about
Toon menu
Opinie

Raad van State en Nationale Arbeidsraad kritisch voor justitiehervorming

Drukke agenda gisterochtend in de Kamercommissie justitie. Eén van de wetsontwerpen waarvoor de “werkzaamheden” werden besproken was het “Wetsontwerp houdende wijziging van het burgerlijk procesrecht en houdende diverse bepalingen inzake justitie”1, ook gekend als Potpourri I. Het document dat voorligt in de commissie betreft een bundel van 367 pagina's. Het bevat onder andere een lijvig advies van de Raad van State.
dinsdag 7 juli 2015

Een belangrijke nieuwigheid in het wetsontwerp is de invoering van een niet gerechtelijke procedure voor de invordering van onbetwiste geldschulden. Geens voegt voor het eerst in de Belgische rechtsorde het principe in dat een deurwaarder een uitvoerbare titel kan verlenen ter invordering van schulden.

Het is met name de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders die een “Centraal register voor de invordering van onbetwiste geldschulden” zal opzetten en die op vraag van een individuele deurwaarder een uitvoerbare titel zal verlenen, met een zo goed als onbetekenende controle door een magistraat1.

Er is zeer veel principiële kritiek op deze procedure, onder andere van de Orde van Vlaamse Balies. Ook de Raad van State blijkt nu kritisch. Over het toepassingsgebied van het systeem stelt de Raad dat het nieuwe artikel ”haast onleesbaar”2 is. Hoewel de minister beloofde dat de nieuwe procedure niet van toepassing zou zijn op particulieren is dat bij lezing van artikel 1394/20 absoluut niet duidelijk.

De Raad stelt zich bovendien de vraag of er zich geen probleem stelt van schending van het gelijkheidsprincipe in het materiaal toepassingsgebied. Het is inderdaad bijvoorbeeld eigenaardig dat schulden van publieke overheden uitgesloten zijn uit de wet. Ook de gegevens verwerking door de deurwaarders vindt de Raad van State niet evident3. Valt deze wel te rijmen met artikel 22 van de Grondwet betreffende de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, vraagt de Raad zich af.

In een opvallende passage van het advies bespreekt de Raad van State ook de plannen van Geens om de alleenzetelende rechter in te voeren voor alle zaken in eerste aanleg evenals voor het overgrote deel van de burgerlijke beroepszaken. De Raad verwijst naar het advies van de Hoge Raad van Justitie van 27 mei 2015 die reeds wees op “de meerwaarde die de collegiale beslissing biedt op het vlak van de kwaliteit, de objectiviteit en de legitimatie van de rechterlijke beslissing...”4.

De Raad van State stelt zich ernstige vragen bij het feit dat het aan de korpschef wordt overgelaten “om de zaken te verdelen”. Deze bevoegdheid dreigt “in conflict te komen met de steeds grotere eisen die het Europees recht inzake mensenrechten stelt op het vlak van transparantie, objectiviteit en voorzienbaarheid” en dat wat betreft de criteria die gehanteerd worden bij de verdeling van de zaken binnen de rechtscolleges. Deze principes zijn cruciaal om het vertrouwen van de rechtzoekenden in de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechters te garanderen. De Raad is dus niet onverdeeld gelukkig met de besparingsplannen van minister Geens.

Ook uit een andere hoek klinkt serieuze kritiek. Op 10 juni 2015 schreef de Nationale Arbeidsraad (NAR) een brief aan Minister Geens over de rol van het Arbeidsauditoraat in de procedure voor de Arbeidsrechtbank. In de brief lezen we dat de NAR “meent dat de voorgestelde wijzigingen de verworvenheden dreigen te ondergraven” van de kwalitatieve rechtsbedeling van de arbeidsgerechten.

De NAR is van mening dat “het belang van de rechtzoekende niet gediend is” met de voorstellen van Geens en “dat de voorgestelde regeling ook niet zal leiden tot de beoogde rationalisering van de burgerlijke rechtspleging”. Bovendien is de NAR bekommert over het feit dat de voorgestelde regeling “risico's inhoudt voor de coherentie in de toepassing van het sociaal recht, in het bijzonder het sociale zekerheidsrecht”.

De regering vroeg vorige week de “spoedbehandeling” van het wetsontwerp doch trok die vraag voorlopig in na protest van de oppositie. De opgegeven reden van de spoedeisendheid is het feit dat de wet in het Belgisch Staatsblad moet gepubliceerd zijn voor 24 oktober omdat anders de misdaden van de Bende van Nijvel verjaren. Het wetsontwerp voorziet namelijk ook een verlenging van de verjaringstermijn van dergelijke misdaden.

De regering zou echter ook het luik betreffende de Bende van Nijvel uit de Potpourri I kunnen lichten en apart behandelen. Maar minister Geens verkiest de tekst als één geheel te behouden. Hij gebruikt dus de nood om ten laatste op 24 oktober de verjaring van zware misdaden te hebben verlengd om het geheel van zijn voorstellen er vrij snel door te krijgen met commissievergaderingen begin september en een kort en snel debat in het parlement naar het schijnt nog in september.

Het lijkt toch raadzaam voor de minister om de “spoed” die hij vraagt te beperken tot wat echt spoedeisend is en dus de “Bende van Nijvel” bepalingen apart te behandelen. Want er is nog veel werk aan zijn winkel. Morgen zal de Kamercommissie beslissen welke deskundigen nog zullen gehoord worden.

Hopelijk zullen daar ook specialisten sociaal recht bij zijn en vertegenwoordigers van de vakbond. Zijn de kleine aanpassingen die Geens deed aan zijn voorontwerp voldoende om te voldoen aan de kritieken van de Raad van State ? Welke stappen zal hij zetten om tegemoet te komen aan de kritieken van de NAR ? En wat met de vele kritieken uit het middenveld5 In dergelijk belangrijke materies is het toch geen luxe om zowel de kamerleden als de betrokken organisaties, waaronder de vakbonden en eventueel via het middenveld ook de burger, voldoende tijd te geven om het geheel grondig te bekijken.

Men kan niet verwijten aan minister Geens dat hij geen pogingen gedaan heeft om zijn plannen uit te leggen. Of hij echter geluisterd heeft naar mensen op het terrein is een andere vraag.

Ivo Flachet

Justitiespecialist van de PVDA

Bronnen:

1 Zie de voorgestelde nieuwe artikelen 1394/20 tot 27 op p. 251 van de bundel.

2 P. 120 van de bundel bevattende het advies van de Raad van State

3 P. 123 ibidem

4 P. 110 van de bundel bevattende het advies van de Raad van State

5 http://www.knack.be/nieuws/belgie/de-gewone-burger-blijft-bij-justitie-steeds-meer-in-de-kou-staan-de-kleine-consument-al-helemaal/article-opinion-581315.html

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.