Een cultuurschok zullen Europeanen in Stellenbosch niet vlug beleven (foto: Bluewaters)

 

Opinie, Nieuws, Afrika, Samenleving, België, Zuid-Afrika, Identiteit, Stellenbosch, Culturele verschillen, Stereotypen -

Vlamingen zijn te sentimenteel over communautaire kwesties

Hoe meer communautaire kwesties me om het hoofd vliegen, hoe harder ik mij afvraag waar dat toch vandaan komt, dat Vlaamse sentiment dat het land niet wil delen met de Franstaligen. De argumenten komen altijd op hetzelfde neer, namelijk culturele en economische verschillen, maar die lijken er in elk land te zijn.

maandag 14 juni 2010 18:30

Heeft onze kijk op de wereld iets te maken met de manier waarop we naar ons eigen land kijken?

Ik was onlangs in een winkeltje dat zich een speciaalzaak van Zuid-Afrikaans eten en wijnen noemt, in de hoop een biermerk van ginds te vinden. Niet omdat pilsbieren onderling zo veel verschillen, maar na een kleine anderhalve maand te hebben doorgebracht in Stellenbosch heeft zoiets wel een zekere nostalgische charme gekweekt.

Zonder te vinden wat ik zocht, begaf ik mij naar de deur, waarbij de man achter de kassa mij in het Engels vroeg wat ik zocht en me na mijn antwoord vertelde dat die bieren niet rendabel genoeg zijn om te laten overkomen.

Hij gaf de indruk het type te zijn dat Zuid-Afrika verlaten heeft omdat hij zich niet kon vinden in de overgang van iets meer dan vijftien jaar geleden of toch op zijn minst geen goede dunk heeft van het Zuid-Afrika anno 2010.

Hij was blijkbaar wel in een sociale bui, want hij ging verder met te vragen waar ik vandaan kom, misschien in de hoop op contact met een andere gemigreerde landgenoot. Met enig schuldgevoel vanwege de mededeling dat ik Belg ben, voegde ik er aan toe dat ik wel een tijd in Zuid-Afrika heb verbleven.

Of ik daarom alles wist over het land, vroeg hij mij daarop en op basis van mijn beperkte ervaringen kon ik niet anders dan dat te ontkennen, ook omdat ik nooit een bewering in die richting gemaakt heb.

You think you know everything about it

Dit leek hij echter niet te horen, want de stelling “You Belgians go to South Africa for a week and think you know everything about it” volgde alsof het hem al lang op de lever ligt. Ik probeerde hem nog duidelijk te maken dat ik niet aan die waan lijd, maar hij kreeg telefoon en ik vertrok.

Dit zette mij aan het denken. Zijn wij Belgen echt zo zelfzeker over ons beeld van de rest van de wereld? Denken wij op basis van een beperkt verblijf in een beperkte oppervlakte van een land van 1.221.037 km2, met een bevolking van ongeveer 49 miljoen inwoners, waar elf verschillende talen worden gesproken echt een totaal beeld te hebben over Zuid-Afrika, dat we bij thuiskomst uiteraard aan vrienden, familie en buren uit de doeken willen doen, gepaard met wat foto’s van luipaarden?

Het lijkt mij zelfs nog erger, want hoe vaak hoor je mensen niet zeggen wat voor een geweldige ervaring ‘Afrika’ is, op basis van een reis in een willekeurig land ten zuiden van de Sahara, waar ze op safari zijn geweest en het lokale Bokrijk hebben bezocht. Want maak u geen illusies, dat traditionele Masai-dorpje waar men u mee naartoe lokt, is eigenlijk niet veel meer dan dat.

Over deze exotiserende, stereotype en onbewust racistische blik over dat continent en zijn inwoners is echter al meer dan genoeg kritisch papier mee gevuld. Het uitgangspunt is vaak dat wij in het Westen onze eigen verlangens, vooroordelen en romantische fantasieën op Afrika projecteren, zoals we dat ook wel bij de andere werelddelen durven doen, een verkeer dat, toegegeven, ook in de omgekeerde richting loopt.

Onvermogen om twee talen in één staat te tolereren

Wat projecteert de Belg, die onze Zuid-Afrikaanse vriend zo enerveert, dan op Zuid-Afrika door te denken dat één stukje representatief is voor al de rest? Ik ken weinig Franstalige landgenoten, dus ik spreek nu enkel over Vlamingen en zij lijken zich tegenwoordig vooral blind te staren op één zaak. Hun onvermogen om twee talen in één staat te tolereren.

Over het communautaire en de Vlaamse mentaliteit in die context is al genoeg gezegd geweest vanuit alle hoeken en de hele geschiedenis is complex en niet zomaar te ontwarren van sociale, politieke en economische evoluties.

De achterliggende mentaliteit die door alle retoriek wordt verhuld, de reden dat we zo gretig argumenten voor staatshervormingen aanvaarden, of zij nu verantwoord zijn of niet, is de illusie dat het onnatuurlijk is om met meerdere taalgemeenschappen in één land te wonen, dat een taalverschil de veruitwendiging is van een wezenlijk cultuurverschil, iets wat niet te overkomen valt.

De Belgische ‘vergissing’ heet dat dan, want op Canada na, waar ze ook geteisterd worden door die vervelende Franstaligen, spreekt men toch allemaal dezelfde taal in één land? In Spanje spreekt iedereen Spaans en in China Chinees, maar van Castiliaans of Mandarijn is nooit sprake. Laat staan van Catalaans of Kantonees.

In Afrika, wat spreken de mensen daar dan? Swahili blijkbaar, want dat klinkt zo lekker exotisch en je moet toch overal een lingua franca hebben.

Wirwar van etnische groepen en stammen

Voor de rest zullen ze daar nog wel met de taal van de kolonisator werken, want dat waren zulke slechte mensen nog niet. Voor de rest is Afrika een wirwar van etnische groepen en stammen die soms hun zogezegd barbaarse aard niet te baas kunnen en elkaar dan maar beginnen uitmoorden, want ze leren maar niet overeen te komen.

Binnen de grenzen die wij getrokken hebben, zitten zij daar nu gevangen met hun verschillende culturen, net als wij arme Belgen. Wederom een retoriek die de ware aard van de zaken verhult.

Bij die ‘stammen’ en ‘etnische groepen’ zullen nog wel enkele klik- en klakrijke talen overleven, want kleine uitzonderingen zijn toegestaan, als je voor de rest in één land maar één taal spreekt.

Dus de Duitstaligen mogen bij ons ook buiten schot blijven. We spreken ook zo graag van ‘stammen’ en ‘etnische groepen’, want dat komt zo lekker onontwikkeld over. Deze termen op ons betrekken, is echter uit den boze, tenzij het gaat over de Nerviërs of de Eburonen natuurlijk, want die hun door Caesar geroemde moed hebben wij geërfd. Wij, Vlamingen, dan toch.

Waarom zou men echter niet van Vlamingen als ‘etnische groep’ mogen spreken? Volgens de antropoloog Frederik Barth heeft die categorie net als doel grenzen te trekken tussen diegenen waar wij ons uit noodzaak mee vereenzelvigen, een Ons, dat tegenover een Ander gesteld kan worden.

Aan de eerste schrijven we liefst zo veel mogelijk positiefs toe, terwijl die tweede de negatieve eigenschappen op zich gekleefd krijgt. Het doet er dan ook niet toe of leden uit de beide gemeenschappen die hoedanigheden in gelijke mate delen, wat er toe doet, zijn de eigenschappen die hen worden toegeschreven.

Aan Zuid-Afrika schrijven we graag een indrukwekkende natuur toe en als het even mag ook welig tierende criminaliteit en een aangeboren ritme, want als we naar klassieke muziek luisteren, horen we alleen maar melodie.

Taal die zo romantisch hard op de onze lijkt

Als ik tegen mensen zeg dat ik in Zuid-Afrika geweest ben, vragen ze met altijd dezelfde intonatie hoe het daar was, omdat ze verhalen over leeuwen en zwarten met vreemde gewoontes willen horen en eventueel over die taal die zo romantisch hard op de onze lijkt, mochten ze daar ooit over gehoord hebben.

Daar komt die gelijkschakeling van taal en natie vaak weer opduiken, want we spreken dan van het ‘Zuid-Afrikaans’. De zelfingenomenheid waarmee ze die taal het ‘Afrikaans’ hebben gedoopt even terzijde, zouden ze nooit over Zoeloe, Xhosa, Swazi, Ndebele, Zuid-Sotho, Noord-Sotho, Tswana, Venda of Tsonga spreken als het ‘Zuid-Afrikaans’, want als het van Europa afstamt, krijgt het voorrang.

Ik weet nooit goed wat antwoorden op bovenstaande vraag, want voor een Europeaan zal er in Stellenbosch van een cultuurschok nooit sprake zijn. Onze Zuid-Afrikaanse vriend uit de winkel vond dan ook dat ik enkel buiten Stellenbosch kon ervaren waar hij op doelde, maar wat hij tijdens dat korte gesprek niet verwoordde.

Ik weet niet wat antwoorden, want ik heb geen weids uitgestrekte savanne gezien en ook geen leeuwen. Wel luipaarden in een kooi. Ik was vooral getuige van de niet zo vreemde gewoontes van de blanken daar, meer bepaald de Afrikaanstaligen.

Zij verschillen van de Engelstaligen, want die grens is ooit getrokken. Dat een zwarte en een kleurling daar ook verre van hetzelfde zijn, is een complexiteit die, samen met alle taalverschillen, hier niet ter sprake zal komen.

Door de bomen het bos niet meer zien

Laat het wel duidelijk zijn dat dit uitermate complexer is dan het simpele verschil tussen Nederlands en Frans. De enige reden waarom de Zuid-Afrikaanse diversiteit wel uit te leggen valt aan een buitenstaander en BHV niet, lijkt mij de verbeelding tergende constructie die politici rond die drie letters gebouwd hebben.

Zelfs wij kunnen er niet meer aan uit, een andere verklaring zie ik niet voor het veelvoud aan zogenaamde oplossingen en interpretaties die er over worden gebreid.

Dat we door de bomen het bos niet meer zien, geven we echter liever niet toe. Mijn contacten in Zuid-Afrika gaven echter wel spontaan toe niet alle elf talen van hun land te kennen, zij zijn tenminste niet te beroerd om toe te geven dat ze niet alles weten.

De eigen taal ligt hen nauwer aan het hart, zoals dat overal logischerwijze het geval is. Mij interesseert die ook, dus deed ik zo veel mogelijk moeite om hen Afrikaans te doen praten, ook al beperkte ik mij zelf tot het Engels.

Heel af en toe, in een vlaag van heimwee waarschijnlijk, leerde ik hen ook wat Nederlands aan, maar het waren vooral de scheldwoorden waar ze nieuwsgierig naar waren.

Iemand probeerde mij bovendien enkele Afrikaanse scheldwoorden aan te smeren onder het mom dat het onschuldige woorden waren. Helaas voor hem doelen dozen en katten bij ons eveneens op een welbepaald vrouwelijke lichaamsdeel.

Uiteraard zijn er nog andere gelijkenissen dan sappige synoniemen, de mop over de jongens Ruzie en Sukkel die verstoppertje gaan spelen, met als gevolg een misverstand met de politie bijvoorbeeld.

Alle talige gelijkenissen ten spijt, maak ik echter geen deel uit van dezelfde cultuurgemeenschap als de vrienden die ik daar maakte, hoe zeer ze daar vroeger ook mee dweepten en ongeacht de drang die onze Vlaamse correspondenten ter plaatse tijdens het Wereldkampioenschap voetbal hebben om af en toe een woordje anders te schrijven, zoals ‘ze’ dat daar doen.

Shakira met haar strooien rokje

Ik heb nog altijd meer gemeenschappelijk met een Waal, ook al spreekt hij een Romaanse en niet een West-Germaanse taal, wat het Afrikaans officieel is.

Trouwens, al had ik Black Label (nvdr: een Zuid-Afrikaans biermerk) kunnen kopen in bovenstaand winkeltje, Belgisch bier blijft toch beter. Dat Belgisch bier is evenzeer een stereotype natuurlijk, maar één die ik tolereer.

Er rest mij nog één storend stereotype. Ik erger mij namelijk aan Shakira met haar strooien rokje en zebra print die zingt dat we allemaal Afrika zijn. Mocht er een Wereldkampioenschap in België en Nederland komen, ben ik echter wel bereid dat haar te vergeven als ze bij de opening in klompen het podium opkomt en zingt over de moed van Ambiorix tenminste.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!