Het leven van een dakloze in Brussel

Het leven van een dakloze in Brussel

maandag 18 oktober 2010 13:47

Het leven van een dakloze in Brussel – Pol Arnauts
 
Jeroen Peeters is een Brusselse dakloze, die via zijn acties een aantal maatschappelijke wantoestanden aanklaagt. Nadat hij vorig jaar een huis heeft gekraakt in de Vlaamse steenweg en daarbij de vele leegstand aanklaagt in het centrum van de stad wordt hij ‘uit zijn huis’ gezet.
 
Iedereen, herinnert zich hoe hij dat eerst kan verhinderen door zijn been in de vloer van het huis te metsen. Nu verblijft Jeroen in een ‘tuin’ in dezelfde buurt. Het braakliggend terrein heeft op een paar maand tijd een metamorfose ondergaan. De tuin is ondertussen uitgegroeid tot een plaatselijk openbaar parkje. Buurtbewoners komen er met hun kinderen even op adem.
 
Jeroen is een optimist, een wereldverbeteraar, op zijn manier. We zouden zeggen ‘wat anarchist’, maar met idealen om langs een andere weg de samenleving op te bouwen.
 
Hij slaagt daar wonderwel in, inspireert vele mensen, legt de nadruk op buurtbetrokkenheid, en stelt zijn werk ten dienste van de bredere groep.
 
De buurt van de Vlaamse steenweg is daardoor een aangename buurt geworden, er is veel samenspraak, burenhulp. Velen zeggen er goeiedag tegen elkaar. Dat valt op, want in de buurten daarbuiten is de wereld harder en anoniemer. Een plaatselijke groep ‘sociale fotografie’ houdt momenteel een tentoonstelling in de tuin rond het leven van daklozen in de buurt.
 
Tijdens een aantal wandelingen in de buurt  met Jeroen kwamen we allerlei dingen tegen, die de wereld ‘anders’ maken. ‘le chant des rues’: een mooie straatnaam, zegt Jeroen, als je daardoor loopt dan pak je de energie. Daar kan je niet gewoon maar voorbij de mensen lopen.
 
‘Heb je nu evenwicht gevonden in je leven?’ vraag ik hem.
‘Neen, momenteel ben ik wel in evenwicht, maar je moet altijd verder zoeken.’
 
Hij ergert zich aan de georganiseerde leegstand, eigenaars die hun gebouw laten wegrotten, die wachten op een extra winst als het gebouw kan afgebroken worden, om er dan grootse investeringen mee aan te vangen. Zeker als die eigenaar het OCMW blijkt te zijn, ergert hij zich blauw.
 
Jeroen doet niet rechtsreeks aan politiek, maar vindt het wel belangrijk dat politiekers wakker worden geschud opdat ze hun werk goed zouden doen voor ons. Pas als ze niet wakker worden, zou hij wel willen aan politiek doen.
 
In de winter kan hij een beroep doen op de werking van ‘Chez Nous’ het huis in de Kartuizerstraat waar iedereen welkom is. Je kan er terecht voor lekker eten, en wat warmte. Het is er deftig.
 
In zijn leven heeft hij meer miserie gekend dan goede tijden, maar hij is terug op zijn pootjes terecht gekomen en onderweg heeft hij veel geleerd. Maar nooit was het zo leuk als nu.
 
‘Ik kom uit de wereld van de rijken. Rijken hebben veel te leren van armen. Maar omgekeerd: het is niet omdat je rijk bent, dat je slecht bent, je hebt klootzakken bij rijk èn arm.’
‘De armoede neemt toe. Sommige mensen denken dat ze rijk zijn omdat ze 4 Tv’s hebben, maar zijn innerlijk arm.’
‘Er zijn verscheidene huizen beschermd tegen inbraak: de rijkdom achter een gril. Zo mag de omgeving niet worden! Heel de wereld was blij dat de Berlijnse muur weg was en hier bouwen rijken muren bij om hun rijkdom te beschermen. ‘
 
Jeroen ijvert voor herverdeling van rijkdom in deze stad. Zelf heeft hij 6 jaar op straat geleefd en nooit iets weggenomen. ‘Als je het vraagt krijg je het, waarom zou ik dan moeten stelen?’
 
‘Veel mensen zijn niet dakloos, maar ze zijn ‘thuisloos’. Ze voelen zich nergens thuis, dat is de kwaal van deze tijd. Je kan beter een stal of een hut hebben waarin je je thuis voelt, dan een kasteel waarin je je eenzaam in voelt. Hier in de buurt voelen de mensen zich wel thuis. Het is een magische buurt. Maar er zijn veel pendelaars,die hier komen werken en die zich nooit thuis voelen in deze stad. Brussel zou in zijn geheel een mooie stad kunnen worden , maar niet elke buurt werkt aan een gemeenschappelijk doel. Je moet zelf initiatief nemen, zo komen de anderen mee op gang.
 
Als we aan het Palais Cache Poussière zijn gekomen -de schorten die je moeten afschermen van stof- , zegt hij: ‘mensen schermen zich af van mensen die anders zijn dan henzelf. Wie 400 euro minder verdient behoort niet meer tot hun vriendenkring. Dat is verkeerd, je moet met iedereen kunnen omgaan’.
 
In zijn ‘tuin’ ontmoeten mensen elkaar, zonder vooroordelen, zonder onderscheid. Ze komen om de menselijke en sociale rijkdom van de wereld te ontdekken en te ‘proeven’  op 400 m². ‘Ik hou van de wereld, het leven en de mensen. Bij ons praat iedereen tegen iedereen: ik haat het als het koud is tussen mensen’.
 
Ik maak me de bedenking: ‘Slapen in open lucht of veiligheid opzoeken achter slot en grendel: wie is er vrij?’
 
De tentoonstelling sociale fotografie‘ Zo is het’ loopt tot 24 oktober in de tuin van Jeroen, Land van Luikstraatje, open elke namiddag van 12u tot 20u. Inkom: gratis.
 
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!