Van een opiniërend hoofdredacteur mag je eigenlijk het onverwachte verwachten

Van een opiniërend hoofdredacteur mag je eigenlijk het onverwachte verwachten

maandag 1 april 2013 12:52

Bart Sturtewagen is sinds kort ‘opiniërend hoofdredacteur’ bij de Standaard en neemt daarbij onder meer de rubriek ‘Boeiende Tijden’ voor zijn rekening. In de vier commentaarstukken die hij tot dusver onder die noemer publiceerde in de krant, had hij het twee keer over 2014 (resp. over de vergrijzingsuitdaging en hoe de N-VA haar huidige momentum zou kunnen rekken tot de ‘moeder aller verkiezingen’) en twee keer over de problemen in de eurozone.

Nu is het label ‘opiniërend hoofdredacteur’ een beetje een vergiftigd cadeau, want het wekt bepaalde verwachtingen van ‘slow journalism’ en schrijven voorbij de waan van de dag. Daar slaagt Sturtewagen voorlopig niet in naar mijn mening, ook al zijn zijn stukken doorgaans vrij degelijk onderbouwd. Boeiende Tijden zou ook door pakweg Carl De Vos of Steven Van Hecke kunnen geschreven zijn, in wekelijkse beschouwingen over respectievelijk binnenlandse materie en Europa.  Dat lijkt me geen schande, het is sowieso even aanpassen als je gewend bent om het editoriaal van de dag voor je rekening te nemen, waarbij je per definitie wél op de actualiteit van de dag moet focussen. De switch maken van een hijgerige Ivan de Vadder reflex naar meer erudiete Reynebeau-stukken, vergt enige aanpassing, en afkicken van de 24-hour nieuwscyclus doet niemand op één-twee-drie. Je kunt het vergelijken met gewone mensen die even uit de maalstroom van het leven proberen te treden, en er een jaartje tussenuit trekken om wat anders te doen, aan een trager tempo. Ze doen er ook een aantal weken over voor ze erin slagen om hun hoofd volledig vrij te maken.

Ik lees ‘Boeiende Tijden’ tot dusver overigens vooral als een soort beschouwende rubriek die de “grondstroom” in Vlaanderen, het consensusdenken dat nu moet doorgaan voor common sense, capteert. De teneur van Boeiende Tijden is duidelijk centrum-rechts, zowel over binnenlandse thema’s als het eurodebat, zoals je zou verwachten van de hoofdcommentaarschrijver van de Standaard.

Sturtewagen gaat bij momenten wel even terug in de tijd, bv. in zijn stuk over de vergrijzing. En zoals het goed geïnformeerde journalisten betaamt, verwerkt hij soms ook een lekkere quote in zijn artikels, zoals in zijn stuk van vorige week, ‘Op het eind winnen de Duitsers’: “Een oefening in vernedering. Zo omschreef een aanwezige de vergadering waarin de Europese leiders  Cyprus vorige zondag het mes op de keel zetten.”  

Vooralsnog verrast Sturtewagen dus niet. En dat zou toch de uitdaging moeten zijn in een krant waarvan de baseline luidt ‘Verwacht het onverwachte’. Daarmee bedoel ik niet dat hij als een soort windhaan zou moeten beginnen schrijven, het journalistieke equivalent zeg maar van N-VA mandatarissen die confederalisme proberen te omschrijven. Dat een commentaarschrijver een bepaalde (politieke) voorkeur heeft, is zijn of haar goed recht,  enkel de meest getalenteerden (en de grootste idioten) slagen erin stukken te schrijven waar je de politieke voorkeur niet onmiddellijk kunt uit afleiden, of wisselen eerder “rechtse” stukken met “linkse” af. Het zou, vind ik, echter wel de ambitie van Bart Sturtewagen moeten zijn om een tikkeltje onvoorspelbaarheid in zijn stukken te injecteren. Een vleugje Paul de Leeuw, zo je wil. De boeiende tijden die we beleven, lenen zich er trouwens toe. En als je elke vrijdag één pagina in een kwaliteitskrant krijgt, moet je er eigenlijk gewoon een lap op geven.

Hoe hij een stuk onvoorspelbaarder moet worden, is uiteraard zijn probleem. Stilistisch is er nog wat marge, maar Sturtewagen heeft allicht niet de ambitie noch het talent om Hugo Camps naar de kroon te steken.  Hoeft ook niet. Maar de keuze van topics zou bijvoorbeeld iets minder voor de hand liggend kunnen zijn, ik heb bv. nog bij geen enkel stuk het gevoel gehad van ‘hèh’, nou heb ik wat bijgeleerd, ‘leuk onderwerp’, of nog ‘dit had ik nog niet vanuit die invalshoek bekeken’.  Niemand belet hem overigens om met andere redacteurs of experts samen te werken aan een stukje voor Boeiende Tijden, en bv. met een wetenschapsredacteur of een futuroloog  na te gaan wat de impact in de samenleving van de toekomst zou kunnen zijn van genetische tests voor kankerscreening, of te onderzoeken wat het reframen van het concept ‘duurzame ontwikkeling’ door wetenschappers in Nature nu eigenlijk echt om het lijf heeft (om twee recente voorbeelden te geven).  Ik zeg maar wat.

Het zou zonde zijn mocht Boeiende Tijden elke week opgeofferd worden aan binnenlandse politieke beschouwingen of de zoveelste euro-analyse, om en passant ook nog eens getrakteerd te worden op ongevraagd ‘advies’ (zoals bv. in, opnieuw, ‘Op het eind winnen de Duitsers’– “We moeten hopen dat er in september een Grote Coalitie van christendemocraten en socialisten uit de Duitse stembus komt. Als het aanzwellende anti-Europese populisme er een politieke bedding vindt, ziet het er voor Europa immers beroerd uit.”  We zitten heus niet te wachten op een 21ste eeuwse versie van een reactionaire kanunnik uit de jaren ’50.

Samengevat: journalistiek vakwerk, maar het mag iets meer zijn. Hopelijk komt het er binnenkort van. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!