De Mythe van het positief verhaal

De Mythe van het positief verhaal

vrijdag 31 januari 2014 18:44

in heel wat progressieve middens gaat men ervan uit dat de beste te voeren strategie tegen polarisering en verzuring het brengen van een positief verhaal is. In sommige gevallen gebeurt dit uit een gebrek aan inzicht in andere gevallen uit eerder pervers opportunisme, maar binnen politieke of gelijkaardig geëngageerde kringen meestal door beiden. Men gaat ervan uit dat door het brengen van een positief verhaal enkel de positieve kenmerken binnen de samenleving uitgelicht worden en dit de verschillende groepen aanwijst dat samenleven in harmonie best mogelijk is, wat hun dichter bij elkander moet brengen. Het mag mooi klinken, het is nog veel grotere onzin. In werkelijkheid leidt dit tot juist tot meer polarisatie, meer frustratie en verzuring.

Ik beperk me hierbij louter tot de theoretische benadering van dit fenomeen, niet omdat ik verlegen zit voor daadwerkelijke voorbeelden, maar omdat mijn lijst van uitgesproken tegenstanders reeds zo omvangrijk is dat ik echt geen nood heb om door dergelijke publicatie die nog nodeloos te vergroten, het wordt al te vermoeiend. Niemand hoeft zich dus specifiek aangesproken te voelen, het is aan de lezer hier zelf over te oordelen. Maar terug bij de les nu …

De reden waarom het positieve verhaal zo nefast is is omdat in de strijd tegen discriminatie en polarisatie erkenning van de problematiek essentiëel is, en daar schiet het positieve verhaal schromelijk te kort. In het positivisme zit een dubbele problematiek: Enerzijds leidt dit door de negatie van de negatieve effecten veroorzaakt door discriminatie tot ernstige frustratie bij de slachtoffers. Zij ervaren de gehele problematiek niet als positief en merken dat hun klachten en verzuchtingen niet aan bod komen. Zij dienen zich genereus op te stellen tegenover de daders van discriminatie.

Dat laatste op zich is in sé niet noodzakelijkerwijze verkeerd en kan effectief een noodzaak worden binnen de oplossing voor de problemen. Maar het streven naar verzoening mag absoluut géén deel uitmaken van een positief verhaal. De kritiek  tegen elke vorm van onrechtvaardigheid dient scherp gevoerd te worden, de verzoening komt pas nadat de problematiek in haar geheel erkend werd. 

Buiten het gebrek aan erkenning voor de slachtoffers van discriminatie zit in het positivisme een nog veel grotere perversiteit. Wat het doet is niet enkel het leed banaliseren maar evenzeer doet het dit met de wandaden. Plegers van discriminatie krijgen de boodschap dat wat zij deden niet verwerpelijk, polariserend of soms zelf gewoon misdadig was. Dit sterkt hun in hun overtuiging dat wat ze deden legitiem was. Dit signaal wordt daarenboven ook nog eens opgevangen door de slachtoffers wat hun wrok zeer begrijpelijkerwijze enkel maar doet toenemen. De frustratie groeit bij slachtoffers tot een climax en de plegers voelen zich gesterkt in hun houding. Het gevolg is geen toenadering maar daarentegen een verdere polarisatie.

Wil dit zeggen dat men geen hoop mag hebben ? Er is niet alleen plaats voor hoop, maar is die hoop ook essentiëel in de strijd. Een besef van noodzaak tot verzoening en ook vergevingsgezindheid moet er zijn om resultaat te kunnen behalen, maar men kan pas resultaat daarmee behalen als vooreerst de problematiek van de discriminatie ondubbelzinnig aangekaart is, de verantwoordelijkheden duidelijk gesteld zijn. Vergeving kan men slechts vragen van de slachtoffers nadat er erkenning van schuld geweest is.

Individuen die discriminatie aankaarten en streng en ondubbelzinnig veroordelen werken in die zin mee aan de uiteindelijk oplossing. Anderen die het positieve verhaal brengen vergroten enkel de problematiek. Het opportunisme van het positivisme ligt in het feit dat deze strategie soms gekozen wordt om geen verlies aan achterban te leiden, maar men kan geen omelet maken zonder eieren te breken.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!