Wat corona ons over de kunsten leert

donderdag 23 april 2020 19:23
Spread the love

Er vloeide de afgelopen weken al behoorlijk wat inkt over de mogelijke lessen die we uit de huidige coronacrisis zouden kunnen trekken. Eén aspect krijgt daarbij langzaamaan meer en meer aandacht: de rol die de kunsten spelen in onze omgang met deze crisis. Hoewel theaters, concertzalen en expositieruimtes noodgedwongen de deuren gesloten houden, blijft kunst op veel manieren een belangrijke rol in ons leven spelen. Kunstenaars zoeken naar allerlei mogelijkheden om hun publiek te blijven bereiken. Er wordt gezongen vanaf balkons, concerten gaan door via livestream, musea bieden de mogelijkheid een virtueel bezoek te brengen, opnames van theatervoorstellingen worden online geplaatst, fotografen trekken door de straten om deurportretten te maken, er zijn online leesgroepen en dichters waarmee getelefoneerd kan worden en zo zijn er nog talloze voorbeelden te geven. Meer dan ooit wordt duidelijk hoe belangrijk de kunsten zijn. In dagen van isolatie voelen we ons toch met elkaar verbonden wanneer we samen, al is het dan online, een boek met elkaar bespreken of, vanop afstand, samen van hetzelfde concert genieten. Kunst geeft naast dit gevoel van verbondenheid ook zin en betekenis. Mensen zoeken via verschillende kunstvormen manieren om uitdrukking te geven aan de vreemde situatie waarin we ons momenteel bevinden. Epidemieromans als Albert Camus’ De Pest of José Saramago’s Stad der blinden worden gretig gelezen of herlezen. Sommigen vinden in poëzie dan weer plots een manier om met de eenzaamheid om te gaan en anderen putten hoop uit het beluisteren van de vele versies van Ramses Shaffy’s Wij zullen doorgaan.

Het is ironisch dat net veel van de mensen die ons momenteel dit gevoel van verbondenheid, troost en betekenis geven zich in een precaire situatie bevinden. Door het sluiten van de cultuurhuizen en het schrappen van de festivals vallen veel kunstenaars minstens een half jaar zonder inkomsten. Velen stellen hun creaties vandaag gratis ter beschikking van het publiek, maar moeten ondertussen zelf gaan aankloppen bij vrienden of familie om de rekeningen te betalen. Zoals Wouter Hillaert en Kobe Matthys in een opiniestuk al betoogden komen veel kunstenaars immers niet in aanmerking voor de compensatieregelingen die de afgelopen weken werden uitgewerkt. De getuigenissen van mensen uit de kunstensector die kunstenaarsplatform State of the Arts de afgelopen tijd verzamelde maken dit pijnlijk duidelijk: veel kunstenaars vallen op dit moment terug op een inkomen dat ver beneden de armoedegrens ligt. Bovendien is het vandaag ook onduidelijk of theaters en concertzalen in het najaar opnieuw de deuren zullen kunnen openen. Hoe moeten de kunstenaars, en in het bijzonder de podiumkunstenaars, zich de komende maanden overeind houden? Wordt er op het kabinet van minister-president Jan Jambon al nagedacht over een dergelijk noodscenario?

Het is goed nieuws dat minister-president Jan Jambon al aangaf dat hij van de precaire situatie van kunstenaars een prioriteit wil maken. Hij toonde daarbij ook zeker luisterbereidheid tegenover de sector door de eerder aangekondigde zware besparingen op de projectsubsidies voorlopig terug te draaien. Die subsidies compenseren echter allerminst de persoonlijke drama’s die zich momenteel in de kunstensector voltrekken. Laten we dus hopen dat Jambon en zijn collega’s ook naar die verzuchtingen willen luisteren. Het zijn mede de kunsten die ons vandaag perspectief geven en die ons mee door deze moeilijke periode helpen. Laten we dus de kunstenaars zelf ook terug perspectieven geven.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!