Schrijnende schoonheid

Schrijnende schoonheid

dinsdag 23 december 2014 12:19

Verbazing alom toen bleek dat er positieve reacties kwamen
op de twee eerste bijdragen van ondergetekende op deze blog. De thematiek was
niet van die aard dat ik een overweldigend gejuich dacht te ontvangen. Misschien
zit dat doemdenken er te hard ingebakken. De alles overheersende schrik om te
veel van mijzelf bloot te leggen… Soit, punt is dat men positief verrast bleek te zijn. Hier en daar een voorzichtig
polsen of ik van hen ooit ongemakkelijk werd en, je kan het amper geloven, de
vraag om zeker verder te blijven doen!

Aangezien ijdelheid des mensen is en ikzelf niets meer ben
dan dat, neem ik me dus voor om vanaf nu wekelijks iets bij te dragen aan deze
blog. Oprechte observaties, mijmerende bedenkingen, pijnlijke zelfreflecties,
ik neem me voor om ze allemaal de revue te laten passeren. Het lijkt me gezonde en
goedkope therapie en als iemand anders er iets aan heeft, is dat mooi
meegenomen.

In het kader van ‘doe al eens iets voor je medemens’ begaf
ik mij zaterdagnamiddag naar een dagcentrum voor kansarmen en daklozen in het
Antwerpse. Een week ervoor had ik contact opgenomen met de vaste medewerker van
het dagcentrum om eens een namiddag mee te helpen/ bij te dragen. We hadden
gratis soep en chocolademelk voorzien en dus op die blauwe zaterdagmiddag
begaven we (ik had mijn vriendin en een ander welwillend slachtoffer mee
opgetrommeld) ons naar Antwerpen-Noord.

Soms stel ik me de vraag of,
hulpverlening en vrijwilligerswerk, een manier is om met jezelf in het reine te
komen?  Hoeveel van jezelf kan je er echt
in kwijt? Zijn het makkelijk aan te nemen aflaten of zijn het daden van pure
onbaatzuchtigheid?

In het verleden waren er al kleine en grotere pogingen tot
vrijwilligerswerk. De ene al meer succesvol dan de andere. In sommige gevallen
deed ik het om mijzelf beter te doen voelen. In andere gevallen een vreemdsoortig
gevoel van ‘willen doen voor een ander’. Een oerinstinct dat voor even niet te
controleren viel. Het gevoel te kunnen bijdragen aan een ander zijn geluk. (in
kleine mate) Dat gevoel gaat vaak ook even snel weg als het dat het komt. Vandaar
mijn pragmatische kijk op die dingen. Dit om mijn exploten van zaterdag
namiddag van een korte achtergrond te voorzien.

Eens geïnstalleerd en een goed uur onderweg,  viel ons op dat er niet gigantisch veel volk
afkwam op zo een dagcentrum. We gingen er maar weer even van uit dat iedereen
rond deze dagen graag binnen zit in een warm lokaal met welwillende mensen
rondom hen heen.  Dit voelde even aan als
een teleurstelling en daarmee had ik het aanvankelijk moeilijk. Voor even leek
het alsof het aantal mensen die geholpen kon worden, mijn geluk kon bepalen. Alsof
ik afgerekend zou worden op het aantal mensen dat we konden verder helpen.
Natuurlijk wenst iedereen dat een zelf in elkaar gestoken actie een groot
bereik kent, dat is maar normaal. Alleen zou je blij moeten zijn voor elke mens
die dankbaar aanpakt wat hij krijgt.

Eens over deze eerste, beschamende, teleurstelling heen kon
ik de zaken weer in perspectief zien. Hulpverlening voor deze doelgroep zit hem
in het constant aanwezig zijn voor deze mensen. Een spontane, vrijwillige actie
is fijn. Nieuwe gezichten in de hulpverlening ook. Maar het zijn de mensen
zoals Julien (de vaste medewerker), die ervoor zorgen dat er af en toe een lach
verschijnt op hun gezicht. Ongedwongen, constante aanwezigheid met duidelijke
regels en met  gevoel voor eigenwaarde. Dat
zijn de zaken waar de mensen daar iets aan hebben. Als ze structurele hulp
zoeken, zijn er daar andere mensen en middelen voor. als ze korte termijn noden
hebben zoals slaapplek/voedsel/etc. , dan zijn daar ook instanties voor. Zij
het met beperkte middelen. Wat ik daar aantrof waren mensen die graag met de
voornaam aangesproken worden. Mensen die het kunnen waarderen als je het juiste
aantal klontjes suiker in hun koffie doet zonder dat ze het hoeven te vragen. Het
is de (h)erkenning die mensen een warm gevoel doet geven. Veel meer dan de soep
en de chocomelk.

In dat dagcentrum kwam ik ook in contact met een koppel. Hij
leek op alle clichés die je aan zijn statuut kon aanmeten. Zij leek een potente
jonge dame die in niets leek op wat verwachtingspatronen ons influisteren. Mooi,
vrolijk en vlot in de omgang bewoog ze zich met een natuurlijk charme die je
niet zou associëren met deze plek.  Ze  vertrokken na een tweetal uurtjes met zen twee
en ik kon niet rijmen hoe deze twee elkaar hadden gevonden. Deze twee bijna
vergetend, kwamen ze een uurtje later totaal onherkenbaar terug binnen. Het was
in dat moment dat je doorziet wat drugs met een mens kan doen. De jonge dame in
kwestie verviel tot een schraal hoopje miserie. Knikkebollend en met uitgelopen
mascara zat ze daar, een uur lang, zonder besef wat er rondom haar gebeurde. Hij
at ten midde van  zijn roes van een
chocoladewafel en kon amper kauwen. Totaal geen controle meer over zijn
bewegingen.

 Het zicht was
confronterend lelijk, onaangepast en op geen enkele manier goed te praten. Hoe ze
tot dit zijn verworden weet ik niet. Was het nodig om te weten waarom ze dit
doen? Eigenlijk niet. Wat ik wel wist was dat ik het warm kreeg bij het idee
dat Julien een plaats had gecreëerd waar deze mensen toch terecht konden. En plek
waar ik in de toekomst meer hulp aan wens te bieden. Op de juiste manier. Op zijn
manier. Hij liet me zaterdag  de schoonheid
ontdekken in al zijn miserie. Rauw en onversneden.  

Joris

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!