De agro-ecologie van de Natlandhoeve

De agro-ecologie van de Natlandhoeve

zondag 30 juni 2013 18:27

Het is niet voor morgen dat de landbouw 100% agro-ecologisch zal zijn. En ook voor mijn bedrijf zijn er grote uitdagingen. Ik heb de ervaring dat langere teksten minder gelezen worden en deze is lang. Voor één keer moeten jullie maar eens jullie uiterste best doen. Het is de moeite. Maar laat ik positief beginnen.

Ons bedrijf heet Natlandhoeve. ‘Nat’ van natuur. We hebben een aantal natuurgraslanden in gebruik. Om een grote biodiversiteit te verkrijgen moeten we de graslanden verarmen. Dat doen we door te begrazen en vooral door te maaien en het maaisel af te voeren. De begrazing gebeurt door onze Limousinkoeien. 7 tot 8 maanden per jaar eten ze rechtstreeks natuur. De andere 4 tot 5 maanden staan ze op stal en eten ze voornamelijk gras en hooi van de gemaaide natuurpercelen. Anders dan bij de begrazing waar de mest rechtsreeks terug op het land komt, komt de mest in de winter in de stal in het stro terecht. Om de kringloop te sluiten zou de mest terug naar de hooilanden moeten, maar dat mag niet van de mestwetgeving. Het mag niet en zoals eerder uitgelegd willen we het ook helemaal niet.

De ‘land’ van ons bedrijf komt van landbouw en die landbouw komt nu op de proppen.

Landbouw oogst producten als voedsel voor mens en dier. Oogsten, wegnemen, afvoeren, zorgt voor verarming. Willen we dat onze akkers rijk genoeg blijven om gewassen te telen, dan moeten we bemesten. En daar kunnen we perfect de wintermest van de dieren voor gebruiken. Op de akkers telen we dan aardappelen, kolen en prei die aan de mensen uit de streek worden verkocht, We telen ook tarwe en spelt. Samen met Kortweg Natuur wordt het graan gemalen en plaatselijk verkocht in zakjes van 2 kg.

Samengevat verwerken onze koeien het afval uit natuurgebieden tot vlees. Het restproduct, mest, komt op de akkers terecht en wordt ook daar weer voedsel voor mensen. Werken met gesloten kringlopen is een belangrijke eigenschap van agro-ecologie.

Maar agro-ecologie is meer. Het staat ook voor een grote onafhankelijkheid van het bedrijf. De Natlandhoeve heeft weinig leveranciers nodig. Alle voedsel voor de dieren telen we zelf. Er worden nauwelijks meststoffen en al helemaal geen gewasbeschermingsmiddelen gekocht. De afzet zit volledig in de korte keten. Wij bepalen zelf de prijs. Wij zijn dus prijszetters en geen prijsnemers, zoals dat in de landbouw gebruikelijk is. Deze onafhankelijkheid zet zich ook financieel door. De Natlandhoeve is voor zijn financiën enkel afhankelijk van zijn eigenaren.

En agro-ecologie is nog meer. De afzet in de korte keten genereert niet alleen weinig voedselkilometers, wat goed is voor ons milieu, er ontstaat ook rechtstreeks contact tussen de producent en de consument. De consument wordt betrokken bij zijn voedsel, hij leert de mooie en moeilijke momenten kennen om zijn voedsel te produceren. In de agro-ecologie is de sociale component een erg belangrijk onderdeel in het ‘landbouwen’. Dit sociale gebeuren kan zich op verschillende manieren uiten. De aandachtige lezer zal misschien gedacht hebben dat ik bij het natuur- en landbouwgedeelte overschakelde naar de “Koninklijke we vorm”, maar in mijn bedrijf zijn effectief steeds meer mensen aan het werk. De koeien zijn nog sterk mijn ding, maar de aardappelen, de kolen, de prei zijn dan weer het werk van Koen Meuwis, een vroegere stagiair. In de agro-ecologie zien we allerhande lossere en vastere samenwerkingen ontstaan waarbinnen meerdere mensen samen bedrijven gaan uitbouwen.

Misschien is agro-ecologie voor softies, maar je kunt het ook omschrijven als eerlijk. In de handel nemen wij immers alleen ons deel en gunnen wij ook anderen hun deel. Loon naar werken zeg maar, of fair trade in het Noorden. En niet alleen in het Noorden. Door de voeders voor onze dieren zelf te produceren doen we niet mee aan de roofbouw op het Zuiden.

Agro-ecologie zou geen ecologie zijn als er geen groen kantje aan zat. Dat groene kantje is op de Natlandhoeve een opsomlijst geworden.

– Onze landbouwgronden zijn voor heel wat soorten geen woestijn, ze beschikken over een basisnatuurkwaliteit waardoor het mogelijk wordt dat soorten ongehinderd van het ene kerngebied naar het andere verhuizen.

– We bouwen actief aan natuurkwaliteit. We planten hagen, houtkanten, solitaire bomen hoogstam fruitbomen, we graven poelen, we onderhouden al deze kleine landschapselementen.

– Men schermt er tegenwoordig gemakkelijk mee dat de moderne sproeiproducten niet meer giftig zijn. Ik ga er van uit dat zolang een product bedoeld is om iets te doden het giftig is. Op ons bedrijf worden deze producten niet gebruikt.

– Biologische landbouw gebruikt geen kunstmest. Om planten te laten groeien maken wij gebruik van een levende bodem. Een levende bodem is de basis van alle verdere biodiversiteit.

– Een evenwichtige bodem bevat veel humus. Wij doen er alles aan om het humusgehalte in de bodem zo hoog mogelijk te krijgen. Tegelijk stockeren we hiermee een grote hoeveelheid CO2.

– Bij iedere grondbewerking vragen we ons af of dit wel echt nodig is. Op die manier halen we het brandstofverbruik per hectare naar beneden.

– Wat wij produceren is voedsel met weinig kilometers. Enerzijds moet er weinig aangevoerd worden en anderzijds wonen de consumenten binnen een straal van 50 kilometer.

– Onze dieren hebben een fatsoenlijk leven. 8 maanden per jaar kunnen ze naar hartenlust grazen. De andere 4 maanden lopen ze los in grote met stro ingestrooide stallen. De koeien mogen oud worden, de slachtdieren zijn volwassen voor ze geslacht worden. De kalfjes worden volledig natuurlijk geboren en mogen minimum 10 maanden zuigen bij de moeder.

-Landbouw in laagjes, ken je dat? Op de Natlandhoeve groeien hoogstamfruitbomen en onder deze bomen grazen onze koeien. Op deze manier maken we optimaal gebruik van het zonlicht.

En waar zitten de losse eindjes? Wel,

– Ik stoor mij aan onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Om de tractoren te laten rijden is er jaarlijks nog zo’n 4000l mazout nodig.

-Om de gronden vruchtbaar te houden hebben we nog steeds meststoffen nodig. Het zijn dan wel natuurlijke meststoffen zoals kaliumzouten en mergelkalk, maar er is enerzijds mijnbouw voor nodig en anderzijds zijn zouten zoals kalium belastend voor het bodemleven.

-We kunnen dan wel ons best doen om de kringlopen te sluiten, in de mineralenkringloop gaapt een enorme opening. Alle mineralen die wij mensen via onze voeding opnemen en terug uitscheiden zijn reddeloos verloren voor het productieproces.

-Akkerbouw is erg agressief voor de bodem. In een natuurlijke omgeving is de bodem altijd bedekt. Akkerbouw is alsof wij met ons bleke velletje onbeschermd op het strand gaan liggen. Uren, dagen… Alternatieven? Zeg het mij maar.

-Ik heb een ganse lijst ecologische pluspunten genoteerd, maar is het wel genoeg? Iedere menselijke activiteit is zeer ingrijpend voor onze natuurlijke omgeving. Hebben we voldoende inzicht in de ecologische systemen om de biodiversiteit niet verder achteruit te laten gaan? Een open vraag.

Waarschijnlijk ben ik niet volledig, maar zo kan het er wel mee door.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!