about
Toon menu

Vrijheid van meningsuiting en censuur op sociale media

vrijdag 18 september 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

We leven in woelige tijden, iets wat zich ook met de regelmaat van een klok laat voelen op sociale media. Als u al eens de vele reacties van Facebookgebruikers hebt gelezen die sommige krantenartikels steevast opleveren, dan weet u ongetwijfeld wat ik bedoel. Dichter dan dit stonden de massamedia wellicht nooit bij hun (potentiële) klanten, en ook de mediagebruikers zelf maken in toenemende mate gebruik van de (virtuele) mogelijkheden tot interactie die hen geboden worden. Iedereen gelukkig dus? Dat dacht je maar…

Hoe controversiëler het onderwerp, hoe groter de kans dat lezers een kranten- of tijdschriftartikel online gaan becommentariëren. Titel, inleiding en begeleidende foto moeten die kans nog verhogen en slagen daar meestal met brio in. En hoe meer comments en shares via Facebook en andere sociale media, hoe beter uiteraard voor het mediabedrijf in kwestie. Althans voor zijn visibiliteit en naambekendheid. Want laten we wel wezen: de manier waarop al die reacties (al dan niet) gelezen en gemodereerd worden door diezelfde media, is op zijn zachtst uitgedrukt voor verbetering vatbaar.

Laat mij duidelijk zijn: de vrijheid van meningsuiting is voor mij een heilig principe en dus per definitie onbegrensd. Een open, verdraagzame samenleving wordt onder meer gekenmerkt door het respect dat eenieder zou moeten opbrengen voor andere meningen, hoe afwijkend die ook mogen zijn. Een van de voordelen van sociale media is dat je daar, indien gewenst, op een relatief eenvoudige en snelle manier geconfronteerd kan worden met de verschillende meningen die leven over een bepaald onderwerp. Dit kan in het beste geval leiden tot interessante discussies, die in het pre-internettijdperk amper denkbaar waren.

Helaas zijn er ook schaduwzijden aan onze open debatcultuur. Dankzij de democratisering verbonden aan nieuwe media kan tegenwoordig zowat iedereen zijn virtueel zegje doen over eender welk heet hangijzer op het web, iets wat we in eerste instantie enkel kunnen toejuichen. We schrijven echter met opzet ‘zijn virtueel zegje doen’, want met vrijheid van meningsuiting heeft een en ander vaak nog weinig te maken. Een mening verkondigen veronderstelt immers dat je deze kan onderbouwen met geldige en geloofwaardige argumenten, stoelen op feiten en toetsen aan beschikbaar bronnenmateriaal. Zomaar wat uit je nek lullen, leugens, ordinaire scheldpartijen, laat staan onversneden racistische of xenofobe reacties horen daar dan ook niet bij wat mij betreft.

Het is geen toeval dat net de oververtegenwoordiging van dat soort ‘vrije meningsuitingen’ op sociale media geregeld tot hommeles leidt. Moeten onze massamedia ruimte blijven bieden aan al die uitingen, ongeacht of je ze nu als ‘mening’ wil kwalificeren of niet? Of moet er toch hier en daar wat meer gemodereerd worden aan onze virtuele togen? Het is een maatschappelijke verantwoordelijkheid die ieder medium voor zichzelf moet nemen, met respect niet enkel voor het eigen doelpubliek maar ook voor alle toevallige passanten die meelezen.

Het is ook niet verwonderlijk dat bij sommige Facebookgebruikers, of het nu publieke figuren zijn of gewone stervelingen, op een bepaald moment de emmer overloopt, waarna ze dan de beslissing nemen om hun account stop te zetten of een deel van hun ‘vrienden’ te verwijderen. In dit geval gaat het over de individuele verantwoordelijkheid van elke gebruiker, die zelf kan kiezen hoe hij/zij met Facebook wil omgaan. De sociale netwerksite biedt daartoe overigens best wel wat mogelijkheden: je kan opteren voor een open of gesloten (lees: enkel zichtbaar voor je eigen vrienden) profiel, je kan er bewust voor kiezen enkel mensen die je ook in het dagelijkse leven kent als vriend te aanvaarden (of juist niet natuurlijk), etc.

Persoonlijk zal ik steeds blijven ijveren voor de vrijheid van meningsuiting, al stel ik mij de vraag of de betekenis van dit concept voor elke anonieme klavierheld even duidelijk is. Ik ben bovendien principieel gekant tegen elke vorm van censuur en daarom weiger ik ook andere Facebookgebruikers te ‘blokkeren’ (dit is de overtreffende trap van ‘ontvrienden’, waardoor je elkaars profiel en posts op geen enkele manier meer kan zien). Je kan niet tegelijk tégen racisme en discriminatie zijn maar als ‘sociaal’ mediagebruiker andere mensen letterlijk gaan uitsluiten, vind ik. Maar goed, ook daarover zullen de meningen wel weer verschillen…

Jan Vael

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

3 reacties

  • door Jan Willems op vrijdag 18 september 2015

    Onder de kop ‘Online terreur is ook terreur’ schreef Hassan Bahara in het oerdegelijke weekblad De Groene Amsterdammer (04-08-2015): “Je kunt het ene na het andere ontroerende verhaal over de mobiliserende kracht van sociale media vertellen. Denk bijvoorbeeld aan de protesten op het Tahrirplein in Caïro die grotendeels via Facebook en Twitter werden gecoördineerd. Maar helaas is het niet alleen heldhaftig maatschappelijk protest waar gebruikers van sociale media in uitblinken.” (…) “Morele woede op sociale media is een doel op zichzelf geworden. Lees het boek So You’ve Been Publicly Shamed van de Britse journalist Jon Ronson er maar op na. Huiveringwekkende verhalen staan daarin van mensen die om wat voor reden dan ook hordes schuimbekkende twitteraars over zich heen kregen. De gevolgen van die hysterie – ontslag, depressie, zenuwinzinking – konden de online meute uiteindelijk niks schelen, die was al weer bezig om het volgende individu kapot te twitteren.” (…) “Iedereen die een venijnige tweet of een woedende Facebook-status tikt, denkt uit nobele motieven te handelen; niemand zal zijn aandeel erkennen in de totstandkoming van een algehele sfeer van hysterie waarin dreigementen als gepaste reacties worden gezien. Correctie van dit gedrag is niet zo makkelijk, maar misschien kan enige reflectie wat zoden aan de dijk zetten.” Zoals bijvoorbeeld deze blog. Want zogeheten vrije meningsuiting in de sociale media, is helaas maar al te vaan “een monster dat om het even wie verslindt”, aldus Hassan Bahara. .

  • door ria aerts op zondag 20 september 2015

    Weet je, de sociale media vervangen het vroegere roddelen in de dorpen, het "lameren" op het voetpad, het uitlachen van de dorpsidioot, het compenseren van afgunst, een uitlaatklep voor bepaalde frustraties, uitoefening van sociale controle enz. Facebook e.d. doen hetzelfde en moeten als zodanig behandeld worden. Ze zijn geen opiniemakers, enkel een maatstaf voor populariteit. En een bron van macht en winsten, uiteraard. Ze hebben hun kwalijke kanten en kunnen mensen enorm veel ellende bezorgen. Dat deden die roddeltantes in de dorpen van vroeger ook. Maar dan verhuis je gewoon, van je Facebook of twitter-account naar echte verenigingen (waar het ook niet allemaal peis en vree is, maar alla), of boeken, of films, of muziek... Er bestaan zoveel kanalen om gelijkgestemden te ontdekken, die net als u belang hechten aan een zekere graad van beschaving.

  • door Carlos Pauwels op maandag 21 september 2015

    Twitter en Facebook zijn aan mij niet besteed. Ik weet niet of het daaran te wijten is, maar ik slaap goed en heb met niemand ruzie. Makkelijk toch? Ik heb ook geen zin om mijn leven te vertellen en ben ook niet geïnteresseerd in dat van een ander tot in de details. Ik heb ook geen nood aan contact met vrienden van 50 jaar geleden. Gisteren is voorbij, ik leef vandaag en kijk uit naar morgen.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties