Zapatisten in Zuid-Mexico doen aan uitbreiding

Zapatisten in Zuid-Mexico doen aan uitbreiding

zaterdag 21 september 2019 20:44

Een brokje geschiedenis

De gouverneur van de zuidelijke deelstaat Chiapas Samuel León Brindis (1958-64) vaardigde in 1961 de Wet op de Veeteelt uit . Die wet gaf toelating aan de vee-eigenaars wapens te dragen. Daarnaast dreef hij het aantal privé politieagenten op. Bovendien verleende die wet ‘getuigschrif­ten voor onaantastbaarheid in de veeteelt.’ Hiermee werd vooral het proces van de grondverdeling onder kleine boeren tegengehouden. Privé-eigendom van rijke families werd bevoordeeld ten nadele van de ‘ejidos’ (de gemeenschappelijke gronden van de inheemse Maya gemeenschappen).  Daar kwam nog politieke steun bovenop. Zo ging de vee-elite zich inning verbinden met de officiële ‘Institutioneel Revolutionaire Partij’ (PRI). Verscheidene gouverneurs van de deelstaat waren zelf veehouders.

Op 1 januari 1994 kwam het Zapatistisch Leger voor Nationale Bevrijding (EZLN) in opstand – wapens in de hand – in de deelstaat Chiapas. De leden van de opstand waren Maya’s uit de streek en ontleenden hun naam aan de legendarische Emiliano Zapata die een leger op de been bracht en die de grond, waarrond conflicten waren, gewoon overnam. In 1910 bij het uitbreken van de revolutie sloot Zapata zich aan bij een andere opstandeling, Francisco Madero, die door fraude de verkiezingen verloor. Zapata vormde het Bevrijdingsleger van het Zuiden.

Het vuur aan de lont was het Akkoord voor Vrijhandel van Mexico met de VS en Canada dat op 1 januari 1994 in werking trad. In Mexico bestond een wet op het verbod om grootgrondbezit tot een bepaalde grootte te verwerven. In de praktijk werd die wet omzeild door verschillende domeinen op naam van tientallen familieleden en aanverwanten in te schrijven. Maar nu voorzag het vrijhandelsakkoord meteen het schrappen van dat verbod uit de grondwet. De gevechten duurden twaalf dagen. Er vielen tientallen doden, de meesten onder hen zapatisten. Na het staakt-het-vuren begon een proces voor dialoog en vrede.

De aanvoerder van de gewapende opstand was gemaskerd en bleef sindsdien anoniem. Om er de nadruk op te leggen dat bij de opbouw van een nieuwe samenleving  de overheid ondergeschikt is aan de bevolking liet hij zich ‘Subcommandant’ Marcos noemen. Onverdroten verpakte hij zijn boute en strijdvaardige uitspraken in soms lyrische taal.

‘Wanneer iemand ziek is en de familie brengt hem naar de arts en die schrijft geneesmiddelen voor, dan gaan de fami­lieleden uitre­kenen wat hen het goedkoopst uit­komt, ofwel de geneesmiddelen of de doods­kist kopen. De dood is ons hoe dan ook gege­ven. Maar nu gaan wíj beslissen wanneer we die tot ons laten ko­men.’

Tijdens de opstand gijzelden ze Absalón Castellanos. Deze legergeneraal en grootgrondbezitter werd in 1982 voor de PRI-partij tot gouverneur van Chiapas gekozen. Zijn termijn liep tot 1988. De zapatisten hielden hem verantwoordelijk en veroordeelden hem voor het ontvreemden van grond aan arme boeren en voor het onderdrukken, ontvoeren, gevangen nemen, martelen, verkrachten en vermoorden van leden van een inheemse Tzeltal gemeenschap, die vreedzaam en legaal opkwam voor haar  rechten in 1980. Op  17 april 1994 lieten ze hem vrij.  Afspraak was dat hij in ruil een deel grond zou  afstaan aan inheemse families en dat alle strijders en burgers die tijdens de gevechten gevangen genomen werden hun vrijheid terugkregen.

Tijdens de dialoog en de onderhandelingen tussen regering en leger enerzijds en de zapatisten anderzijds was een van de belangrijkste voorwaarden van de opstandelingen het ongestoord uitbouwen van autonome gemeenschappen en zelfbestuur. Die voorwaarde wilden zij geijkt zien in een hervorming van de grondwet. En zo kwam het gewapend conflict ook officieel ten einde. Maar die vijf bevrijde zones in zevenentwintig gemeenten werden nagenoeg omsingeld door militairen en paramilitairen. De regering hoopte dat de tijd aan zijn kant stond en dat heel dat avontuur stilaan zou uitdoven. Ondertussen werden de opstandelingen zonder ophouden bestookt door leugencampagnes, laster, misprijzen, militaire patrouillering en voor de verpauperde bevolking sociale programma’s die er moesten voor zorgen de mensen van de rebellen weg te houden. Deze laatsten mikten voluit op internationale steun en slaagden erin ophefmakende internationale bijeenkomsten te beleggen in hun gebied en zich op die manier te beschermen.

Geduldig mollenwerk

Ondertussen veranderde subcommandant Marcos een paar keer van naam. Vandaag heet hij subcommandant Moisés. Op 17 augustus 2019 stuurde hij het nieuws de wereld in over de oprichting van zeven nieuwe bevrijde zones naast de vijf reeds bestaande. Daardoor komt het totaal op twaalf bevrijde zones van Goed Bestuur in eenendertig gemeenten na vijftien jaar van geduldig en traag politiek en organisatorisch werk.

Het protagonisme van de vrouwen

Van bij het ontstaan van de zapatistenbeweging werden de vrouwen direct aangesproken. In 2004 bestond een derde van de gewapende strijdkrachten uit vrouwen. De ‘hulpbasis’ bestond toen al voor de helft uit vrouwen. Zij stonden in voor de vorming van de bevolking in die gemeenten door radioboodschappen, het opstarten van coöperatieve winkels en artisanale coöperatieven en de collectieve kweek van dieren. Zij zorgden verder voor het voedsel van de strijdkrachten en namen actief deel aan de gemeenschappelijke vergaderingen.

Op 17 oktober 2017 organiseerden  vier vrouwelijke commandanten de eerste internationale bijeenkomst over politiek, kunst, sport en cultuur voor vrouwen. Ongeveer 5000 vrouwen uit 34 landen meldden zich aan.

Een ‘Tweede Internationale Bijeenkomst voor Vrouwen die strijden’ werd gepland voor maart dit jaar. Maar een maand tevoren werd het initiatief afgeblazen. De reden die ze aanbrachten had te maken met het gebrek aan veiligheid. En dit was dan op zijn beurt te wijten aan de aanwezigheid van ‘de vernietigende kapitalistische megaprojecten van de nieuwe slechte regeringen.’ Concreet gaat het onder meer over het plan om dooreen het Mayagebied een spoorweg aan te leggen die de vermaarde archeologische Maya sites voor de toeristen gemakkelijker bereikbaar moet maken. Gevreesd wordt dat massa’s landeigendom van de dorpen en gemeenschappen zullen verloren gaan. Ook de massale aanplanting van bomen voor hout en fruit door grote bedrijven, de mijnontginningen en het heropstarten van de aanvallen door paramilitairen zaaiden onrust en onzekerheid onder de vrouwelijke organisatoren.

Ter gelegenheid van hun oproep tot uitstel in februari gingen ze te keer tegen de megaprojecten in de streek die onder meer de uitbreiding van de toeristische sector met zijn hotels, restaurants en infrastructuur op het oog heeft.

‘Ze willen dat wij hun meiden worden, hun dienaressen, dat wij onze waardigheid verkopen voor enkele munten per maand. Die kapitalisten kunnen maar niet begrijpen dat wij vrijheid willen.  Ze begrijpen niet dat wat zij vooruitgang noemen een leugen is. Ze zijn niet eens in staat de veiligheid van hun vrouwen te verzekeren. Die worden geslagen, verkracht en vermoord in hun progressieve en reactionaire werelden. In het zapatisten territorium is in vele jaren geen enkele vrouw vermoord.’

Wanneer we de statistieken nagaan moet inderdaad gezegd dat het geen fraai beeld is wat op dat vlak in Mexico gebeurt. Tot 2007 waren het hoofdzakelijk moorden op vrouwen die zich binnen de gezinsrelatie voltrokken. Maar vanaf 2007 gebeuren moorden op vrouwen vooral in de openbaarheid en met vuurwapens. Tussen 2007 en 2017 werden in totaal 25.800 moorden op vrouwen geregistreerd. Volgens het Uitvoerend Secretariaat van het Nationaal Systeem van Openbare Veiligheid werden in de loop van dit jaar 1199 vrouwen omgebracht, een om de 2,5 uur.

Maar op 19 september lanceerden de vrouwelijke commandanten opnieuw een formele uitnodiging voor de uitgestelde bijeenkomst. Die is voorzien voor eind december.

Nieuwe president staat positief tegenover de uitbreiding van het zapatisten territorium

De sociaaldemocratische president Andrés Manuel López Obrador won de verkiezingen in juli 2018. Hij zag met welgevallen de uitbreiding aan van het autonoom gebied dat de zapatisten besturen. Maar hij weet maar al te goed dat de liefde niet wederkerig is. Onlangs lanceerde hij tijdens een meeting de oproep: ‘Laat ons stoppen met vechten. Er is al genoeg verdeeldheid.’

De zapatisten verzetten zich echter halsstarrig tegen de megaprojecten waar ook de nieuwe regering achterstaat. Bedrijven hebben groen licht gekregen zonder dat de lokale bevolking dienaangaande eerlijk geraadpleegd werd zoals het Akkoord 169 van de Internationale Arbeidsorganisatie nochtans voorschrijft.

Begin dit jaar zei subcommandant Moisés: ‘We gaan vechten, we gaan de confrontatie aan, we gaan niet toelaten dat hij hier zijn vernietigingsprojecten uitvoert. We zijn niet bang van zijn Nationale Garde, die van naam veranderd is om het niet te moeten hebben over Leger.’

 

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!