Somalische vluchtelingen zoeken een plekje aan de rand van de Dahablaha-markt in Mogadishu (foto: IRIN, M-A Jibril)
Nieuws, Wereld, Afrika, Milieu, Politiek, Hongersnood, Noodhulp, VN, Ondervoeding, Vluchtelingenkampen, Kenia, Voedselcrisis, Somalië, Mogadishu, Malaria, Afrikaanse Unie, Ethiopië, FAO, VN-blauwhelmen, World Food Programm (WFP), OCHA, Bakool, Nomadische veehouders, Noodtoestand, Hoorn van Afrika, Global Acute Malnutrition (GAM), Kindersterfte, Food Security and Nutrition Analysis Unit (FSNAU), Famine Early Warning Systems Network (FEWS-Net), Al-Shabaab, Extreme droogte, Rode Halve Maan, Lower Shabelle, Bay-regio, Mazelen, Graanprijzen -

750.000 mensen in Somalië direct met hongerdood bedreigd

Volgens de laatste cijfers van OCHA, het agentschap dat de humanitaire acties van de VN coördineert, is momenteel één op de tien Somaliërs direct bedreigd met hongerdood. Meer dan vier miljoen mensen zijn er getroffen door de grootste voedselcrisis van de laatste decennia. En een vierde van de bevolking is op de vlucht geslagen voor de extreme droogte en de voortdurende gevechten.

woensdag 7 september 2011 19:30

Begin september heeft de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN, de noodtoestand ‘hongersnood’ (fase vijf op een IPC-schaal van vijf) uitgebreid tot 7 regio’s in het zuiden van Somalië.

Op 20 juli en 3 augustus was de noodtoestand al officieel geworden in een beperkter gebied van het Lower en Middle Shabelle-gebied, Bakool en in en rond de hoofdstad Mogadishu (zie voor kaartjes download onderaan). Ook de uitgestrekte Bay-regio in het hinterland van Mogadishu is er nu bijgekomen.

Toestand ‘catastrofaal’ in Bay-regio

Volgens cijfers die OCHA op 6 september bekend maakte, is de toestand in de Bay-regio momenteel ‘catastrofaal’ en een verbetering is niet meteen in het vooruitzicht.

De VN verklaart de voedselcrisis als een combinatie van diverse factoren en de moeilijke bereikbaarheid van het gebied voor hulpverleners. Door de extreme droogte, de ergste in 17 jaar in Bay, zijn de oogsten er volledig mislukt. Tijdens het deyr-regenseizoen van oktober-december 2010 viel er geen druppel regen en ook tijdens het gu-regenseizoen van april-juni 2011 bleven de regens uit.

Als gevolg daarvan stegen de graanprijzen in de regio tot recordhoogtes. In de steden Dinsor en Qansah Dere (Bay-regio) werden in juli 2011 prijzen voor maïs en sorghum genoteerd die respectievelijk 233 en 200 procent hoger lagen dan in juli 2010.

Door de onveiligheid als gevolg van de aanhoudende gevechten tussen de troepen van de Somalische overgangsregering (TFG), gesteund door de blauwhelmen van de Afrikaanse Unie, en de radicaal-islamitische Al-Shabaabmilities is transport van voedsel van de ene regio naar de andere zo goed als onmogelijk.

Overgangsregering krijgt stevige veeg uit de pan

In een gezamenlijk rapport dat mensenrechtenorganisaties Human Rights Watch en Amnesty International vorige week publiceerden, krijgt de zwakke overgangsregering van Somalië (TFG) en haar internationale steungevers, een stevige veeg uit de pan. De mensenrechtenorganisaties klagen de verregaande straffeloosheid aan en de wanpraktijken van de militaire rechtbanken die onder controle van de TFG vallen.

Sinds op 13 augustus de noodtoestand werd afgekondigd door TFG-president Sheikh Sharif Sheikh Ahmed voor delen van Mogadishu die door de Al-Shabaabmilities werden verlaten, heerst er willekeur en worden zelfs burgers voor militaire rechtbanken veroordeeld tot de doodstraf zonder dat ze recht hadden op minimale verdediging. Het mandaat van de TFG loopt normaal in 2012 af. Het lijkt er sterk op dat de TFG misbruik maakt van de hongersnood en de humanitaire crisissituatie om haar tanende invloed om te buigen.

Eerder hadden mensenrechtenorganisaties en internationale noodhulporganisaties al scherpe kritiek geformuleerd op Al-Shabaabmilities omdat ze de toegang tot grote delen van het land blokkeren voor buitenlandse hulpverleners. Maar ook de overgangsregering – die internationaal financieel wordt gesteund en kan rekenen op blauwhelmen van de Afrikaanse Unie – gaat duidelijk niet vrijuit in het humanitaire drama dat de Somalische bevolking treft.

Families zonder koopkracht afhankelijk van noodhulp

Bovendien heeft de nomadische bevolking bijna geen inkomsten meer omdat de verkoopprijzen van vee en zuivelproducten helemaal in elkaar zijn gestort. De veestapel is gedecimeerd omdat ook de traditionele drenkplaatsen zijn opgedroogd.

De families zonder koopkracht worden zo afhankelijk van voedselhulp die maar moeizaam ter plaatse geraakt, hoewel de VN-voedselopslagruimtes in Mogadishu normaal worden bevoorraad zolang de internationale luchthaven van Mogadishu open blijft voor de humanitaire transporten.  

Het Famine Early Warning Systems Network (FEWS-Net) en de Food Security and Nutrition Analysis Unit (FSNAU) van de FAO hebben goed gewerkt, zeggen de voedselexperts. Anders waren er nu al vele tienduizenden hongerdoden meer. Al in de loop van 2010 gingen de waarschuwingsknipperlichten aan, maar vooral de problematische veiligheidssituatie in grote delen van Somalië maken hulpverlening bijzonder moeilijk.

Het Wereldvoedselprogramma (WFP) heeft nog altijd maar een beperkte toegang tot het centrale deel van het zuiden van Somalië. Het VN-Kinderfonds UNICEF en de lokale afdelingen van de Somalische Rode Halve Maan kunnen wel werken in het grootste deel van Somalië om vooral de zwaar ondervoede kinderen te bereiken.

Meer dan helft hongerdoden zijn kinderen jonger dan vijf

Uit de net gepubliceerde gegevens blijkt overigens dat het sterftecijfer bij kinderen onder de vijf jaar bijzonder hoog ligt. Het is ook in deze categorie dat totnogtoe de meeste dodelijke slachtoffers van de hongersnood zijn te betreuren. Meer dan de helft van de hongerdoden zijn kinderen jonger dan vijf.

Met behulp van de geïntegreerde fase-indeling (IPC), een vijfpuntenschaal, wordt in een regio de alarmfase ‘hongersnood’ afgekondigd als ten minste 20 procent van de bevolking met extreme voedseltekorten heeft te kampen en de metingen van de Global Acute Malnutrition (GAM), een systeem dat de VN gebruikt om ondervoeding vast te stellen, 30 procent overschrijden. Het sterftecijfer ligt er op meer dan 2 doden per 10.000 mensen van de totale bevolking per dag.

Gedetailleerde voedsel- en sterftecijfersrapporten

In juli en augustus 2011 heeft FSNAU niet minder dan 34 gedetailleerde voedsel- en sterftecijfersrapporten gepubliceerd voor zo goed als alle regio’s van het zuiden van Somalië, en voor de toestand in de vluchtelingenkampen net over de grens in Kenia en Ethiopië. Volgens deze cijfers is de gemiddelde ondervoedingsgraad (GAM) 36,4 procent en ligt het percentage zwaar ondervoede mensen op 15,8 procent. Het hoogste GAM-cijfer werd genoteerd in de Bay-regio (58,3 procent).

Sterftecijfers lagen in augustus in alle getroffen regio’s boven de alarmgrens van 1 dode per 10.000 mensen per dag. In de regio’s Bay, Bakool en delen van Middle Shabelle was het cijfer hoger dan twee, en in Lower Shabelle, Mogadishu en de vluchtelingenkampen zelfs meer dan vier.

Sterftecijfers voor kinderen onder de vijf jaar piekten overal hoger dan 4 per 10.000 per dag. Het hoogste cijfer (13/10.000/dag) werd genoteerd in delen van Lower Shabelle en de vluchtelingenkampen. Concreet betekent dit dat 10 procent van alle kinderen onder de vijf jaar elke 11 weken sterft. Hallucinante cijfers in de wereld van de 21ste eeuw.

De toestand in de vluchtelingenkampen is momenteel het ergst in de nieuwe kampen in het zuiden van Ethiopië. Ondervoedingscijfers liggen er boven de 30 procent en de kindersterfte is er heel hoog, ondanks het feit dat de noodhulpleveringen voldoende zouden moeten zijn.

Toestand zal nog slechter worden …

Alsof deze dramatische cijfers nog niet volstaan, vreest OCHA dat de toestand in de periode tussen oktober en december dit jaar nog verder zal verslechteren. Vooral het uitbreken van ziektes als malaria en mazelen kunnen onder de zwaar ondervoede kinderen nog veel extra slachtoffers maken.

Naar alle waarschijnlijkheid zal tegen december ook de alarmfase ‘hongersnood’ afgekondigd worden in delen van Gedo en Juba (grensgebied met Kenia) en die delen van Middle Shabelle en Hiran die nu nog in fase vier zitten. Zelfs een verhoogde internationale inspanning om meer noodhulp te leveren, zal daar waarschijnlijk nog weinig aan kunnen veranderen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!