Barrière

Barrière

vrijdag 19 januari 2018 18:44

Ze straalt. Ze lacht. Ze knipoogt. Ze is oogverblindend mooi. “Mijnheer, ik heet u heel erg welkom in Congo.” De politieagente die mijn pas controleert doet mijn hart sneller slaan. Ze geeft me toegang tot wat de hel genoemd wordt. Goma heeft inderdaad geen goede naam. Maar als dit de toegang tot de hel is, moet ik dan wel al die inspanningen leveren om mijn hemel te verdienen? Of is dit een truuk van de duivel?

“Mijnheer, dit is geen grensovergang voor mensen zoals u. U moet langs de “Grande Barrière” gaan. Dit is de “Petite Barrière.” Dat noem ik nu eens klasse. Wij hebben mekaar maar een paar luttele seconden in de ogen gekeken en ze ziet reeds wat voor vlees ze in de kuip heeft. “Grande” en “Petite” slaat hier niet in de eerste plaats op de grootte van het grenscomplex. Het slaat vooral op het type van passanten. De petite barriere mikt vooral op het gepeupel. De Grande Barrière ziet vooral chiquere mensen zoals ik.  Ik ben verliefd. Als ik terug kom vraag ik haar uit eten, ten dans en wie weet wat nog allemaal. Ik zal haar evenwel nooit meer terug zien. Haar shift zal erop gezeten hebben.

Grensovergangen hebben iets magisch. Je ziet dames dingen verbergen op plaatsen waar zelfs de meest ervaren douanier niet durft te komen. Die dames doen dat als job. Zij passeren de grens tientallen keren per dag.  Hoe zou dat toch komen dat noch de grenspolitie, noch de douaniers ook maar iets in de gaten hebben? Grensovergangen hebben ook iets spannends. Het is toch altijd afwachten of ze je laten passeren. Zouden grenswachters aller landen een speciale cursus krijgen in het stellen van stomme vragen?

Goma heeft veel slechte straten en nog meer slechte huizen. Goma: waar Vlamingen thuis zijn. Maar hier hebben ze goede redenen voor hun houten barakken: de vulkaan kan elk moment terug uitbarsten en stel dat je dan net een nieuwe woonst gebouwd hebt,  dan ben je alles kwijt. Het is een uitleg als een andere.  Een uitleg die vaak terugkomt overigens. De meeste wagens rijden hier rond met het alarmlampje voor benzine permanent op rood. “Als ik nu mijn tank vol giet en morgen sterf ik, dan was dat totaal nutteloos.” Dat Europeanen zo’n simpele waarheid niet snappen zegt veel over hen.

Ik maak graag gebruik van de moto-taxi’s die ook hier zoals in veel Afrikaanse steden populair zijn. Het geeft me het gevoel dat ik – midden rebellenland – ook een rebel ben. Alle ambassades raden immers het gebruik van moto-taxi’s af wegens te gevaarlijk. Hier in Congo moet je zelfs geen helm dragen. Wat verlang ik terug naar de tijd dat mijn wilde haren nog manen waren. Die taxi-motards worden in een speciaal fabriekje vervaardigd: standaard en aan de lopende band. Allemaal zeggen ze de enige motard in de stad te zijn die veiligheid belangrijk vindt. Allemaal verlangen ze daarvoor een extraatje van de witte klant. Per slot van rekening heeft hij ons toch gekoloniseerd. Het wordt tijd voor de terugbetaling.  

Ik eindig mijn dagje Goma altijd bij een Belgisch biertje waarvan men zegt dat ze het speciaal voor mij importeren. Ik verdenk de kroegbaas ervan toch geregeld aan mijn voorraad te zitten. In de naastliggende supermarkt ga ik dan koekjes kopen. God is overal maar de koekjes van Everyday zijn overal lekker.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!