about
Toon menu

Argentijns protest tegen verdwijning activist Santiago Maldonado

De verdwijning van activist Santiago Maldonado houdt al een maand miljoenen Argentijnen in de ban. Velen verdenken de Gendarmería Nacional. Op 1 september kwamen tienduizenden mensen op straat om opheldering over zijn lot te eisen. Zij tellen zijn verdwijning bij de 30.000 verdwijningen tijdens de dictatuur.
dinsdag 5 september 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Sinds 1 augustus is niets meer vernomen van de 28-jarige Argentijn Santiago Maldonado. Hij nam toen deel aan een manifestatie, waartegen de politie hard optrad. Zijn verdwijning houdt miljoenen Argentijnen in de ban. Op 1 september, toen de verdwijning precies een maand oud was, kwamen uit protest tegen zijn verdwijning in de belangrijkste steden van het land tienduizenden mensen op straat.

Maldonado komt uit een landbouwdorp op 200 kilometer van de hoofdstad Buenos Aires. Enkele maanden geleden ging hij in de zuidelijke regio Patagonië wonen. Hij sloot er zich aan bij de strijd van de inheemse gemeenschappen om hun gronden terug te eisen van grote multinationals.

30.001 verdwijningen in Argentinië

Het verhaal van zijn verdwijning leeft op de sociale media. Zelfs de vrouw van voetbalster Lionel Messi deed een oproep via Instagram, meer dan vijf miljoen mensen reageerden daarop. Bij de betoging op 1 september in Buenos Aires liep het symbolisch belangrijke Plaza de Mayo helemaal vol. Op het podium kregen twee broers van Maldonado het gezelschap van enkele Moeders van de Plaza de Mayo, de zogeheten Dwaze Moeders, die tijdens de dictatuur (1976-1983) opheldering eisten over het lot van hun vermiste kinderen. Ook Nobelprijswinnaar (1980 – tijdens de dictatuur) Adolfo Pérez Esquivel kwam beide broers een hart onder de riem steken.

Tienduizenden Argentijnen verzamelden rond de Plaza de Mayo in Buenos Aires op 1 september om opheldering te eisen over de verdwijning van Santiago Maldonado (Daniel Gutman/IPS)

Borden en spandoeken in de betoging hadden het over 30.001 vermisten, een verwijzing naar de 30.000 slachtoffers van de dictatuur. Door de verdwijning van Maldonado aan deze nog zeer gevoelige episode te koppelen, heeft de zaak een bijzondere draagwijdte gekregen.

 Het is zo een onverwacht politiek probleem geworden voor de regering van conservatief president Mauricio Macri. Die had onmiddellijk na zijn verdwijning verklaard dat het uitgesloten zou zijn dat de jongeman door de overheid was opgepakt.

Overheid ontkent

“De overheid blijft ontkennen dat zijn verdwijning het werk is van de Gendarmería Nacional Argentina (GNA). Ze lijkt haast te ontkennen dat hij (Santiago) bestaat”, zei zijn broer Sergio Maldonado vrijdag tijdens zijn toespraak. Hij kreeg een ovatie toen hij het ontslag van minister van veiligheid Patricia Bullrich eiste. De GNA is een federaal politiekorps dat onder het rechtsreeks bevel staat van de minister. Het is een binnenlandse veiligheidsdienst met militaire karakter. De overheid zet de GNA in aan de grenzen en bij conflicten die de provinciale grenzen overstijgen.

Op 1 augustus kreeg het korps de opdracht, via een gerechtelijk bevel, een wegblokkade in de zuidelijke provincie Chubut, 1700 kilometer ten zuidwesten van Buenos Aires, te ontruimen. Inwoners van Pu Lof Cushamen, een gemeenschap van het Mapuche-volk, hadden de weg geblokkeerd om hun voorouderlijke grond terug te eisen. De Italiaanse multinational Benetton heeft die gronden gekocht van de overheid.

Volgens de inheemse gemeenschap ter plaatse nam Santiago Maldonado deel aan deze blokkade en werd hij voor het laatst gezien toen hij probeerde te vluchten voor de GNA. Een aantal getuigen verklaren gezien te hebben hoe hij in een busje van de GNA werd geleid.

VN eisen opheldering

Vier dagen later eiste de Grupo de Trabajo sobre Desapariciones Forzadas o Involuntarias van de VN dat Argentinië “dringend de nodige maatregelen neemt om hem te lokaliseren.” Vanaf de eerste dag van Maldonado's verdwijning ontkende de regering dat het om een gedwongen verdwijning zou gaan.

Ze trok zelfs in twijfel dat Maldonado bij de manifestatie aanwezig was, met als argument dat hij niet te identificeren valt op beelden van de blokkade – veel manifestanten droegen een kap – en verdedigde het optreden van de GNA. “Niemand kan onweerlegbaar aantonen dat hij op dat moment aanwezig was bij de wegblokkade en nadien bij de ontruiming door de GNA”, zegt staatssecretaris voor Mensenrechten Claudio Avruj.

Tot opluchting van de regering stuurde Silvia Avila , de onderzoeksrechter die de zaak volgt, na twintig dagen onderzoek een rapport naar de VN waarin zij stelt dat er geen bewijzen tegen de GNA zouden zijn. “Technisch gezien staat het inderdad vast dat er geen bewijzen zijn tegen de GNA, maar er zijn wel twee of drie zeer sterke aanwijzingen”, zegt advocaat Gastón Chillier, directeur van het Centrum voor Juridische en Sociale Studies (CELS), de mensenrechtenorganisatie die de zaak aankaartte bij de VN.

“Anderzijds is er geen spoor meer van alle alternatieve hypotheses die men de voorbije weken naar voren heeft geschoven.” Voor de advocaat, die bijzonder veel ervaring heeft met de verdediging van mensenrechten, “is de hamvraag waarom de regering de hypothese dat Santiago door de GNA is weggevoerd zelfs niet wil overwegen.”

Geweld begint bij gewelddadige repressie

“Er is een politieke verantwoordelijkheid voor de gewelddadige repressie tegen de Mapuche op 1 augustus”, zegt hij. “De jongste tijd stelde de regering het inheemse sociale protest voor als een veiligheidsprobleem. Ze creëerde daardoor het klimaat voor een operatie waarin de mogelijkheid dat de GNA Santiago zou hebben weggevoerd helemaal niet vergezocht is.”

De achtergrond van de zaak-Maldonado is het conflict met de inheemse bevolking in het zuiden van het land. De grondwet erkent de inheemse bewoners als de eigenaars van “de gronden die ze traditioneel bezetten”. De erkenningsprocedures verlopen echter bijzonder traag. Na de verdwijning van Santiago Maldonado gaf de regering een rapport van het ministerie van Veiligheid vrij, waarin 77 misdrijven worden opgesomd die sinds 2013 in de Patagonische provincies Chubut, Río Negro en Neuquén werden gepleegd, en allen worden toegeschreven aan de verzetsgroep Resistencia Ancestral Mapuche (RAM). RAM-leider Facundo Jones Huala, die in de cel zit, stelt dat de Mapuche geweld mogen gebruiken om zich te verdedigen.

Volgens veiligheidsminister Bullrich heeft Argentinië “het totale en absolute beslissingsrecht om te voorkomen dat er zich een groep vestigt die geweld gebruikt als actievorm en die een autonome Mapuche-republiek wil oprichten middenin Argentinië.” Mensenrechten- en sociale organisaties stellen daartegenover dat de verantwoordelijkheid voor het geweld bij het optreden van de regering ligt. Ze eisen bescherming voor de Mapuche-gemeenschappen en vragen een politieke oplossing voor het conflict.

In januari 2017 al hadden vijf organisaties in een brief aan de staatssecretaris voor Mensenrechten gewaarschuwd: “Er is een duidelijk verband tussen het discriminerende idee dat inheemse mensen een terroristische dreiging vormen, de minachting van de rechten van inheemse volkeren, de illegale handelswijze van de veiligheidsdiensten en de strafrechtelijke vervolging van hun leiders.”

Benetton

Het conflict in Pu Lof Cushamen woedt al 26 jaar. De Benetton-groep kocht in 1991 verschillende grote haciënda’s, waar voornamelijk schapen worden gekweekt, van het landbouwbedrijf Compañía de Tierras Sud Argentino (CTSA) in de provincie Chubut. Het ging alles samen om 970.000 hectare. Door de deal werd Benetton de grootste privé-grondeigenaar in Argentinië. Voor de Mapuche maken die grond echter deel uit van hun voorouderlijk grondgebied.

De CTSA werd in 1889 in Londen opgericht als de Argentine Southern Land Company. De Argentijnse regering stond toen gronden af aan tien Britten. Elkvan hen kreeg 90.000 hectare. Met de rechten van de Mapuche die er woonden, hield die overeenkomst geen rekening. De Mapuche werden door CTSA wel gedwongen om voor hen te werken op de grond in erbarmelijke werkomstandigheden. Het Mapuche-volk telt 1,7 miljoen mensen, die in een gebied leven in Argentinië en Chili.

 Bron: ¿Dónde está Santiago?, la pregunta que sacude y divide a Argentina