Betogen of vertogen?

Betogen of vertogen?

donderdag 2 april 2015 09:19

In
onze westerse democratische landen is betogen een vrij courante zaak waarmee
kleinere of grotere groepen opkomen voor hun eisen of rechten en daarmee het
maatschappelijke bestel willen proberen bijsturen. Het gaat om ‘proberen bijsturen’
want ofwel wil men genomen maatregelen doen corrigeren  ofwel wil men maatregelen laten nemen voor een
nood of behoefte waarvoor nog geen geschikte voorziening bestaat. Het is dan
telkens de vraag hoeveel effect de betoging zal hebben, niet alleen op basis
van het aantal deelnemers dat in verhouding tot het aangekaarte probleem
voldoende groot / representatief moet zijn, maar ook omdat een betoging met
korte slogans werkt die het probleem kernachtig moeten stellen zonder in detail
te kunnen gaan over de gewenste uitwerking van de oplossing.

Een
betoging laat de uitwerking over aan de politici of de middenveldorganisaties
die voor de opgave competent geacht worden.

Een
betoging gaat gewoonlijk maar over één of een paar nauw verwante thema’s. Hoe
enkelvoudiger het thema en hoe minder gedetailleerd des te gemakkelijker men
een grote groep achter de vlaggen en de themaborden krijgt. Betogen leent zich
dus om specifieke materies onder de aandacht te brengen en op de agenda van de
aangewezen instanties te krijgen. Een betoging gaat zelden over een grondige en
algehele aanpassing van het maatschappelijke bestel, want zoiets vraagt óf
teveel uiteenlopende thema’s óf één enkele slogan die dan door zijn
algemeenheid met ‘ontwijkende’ reacties kan worden ontkracht. De wil tot
betogen slaat in een dergelijk geval over in revolutie wanneer men niet weet
hoe de problematiek aan te pakken of wanneer de communicatie over de verzuchtingen
geen geschikte kanalen en/of gesprekspartners kent. De ‘lentes’ in de Arabische
wereld zijn er voorbeelden van.     

Voor
grondige aanpassingen van het maatschappelijke bestel zijn – zelfs in
democratische regimes – betogingen niet het geschikte middel. De veelheid van
materies, structuren, en organisaties waarover men het tegelijkertijd en in hun
samenhang wil hebben vragen om een vertoog; en dat haalt zijn kracht niet uit
het aantal deelnemers dat ervoor op straat zou komen maar wel uit de
gefundeerde inhoud van de nieuwe visie die wordt voorgelegd en verdedigd. Om
ons huidige (neo-liberale) bestel, dat aan kwalijke egoïstische ziektes en erge
financiële vergroeiïngen lijdt te vervangen door een leefbaar en duurzaam
bestel is een goed onderbouwd vertoog nodig. Het vrijwel ongebreidelde
vrije-markt-bestel, waartegen de nieuwe visie moet opkomen, kan zijn bestaan en
positie verdedigen met de gangbare economieleer waarin de meeste mensen –
omwille van haar virtuele en werkelijkheidsvreemde karakter – geloven zonder
die ooit voldoende bestudeerd te hebben. Dogma’s worden voorgehouden en niet
uitgelegd zoals Ronald Reagan en Margaret Thatcher destijds onderstreepten met
‘there is no alternative’.

Maar
van dogma’s eet men geen brood en zij kunnen evenmin klimaatontsporingen
tegenhouden of tegen de uitputting van de aarde iets betekenen. Omdat de
‘pausen en bisschoppen’ van de gangbare en dominante economieleer het onderhand
erg warm beginnen te krijgen van de confrontatie van hun leer met de
werkelijkheid, is er nu een reactie op gang gekomen om die toch beter op de
realiteit te doen aansluiten: het CORE project van University College in London
onder leiding van hoogleraar Wendy Carlin. Let wel, die reactie is er pas
gekomen in antwoord op een open brief van studenten economie uit de hele wereld
gegroepeerd in het ‘International Initiative for Pluralism in Economics’
(ISIPE). Wat over die ‘Rethinking Economics’ voorlopig losgelaten wordt doet
vrezen dat het hoofdzakelijk oude wijn in nieuwe zakken zal worden. De
rethinking concentreert zich volgens de vrijgegeven informatie op de formulering
die ‘beter bij de tijd’ zal zijn. Nergens wordt verwezen naar een nieuwe basis om
de economische spelers en het totale web van stromen waarin die actief zijn
beter, vollediger en transparanter te beschrijven. In het Economische Realiteit
Systeem (ERS) is dat wel het geval en vindt men een theorie om het vertoog voor
het nieuwe maatschappijmodel logisch, herkenbaar, en transparant te
onderbouwen.

Een
medeburger die van een specifiek onrecht of tekort in het maatschappelijke
systeem overtuigd is moet bij deelname aan een betoging vooral een fysieke
inspanning leveren in de weersomstandigheden die zich op de geplande datum aandienen.
Dat is democratie die het verdere verloop uit handen geeft en overlaat aan de
instanties die voor de materie bekwaam worden geacht. Voldoet de oplossing niet
dan is met het nodige tijdverlies weer een volgende ‘corrigerende’ betoging nodig.

Voor een meer grondige herschikking van het
samenlevingsbestel is vooral een mentale inspanning vereist maar die is in veel
comfortabeler omstandigheden af te handelen. Zich verdiepen in een aantal
vernieuwende voorstellen en hun samenhang kan thuis op eigen ritme en wanneer
het schikt gebeuren. Voor het contact met andere geïnteresseerden en
gelijkgestemden en vooral met de aangestelde politici en verantwoordelijken uit
het middenveld zijn er thans zat mogelijkheden voor communicatie. Het goed
gefocust blijven van zo een verspreide groep vereist alleen dat men vertrekt
van een goed neutraal en totaal overzicht en inzicht van het maatschappelijke
bestel. De gangbare enge economieleer biedt dat niet, het maatschappelijk georiënteerde
ERS wel.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!