niet op klaar bewust niveau. Dat is mijn besluit na vele personen grondig te mogen leren kennen. Het contrast met mensen uit armere, minder stedelijke gebieden is overigens treffend. 

Ten derde kan ik niet zwijgen omdat mijn talenten mij drijven tot aandachtig kijken, tot redeneren, tot spreken en ingrijpen. Met een IQ van 140 besef je beter dan anderen dat Vrijheid en Talent niet tot je komen om levenslang vrijblijvend van salaris, kapitaal en koopkracht te genieten. En nog minder jou gegeven zijn zonder de heilige plicht gebruik te maken van de Vrijheid van Meningsuiting, die Schat van de democratische gemeenschap waarin wij mogen opgroeien en omgaan.

Ten vierde ben ik betrokken bij de Koerswijziging in de vaart van de betrokken Vlaamse partijvoorzitter, omdat ik geloof dat ik hem daartoe persoonlijk mocht inspireren. De precieze tekst van mijn eerste persoonlijke postbericht aan hem houd ik in petto. Een geheimpje voor later. De bijlage die ik stopte in de enveloppe die op vrijdag 8 januari op de post ging kan iedereen consulteren op de site van De Wereld Morgen: het is onze tekst van tweede kerstdag.

Die laat de heer Bart De Wever wellicht oplichten zoals hij is, meer dan de  praat van de meeste commentatoren. Deze tekst werpt,  met de nodige humor en branie, een kristalhelder licht op wat De Wever is, en op wat de grote man al gerealiseerd heeft voor deze gemeenschap. En op het diepe geheim van de mimetische begeerte, sleutelconcept bij “de Einstein van de menswetenschappen”, Rene Girard, die de basisdrive van het menselijk samenleven beschrijft. Geen wonder toch, dat de bestemmeling na lectuur besluit,

“Inderdaad, een mens heeft niet altijd een uniek Verlangen in de diepte van zijn ziel. Wat is mijn Diepste Verlangen dat Hublou suggereert? ‘t Is waar, ik heb een Roeping. Vlaanderen onafhankelijk!!

Waarom zou ik mij aan dat visioen niet in de eerste plaats wijden?

Hoe ver ben ik eigenlijk al niet ervan weg gegaan?

Voor wie of wat?

Zo kan het niet. Er staat mij maar een ding te doen: “Bijsturen”. Zonder uitstel.

Wat de anderen ook zullen denken. Wat de politieke afspraken bij de regeringsvorming ook zijn geweest .”

 

Stef Hublou Solfrian

Met dank aan mijn sponsors, (de families van W & L, K & S, en M, M, K en J) die mij steunen bij mijn schrijfwerk. Aan de gastvrije intellectuele sparringpartners van de laatste jaren, de hoogleraren Jan, Michel, Roger en Rik, om de heerlijke dialogen en het geduld met mijn grillen. Dank aan de vele gelijkgestemde denkers en trouwe vrienden als Dirk D., Mark E., Piet N. en voorts aan de vriendelijke zielsverwanten onder de christelijke voormannen als Jozef, André, Mark V. Last but not least mijn erkentelijkheid voor de gastvrije buren J, W en R.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!