(c) Chantal Hovens

Gezondheid als koopwaar

dinsdag 29 maart 2016 14:40

“Uw baby kan sterven. We moeten snel zijn en overgaan tot een operatie.” Dat krijgen Sandra en haar man Roberto van de gynaecoloog te horen, in een commercieel privéziekenhuis in Peru.

Wanneer het koppel naar het ziekenhuis gaat voor een check-up, breekt Sandra’s water. Meteen wordt ze in een bed gelegd en krijgt ze een formulier onder haar neus geduwd. Ze zou best instemmen met een keizersnede, want “de baby zal een natuurlijke bevalling niet overleven”. Sandra beslist om haar vaste arts op te bellen. Eenmaal in het ziekenhuis zegt die dat alles oké is met de baby. “Medisch gezien is het beter dat een premature baby langs het vaginaal kanaal passeert. Ook voor de eerste ademhaling”. In allerijl beslissen ze naar een ander ziekenhuis te gaan, waar Sandra op natuurlijke wijze bevalt. Na enkele dagen mogen moeder en baby, beiden gezond en wel, naar huis. Sandra betaalt voor de natuurlijke bevalling minder dan de helft van wat ze voor de minder gezonde keizersnede betaald zou hebben. Een keizersnede was medisch gezien onnodig. Punt.

Niet alle Peruanen gelijk

Het verhaal vertelt heel wat over het gezondheidssysteem van Peru, waar gezondheid steeds meer een koopwaar is. Commerciële spelers zijn er erg actief en treden in concurrentie met de publieke diensten. Om dat te begrijpen, moeten we het gezondheidsbeleid in Peru onder de loep nemen. Het Peruaans ministerie van Gezondheid wil sinds 2009 zo veel mogelijk Peruanen aansluiten bij een ziekteverzekering, in een poging een stap dichter te komen bij internationale doelstellingen. Daarbij deelt Peru de bevolking op in vier groepen: de formele werknemers, de armen en kwetsbaren, de kapitaalkrachtigen met een privéverzekering en tenslotte de mensen zonder verzekering. De drie eerste groepen mogen op papier dan wel verzekerd zijn, in de praktijk is hun toegang tot de nodige zorgen niet gegarandeerd, laat staan gelijk.

De verschillen tussen de ziekteverzekeringen zijn groot. De publieke ziekenkas voor armen en kwetsbaren dekt maar een aantal zorgen. De andere publieke ziekenkas van de formele werknemers biedt in principe een volwaardige zorg. Maar in beide gevallen blijven de overheidsinvesteringen in de dienstverlening uit. In de publieke ziekenhuizen is er een zwaar tekort aan infrastructuur, medisch personeel en materiaal. Het duurt er soms maanden vooraleer patiënten de zorg krijgen die ze nodig hebben.

De pure marktlogica is niet van toepassing op gezondheid

Veel Peruanen gaan daarom met hun gezondheidsproblemen naar de privésector, waar ze sneller geholpen worden, maar waar ze alles uit eigen zak betalen.  Wie een privéverzekering heeft gaat ook naar privécentra of -klinieken, maar moet ondanks hoge premies vaak toch nog geld opleggen voor bepaalde behandelingen. In de privéklinieken worden immers dikwijls dure onderzoeken, behandelingen en merkgeneesmiddelen voorgeschreven, die medisch gezien onnodig zijn. Een voorbeeld hiervan zijn de onnodige keizersneden, die in de privésector oplopen tot een alarmerende 80%, in sommige klinieken zelfs tot 95% van alle bevallingen[1]. Keizersneden kan men plannen, duurder aanrekenen én ze nemen minder tijd in beslag. Time is money, zoveel is duidelijk. Patiënten zijn in Peru dus eerder ‘klanten’ die geld in het laatje moeten brengen.  Tenslotte is er een totaal gebrek aan regulering en controle vanwege de overheid, wat de deur wagenwijd openzet voor misbruik.

Naar een ander systeem

ForoSalud, de koepel van de civiele maatschappij die met steun van FOS opkomt voor het recht op gezondheid voor alle Peruanen, ziet als oplossing een universeel, integraal en solidair gezondheidssysteem. Om dat te bereiken, moet de relatie tussen de publieke en de private sector grondig herbekeken en gereguleerd worden. “De pure marktlogica is niet van toepassing op gezondheid, omdat het een mensenrecht is en een publiek goed”, zegt Alex Saco, gezondheidsactivist en ex-coördinator van ForoSalud. “Wanneer we het hebben over gezondheid, hebben we het uiteindelijk over het leven zelf. Daarom moet de overheid rechten voorrang geven op winst.”

[1]  De Wereldgezondheidsorganisatie schuift een percentage tussen 10 en 15% naar voor als aanvaardbaar.

FOS voert dit jaar campagne voor ‘sociale bescherming voor iedereen’, samen met de Socialistische Mutualiteiten, Vlaams ABVV, sp.a en 11.11.11. FOS pleit voor kwalitatieve en toegankelijke gezondheidszorg voor iedereen, overal. Het is immers een basisrecht, voor jong en oud. Zeg ook ‘neen’ tegen de commercialisering van gezondheidszorg. Ga naar solidariteitkanjezien.be, ontdek hoe acteur Maxime De Winne eruit had gezien als hij in Peru was opgegroeid en share het filmpje!

Liesbet Vangeel – Beleidsmedewerkster FOS

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!