Bezoek aan onterecht opgepakte vakbondsleider in Cambodjaanse gevangenis

donderdag 27 januari 2011 12:04
Spread the love

Pnomh Penh, 27 januari 2011– Als je iemand gaat bezoeken in de gevangenis weet je dat dat geen pretje is. Bovendien behoort Cambodja nog steeds tot één van de armste landen van Azië. Ik had mezelf dus voorbereid, al wist ik niet goed waaraan ik me kon verwachten toen ik woensdag 26 januari op bezoek ging bij Sous Chantha in de CC1 gevangenis in Phnom Penh.

Sous Chantha werd op 18 november onder valse voorwendsels gearresteerd. Chantha is vakbondsafgevaardigde bij de kledingproducent United Apparel Garment, die vooral voor GAP produceren. Hij vertegenwoordigt 1000 vakbondsleden in de fabriek. Chantha en zijn achterban konden zich niet langer vinden in de aanpak van de IDUF, de vakbondskoepel waarbij ze waren aangesloten.

Die speelde onder één hoedje met de werkgever. De voorzitter van IDUF probeerde Chantha ervan te overtuigen om zijn kritische houding te laten varen en in ruil hiervoor geld van de fabriek te aanvaarden. Hij wilde hem dus ‘uitkopen’, zeggende dat “zelfs engelen corrupt zijn”.

Chantha wenste in dit spel niet mee te spelen en stapte met zijn achterban over naar C.CAWDU, partner van ACV en Wereldsolidariteit. Twee uur na de ondertekening van het akkoord dat de overstap naar C.CAWDU bezegelde, werd Chantha onder valse voorwendsels (in scène gezet drugsbezit) opgepakt.

Hij werd de volgende dag voor de rechter geleid, die hem in voorarrest plaatste op beschuldiging van drugshandel (waarvoor hij 2 tot 5 jaar gevangenisstraf riskeert). Lokale mensenrechtenorganisatie LICADHO spitte de zaak uit en kwam tot de bevinding dat Chantha in de val werd gelokt.

We vertrekken ’s ochtends vroeg uit Phnom Penh en pikken Chum op, Chantha’s vrouw met dochtertje Reksa van 16 maanden oud en Sophat, Chantha’s zus. We worden begeleid door een medewerker van LICADHO, de mensenrechtenorganisatie die voor juridische en morele bijstand zorgt voor ‘politieke’ gevangenen in Cambodja.

Enkel zij kunnen een bezoekrecht afdwingen. Hoewel onze namen en de goedkeuring voorafgaand doorgegeven waren, wordt het nog een uur spannend afwachten buiten aan de gevangenispoort. Uiteindelijk mogen we binnen en worden we na fouilleren en toestoppen van geld aan de cipiers , overgebracht naar de bezoekersruimte buiten. Opnieuw wachten.

Chantha’s vrouw kijkt gespannen rond. Ze staat op, haar dochtertje op de arm. Wanneer Chantha in zijn blauwe gevangenisuniform dat hem veel te ruim zit toekomt, strekt Reksa haar armpjes uit naar haar papa en stromen de tranen over zijn wangen. Zijn vrouw omhelst hem. Er wordt amper gesproken, de emoties spreken voor zich. Ingetogen vreugde elkaar te zien, onuitgesproken pijn over de omstandigheden waarin dit moet gebeuren.

En die omstandigheden zijn niet min. Chantha verblijft in een hok van 4 meter op 5 samen met nog 18 andere celgenoten. Die zitten vast voor ernstige misdrijven zoals verkrachting, roofmoord en drugshandel. Alles in de gevangenis dient met geld geregeld te worden. Je veiligheid afkopen, de mogelijkheid om een persoonlijk item zoals een brief van zijn vrouw te kunnen bijhouden of een gigantisch bedrag betalen om een telefoontje te kunnen maken.

Chantha’s veerkracht lijkt voorlopig niet gebroken. Ik ben enorm geraakt door zijn morele standvastigheid. Hij wil hier als een goed man uitkomen, om ook een goede vader te kunnen zijn voor het tweede kindje waarvan zijn vrouw in verwachting is. Hij vindt het een goede zaak dat zijn vakbondsleden nu bij C.CAWDU zijn, die echt de arbeiders vertegenwoordigen, ook al heeft die beslissing hem zijn gevangenschap opgeleverd. Als hij vrijkomt wil hij zich mee inzetten om een hoger minimumloon voor de werknemers in zijn fabriek te kunnen onderhandelen.

Zijn ingetogenheid, zijn warme, krachtige blik treffen me keihard. Voor mij zit een onschuldig man, die vasthoudt aan zijn principes en zijn geloof in de vakbond.

Ath Thorn, voorzitter van C.CAWDU en de andere meegekomen vakbondsmannen spreken Chantha bemoedigende woorden toe en geven toelichting over hoe de advocaat zijn zaak verder opvolgt. Ik leg Chantha uit dat er ook internationaal actie ondernomen wordt om zijn vrijlating te bepleiten. In tal van landen loopt er een briefschrijfactie gericht aan de Cambodjaanse minister van arbeid, Vong Soth.

Ook de Europese en Amerikaanse ambassades worden aangeschreven. De werknemers van de fabriek, die ondertussen samenleggen om Chantha’s familie financieel ondersteuning te bieden, plannen ook verdere acties. Ze zullen hierin ondersteund worden door C.CAWDU, verzekert Ath Thorn Chantha.

Het moment van afscheid nemen nadert, onze bezoektijd is afgelopen. Ik krijg een stevige handdruk van Chantha en een lach. Reksa begint te huilen. Chantha ziet zijn vrouw en dochtertje vertrekken, niet wetende wanneer hij weer bij hen thuis zal zijn.

Eens buiten aan de gevangenis zwijgen we allemaal. Het harde onrecht bedrukt ons. Ik voel me klein en machteloos. En kan alleen maar hopen dat Chantha’s verhaal iedereen raakt en aanzet om die kleine moeite te doen en onze briefschrijfactie te ondersteunen. Alleen voldoende internationale druk geeft Chantha een kans om weer een vrij man te worden.

Ook jij kan nog steeds je steentje bijdragen voor de vrijlating van Chantha.

Stuur vandaag nog jouw protestbrief, dat kan met enkele klikken via: http://www.cleanclothes.org/urgent-actions/cambodian-trade-union-leader-arrested

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!