Trump krijgt alleen een serieus antwoord van een mystica van de vrede als Etty Hillesum

Trump krijgt alleen een serieus antwoord van een mystica van de vrede als Etty Hillesum

zondag 20 november 2016 22:34
Spread the love

De nieuwe situatie die is ontstaan na de verkiezing van Donald J. Trump als nieuwe president van de Verenigde Staten van Amerika ergert mij en maakt mij treurig.Hier enkele bedenkingen, die houvast pogen te bieden bij de start van extra onzekere tijden. (Duizend woorden)


Trump lijkt als fenomeen, als kind van de valse rijken enkel een serieus antwoord te kunnen krijgen van iemand als Etty Hillesum, de grote mystica van de vrede en de wederzijdse zorg.

Even in de taal van de betrokken Amerikanen –

The behaviour of the American Voters can (luckily, thanks be to the God of Vocabulary) be summarized in one single English expression: “They are looking for trouble” – The mood of self destruction in which people clearly have been when going to the ballot, by the expression I learned from the person who was my best friend in the second half of the first decade, Chinenye Ngozi Njoku: “They are looking for Death”.

 

 … Zoals Jonathan Holslag aangeeft in zijn veelbesproken bericht van een week geleden op facebook, geloof ik dat Trump helaas vooral een Kind van zijn Tijd is. Zoals de driesterrengeneraal het formuleerde aan Jonathan. Als het Trump niet was geweest, dan was een vergelijkbare bruut opgestaan. Dat sluit voor mij dan weer aan bij de analyse van Greet Dekeyzer, die jarenlang VS correspondent was voor VRT, waar die concludeert:

“Wij hebben te lang veel te weinig naar de onderlaag van de bevolking geluisterd, omgezien”.

 

Ik denk, ook met ‘t Fingerspitzengefühl van de historicus, dat het moeilijk, waarschijnlijk onmogelijk zal zijn de Tijdsgeest in die zin tegen te gaan.

De massa’s willen “trouble”. Ze zijn te lang getergd. Oorlog is wat er wellicht zal van komen.

Wij zijn te ver weg gegaan.

Te ver van het heilige woord van advies dat we nochtans kennen:

‘Doe aan je arme buur als je aan jezelf doet’

 

Als de bezittende welstellende klasse echt Jezusiaans had gedeeld en gezorgd, zouden wij nu niet met de gebakken peren zitten…

De mensheid zal in the long run altijd oogsten wat zij zaait. – En wie mij kent weet van waar ik de autoriteit haal om dit te schrijven: ik ben zelf tot het uiterste gegaan in de inzet voor de armen, migranten zowel als inboorlingen, in mijn eigen omgeving. Nu al elf jaar lang in de Casablancawijk. Daar heb ik hier geregeld verslag van uitgebracht. En voordien in vele andere vormen van altruïstische aandacht en zware vormen van vrijwilligerswerk én maatschappelijke dienstverlening.

Laat ons op de uitdagingen en drukkende vragen trachten een antwoord te geven met de woorden van iemand die groter is. Vandaag las ik een visie die daartoe geschikt lijkt.

 

Visioen over ondergaande werelden.

En

vanuit doorleefde oorlogservaringen:

toch ook van

een goede toekomst

Etty Hillesum als mystica

 

Etty schrijft op 28 maart 1942:

“Ik herinner me een avond langs een Amsterdamse gracht, een verdroomde zomeravond, al heel lang geleden. Visionair. Steden kapotgegooid. Ik zag steden verzinken en nieuwe steden verrijzen en ik dacht: bombarderen jullie deze wereld maar kapot, wij zullen een nieuwe wereld bouwen en ook die zal weer vergaan en toch is het leven schoon, altijd opnieuw schoon. En het was net een visioen. Steden, die in afgronden tuimelden en nieuwe die verrezen en zo door de eeuwen heen, en het leven dat zo mooi is.

En ook dat landschap van het mishandelde Rotterdam. Weer een nieuw, bizar landschap, met z’n eigen bekoring, dat men ook weer zou kunnen liefhebben.

Wij mensen roepen zelf vreselijke toestanden op , maar omdat die uit onszelf voortkomen, kunnen we er ons ook iedere keer weer aan aanpassen. Zodra we zo worden, dat we er ons niet meer aan kunnen aanpassen, dat we innerlijk allerlei toestanden niet meer verdragen kunnen, eerst dan zullen zij ophouden. Vliegmachines, die brandend neerkomen hebben nog hun eigen sensationele bekoring voor ons – zelfs aesthetisch valt hier indrukwekkend te genieten – en we wéten, we wéten, dat mensen ondertussen levend verbranden, en zolang het nog zo is, dat niet alles in ons zich verzet, zolang we nog aanpassingsmogelijkheden vinden zolang zullen alle wantoestanden voortduren.

Betekent het nu, dat ik nooit treurig ben, nooit opstandig ben, alles maar accepteer en steeds het leven, onder alle omstandigheden prijs? Zo is het toch ook niet. Ik geloof, dat ik alle treurigheden en alle opstandigheden, die er in een mens kunnen zijn, beleef en ken, maar ik blijf nooit aan één zo een moment vasthaken, ik verduurzaam zulke momenten niet. Ze gaan door me heen, zoals het hele leven als een brede, eeuwige stroom door me heen gaat, ze worden mee opgenomen i n die stroom en het leven gaat weer door. En daardoor blijven steeds alle krachten bij me, ter volledige beschikking, haak ik m’n krachten niet vast aan een machteloze treurigheid of opstandigheid.

Und schliesslich: muss man der Weltentraurigkeit nicht dann und wann eine kleine Unterkunft verleihen? (..) Ja, het leven is mooi, aan het eind van iedere dag prijs ik het, terwijl ik toch wéét, dat Zonen van Moeders, zoals u ook een Moeder bent, in concentratiekampen vermoord worden. En het verdriet daarover moet je dragen, je kunt er je onder laten verpletteren, je zult ook wel weer opstaan, een mens is zo iets sterks en het verdriet daarover moet a.h.w. een bestanddeel van jezelf worden, een stuk van je lichaam en van je ziel, je hoeft er niet voor weg te lopen, draag het, maar als een volwassen mens, reageer je gevoelens niet af in een haat, die zich wreken wil op alle Duitse moeders, die toch nu, op dit ogenblik, hetzelfde verdriet te dragen hebben als jij om hun gesneuvelde en vermoorde zonen.

Dit verdriet moet je in jezelf alle ruimte en onderdak verschaffen, die het toekomt en op die manier zal het verdriet in de wereld misschien verminderen, als iedereen draagt, eerlijk en loyaal en volwassen draagt, wat hem wordt opgelegd.

Maar als je het verdriet niet het eerlijke onderdak verleent, maar de meeste ruimte openstelt voor haat en wraakgedachten, waaruit weer nieuw verdriet voor anderen geboren zal worden, ja dan neemt het verdriet nooit een einde in deze wereld en zal zich steeds vermeerderen. – En als  je het verdriet de plaats en de ruimte gegeven hebt, die het krachtens zijn nobele geboorte toekomt, ja, dan mag je toch zeggen: het leven is zo schoon en zo rijk. Het is zo date je in God zou kunnen geloven”

(Het Werk, p. 321-322, Balans, 2012).

 S. Hublou S.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!