“Door folteringen een deel van mijn geheugen kwijtgeraakt”

“Door folteringen een deel van mijn geheugen kwijtgeraakt”

dinsdag 16 maart 2010 10:20
Spread the love

Enkele jaren geleden had ik de eer om als eerste (en enige) ‘Belg’ de omstreden zwaar bewaakte Turkse F-type gevangenissen te bezoeken. Die gevangenissen zijn nog steeds omstreden omdat er heel wat getuigenissen de kop opsteken over misbruiken. In het kader van Turkije en de EU is deze kwestie spijtig genoeg nog steeds relevant.

Samen met de hervorming van de strafwetten, voerde Turkije een modernisering in van de gevangenissen. In tegenstelling tot België, heeft Turkije geen last van overvolle gevangenissen waar de capaciteit ruimschoots overschreden is en de werking van justitie in vraag gesteld wordt. We hebben een bezoek gebracht aan de F-type gevangenis in Sincan, bij de hoofdstad Ankara.

 Erhan Polat, rechter van het Turkse ministerie van Justitie, vertelt dat Turkije de laatste twee jaar twee modelgevangenissen heeft uitgebouwd conform de Europese standaarden. Turkse delegaties zijn naar Europa gekomen om de Europese gevangenissen te bekijken en te bestuderen. Het land heeft de Europese regels toegepast op hun gevangeniswezen. Turkije is van plan om die modellen toe te passen op alle andere gevangenissen in Turkije. Volgens de Turkse overheid zijn de nieuwe gevangenissen bedoeld als modernisering.

De bouw van nieuwe gevangenissen is volgens Polat een logische evolutie: “We doen deze hervormingen niet voor Europa. De hervormingen zijn een logische evolutie. De hervormingen zijn zo goed als klaar maar we blijven nieuwe evoluties in de wereld opvolgen en indien nodig, passen we ze toe op ons land.”

Socio-culturele workshops

F-type gevangenissen zijn de zwaarst bewaakte gevangenissen waarin vooral politieke gevangenen worden opgesloten. Bij een bezoek is niets toegelaten, behalve pen en papier. Elk klein onderdeel zou kunnen dienen om bijvoorbeeld een GSM te construeren. Ze willen niets aan het toeval overlaten. Er zijn 170 camera’s opgesteld in de gevangenis die uitgerust zijn met bewegingssensoren. Voor elke bezoeker is een aparte registratie vereist. Mijn hand plaats ik onder de scanner zodat het systeem mij herkent. Polat vergezelt mij, samen met een gids, twee cipiers en een fotograaf. Een fotograaf inderdaad, want ze zijn maar al te trots om hun moderne gevangenissen te laten zien aan de buitenwereld. Aan de ingang hangen foto’s van internationale delegaties die op bezoek zijn geweest. Zo onder meer de Franse, Iraanse en Nederlandse delegatie. Maar geen spoor van een Belgische delegatie. Volgens Polat is iedereen welkom voor een geleid bezoek in de gevangenissen.

Polat: “In tegenstelling tot de gevangenissen in Europa, voorzien we in elke cel genoeg zonlicht. Naar onze mening is dat heel belangrijk voor de gevangenen. Geen zonlicht zien is ook een vorm van foltering.” Gevangenen kunnen vier maal per maand bezoek ontvangen gedurende een uur. Drie keer gaat het om gesloten bezoeken en een maal per maand zijn open bezoeken mogelijk. Bij een gesloten bezoek, scheidt een glaswand de gevangenen met hun bezoekers. Via een telefoon kunnen zij dan communiceren. Die gesprekken worden altijd opgenomen en gedurende zes maanden bewaard. Bij open bezoeken is het mogelijk om met de gevangenen rechtstreeks te praten aan een tafel.

Het oude systeem werkte nog met grote slaapzalen dat voor problemen kon zorgen bij de gevangenen. Op die manier ontstonden bendevorming en interne wrevel. “We verkiezen nu het kamersysteem waar, afhankelijk van de soort gevangenis, slechts enkelen in een cel zitten. In de F-types zijn er cellen waar tien mensen kunnen samenwonen en elkaar ontmoeten voor sociaal contact”, aldus Polat.

Bahar Kimyongur, activist tegen de F-type gevangenissen ziet het volledig anders: “Voor de internationale publieke opinie leek het er op dat de nieuwe gevangenissen een stap in de goede richting zou zijn. Maar spijtig genoeg weten mensen niet dat achter die nieuwe gevangenissen een politiek project schuilt. Volgens de overheid is het doel van die gevangenissen het strafsysteem te moderniseren en aan te passen aan de Europese standaarden. Maar de realiteit is dat de nieuwe gevangenissen een systeem is om politieke gevangenen zowel fysisch als moreel af te breken.”

“Gevangenen verbleven in grote slaapzalen waardoor er een zekere sociale samenhang bestond. Men kon elkaar op die manier ook beschermen. Maar het nieuwe systeem is gebaseerd op de verbreking van het sociaal contact. Als gevangenen door cipiers worden mishandeld, kunnen ze elkaar niet meer beschermen want niemand weet het. Iemand isoleren is een vorm van foltering en is internationaal erkend. Het is een foltering die men zeer moeilijk kan beschrijven. Want het gaat vooral om psychologische foltering waarbij de gevolgen niet zo zichtbaar zijn”, aldus Bahar.

Polat, rechter bij het ministerie van Justitie, relativeert het protest tegen de F-type gevangenissen: “Over het algemeen is er zeer weinig protest bij de Turkse bevolking. Het zijn vooral mensen die banden hebben met terreurorganisaties die protesteren tegen die gevangenissen. Er is niet veel georganiseerde misdaad en zijn er niet zoveel terroristen in Turkije. Het gaat om slechts 4% van de bevolking. Mensen die zoveel protest hebben tegen onze gevangenissen zijn mensen die tegen Turkije en de staat zijn.”

De paradox in de zwaar beveiligde gevangenis is dat gevangenen daar een relatief grote luxe hebben. De gids leidde mij naar een cel waar normaal drie personen kunnen verblijven. Die cellen zijn verspreid over twee verdiepingen. Zo staan op de bovenste verdieping bedden en kasten. Op de onderste verdieping is er de leefruimte, waar gevangenen naar kabeltelevisie kunnen kijken en naar radio luisteren. Ze hebben daar ook nog een kleine keuken en een aparte badkamer met wc. Elke cel heeft een eigen binnenkoer. De cellen zijn zelfs groter dan de meeste studentenkamers in België.

Er zijn heel wat faciliteiten voorzien. “De faciliteiten in de gevangenis zijn in samenspraak met de Gazi Universiteit opgericht. Vroeger konden gevangenen zeer weinig activiteiten doen maar nu zijn er negen workshops beschikbaar. Zo kunnen zij bijvoorbeeld computerlessen of tekenlessen volgen. Er is ook een sportzaal en een bibliotheek voorzien.

De gevangenen kunnen geld verdienen. Zo is er een mogelijkheid voorzien dat zij zelf computerlessen geven aan medegevangenen. Of ze kunnen hun schilderijen en knutselwerken doorverkopen aan geïnteresseerden. Volgens Polat zijn de gevangenen gelukkig om in deze gevangenissen te blijven. Iedere gevangene moet na 1/3 van zijn straf, verhuizen naar een andere gevangenis. In een minder beveiligde gevangenis met een soepeler regime. Turkije wil dat gevangenen zich goed in hun vel voelen en zich kunnen voorbereiden op de re-integratie in de maatschappij.

Staatsorganisaties

Een andere belangrijke wijziging tegenover het oude systeem is het personeel. Polat legt verder uit: “In het verleden kregen onze cipiers geen opleiding voor ze in de gevangenissen werkten. Ze werden direct naar een gevangenis gestuurd. Maar nu zijn er opleidingskampen en de meesten onder hen zijn gediplomeerd. Dat is erg belangrijk bij de naleving van de mensenrechten in de gevangenissen.”

“Er is een controle over het gedrag van de cipiers en het gevangenispersoneel. Er bestaat een controlemechanisme in Turkije voor de gevangenissen. Mensenrechtenorganisaties bezoeken systematisch onze gevangenissen en schrijven er een rapport over. Zij kunnen rechtstreeks met de gevangenen praten zonder cipiers in de buurt. In het laatste rapport waren er geen significante problemen. Er waren wel andere klachten over bijvoorbeeld het voedsel of over hun gezondheid. Wij verzamelen al die klachten, sturen ze door naar de bevoegde departementen en zoeken er een oplossing voor. We beantwoorden alle klachten”, aldus Polat.

Dat laatste wordt ten stelligste ontkend door diverse activisten en mensenrechtenorganisaties. Volgens Yuksel Mutlu, bestuurslid van de oudste Turkse mensenrechtenorganisatie, IHD, hebben zij nog nooit toelating gekregen om de gevangenissen te bezoeken: “Wij vinden dat gevangenissen open moeten zijn voor ngo’s. Nu kunnen wij geen enkele gevangenis bezoeken om te observeren. We hebben dat recht niet. We krijgen onze informatie van folteringen via families. Hoewel er veel overtredingen zijn en we daarover de minister van Justitie hebben aangesproken, is er nog steeds geen straf voor de verantwoordelijken. Indien men geen Turks kan praten, is het voor hen niet mogelijk om hun opgesloten zoon of dochter te spreken. Het is immers verboden voor de gevangenen om Koerdisch te praten. Veel buitenlandse delegaties bezoeken de Sincan F-type gevangenissen maar wij weten dat ook in heel wat andere F-types er veel overtredingen zijn en er een middeleeuwse mentaliteit heerst. Heel wat gevangenen zijn onderworpen aan agressie omdat ze hun rechten willen gebruiken.”

Bahar heeft ook enkele aanvragen ingediend maar ze werden altijd verworpen. Tayad, een organisatie die de folteringen in de gevangenissen aanklaagt, heeft evenmin toestemming gekregen om de gevangenissen te bezoeken. Polat begrijpt die heisa niet: “We hebben uitnodigingen verstuurd naar Turkse mensenrechtenorganisaties, en we hebben ook effectief bezoek gekregen van enkele mensenrechtenorganisaties, maar niet iedereen is op die uitnodiging ingegaan.”

Yuksel voegt er nog aan toe: “Er is wel een adviesorgaan dat werkt rond de mensenrechten, maar die organisatie is niet onafhankelijk. De leden van die organisatie zijn politiemensen, gepensioneerde militairen, burgemeesters,… Wij beschouwen die organisaties dus niet als onafhankelijke platformen. Die organisaties werken onder de verantwoordelijkheid van de eerste minister. Maar ze noemen het, onterecht, een onafhankelijke civiele vereniging. Die organisaties zijn opgestart door de staat om hun ideologie. Dus wij verdenken hen dat zij klachten en overtredingen verbergen. Aangezien politieke gevangenen dat ook weten, richten zij zich tot ons of andere onafhankelijke ngo’s.”

Gemoderniseerde foltertechnieken
Tayad, de organisatie die zich bekommert om gefolterde gevangenen, krijgt regelmatig brieven van gevangenen met hun klachten. Tweemaandelijks publiceren zij een rapport over de schending van de mensenrechten in de F-type gevangenissen. Zij baseren hun rapport op de brieven die zij zelf ontvangen van de gevangenen. Tayad heeft, net als andere organisaties die schendingen aan het licht willen brengen, veel last gehad van repressie van de autoriteiten.  De voorzitter van Tayad, Mehmet Güvel, geeft meer uitleg: “We hebben de pers onder druk gezet. Wanneer een journalist daarover iets schreef, verloor hij zijn werk of werden ze onderdrukt door de overheid. Na al die intimidaties van de overheid heeft de pers zelfcensuur toegepast en praten ze niet meer over de Turkse F-type gevangenissen.”

Lerzan Tascier werkt voor Tayad en krijgt regelmatig brieven van gevangenen: “Enkele weken geleden hebben we een brief ontvangen vanuit de gevangenis van Candra. Zijn naam is Moussa. Hij werd meegenomen naar geïsoleerde cellen waar men van buitenaf niets hoort van wat er binnen gaande is. Moussa werd daar gefolterd. De cipiers hebben hem heel hard geslagen en nadien hebben ze hem naar een andere cel gebracht waar twee vrienden zaten. Zijn vrienden hebben gevraagd om hem mee te nemen naar de ziekenboeg om een rapport op te stellen van mishandeling. Maar de cipiers hebben dat geweigerd. Een week later beschuldigde de cipiers Moussa van een moord op een politieagent. Ze hebben Moussa meegenomen naar de directie. Daar zag hij de man die hem heeft gefolterd terwijl hij daar niets te zoeken had. Men heeft hem daar gevraagd om bloed te trekken voor verder onderzoek maar hij heeft dat geweigerd waardoor men hem nogmaals heeft geslagen. Dat toonde aan dat de directie van de gevangenis samenwerkt met de folteraars.”

Vandaag gaat het vooral om psychologische folteringen. Vaak gaat het om disciplinaire straffen waarbij gevangenen geen familiebezoek meer krijgen en geïsoleerd worden. Lerzan geeft een voorbeeld: “Een vriend van mij, schrijft ons regelmatig en hij beschrijft hoe cipiers om drie uur ’s morgens opzettelijk veel lawaai maken zonder ophouden of ze laten sirenes gedurende enkele uren loeien. Een andere zaak gaat over een gevangene, Bazan, die diabetes-patiënt is. Hij moest naar de ziekenboeg gebracht worden maar dat gebeurde al slagend. Daardoor verloor hij zijn bewustzijn en lag Bazan in een coma. Ondertussen heeft hij een disciplinaire straf gekregen: tot juli mag hij geen familiebezoek meer krijgen. Bazan heeft die straf gekregen omdat hij revolutionaire slogans heeft gescandeerd. Zijn vader wilde hem na zijn coma slechts enkele minuten zien maar dat werd hem ook geweigerd. Zijn vader heeft al brieven geschreven naar verscheidene procureurs maar zijn aanvraag werd altijd geweigerd.

Bahar, activist tegen politieke gevangenen, is het daarover eens: “Het is verboden om te zingen in de cellen. Als je dat toch doet, krijg je een disciplinaire straf waarbij je mogelijk gedurende zes maanden je familie niet meer mag zien. Het is gewoon verschrikkelijk om gedurende zes maanden helemaal alleen te zijn. Dat is een zware foltering. Het gaat vandaag vooral om psychologische folteringen. De fysische folteringen zijn in aantal gedaald.“

Lerzan geeft nog verder uitleg: “We krijgen ook regelmatig brieven vanuit de gevangenis van Sincan. We hebben een brief ontvangen van een gevangene die veroordeeld is voor levenslang. Hij schrijft ons op het einde van elke maand. Een vriend van de gevangene heeft hem een brief verstuurd maar niet alle brieven komen aan. Bijgevoegde foto’s in de brieven verdwijnen altijd en sinds 6 maanden ontvangt hij ons wekelijks magazine niet meer. Hij werd gefolterd wanneer men hem meenam naar de ziekenboeg of de binnenkoer. Wanneer men hem meenam naar de ziekenboeg, wilden de militairen dat ze steeds hun handboeien aanhielden en de zij bleven bij hen tijdens de consultatie. De gevangenen weigerden dan de consultaties want ze willen uit de handboeien en ze weigerden de aanwezigheid van de soldaten. Daarom nemen ze hen niet meer mee naar de ziekenboeg.” Volgens Lerzan heeft hij al vaak klacht ingediend. Hij heeft al naar de procureur geschreven maar die heeft elke klacht geweigerd. Bij die weigering heeft hij zich dan gericht naar de procureur van de republiek, maar hij heeft ook alle klachten en eisen van de gevangene geweigerd. Daarnaast schreef hij ook nog brieven naar de minister van Justitie, maar daar kreeg hij hetzelfde antwoord.

Tayad probeert op allerlei manieren de mensen te informeren. Aangezien zij op weinig steun kunnen rekenen van de pers, zijn ze genoodzaakt om zelf actie te voeren. Op het grote centrale Taksimplein in Istanbul organiseert Tayad persconferenties en delen ze rapporten uit aan voorbijgangers. Ze proberen de mensen daarover ook aan te spreken. Maar dat gaat niet altijd van een leien dakje. “In Trabzon distribueerden we folders, maar de fascisten vielen daar onze leden aan en hebben ze geprobeerd om hen te vermoorden. Daarop werden onze leden gearresteerd en in de gevangenis geplaatst. Het proces tegen hen loopt nog altijd”, aldus Mehmet.

Mehmet legt verder uit: “Rond 2003, Tijdens één van mijn acties op straat hebben de autoriteiten mij opnieuw gearresteerd en in de gevangenis geplaatst. Ik informeerde de jongeren over mijn ervaringen in de gevangenis van Sincan. Ik moest daar dan nog eens 10 maanden blijven. Ik ben dan ook een deel van mijn geheugen kwijtgeraakt door de psychologische folteringen.”

Tayad verstuurt brieven naar de minister van Justitie. Op 22 januari van dit jaar hebben ze voor de eerste keer vooruitgang geboekt. De minister van Justitie, Cemil Cicek, gaf de toelating aan politieke gevangenen om elkaar 10 uur per week te zien. Dat heeft de minister in een rondzendbrief verstuurd naar alle gevangenissen. Probleem echter is, dat slecht twee gevangenissen die nieuwe regels hebben geïmplementeerd: de F-type gevangenissen van Bolu en Tekirdag. Alle andere gevangenissen hanteren een norm van slechts twee uur per week. Daarover hebben de gevangenen al heel wat klachten ingediend bij het ministerie van Justitie, maar er verandert nog steeds niets. Lerzan haalt haar schouders op: “Die rondzendbrief was een kleine overwinning voor ons maar dat elimineert de totale isolatie niet. Eerst heeft de regering de isolatie ontkend. Maar daarna hebben ze dan toch een toegeving gedaan. Maar de strijd is nog niet gedaan, we blijven voortdoen tot er een volledige stopzetting is van de isolaties en folteringen.”

Volgens Polat was dat geen toegeving van een fout: “De gevangenen wilden dat een mogelijkheid voor meer sociaal contact. Voordien stond dat op vijf uur, nu is dat tien uur. Het is geen teken dat we een fout maakten, maar het was enkel maar een modernisering van het systeem. Als het systeem moet gewijzigd worden, waarom zouden we dat dan tegenhouden?”

Mehmet heeft vier keer in de gevangenis gezeten. In het begin onderging hij vooral fysieke folteringen. Cipiers kleedden hem uit en gaf hen op verschillende plaatsen elektrische schokken. Daarna sloegen zij hem op een heel brutale manier. Later ging het vooral om psychologische folteringen waarbij hij geïsoleerd werd: “Men schakelde over op een andere vorm want bij fysieke folteringen kon men zich laten verzorgen door de dokter. Maar bij isolatie gaat het om zeer diepliggende psychologische sporen. Ik heb zelf gezien hoe men 6 gevangenen levend heeft verbrand. Daarna heb ik de dood gezien van 12 vrienden. In 2000 heb ik uiteindelijk kunnen gebruik maken van artikel 399 want ik was ongeneeslijk ziek en de dokter verklaarde dat ik niet in de gevangenis kon blijven leven”, getuigt Mehmet.

Volgens Mehmet wil de staat zijn macht beschermen via folteringen. “Turkije heeft een dominant, fascistisch en imperialistisch systeem. Maar we blijven vechten voor de onafhankelijkheid en tegen het imperialisme. De democratie tegen het fascisme en het socialisme tegen het kapitalisme. Zolang de staat wordt geleid door een fascistisch en kapitalistisch regime, zullen er altijd problemen zijn in de gevangenissen”, aldus Mehmet.

Mensenrechtenorganisaties en activisten wijzen de overheid met de vinger. “De overheid moet de veiligheid van de gevangenen garanderen. Maar elk jaar vallen daar doden. Ze weten dat er folteringen zijn maar schuldigen kunnen elke vorm van bewijs achterhouden. Volgens de rechters zijn er geen bewijzen of getuigen waardoor de daders altijd vrijuit gaan. Er is een groot verschil tussen wat er in de wet staat en wat er in de praktijk gebeurt. “De implementatie van de regels is verschrikkelijk. Indien ze een klacht indienden, kregen ze een disciplinaire straf. Op die manier verloren ze hun op familiebezoek of mochten ze geen brieven meer versturen. Dus de hele communicatie met de buitenwereld werd op die manier verbroken. De gevangenen kunnen hun wettelijke rechten niet gebruiken. Spijtig genoeg hebben de bevoegden in de gevangenissen en in het ministerie van Justitie de mentaliteit om de gevangenen een tweede keer te straffen. Vooral dan tegen politieke gevangenen: linkse aanhangers of Koerdische gevangenen. Daarom durven gevangenen niet altijd een klacht neer te leggen uit schrik voor de straffen”, vertelt Lerzan.

“Turkije is een politiestaat maar er is een evolutie aan de gang waarbij er een modernisering is van de onderdrukking. We gaan de situatie nooit kunnen veranderen door enkel wetten in te voeren. Democratie is meer dan enkel wetten opstellen, het is ook het welvaartspeil van de bevolking verbeteren, het is ook het recht om zich te verenigen in syndicale organisaties e.d. Het is zelfs vandaag nog verboden voor studenten om zich politiek te verenigen op de campus. Regelmatig komt de politie tussen en valt de studenten dan aan. Soms is het de rector zélf die de politie contacteert om bepaalde studenten op te pakken. Waar ik het meeste voor vrees is, dat men het Turkse model als voorbeeld gebruikt voor andere Europese staten. Dat de onderdrukking in Turkije inspirerend werkt. Er is een mogelijkheid dat andere Europese staten het Turkse politiesysteem overnemen omdat het efficiënt is om het terrorisme te bestrijden. En op die manier zullen de Europeanen hun rechten langzamerhand ingeperkt zien. Ik sta er dus heel sceptisch tegenover,” zucht Bahar.

Het bezoek eindigt bij de directeur van de gevangenis, Ayhan Capaci. Capaci toont zijn gastvrijheid en nodigt ons uit voor een thee en een etentje. Ook aan hem stel ik de vraag over de folteringen. “Officieel zijn folteringen onmogelijk in onze gevangenissen. Het zijn allemaal leugens! Onze standaarden in Turkije zijn zelfs beter dan in Europa. We werken hier alleen met hoog opgeleide mensen die de naleving van de mensenrechten hoog in het vaandel dragen”, reageert Capaci fel.

In een reactie op de beschuldigingen van Tayad, zegt Polat het volgende: “Als er klachten zijn, kunnen de gevangenen zelf schrijven naar de procureur of naar heel wat Ngo’s. De bedoeling is dan dat de Ngo’s klachten doorsturen naar ons. Ik raad dan ook aan dat zij de misbruiken in Sincan naar ons doorsturen zodat wij er een officieel antwoord op kunnen geven.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!