Mag inzet, meesterschap nog erkenning krijgen? Ook inzake de Kolonisatie? Het VB vraagt erom.

donderdag 18 juni 2020 09:23
Spread the love

Vandaag een persoonlijke boodschap. Omdat er belangrijke zaken op het spel staan. Spoiler: In de staart van mijn betoog stop ik een loodgieter die op jonge leeftijd de erkenning kreeg van een plaats in het parlement. Hij zou niet veel te betekenen hebben indien hij een deel de Tijdsgeest niet mee had. De Tijdsgeest is een groot, gevaarlijk beest.

Zoals u weet heeft de foto die De Standaard bij het stukje van schrijver en onderzoeksjournalist Ludo De Witte plaatste, de aristocratische, mooie buste van Koning Boudewijn die in het parkje staat bij de grote kathedraal in hartje Brussel, waarbij het rode “bloed” over zijn aangezicht loopt en langs zijn das naar zijn middel loopt, mij geïnspireerd om tegen de behandeling van deze vorst in te gaan op het profiel van de schrijver van het opiniestuk.

Omdat ik de man respecteer, onder anderen voor zijn eruditie (geleerdheid), zijn opzoekingswerk, zijn geheugen, zijn zin voor rechtvaardigheid en zijn gedrevenheid en de manier waarop hij als denker met open vizier strijdt, kenmerken die mijzelf ook niet geheel vreemd zijn, en omdat Ludo dit heeft gevraagd aan me, geef ik een reeks nieuwe kritieken op zijn fouten naar werkwijze en denkbeelden niet meer op zijn profiel op sociale media, maar op het mijne en langs deze weg.

Na het ontvouwen van mijn kritieken geef ik ook nog enkele kernzinnen mee uit het opiniestuk dat vandaag 18 juni verschijnt in De Morgen. Van Koen Lemmens, hoofddocent publiek recht aan de KU Leuven, dat als titel draagt “Een samenleving die niemand durft te prijzen, is kleingeestig”. Zijn kritiek op wie alle standbeelden weg wil, is diepgravend, helder en pertinent (onweerlegbaar). Die bedenkingen lijken mij ook zijdeling interessant in het debat dat ik voerde met de betrokken onderzoeksjournalist, schrijver van het indringende essay “Als de laatste boom geveld is, eten wij ons geld wel op”. Een werk dat ik aangeschaft heb en intussen deels gelezen. Deze lectuur heeft mij geholpen de stijl van De Witte te begrijpen; en mijn kritieken daarop te formuleren.

Ik laat hier dus eerst mijn analyse volgen van de fouten die mensen maken, en De Witte in het bijzonder, die al te hard van leer trekken tegen onze koloniale voorvaderen en de ondernemingen en foute daden die zij in Congo als Belgen met (meesterlijk) gezag en macht gesteld hebben.

 

Van middeleeuwse martelingen tot auto-aankopen in de jaren zestig

“Hoe meer ik erover nadenk, hoe klaarder het voor mij is dat u in de manier waarop u doet wat u doet, over schreven gaat. Ik vraag mij met kracht af of u ooit een cursus historische methode heeft gevolgd. U ontketend een mensenjacht, streng en meedogenloos. Zelfs over de doden, waarvan het menselijk fatsoen gebiedt dat wij niet teveel kwaadspreken.  Kijk, voor het geval u en uw lezers het nog niet goed begrijpen, die valkuil van achteraf oordelen over personen in het verleden, een vorm van Hineininterpretieren: ik geef na het voorbeeld van de middeleeuwse kasteelheer en feodale heer, een voorbeeld van dicht bij onze deur. Nadat Rik Torfs het in zijn vaste columns in HLN had opgenomen voor de zorg van de oudste mensen in volle corona crisis, ontving hij nog wekenlang getuigenissen en dank van oude mensen. Een bericht citeert hij op volgende manier, op 2 mei, p. 10: “Een vrouw van 79 meldde: “Het is alsof wij ouderen schuldig zijn aan alles wat misloopt. Aan de klimaatverandering bijvoorbeeld. Misschien is dat waar, ik lees het zo vaak dat ik het niet meer weet. We hebben zeker fouten gemaakt, ik voel me schuldig. We waren zo fier toen we een auto konden kopen in de jaren zestig. Soms denk ik dat we daarvoor nu worden gestraft.” Hier zit heel diepe waarheid in en diepmenselijke tragiek. U hebt ongeveer dezelfde leeftijd als ik; u hebt die goesting om zich te onderscheiden door auto te rijden in die tijd als kind allicht ook nog gekend, ervaren. Hoe kunnen wij in ’s hemelsnaam deze mensen die volwassen waren in de jaren zestig, vandaag “met onze kennis van het klimaat- en milieuprobleem, met onze kennis van de motoren van auto’s en de alternatieven!” – veroordelen voor hun naïeve geluksdrang en aankopen van toen? Dat is toch inhumaan? Dat kan je toch alleen doen als je op de positie van de onmenselijke (!) God zet, de Schepper van de natuur en de  mens? In uw stoken op dezelfde mens neemt u naar mijn smaak al te veel de positie in van alwetende Olympusbewoner die lang na de feiten zijn banbliksems naar de wereld stuurt.

Let op, ik heb het persoonlijke inzicht, en dat zullen bepaalde theologen niet graag vernemen, dat JHWH-God in deze kwestie gelijk heeft en zijn/haar zin kan gaan. Toen ik zelf na een actie van zelfverdediging en misverstand bij de politie een nachtje in een cel mocht doorbrengen in het United Kingdom, heb ik diep over de situatie nagedacht; ik schreef toen in potlood op de celwand: “God = a Good Machine”. God is de ultieme boekhouder. Als je als mens, ook volkomen onbewust en dus onschuldig, megatonnen CO2 in de lucht pompt, dan is er na een tijdje geen ontkomen aan de negatieve gevolgen; dan krijg je met je (onbewuste) menselijke hubris de rekening gepresenteerd, als was JHWH-God de perfecte boekhouder. Maar ik zie niet in vanuit welke existentiële positie Ludo De Witte het recht of de plicht zou hebben dergelijk onmenselijke positie van Goddelijke rechtspreker in te nemen. Zelfs niet in milieuzaken, iets waarin u en ik misschien nog meer gespecialiseerd zijn dan in Congo’s verleden. Tip: buig je eens over de zin en betekenis van het juridische begrip “verjaring”. Daar schuilt wijsheid en intelligente redelijkheid in.

Misschien is het dus helemaal niet zo merkwaardig dat de onderzoekscommissie milder is dan jijzelf voor Koning Boudewijn. Misschien zijn deze mensen, waaronder mijn collega historicus Manu Gerard als ik mij niet vergis, wel gewoon beter –  vakkundiger en minder hoogmoedig, met meer gepaste menselijke nederigheid – te werk gegaan. Het enige ‘nadeel’ is dat zij ons geen “zondebok” hebben geleverd. Dat soort “bliksemafleider” schijnt u van uw kant echt nodig te hebben. Misschien moet u toch het briljante, straffe werk “De zondebok” van Rene Girard er nog eens bijnemen.”

 

_______________________

 

Beelden en eretekens geven Grote Mensen welverdiende erkenning

Als tweede luik in mijn redenering  volgt nu een kleine selectie uit de slimme en menselijke bedenkingen van Koen Lemmens, die het  opneemt voor het principe dat wij beter de mensen die uitblinken, blijven erkenning bieden. De complete tekst valt te lezen in De Morgen van 18 juni.

“Nu wereldwijd standbeelden van omstreden personages van hun sokkel worden gehaald of met verf worden beklad, rijst de vraag hoe we als samenleving moeten omspringen met de sporen van eerbetoon uit het verleden. Vooral in die gevallen waarin het duidelijk geworden is dat de vereerde persoon NAAR DE MAATSTAVEN VAN VANDAAG [grote letters door mij aangebracht, omdat deze context belangrijk is in het debat] helemaal geen lof verdienen. Ik laat aan moraalfilosofen en historici graag de taak om een antwoord te formuleren [en dat is wat ik in die rol, waartoe ik ben opgeleid, de laatste weken geregeld heb gedaan].

Iemand stelt in het actuele debat de vraag: “Waarom hijsen we eigenlijk mensen op een sokkel?”  Koen Lemmens: “De logica is onweerlegbaar: als we geen standbeeld plaatsen, kan er nadien ook geen heisa over ontstaan. Maar ik vind het getuigen van een triestig mensbeeld. Dan kan je net zo goed zeggen dat het beter is niemand te vertrouwen, dan kan je later nooit bedrogen worden. Wie nooit huwt, moet niet scheiden, en wie niet verliefd wordt, zal nooit liefdesverdriet kennen”

Ik citeer deze woorden in detail, omdat hier een punt wordt aangestipt waar ik het in mijn stukjes de laatste jaren al vaak over heb gehad: je kunt en mag als mens niet leven vanuit de hoofdbekommernis totaal geen leed te lijden.

“Uit het feit dat we in het verleden verkeerde mensen op een sokkel gehesen hebben, volgt toch niet dat het dan meteen maar beter is om dat nooit nog te doen. Dat autocraten zichzelf al te vaak hebben geprezen met standbeelden klopt. (..) Maar dat zijn geen argumenten tegen standbeelden als dusdanig. (…) Elke maatschappelijke keuze wordt getekend door een zekere TIJDSGEEST. (..) Elke keuze is selectief, per definitie. Het is de selectie die je dus moet bekritiseren, niet de selectiviteit.

(…) Wat is de conclusie: Dat we niemand meer kunnen prijzen? Ik ben opgegroeid in een dorp met een Damiaan-cultus. Jozef De Veuster zal wellicht ook minder fraaie kanten gehad hebben. Maar was zijn uitzonderlijke zelfopoffering niet voldoende om lof te verdienen? (…) Wie graaft zal altijd wel negatieve aspecten vinden van elke held en heilige. Maar moet perfectie de maat worden van alle dingen? Ik zou vurig willen pleiten om de gave van de bewondering te blijven koesteren. (…)

“Een egalitaire samenleving impliceert dat iedereen gelijke kansen krijgt om te kunnen  uitblinken. Een samenleving die niet meer in staat is om wie dan daadwerkelijk uitblinkt te prijzen, is wat mij betreft zuur en kleingeestig en een karikatuur van gelijkheid.”

“Of die erkenning nu via bustes en beelden, naamgeving van straten, pleinen en scholen, of via eretekens en prijzen gaat, is bijzaak. “

“Maar een samenleving moet in staat zijn te erkennen dat sommigen van haar leden uitblonken door moed, opoffering, talent, inzet voor de ander, genialiteit.”

“Er zit juist veel grootsheid in de gave om te kunnen erkennen dat anderen uitzonderlijke prestaties  hebben verricht”

En hier laat ik dan graag mijn analyse op volgen, enige tijd geleden gemaakt, die al hetzelfde opmerkte en op de korrel nam: in andere landen slagen de mensen van de populatie er beter in te erkennen dat er verschillen zijn tussen mensen. Dat er excellentie bestaat. Dat de bekwame en getalenteerde kapitein van een oorlogsschip meer waard is dan de matroos op dat schip. Zoals iedereen duidelijk kan lezen tussen de lijnen van de straffe Amerikaanse film “Master and commander”. (Zie link onderaan)

Dat Ludo De Witte het moeilijk heeft met dit (gerechtvaardigde) bestaan van “meesterschap”, bleek nog in zijn laatste reactie op mijn correcties op zijn visie. Het is echter nuttig dat wij blijven erkennen, lijkt mij, ook met de (terecht) boze instelling van hedendaagse Congolese Belgen in het achterhoofd naar de oude kolonisatie van Belgen in hun leiderschap over Congolezen, dat deze excellente kenmerken evenzeer deel uitmaken van wat de Kolonisatie is geweest.

De Boeken in de reeks “Blake & Mortimer” van E. Jacobs en hedendaagse scenaristen die dit oeuvre verder zetten, hoeven toch niet uit de rekken te worden gehaald? De kolonisatie had iets van grandeur, van genialiteit en van de bedoeling te helpen ontwikkelen.

“Wij”, onze blanke, westerse voorouders, hebben meesterschap betoond in de omgang met technologisch en juridisch, militair en wetenschappelijk, commercieel… minder ontwikkelde inheemse culturen.

 

De stroop van Schild en Vrienden

En natuurlijk houdt het erkennen van Belgisch meesterlijk meesterschap niet in dat wij van die inheemse culturen niet op onze beurt bepaalde houdingen en handigheden, collectieve culturele talenten kunnen leren en overnemen. In vorige blogs en essays heb ik al vaker een boekje open gedaan over mijn bewondering voor de verfijnde socialisering en de beter ecologisch vol te houden cultuur, bijvoorbeeld. Misschien is de tijd rijp om wat meer beelden van Afrikanen en Indianen, van Gandhi en Martin Luther King in onze straten en pleinen aan te brengen. Die personen staan toch voor kernwaarden van onze bevolking en tijdsgeest? Zonder de krachtige ondersteuning van die waarden gaan wij in de problemen komen. En wellicht (verder) afglijden naar kleinzieligheid, inderdaad. Naar de ongelofelijk doorgeschoten strategische ‘berekening’ van bepaalde toppolitici vandaag, ook. We gaan ons toch niet met open ogen laten ten prooi vallen aan populisme, aan wie ons stroop aan de baard probeert te smeren?

 

 

En dan denk ik niet in de eerste plaats aan de generatie van mijn leeftijd. Maar aan de jonge heertjes die ondanks hun rauwe visie op de mens, en op de “andere mensen”, ondanks hun duidelijk ingesleten gewoonte (of psychisch gebrek?) zelfs voor de camera glashard te liegen, vandaag in ons parlement zitting hebben. Dezelfde krant die Lemmens aan het woord laat, brengt een artikel over twee pagina’s over deze gevaarlijke figuur. Hij opent met “Schild en Vrienden” binnenkort een nieuw mediakanaal. De Staatsveiligheid is op haar hoede en volgt de situatie op. Dit soort haatdragende, opruiende, giftige media die in afgeschermde digitale universa werken, hebben immers een besmettend, overlopend effect op het openlijk gevoerde Maatschappelijk Debat. Als deze mannen meer macht verwerven in de komende maanden en jaren, komt de menselijkheid van ons allemaal in gevaar. Niet alleen deze van jonge en minder jonge Congolese Belgen.

 

Stef Hublou Solfrian

Geschiedkundige, universitair geschoold in de ethiek en de sociale en culturele antropologie van Afrikaanse volkeren.

 

Link naar voorgaande bijdragen waarin ik over menselijke excellentie ga, en verwijs naar Amerika en zijn cultuurproducties:

https://www.dewereldmorgen.be/community/wie-zijn-greta-kyra-en-anuna-wat-zijn-de-bronnen-van-hun-bezieling-wat-kan-je-zelf-doen/

https://www.dewereldmorgen.be/community/koerswijziging-bij-bart-de-wever-na-onze-brief-aan-hem/

Op deze dag, in deze blog, heb ik met grote waardering verwezen  naar Inheemse Culturen en naar bepaalde mens-nabije, natuurlijke gewoonten en maximes, waar wij in het noordelijke Westen nog veel van kunnen leren. Het zal minstens anderhalve eeuw nemen, voor wij die gezonde correctie voor mens en milieu zullen ingevoerd hebben, is mijn schatting: https://www.dewereldmorgen.be/community/kan-de-schat-van-de-tsimane-indianen-de-rijke-wereld-nog-redden/

 

Illustratie 1: standbeeld ter ere van De Profeet. Door Pablo Gargallo, 1933, Middelheim, Antwerpen.

Illustratie 2: Scene uit een album van Blake en Mortimer die de sfeer oproept in het Britse Koloniale Hong-Kong, inclusief het magistrale aspect in het beheer.

Illustratie 3: de loodgieter, en intussen parlementslid, die het lood wil gieten wanneer het heet is. Wikimedia.

Scene uit een album van Blake en Mortimer die de sfeer oproept in het Britse Koloniale Hong-Kong

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!