Nymphomaniac: Volume I (2013)
Controverse, Lars Von Trier, Filmrecensie, Nymphomaniac, Nymphomaniac: Volume I, Von Trier, Charlotte Gainsbourg -

Nymphomaniac: Volume I (2013)

donderdag 9 januari 2014 19:39

Wie het nog altijd vulgair klinken vindt om termen als ‘kut’, ‘neuken’ en ‘pijpen’ in de mond te nemen, kan ik alvast het volgende meegeven: ga niet kijken naar Nymphomaniac. Wie nog steeds het schaamrood op het gezicht krijgt bij het zien van een stijve lul (we zullen maar even dat woordgebruik verderzetten) en schaamlippen of ongecensureerde penetraties en blowjobs: opnieuw, ga niet kijken naar Nymphomaniac. Wie dag in dag uit voor zijn computerscherm zit te masturberen met pornoclips en daarnaast het geduld niet heeft om het voorspel en de (vaak hilarische) verhaallijnen en mimiek van de acteurs een kans te geven: ook hen raad ik af om Nymphomaniac te gaan bekijken.

Lars von Trier heeft namelijk geen interesse om een schaamlapje voor de mond of de genitaliën te nemen, noch om de geile voyeur op de wenken te bedienen. Wat had je dan verwacht van de regisseur die zowat de belichaming is van provocatie en contrariteit? Voor zij die van dat statuut niet op de hoogte zijn: de meest recente en vermoedelijk bekendste episode vond plaats in Cannes in 2011. Daar beweerde hij een nazi te zijn en schuwde hij het gebruik van cynisch-misogyne humor niet. Dit leverde hem meteen de status van persona non grata op, iets wat von Trier niet aan zijn hart liet komen: hij reageerde er met een onverwachte blijdschap op en gaf de Fransen onderwijl nog een veeg uit de pan over hun eigen nazistische verleden. Ook met Nymphomaniac werd de eerste controverse een feit toen de teaser van het vijfde hoofdstuk van YouTube werd gehaald en, later, toen er een trailer van de film begon tussen de kortfilm Get a Horse! en de recentste Disneyfilm Frozen in een zaal die, uiteraard, bomvol jonge kinderen zat. Dat laatste was geen promotiestunt en bleek om een technische fout te gaan van het bioscoopcomplex. Het geluk zit von Trier mee!

Het is verbazend, vooral na von Triers cynisch-misogyne uitspraken, dat Charlotte Gainsbourg het al drie films (of vier, als je de twee delen van Nymphomaniac afzonderlijk rekent) lang uithoudt met de man. Over Antichrist werd zelfs beweerd dat het een misogyne prent was, ook al valt von Trier eerder misantropie te verwijten dan misogynie. De mans cynische en misantropische houding, zorgen vermoedelijk voor een moreel kompas waar het noorden is ingesteld op allesverwoestend relativisme. Hoewel dat misschien niet de meest nobele en moreel correcte houding is voor de moraalridders onder ons, is het wel exact die houding die zijn films vaak van vernuftige en briljante dissecties van vooroordelen en taboes voorziet. Veel meer nog dan die andere geliefde misantroop, Michael Haneke.

Von Triers laatste werk omvat vier uur (opgedeeld in twee films van twee uur) voor de bioscooprelease en vijf en een half uur voor de director’s cut. Von Trier heeft niets te maken met de montage van de bioscooprelease, het is dus nog even wachten op de director’s cut (die vermoedelijk enkel via dvd en blu-ray zal verschijnen) om de mans eigen visie te kunnen aanschouwen – de film as it was meant to be dus: vijf en een half uur cerebrale porno.

In Nymphomaniac: Volume I zien we de eerste vijf van acht hoofdstukken (waarvan het vijfde de bovenvermelde controverse veroorzaakte): Joe die haar maagdelijkheid verliest, Joe die worstelt met de liefde, Joe die levens verwoest, Joe die een tragedie doormaakt en Joe die tot een eerste (anti-)climax komt. Het is moeilijk om meer te vertellen zonder hele delen van de film te bederven en verraden. Als kijker doorga je lachbuien, niet zelden uit ongemak, en onderga je een steeds aanwezige melancholie. Dat is op voorwaarde dat je je gêne overwint, een noodzakelijke voorwaarde om de film te kunnen appreciëren en beleven. Ik kan alvast zeggen dat zij die vonden dat Idioterne en Antichrist de politieke correctheid mijlenver voorbij gingen, na het zien van Nymphomaniac nieuwe dimensies zullen ontdekt hebben.

Wanneer Rammstein afgewisseld wordt met Bach, Jimi Hendrix met Mozart en Steppenwolf met Wagner… Wanneer dialogen gaan over (je kan het zo gek niet bedenken) nagels knippen, esdoorns, Edgar Allan Poe, vliegvissen, rugelach, Fibonacci getallen, antizionisten / antisemieten, de polyfonische cantus firmus en bolsjewieken vs. taartvorkjes… Wanneer brute, emotieloze beelden van neukpartijen afgewisseld worden met stilistische experimenten en vakkunde… Dan wéét je als cinefiel gewoon dat je op de juiste plaats zit. De ervaring kan nog steeds gekraakt worden door persoonlijke desinteresse, ergernis aan de casting (hoewel je al van erg kwade wil moet zijn om de fantastische Gainsbourg niet te kunnen appreciëren), een antipathie voor von Triers pretenties of misschien zelfs door de traagheid van de film, maar Nymphomaniac is wel in nagenoeg alle aspecten van zijn opzet geslaagd (populariteit was daar overigens géén van): provocatief en toch iets te vertellen hebben.

Of Joe de vrijgevochten vrouw symboliseert of net het gedroomde speeltje van elke patriarchale cultuur, is voer voor feministes – de “mea vulva, mea vulva, mea maxima vulva!” episode zal alvast voor de nodige discussie zorgen (radicale feministes en FEMENistes to battle! – de burgerlijke feministes zullen wel aan de zijlijn toekijken en afwachten wie het meeste kans maakt om te promoveren). Mijn enthousiasme over von Triers laatste meesterwerk is voorlopig vergelijkbaar met infantiele hysterie en dat zal deels blijken uit deze wat onsamenhangende recensie. Over verdere beschouwingen onthou ik me dan ook en wacht ik ongeduldig het tweede deel af (eind januari al in de zalen). To be continued

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!