De geborgenheid van het cliché

De geborgenheid van het cliché

woensdag 9 april 2014 22:31

Clichés zijn al zo vaak besproken dat het stilaan een meta-cliché betreft, maar verdienen vanwege een eerdere oproep voor meer nuance en intellectuele eerlijkheid toch onze aandacht. Het cliché is namelijk een van de belangrijkste beweegredenen om op partij A, B of C te stemmen. Als we vinden dat “Dé vreemdeling” voor overlast zorgt, stemmen we op partij A. Als we vinden dat “Dé ondernemer” geviseerd wordt, dan stemmen we op partij B. Vinden we dat “Links” een bedreiging voor onze toekomst is, stemmen we op partij C. Enzoverder enzovoort. 

Daarnaast is het cliché ook een handige retorische truc tijdens discussies, zeker op het internet, waar schreeuwerige intellectuele pastiche sowieso de voorkeur krijgt op de betere discussie, in alle openheid en met respect voor de rechten van de nuance. In die gevallen wordt men vereenzelvigd met het cliché van een ideologische strekking (Ga nog maar wat belastingen innen), een partij (Eerst x doen, en dan y willen, hypocrieten!), ook al behoort men niet tot deze partij of een standpunt of idee dat aan een ideologie of partij wordt gelinkt (Als het van u afhangt, wordt er binnenkort opnieuw knokploegen ingevoerd, is het niet?).

Clichés zijn er in alle soorten, maten, gewichten en kleuren, en, omdat het hier toch over politieke en maatschappelijke debatten en analyses gaat, alle ideologieën. Zo staat links sowieso voor meer overheid, meer belastingen, meer multiculturalisme en migratie, een laks beleid en veel subsidies. Uiteraard kunnen clichés ook positief zijn. Zo zal iemand met sympathie voor links geïnspireerde ideologieën vaak menen dat links gelijkstaat aan empathie, samenhorigheid, een warme samenleving, welzijn en zorg en kansen.Omgekeerd is ook rechts een dankbaar doelwit van welgemikte clichés. Vaak zijn deze, zoals het tegenpolen betaamt, tegengesteld aan de positieve eigenschappen van de een en de negatieve punten van de ander.

Zo is iemand met rechtse inborst automatisch hardvochtig, voor individualisme, responsabilisering, economisch en financieel gewin en culturele eenheidsworst. Daar staat dan weer tegenover dat de supporters menen het recept te hebben voor efficiëntie, welvaart, rechtvaardigheid en rechtlijnigheid. Clichés zijn zelden helemaal naast de kwestie, maar toch siert het niet om iemands persoonlijkheid te herleiden tot politieke verkeur, laat staan een clichématige blauwdruk ervan.

Clichés hebben echter wel ook enkel voordelen. Een discussie kan niet zonder een zekere abstractie. Anders gaat men zich kapot nuanceren en kan er nooit een conclusie komen. Dit is enerzijds, anderzijds doorgedreven tot het in absurde. Het dient gezegd te worden dat sommige politici de overdreven nuance ook als retorisch trucje gebruiken, maar dit is eigenlijk even schadelijk als het overdreven cliché, dat tot op zekere hoogte haar waarde heeft in het debat.

Vanuit politieke communicatie is het echter van cruciaal strategisch belang, net omdat vele kiezers vertrekken vanuit algemene stereotypen. Men kan makkelijk alle excessen die men wil bestrijden framen en zo de associatie opwekken met concurrerende ideologieën en partijen. Death by association heeft al menig politicus de das omgedaan. Daarnaast kan men zo ook het wij-zij-denken, wat in elke ideologie impliciet en expliciet verweven zit, extra aanvoeren. Dit kan zowel positief (de tolerante, moderne ecologist of de hardwerkende Vlaming) als negatief (de luie, profiterende, werkloze migrant, of de immorele, graaiende, harteloze CEO)

Het probleem is dat sinds de crisis en de groei van de N-VA langs beide kanten het cliché aan populariteit wint, en dit zeker in de korte termijns- en schreeuwerige post-gentlemancultuur weegt op de kwaliteit van het publieke debat en het pluralisme. Beide kampen vinden elkaar steeds minder, net omdat men het vijandsbeeld zo makkelijk kan cultiveren en herleiden tot enkele excessen. Zo zie je niet meer de ander als iemand die andere oplossingen ziet, maar iemand die de tegenpool is van al waar de eigen ideologie voor staat, tot in het absurde. Of die persoon daadwerkelijk zo denkt maakt zelfs niet meer uit. Dit wordt ook steeds enger gedefinieerd. Links is links, en recht is rechts, en jullie denken automatisch dit en wij automatisch dat. Het is de fast food onder de intellectuele hersenarbeid.

Laat ons bedenken dat er voor elke communist een anarchokapitalist is, en voor elke neo-liberaal een rechts-libertariër. Maar wat misschien nog belangrijker is, niemand moet herleid worden tot politieke overtuigingen, omdat deze slechts een bepaald facet van persoonlijkheden, levensvisies en maatschappelijke patronen vertegenwoordigen. Er is slechts een minderheid van de mensheid die het echt slecht meent, de overgrote meerderheid probeert net als u en ik er elke dag het beste van te maken, gestuwd en beperkt door eigen mogelijkheden en frustraties.

Laat ons dus wat bewuster omspringen met het cliché. Laat ons wat meer aandacht schenken aan de feiten, de daden van onze politici en onze partijen, zonder daarvoor terug te grijpen naar het slechtste van het slechtste, de diabolisering van de politieke tegenstander. Laat ons tout court ophouden de ander per se als tegenstander te zien, maar iemand die van mening verschilt, die andere oplossingen biedt voor dezelfde problemen, maar een mens van vlees en bloed. In plaats van schuimbekkend de intellectuele straat op te lossen, zouden we het cliché en de nuance met elkaar kunnen verzoenen. Hoe meer pluralisme, hoe beter onze democratie werkt, en dat is goed voor links, rechts en al wat er maar tussen kan liggen.  

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!