De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Standbeeld van Lenin in West Northamptonshire, England. Foto: David P Howard, Creative Commons Licence
In memoriam, Longread - Jonas De Wilde

Lenin en de Oktoberrevolutie

Honderd jaar geleden stierf Lenin, de architect van de Russische revolutie. Weinig mensen hebben de geschiedenis van de twintigste eeuw zo bepaald als deze Russische revolutionair. Deze longread overloopt zijn politieke carrière en brengt zijn belangrijkste politieke opvattingen in tien punten.

vrijdag 19 januari 2024 18:27
Spread the love

 

A. Politieke carrière

1. Stichting van de partij

Toen Lenin politiek actief werd in Rusland, waren er in verschillende landen al socialistische (toen Sociaal-Democratische genoemd) arbeiderspartijen opgericht. Deze partijen waren lid van de Tweede Socialistische Arbeiders-Internationale, gesticht door marxisten in 1889.

Maar sinds de dood van Marx (1883) en Engels (1895) groeide in verschillende socialistische partijen het opportunisme. De opportunisten schoven de revolutionaire inhoud van het marxisme opzij. Het marxisme werd vervangen door een pragmatische theorie van het vreedzaam ingroeien van het socialisme in het kapitalisme.

De overwegende aandacht ging naar de parlementaire strijd. De opportunisten rekenden erop dat ze het kapitalisme geleidelijk konden hervormen.

Ook in Rusland was dezelfde ideologische verwarring aanwezig. Daarbovenop was er een grote organisatorische verbrokkeling. In 1898 verenigden verschillende arbeidersorganisaties en marxistische studiekringen zich op het eerste congres van de Russische Sociaal-Democratische arbeiderspartij (RSDAP).

Lenin zelf was toen afwezig, hij was verbannen naar Siberië. Het congres was echter een formele vereniging, zonder programma, zonder statuten en zonder verkiezing van een centrale leiding. Het congres loste bijgevolg de ideologische verwarring niet op.

2. Ideologische strijd

Toen Lenin terug kwam uit ballingschap was hij vastbesloten om een authentieke revolutionaire partij in Rusland uit te bouwen. Lenin was ervan overtuigd dat het niet volstaat mensen bijeen te brengen die zich marxist noemen en de klassenstrijd erkennen. Het belangrijkste criterium is een revolutionaire strategie te hebben om het socialisme te realiseren.

Lenin stelde: “Zonder revolutionaire theorie kan er geen revolutionaire beweging bestaan.” Hiermede wilde hij vanaf het begin afstand nemen van het heersend opportunisme: Voordat men zich verenigt en om zich te verenigen, is het noodzakelijk, zich eerst beslist en duidelijk van elkaar te onderscheiden.”

Voor Lenin volstond het niet om mensen bijeen te brengen die zich marxist noemen en de klassenstrijd erkennen, er was een revolutionaire strategie nodig om het socialisme te realiseren

Lenin begon dan ook met de oprichting van een krant, Iskra. Iskra organiseerde arbeiders die de krant ondersteunden, informeerden en verspreidden. De krant was een hulp in de klassenstrijd. Met Iskra kon Lenin zich afzetten tegen alle heersende opportunistische stromingen.

Deze aanpak stond in schril contrast met de heersende praktijk in vele andere socialistische partijen, waar een hevige afkeer bestond voor elke politieke en ideologische discussie.

3. Tweede congres

Met Iskra bereidde Lenin het tweede congres van de RSDAP voor. Dit tweede congres greep plaats in 1903. Nadat op het congres het door Iskra voorgestelde programma werd aanvaard, ontstonden er nieuwe scherpe meningsverschillen over de statuten. Voor Lenin kon iedereen lid worden, die het partijprogramma aanvaardde, bijdragen betaalde en als lid georganiseerd was in een partijafdeling.

De Krant Iskra. Foto: Wikipedia / Public Domain

Voor de tegenstanders volstonden het aanvaarden van het programma en het betalen van lidgeld. Georganiseerd zijn was niet nodig. De onenigheid rond dit punt zou zich verder zetten tijdens de verkiezing van de centrale leiding en van de redactie van Iskra.

Op basis van dit, op het eerste zicht klein meningsverschil over het lidmaatschap, ontstonden er tijdens en na het congres twee groepen in de RSDAP. De aanhangers van Lenin werden Bolsjewieken (de meerderheidsfractie) en de tegenstanders Mensjewieken (de minderheidsfractie) genoemd. Dit klein meningsverschil over het lidmaatschap, zou grote gevolgen hebben in de volgende jaren.

Beide groepen waren de jaren nadien eigenlijk apart georganiseerd en hielden aparte (partij)conferenties. Negen jaren lang zouden de Bolsjewieken en de Mensjewieken in alle kwesties tegenover elkaar staan in de RSDAP.

4. De eerste revolutie van 1905

In 1904 brak de Russische-Japanse oorlog uit. De inzet was wie welke Chinese gebieden kon annexeren. De Mensjewieken riepen de arbeiders op voor vaderlandsverdediging: samen vechten met de tsaar tegen de Japanse arbeiders. De Bolsjewieken waren van mening dat de nederlaag van de tsaar voordelig zou zijn voor de revolutionaire krachten die juist de val van de tsaar wilden.

De oorlog eindigde in een nederlaag voor Rusland. De gevolgen van de nederlaag en de economische crisis deed de strijd van de arbeiders oplaaien. Verschillende bedrijven gingen in staking. In januari 1905 liet de tsaar zijn troepen op een vreedzame arbeidersmanifestatie in Sint-Petersburg schieten. Als reactie richten de arbeiders nog diezelfde nacht barricades op.

Op 22 januari 1905 schoot de Keizerlijke Garde van tsaar Nicolaas II op ongewapende demonstraten. Schilderij van Ivan Vladimirov. Foto: Imperial War Museums, Wikimedia Commons / Public Domain

Dit was het begin van een revolutionaire storm die Rusland gedurende drie jaar zou teisteren. De arbeidersstrijd zette de boeren aan zich te verzetten tegen de landheren. In het heetst van deze revolutionaire strijd creëerden de arbeiders spontaan de ‘sovjets (de raden) van afgevaardigden’, vergaderingen van afgevaardigden van fabrieken en bedrijven.

De sovjets organiseerden de strijd tegen de tsaar. Ze voerden eigenmachtig de 8-urige arbeidsdag in en organiseerden een boycot van de belastingen. Lenin en de Bolsjewieken zagen in de sovjets de kiemen van een nieuwe revolutionaire macht. De Mensjewieken zagen de sovjets als organen van plaatselijk zelfbestuur. Om het volk te sussen had de tsaar in de loop van de revolutie een Doema (een soort volksparlement) opgericht.

De revolutie van 1905-1907 mislukte en werd gevolgd door een periode van hevige repressie. De RSDAP werd verboden en ging in de illegaliteit.

Lenin en de Bolsjewieken zagen in de sovjets de kiemen van een nieuwe revolutionaire macht

5. Partij van het nieuwe type

Na negen jaar strijd met de Mensjewieken formeerde Lenin in 1912 de Bolsjewieken tot een zelfstandige partij: de Russische Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (Bolsjewiki) [RDSAP(Bolsjewiki)].

RDSAP(Bolsjewiki) was een partij van een nieuw type, een Leninistische partij met volgende kenmerken:

1) de partij organiseert de voorhoede-elementen van de arbeidersklasse. De leden zijn georganiseerd.

2) De partij is opgebouwd volgens het democratisch-centralisme, d.w.z. dat de partij op een democratische manier georganiseerd is, maar centraal wordt geleid. Elk lid was in de mogelijkheid om zijn inbreng te hebben in het vastleggen van de lijn en de te volgen strategie. Eenmaal een beslissing genomen was die bindend voor iedereen. Kritiek en zelfkritiek diende om fouten te vermijden of recht te zetten. Dit alles liet toe dat de partij als een eengemaakt blok optrad in alle mogelijke situaties.

Elk partijlid was in de mogelijkheid om zijn inbreng te hebben in het vastleggen van de lijn en de te volgen strategie

3) De partij werd omringd door massaorganisaties (vakbonden, verzekerings- en coöperatieve organisaties, …) van de werkende bevolking. De partij werkte in deze organisatie en verdedigde daar de strategie van de partij.

4) De partij versterkte zich door zich te ontdoen van alle opportunistische elementen en stromingen. Dit betekende niet dat men in de partij geen andere mening mocht hebben, maar dit mocht niet leiden tot fracties in de partij.

De RDSAP(Bolsjewiki) bleef aangesloten bij de Tweede Internationale (Internationale organisatie van socialistische politieke partijen en vakbonden, opgericht in 1889, nvdr) . Lenin hoopte hierdoor de echte revolutionairen in de andere socialistische partijen te ondersteunen.

6. Heropleving van de revolutionaire beweging

Op hetzelfde moment dat de RDSAP(Bolsjewiki) gesticht werd kende de sociale strijd in Rusland een opleving. In mei 1912 richtte Lenin de Prawda, (‘waarheid’) op. In de feite was de Prawda, het legale dagblad van Lenins partij, die zelf illegaal was. Met de Prawda leidde Lenin de oplevende klassenstrijd.

De krant Prawda. Foto: Wikimedia Commons / Public Domain

Een legaal dagblad kon niet ronduit oproepen tot de omverwerping van de tsaar. Daarom maakten de Bolsjewistische redacteurs gebruik van toespelingen en riepen ze bijvoorbeeld op voor de realisatie “van de volledige en onbeknotte eisen 1905”.

De Prawda zou, tot aan de revolutie van 1917, ook een hele arbeidersklasse sensibiliseren in de richting van de socialistische revolutie. Naast de legale Prawda waren ook zes leden van de Bolsjewieken legaal verkozen in de Doema (parlement). Deze verkozenen hielden in de Doema revolutionaire redevoeringen ten gunste van de “eisen van 1905”.

De revolutionaire heropleving werd gestopt door het begin van de Eerste Wereldoorlog.

7. Eerste imperialistische wereldoorlog.

Het kapitalisme kende tussen 1870 en 1890 een grote crisis. Om uit de crisis te geraken ging het kapitalisme vanaf 1890 over naar een hoger stadium: het imperialisme. Lenin definieerde het imperialisme “als het hoogste stadium van het kapitalisme”.

Het imperialisme werd gekenmerkt door de vorming van monopolies en grote financiële trusts die een doorslaggevende invloed kregen in de verschillende kapitalistische staten. Het financierskapitaal werd de baas in deze staten en eiste nieuwe markten en kolonies op. Maar de wereld was al verdeeld. Nieuwe markten veroveren kon alleen ten koste van een ander kapitalistische staat.

Twee verschillende kapitalistische roversblokken vormde zich: aan de ene kant de Triple Entente, de alliantie tussen Frankrijk, Engeland en Rusland en aan de andere kant de alliantie van Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. Beide blokken wilde nieuwe gebieden veroveren ten nadele van het andere blok.

De kolonisering van Afrika. Kaarten: Somebody500, Wikimedia Commons

Lenin had deze oorlog voorzien. De Bolsjewistische vertegenwoordigers op het Congres van de Tweede Internationale te Stuttgart (1907) lieten volgende verklaring opnemen in de congresresoluties:

Als er een oorlog dreigt uit te breken, dan is het de plicht van de werkende klassen en hun parlementaire vertegenwoordigers in de betrokken landen, elke inspanning in het werk te stellen om het uitbreken van oorlog tegen te houden. Mocht de oorlog toch uitbreken is het hun plicht om de spoedige beëindiging van de oorlog te betrachten. En de economische en politieke crisis die de oorlog teweeg brengt te gebruiken om de massa’s in beroering te brengen om zo de val van de kapitalistische overheersing te bespoedigen.”

Met de goedkeuring van de oorlogskredieten pleegde de meerderheid van de socialistische partijen verraad aan de arbeidersklasse

Op het congres van Kopenhagen (1910) werd beslist dat de socialisten nooit oorlogskredieten zouden goedkeuren. Op het congres van de Tweede Internationale te Bazel (1912), werd de verklaring van 1907 hernomen. De overgrote meerderheid van alle socialistische partijen keurden al deze resoluties goed.

Maar in augustus 1914 stemden de Duitse socialisten voor de oorlogskredieten. Hetzelfde gebeurde in Frankrijk, Engeland, België, en in de andere betrokken landen. De RDSAP(Bolsjewiki) stemde tegen de oorlogskredieten en tegen de oorlog.

Met de goedkeuring van de oorlogskredieten pleegde de meerderheid van de socialistische partijen verraad aan de arbeidersklasse. De goedkeuring van de oorlogskredieten betekende dat de socialistische partijen de arbeidersklasse opriepen “elkaar te beschieten voor de winsten van de kapitalisten” onder het mom van vaderlandsverdediging.

De Tweede Internationale viel uiteen in elkaar bestrijdende socialistische partijen. Lenin zal vanaf dan de stichting van een 3de internationale voorbereiden.

8. De februari-revolutie (1917)

Lenin riep de Russische arbeidersklasse op om te strijden voor de vrede en zich te keren tegen de eigen machthebbers. Lenin ijverde voor de nederlaag van het tsarisme. De Bolsjewistische partij riep op tot de vorming van illegale organisaties in het leger, tot muiterij, tot verbroedering met de andere soldaten aan het front.

Aanvankelijk werd een deel van de arbeiders en de boeren meegesleurd door de ‘vaderlandse verdediging’. Dit werd bovendien vergemakkelijkt doordat de Mensjewieken en de Sociaal-Revolutionairen (een sociale anarchistische stroming bij de boeren) hiervoor opriepen.

Tsaar Nicolaas II geschilderd door Earnest Lipgart. Foto: cgfa.acropolisinc.com, Wikimedia Commons / Public Domain

Na drie jaar oorlogsmiserie, honger en nederlagen, waren de troepen van de tsaar oorlogsmoe. De Entente stuurde daarom socialistische kopstukken, waaronder Emile Vandervelde, de leider van de socialistische Belgische Werklieden Partij (BWP), naar het Russische front om de Russische soldaten te overtuigen de strijd verder te zetten. Zonder veel effect. De verbittering onder het volk was te groot en zette zich meer en meer om in revolutionaire acties.

Op 18 februari 1917 begon een staking in Sint-Petersburg. De staking groeide snel aan en ging op 26 februari over in een opstand. De aanwezige troepen weigerden te schieten op de opstandelingen. De dagen daarop liepen 60.000 soldaten in Sint-Petersburg over naar de opstandelingen. De snelle overgang van de troepen naar de opstandelingen besliste over het lot van de tsaar. De opstand in Petersburg kreeg in andere steden opvolging. Overal werden tsaristische officieren afgezet en gearresteerd.

De eerste etappe van de revolutie had gezegevierd. De tsaar was verslagen.

9. Februari-april 1917: periode van de dubbele macht

Net als bij de revolutie van 1905 werden er ook tijdens de februari-opstand overal sovjets van arbeiders- én voor het eerst ook, van soldatenafgevaardigden opgericht. Terwijl de Bolsjewieken de strijd van de massa’s in de straten leidden, maakten de Mensjewieken zich meester van de leiding van de sovjets.

Het volk zag de sovjets als organen van de volksmacht en verwachtte dat de sovjets tegemoet zouden komen aan hun verzuchtingen. Maar de Mensjewieken, trouw aan hun vaderlandsverdediging, kwamen op voor de verderzetting van de oorlog en vonden dat de revolutie moest uitmonden in constitutionele instellingen (parlement, regering) zoals in de West-Europese landen.

De onervaren sovjetsleden gaven, op aangeven van de Mensjewieken, de macht aan de Voorlopige regering

De burgerij (Russische kapitalisten) had ook niet stil gezeten. Op het moment dat de arbeiders en soldaten de strijd voerden in de straat, installeerde de burgerij een Voorlopige Regering. De Mensjewieken, die de sovjets controleerden, droegen de macht van de sovjets over aan de Voorlopige regering, die bestond uit vertegenwoordigers van de burgerij en verburgerlijkte landheren.

Er ontstond een dubbele macht. Aan de ene zijde de sovjets, de macht van het volk. En aan de andere kant, de Voorlopige regering. De onervaren afgevaardigden van de arbeiders en soldaten gaven, op aangeven van de Mensjewieken, de macht aan de Voorlopige regering.

10. April -juni 1917: einde van de dubbele macht

Lenin formuleerde het programma van de partij voor de volgende periode. De belangrijkste punten waren: de oorlog stoppen door het aangaan van vredesonderhandelingen, de inbeslagname van de grond van de landheren, de verdeling van de grond onder de boeren, overgang van de macht naar de sovjets.

Lenin riep de Bolsjewieken op om de meerderheid van de afgevaardigden te veroveren in de sovjets door “geduldige uiteenzettingen, het ontmaskeren van de Voorlopige Regering en de nefaste houding van de Mensjewieken ”.

Naarmate het duidelijk werd dat de Voorlopige Regering de oorlog wilde verderzetten en de landheren ongemoeid liet, groeide de verontwaardiging bij de arbeiders en de boeren. Op 21 april 1917 betoogden ze met meer dan 100.000 tegen de Voorlopige regering in Sint-Petersburg.

De tsaristische officieren, die nog steeds de dienst uitmaakten in het leger, gaven het bevel om op de demonstranten te schieten, maar de soldaten weigerden. Hierdoor ontstond er een crisis in de Voorlopige Regering. De Voorlopige regering werd vervangen door een Coalitieregering, geleidt door de Sociaal-Revolutionair Kerenski.

De Mensjewieken besloten ook deel te nemen aan deze Coalitieregering. Met deze deelname liepen de Mensjewieken definitief over naar het kamp van de Russische burgerij.

Met de deelname aan de Coalitieregering liepen de Mensjewieken definitief over naar het kamp van de Russische burgerij

Deze Coalitieregering volhardde in het verderzetten van de oorlog. Waardoor het ongenoegen bij de arbeiders, boeren en de soldaten verder groeide en in juni leidde tot grote demonstraties in Sint-Petersburg. De Coalitieregering deed deze keer een beroep op de Jonkers, troepen die trouw waren aan Coalitieregering.

De Jonkers schoten op de vreedzame demonstranten. Er vielen vele doden en gewonden. Het gebouw van de Prawda werd totaal vernietigd. Tegen Lenin werd een arrestatiebevel uitgesproken. De onbetrouwbare legereenheden werden uit Sint-Petersburg verwijderd. De Coalitieregering trok de volledige macht naar zich toe en wilde voorgoed afrekenen met de sovjets. Hiermede eindigde de periode van de dubbele macht.

11. Juni-oktober 1917: de putsch van Kornilow

De tsaristische Generaal Kornilow was bereid de sovjets fysiek te liquideren en een militaire dictatuur in te stellen. Hij handelde aanvankelijk met medeweten van Kerenski. Kornilow verspreidde het valse gerucht dat de Bolsjewieken op 27 augustus een opstand zouden beginnen.

Op 25 augustus rukten de troepen van Kornilow op naar Sint-Petersburg. De Bolsjewieken riepen op tot gewapend verzet. Het gevaar van een militaire putsch heractiveerde de sovjets, die resoluut de verdediging van Sint-Petersburg in handen namen.

Er werden loopgraven rond Sint-Petersburg gegraven. Agitatoren werden naar de legers van Kornilow gestuurd, waardoor sommige divisies weigerden op te rukken naar Sint-Petersburg. De putsch van Kornilow mislukte.

De sympathie voor de Bolsjewieken steeg aanzienlijk onder de arbeiders en de boeren.

Lavr Kornilov. Foto: Wikimedia Commons / Public Domain

12. Oktoberrevolutie

Op 31 augustus sprak de meerderheid van de sovjet van Sint-Petersburg zich uit voor de Bolsjewieken. Op 5 september volgde de sovjet van Moskou. Dit was het resultaat van het geduldig sensibiliseringswerk van de Bolsjewieken in de maanden ervoor en van het overlopen van de Mensjewieken naar het kamp van de burgerij.

Op 12 september deden de Mensjewieken een ultieme poging om de revolutionaire golf te keren. Zij organiseerden een conferentie voor alle socialistische partijen, de sovjets, de vakbonden, … Op de conferentie wilden ze een voorlopig parlement installeren in de hoop de revolutionaire beweging op burgerlijk-constitutionele weg te krijgen. De conferentie mislukte.

Na het overgaan van de sovjets van Sint-Petersburg en Moskou naar de kant van de Bolsjewieken was de tijd rijp voor een opstand. Lenin besefte dit en werkte een concreet plan van opstand uit: welke punten bezetten, hoe de krachten verdelen, … Op 10 oktober keurde de leiding van de RDSAP(Bolsjewiki) Lenins plan goed. Bolsjewistische kaders werden naar alle streken gestuurd om de opstand voor te bereiden.

Lenin besefte dat de tijd rijp was voor een opstand en werkte een concreet plan uit

De Bolsjewieken, in overleg met de sovjet van Sint-Petersburg, startten de opstand op 24 oktober. De 25e oktober werd het Winterpaleis ingenomen en werd de Coalitieregering gearresteerd. Diezelfde avond nog kwam het tweede Alrussisch Sovjet-congres (de nationale bijeenkomst van alle sovjets) bijeen.

Bestorming van het Winterpaleis. Foto: Wikimedia Commons / Public Domain

Daar werd de opstand met een overgrote meerderheid goedgekeurd. Het tweede Alrussisch congres nam direct twee decreten aan.

1) Het decreet over de vrede. Ze stelden aan alle oorlogvoerende landen een onmiddellijke wapenstilstand van 3 maanden voor om vredesbesprekingen mogelijk te maken.

2) Het decreet over de grond: inbeslagname van alle grond van de landheren om onder de boeren te verdelen.

Het tweede Alrussisch sovjet-congres eindigde met de verkiezing van de eerste Sovjetregering, de Raad van Volkscommissarissen. Lenin werd verkozen tot voorzitter van die Raad.

In de maanden nadien overwon de opstand in heel Rusland.

13. November 1917 – Maart 1918: de vrede van Brest.

Na de overwinning van de opstand begon de opbouw van de nieuwe Sovjetstaat. De Sovjetstaat wilde dringend de oorlog beëindigen. Dit was niet naar de zin van de Entente (Frankrijk, England, België en bondgenoten), die weigerde vredebesprekingen te starten. Waarop de Sovjetregering besliste onderhandelingen met Duitsland te starten.

Op 5 december 1917 werd een wapenstilstand met Duitsland ondertekend en startten de vredesbesprekingen. Duitsland wilde een vredesakkoord sluiten in ruil voor de annexatie van enkele Russische gebieden. Tegen de wil van Lenin in braken de Russische onderhandelaars de vredesonderhandelingen af op 10 februari 1918, vanuit een linkse houding om geen duimbreed toe te geven.

De Duitsers reageerden met een offensief en rukten snel op naar Sint-Petersburg. De Duitse vooruitgang wekte een nieuwe revolutionaire geestdrift op bij het Russische volk. Er werden nieuwe troepen gevormd die de opmars van de Duitsers konden stoppen. Lenin stelde nieuwe vredesonderhandelingen voor. Op 28 februari werd een vredesakkoord ondertekend in ruil voor nog grotere verliezen van Russische gebieden. De linkse houding van de eerste onderhandelaars kwam de Sovjetstaat duur te staan.

Ondertekening van het vredesakkoord tussen Duitsland en de Sovjet-Unie op. Foto: Das Bundesarchiv / CC-BY-SA 3.0

Door de vrede konden de soldaten, die voor een groot deel uit boeren bestonden, terugkeren van het front. De vrede verstevigde het bondgenootschap tussen arbeiders en boeren.

De vrede verstevigde het bondgenootschap tussen arbeiders en boeren

Op 6 maart 2018 hield de partij van Lenin, de RDSAP(Bolsjewiki), een nationaal congres. De partij telde toen 270.000 leden. Het congres veroordeelde de linkse houding van de eerste onderhandelaars. Het congres stelde dat de vrede slechts een adempauze was, riep op tot waakzaamheid en besloot het Rode Leger op te bouwen en de gehele bevolking een militaire opleiding te geven.

Het congres veranderde de naam van de partij in ‘Russische Communistische Partij’ om elke gelijkenis met socialistische partijen uit te wissen.

14. 1919-1922: interventie-oorlog

Vanaf het najaar van 1918 werd er begonnen aan de socialistische opbouw. Lenin wilde zoveel mogelijk resultaat uit deze adempauze halen. Er werden maatregelen genomen om de industrie herop te starten, om de landbouwproductie te verhogen. Problemen met de verdeling van de grond werden opgelost in het voordeel van de kleine en middenklasse boeren. Op 4 juli 1918 keurde het vijfde Alrussisch Sovjet-congres een nieuwe grondwet goed.

Om de socialistische revolutie te stoppen vielen de legers van Frankrijk, Engeland, Japan en de VS Rusland binnen

Ondertussen zaten de imperialisten van de Entente niet stil. Zij moesten niets weten van een socialistische revolutie. In het voorjaar van 1919 begonnen de legers van Frankrijk, Engeland, Japan en de VS hun interventie zonder oorlogsverklaring. De Sovjetstaat werd letterlijk aan alle kanten aangevallen. Er werd een blokkade afgekondigd tegen de nieuwe Sovjetstaat.

Lenin speecht, 1920. Foto: Grigory Petrovich Goldstein, Wikimedia Commons

Ook in de Sovjetstaat zelf groepeerden de vijandelijke elementen, tsaristische adel en officieren, de genationaliseerde kapitalisten, aanhangers van de Coalitieregering, de Mensjewieken en Sociaal-Revolutionairen, zich en bereidden de contrarevolutie voor. De interventielegers steunden op deze binnenlandse vijanden van de Sovjetstaat.

De communistische partij riep de bevolking op om weerstand te bieden, voerde de dienstplicht in en ging over tot de inbeslagname van het graan bij de boeren als voedselvoorziening van het Rode Leger. Het Rode Leger groeide snel uit tot een miljoenenleger.

Wat niemand had verwacht, gebeurde: de Sovjetstaat kon tegen midden 1920 alle interventies van de Westerse landen afslaan. Enkel de interventie van Japanse troepen werd pas beëindigd in 1922.

Dit was alleen mogelijk doordat het Rode Leger massaal gesteund werd door de bevolking. Het Rode Leger vocht immers voor de belangen van de bevolking. De soldaten van het Rode Leger waren bezield met een grote geest van zelfopoffering en heldhaftigheid.

Het Rode Leger kon ook overwinnen omdat het de sympathie had van alle arbeiders van de wereld. Dit uitte zich in verschillende solidariteitsmanifestaties in de landen van de Entente die hun regering onder druk zetten om de interventie te stoppen.

Het Rode Leger kon ook overwinnen omdat het de sympathie had van alle arbeiders van de wereld

In verschillende oorlogvoerende landen groeide een revolutionaire situatie die in sommige landen (onder meer in Duitsland) ook uitgroeide tot een revolutionaire opstand.

15. Begin van de socialistische opbouw vanaf 1920

De Sovjetstaat was een economische puinhoop na de interventieoorlog. In 1920 bedroeg de totale productie slechts 50 procent van de vooroorlogse productie. Slechts 1/7 van de grootindustrie werkte nog. De rest lag stil bij gebrek aan grondstoffen en arbeiders. Gebrek aan zowat alles.

Zolang de nieuwe Sovjetstaat van buitenaf bedreigd werd, stelde het volk zich tevreden met wat ze hadden. Maar na het einde van de oorlog stegen de behoeften van het volk enorm.

Bijeenkomst van de Russische CP in 1920. Lenin rechts onderaan in beeld. Foto: Wikimedia Commons / Public Domain

De communistische partij van Lenin nam volgende maatregelen. De inbeslagname van het graan werd afgeschaft en vervangen door belastingen in natura (die merkelijk lager waren dan de inbeslagname). De boeren mochten met de overschot vrij handel drijven.

Daarnaast werd de NEP, de Nieuwe Economische Politiek, ingevoerd, Deze liet toe dat individuele ondernemers kleine bedrijven mochten oprichten. Lenin verdedigde deze tijdelijke maatregelen tegen linkse standpunten in zijn partij. Ze waren noodzakelijk om de welstand van de arbeiders en de boeren onmiddellijk te verhogen.

Lenin was zich ook bewust dat de NEP en de vrijheid van handel voor de boeren in het begin zou leiden tot een zekere kapitalistische opbouw. Maar de maatregelen waren noodzakelijk voor een snelle heropleving van landbouw en industrie. Ook de staatsindustrie zou van deze heropleving profiteren.

Lenin rekenende er op dat die versterkte staatsindustrie nadien het particuliere kapitaal van de kleine ondernemingen opnieuw zou terugdringen. Na een jaar NEP herstelde de economie en de landbouw zich zienderogen.

Na een jaar Nieuwe Economische Politiek herstelde de economie en de landbouw zich zienderogen

Gedurende heel deze periode werd er over de NEP hevig strijd gevoerd in de partij tegen degenen die het niet eens waren met Lenin. Op verschillende partijcongressen werd de discussie finaal gevoerd en schaarde de partij zich achter de standpunten van Lenin.

In de herfst van 1922, Lenin was toen reeds enkele maanden ziek, ontwikkelde hij een plan om door middel van coöperaties (een overgang van kleine individuele boerenbedrijven naar grote collectieve productie in Kolchozen) de boeren bij de opbouw van het socialisme te betrekken. Lenin zou de uitvoering van zijn plan niet meer meemaken want hij stierf op 21 januari 1924.

B. Politieke opvattingen

1. Marxisme

Lenin werd geboren in 1870 en maakte zeer jong kennis met het marxisme, dat vanaf de jaren 1880 begon door te dringen in het feodale Rusland. De geschriften van Marx en Engels zouden zijn doen en laten vanaf dan begeesteren.

Lenin beschouwde het marxisme als een wetenschap: “De leer van Marx is sterk omdat ze klopt. Ze vormt een afgerond geheel en is harmonisch, ze geeft de mensen een alles omvattende wereldbeschouwing, die onverenigbaar is met elk bijgeloof, met elke reactie, met elke verdediging van de burgerlijke onderdrukking. Zij is de rechtmatige erfgename van het beste wat de mensheid in de 19e eeuw in de vorm van de Duitse filosofie, de Engelse politieke economie en het Franse socialisme heeft voortgebracht.”

“Het marxisme geeft een alles omvattende wereldbeschouwing, die onverenigbaar is met elk bijgeloof en burgerlijke onderdrukking”

Direct na de dood van Lenin schreef de Hongaarse filosoof Georg Lukács een hulde aan Lenin. Daarin stelt hij dat “het grandioos realisme waarmee Lenin alle problemen van het socialisme behandelt, niets meer is dan de consequente toepassing van het marxisme”.

2. Opportunisten

Lenin karakteriseert de opportunisten als volgt: “ze belijden het marxisme met de lippen maar in werkelijkheid veranderen ze het marxisme tot een burgerlijke-liberale leer die een niet-revolutionaire klassenstrijd aanvaardt (…) die van het marxisme alles aanvaarden, behalve zijn revolutionaire strijdmiddelen, de propagering en de voorbereiding daarvan, de opvoeding van de massa’s juist in deze richting”.

Lenin zal heel zijn leven elke vervalsing, elke vervlakking van het marxisme bestrijden.

Het opportunisme is niet alleen rechts, het kan ook een links gezicht aannemen. Zoals weigeren zich terug te trekken als de omstandigheden daartoe verplichten, geen compromissen en tactische omwegen toelaten …

Lenin zal heel zijn leven elke vervalsing, elke vervlakking van het marxisme bestrijden

Neem als voorbeeld de eerste onderhandelingen over de Duitse vredesvoorwaarden. De Bolsjewistische onderhandelaars weigerden toegevingen te doen om de vrede binnen te halen. Waardoor de partij van Lenin bij een tweede onderhandeling verplicht was nog zwaardere toegevingen te doen.

Elke revolutionaire beweging, elke revolutionaire partij kan slechts groot worden in strijd met zowel rechts als links opportunisme. Zonder zo’n een ideologische strijd is geen overwinning mogelijk.

3. De partij

In de strijd tegen de overheersende stroming van het opportunisme in de Tweede Socialistische Arbeiders-Internationale heeft Lenin vanaf het begin gewerkt naar de stichting van een nieuw type van arbeiderspartij. Deze realiseerde hij in 1912 met de vorming van de Russische Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (Bolsjewiki).

De nieuwe partij was een voorhoedepartij die de meest bewuste arbeiders organiseerde in partijafdelingen. De partij was opgebouwd volgens het democratisch-centralisme. Beslissingen worden genomen na een democratisch debat. Eenmaal beslist, geldt de discipline voor iedereen, en wordt de partij centraal geleid.

In de strijd tegen het opportunisme streefde Lenin naar de stichting van een nieuw type van arbeiderspartij

De partij was verbonden met de werkende bevolking via haar leden en via haar werk in de proletarische massaorganisaties, zoals vakbonden, verzekerings- en coöperatieve organisaties …

De leidende theorie van de partij was het marxisme. Opportunistische stromingen en elementen hadden geen plaats in de partij. Zonder zulke eengemaakte, gedisciplineerde en slagkrachtige partij van het nieuwe type hadden Lenin en de Bolsjewieken nooit de Grote Oktoberrevolutie kunnen realiseren.

4. Maatschappelijke omwenteling

Voor het marxisme loopt de weg naar het socialisme via een maatschappelijke omwenteling, de socialistische revolutie. Het was vooral deze revolutionaire inhoud van het marxisme die opportunisten in de Tweede Internationale (1889-1914) opzij schoven.

De maatschappelijke omwenteling en het socialisme was iets voor de verre toekomst en had bijgevolg geen enkele invloed op de dagelijkse strijd. Dit werd uitgedrukt in de slogan van de opportunisten: “de beweging is alles, het einddoel is niets”.

De dagelijkse strijd stond in het teken van de strijd voor hervormingen en het parlementaire werk. De opportunisten hoopten dat ze kapitalisme konden hervormen zonder maatschappelijke omwenteling.

Georg Lukács. Foto: Das Bundesarchiv, Wikimedia Commons / CC BY-SA 3.0 DE DEED

Het is juist rond het punt van de maatschappelijke omwenteling dat “Lenin de zuiverheid van het marxisme heeft teruggebracht” schreef de Hongaarse filosoof Georg Lukács. Hij verduidelijkte: “Enerzijds hebben Marx noch Lenin de revolutie van het proletariaat ooit zo voorgesteld als zou deze op elk moment te verwezenlijken zijn. Anderzijds vormde de revolutie voor beiden de uiteindelijke toetssteen voor beslissingen in dagdagelijkse politieke, economische, theoretische, tactische, agitatorische en organisatorische problemen”.

Lenin heeft in heel zijn leven het strategisch perspectief van de maatschappelijke omwenteling nooit uit het oog verloren. Ook als was deze maatschappelijke omwenteling niet onmiddellijk realiseerbaar.

5. Hervormingen

Betekende het feit dat Lenin het perspectief van de maatschappelijke omwenteling nooit uit oog verloor, dat hij tegen de strijd voor hervormingen was? Neen, integendeel. Het onderscheid tussen revolutionairen en opportunisten is niet dat de eersten hervormingen willen en dat de revolutionairen hervormingen minachten.

Het onderscheid tussen beiden wordt bepaald vanuit welk perspectief men voor hervormingen strijd. Lenin verweet de opportunisten dat ze “het streven en de werkzaamheid van de arbeidersklasse willen beperken tot hervormingen”.

Lenin daarentegen plaatste de strijd voor hervormingen in het perspectief van de maatschappelijke omwenteling. Een voorbeeld: tijdens de eerste revolutie van 1905 eisten de Bolsjewieken en de Mensjewieken de invoering van de achturige werkdag.

Lenin plaatste de strijd voor hervormingen in het perspectief van de maatschappelijke omwenteling

De Mensjewieken ijverden voor het wettelijk vastleggen van de achturendag. De Bolsjewieken ijverden voor de invoering van de achturendag langs revolutionaire weg. Dat wil zeggen op een wijze, die geen rekening hield met de autoriteiten, die de wettelijkheid negeerde en eigenmachtig de achturendag invoerde.

Juist door deze tactiek ontstonden revolutionaire stakingscomités in de bedrijven die zich later tot de sovjets van arbeidersafgevaardigden zouden ontwikkelen. Wie de geschiedenis kent weet welke bijdrage de sovjets hebben gehad in de Oktoberrevolutie 12 jaar later.

6. Imperialisme

Marx had het kapitalisme bestudeerd. Hij had al de wetmatigheden van het kapitalisme blootgelegd. Vanaf 1870 geraakt het kapitalisme in een uitzichtloze crisis. Vanaf 1890 geraakte het kapitalisme uit deze crisis door monopolies en grote financiële trusts te ontwikkelen. Deze trusts ontwikkelden een mondiale investeringsstrategie ten nadele van vele nationale economieën in de onafhankelijke landen van het Zuiden.

De wereld werd verdeeld onder de kapitalistische landen. Het imperialisme zag het daglicht. Lenin definieerde het imperialisme “als hoogste stadium van het kapitalisme”. Lenin bestudeerde het imperialisme en legde de wetmatigheden van het imperialisme bloot.

Gezien de ongelijkmatige ontwikkeling van de kapitalistische grootmachten voorzag Lenin dat heel het tijdperk van het imperialisme gekenmerkt zou worden door een toenemende rivaliteit tussen de grootmachten. Lenin trok daaruit de conclusie dat het tijdperk van het imperialisme ook het tijdperk van de maatschappelijke omwenteling zou zijn.

Vandaag leven we in een wereld waar alle tegenstellingen snel verscherpen: de wereldwijde economische crisis, de oorlog in Oekraïne, de oorlog tegen Palestijnen die snel kan escaleren, de militaire omsingeling van en gestook tegen China, … Lenins ideeën over imperialisme, oorlog en de mogelijkheid voor maatschappelijke omwenteling zijn meer dan ooit actueel.

Lenins ideeën over imperialisme, oorlog en de mogelijkheid voor maatschappelijke omwenteling zijn meer dan ooit actueel

7. Strategie en tactiek

Het strategisch objectief van Lenin was de maatschappelijke omwenteling en de realisatie van het socialisme. Maar alvorens het socialisme te kunnen doorvoeren, moest de tsaar ten val gebracht worden en moesten alle overblijfselen uit de middeleeuwen geliquideerd worden.

Als dat gerealiseerd was kon men beginnen aan de volgende etappe: de socialistische maatschappelijke omwenteling die de weg zou vrij maken voor de opbouw van het socialisme doorheen de socialisering van de industrie en de landbouw.

Binnen deze strategie paste Lenin de tactiek aan naargelang eb en vloed van de revolutionaire situatie. Na de revolutie van 1905 moest de revolutionaire beweging de tactiek van terugtrekking toepassen gezien de neergang van de revolutionaire beweging. Dit wijzigde de strijdvormen: deelname aan de verkiezingen van de Doema. Parlementair werk in plaats van algemene stakingen.

De partij werd in die periode gedwongen illegaal te gaan. De revolutionaire organisaties werden illegaal. Enkel vakbonden, verzekerings- en coöperatieve organisaties konden legaal hun activiteiten verder zetten.

Maar al die tactische aanpassingen stonden in dienst van de strategische objectieven. Als de omstandigheden wijzigden, werd de tactische opstellingen bijgesteld aan die gewijzigde omstandigheden.

8. De staat

Lenin zag in de sovjets de kiem van een nieuwe revolutionaire macht. De sovjets vertegenwoordigden alle onderdrukten en uitgebuitenen: arbeiders, boeren, soldaten en matrozen. De sovjets waren machtige organen, ontstaan in de revolutionaire strijd. Ze waren de meest democratische organisaties van de uitgebuiten. Daardoor waren ze in staat de almacht van het financierskapitaal, de resterende adel en hun politieke bondgenoten te verslaan.

Deze staat gebaseerd op sovjets onderscheidde zich van de heersende parlementaire vormen in de (westerse) kapitalistische landen

De sovjets bezaten een grote autoriteit die de massa’s kon mobiliseren voor de strijd tegen de interventie en om aan de opbouw van het socialisme deel te nemen. Dat leidde tot het ontstaan van een nieuw type staat waar de uitgebuiten, via de sovjets, de macht hadden. Deze staat onderscheidde zich van de heersende parlementaire vormen in de (westerse) kapitalistische landen.

9. Revolutionaire vastberadenheid

De Eerste Wereldoorlog brak uit omwille van de toenemende rivaliteit tussen de kapitalistische landen. Lenin had dit, op basis van zijn bestudering van het imperialisme voorzien. Lenin beperkte zich niet tot de beschrijving van die rivaliteit, maar hij gaf ook aan wat de socialistische partijen konden doen als er een oorlog zou uitbreken die in de betrokken landen een revolutionaire situatie zou creëren.

In die situatie is de “fundamentele plicht van alle socialisten om aan de massa duidelijk te maken dat er een revolutionaire situatie aanwezig is, de omvang en het ingrijpende karakter ervan uiteen te zetten, het revolutionaire bewustzijn en de revolutionaire vastberadenheid van het proletariaat op te wekken, het te helpen tot revolutionaire acties over te gaan (…) tegen hun eigen regeringen en hun eigen burgerij”.

In de andere landen mislukten de revolutie omdat de opportunisten de revolutie al jaren hadden afgezworen

Lenin kreeg gelijk. Zowel in Rusland, in Duitsland en in verschillende andere landen ontstonden er revolutionaire situaties. Alleen de partij van Lenin kon die revolutionaire situatie verzilveren doordat zijn partij de arbeidersklasse gedurende jaren daarop had voorbereid. In de andere landen mislukten de revolutie omdat de opportunisten de revolutie al jaren hadden afgezworen.

10. Politieke scholing

Lenin heeft heel zijn leven enorm veel belang gehecht aan de politieke scholing van de arbeiders en de partijleden. Lenin wilde dat elk lid van de partij, elke bewuste arbeider, op de hoogte was van de strategie en de tactiek van de partij.

Hij wilde dat elk lid en elke bewuste arbeider die strategie en tactiek begreep en wist welke onmiddellijke taken daaruit voortvloeiden. Lenin wilde dat de arbeiders zoveel mogelijk autonoom in staat waren om zelfstandig te handelen.

Daarom werd elke wijziging van de strategie en/of de tactiek, naargelang de omstandigheden het toelieten, bediscussieerd én goedgekeurd op een partijconferentie of een partijcongres.

Lenin wilde dat de arbeiders zoveel mogelijk autonoom in staat waren om zelfstandig te handelen

Tussen juli 1917 en april 1923 organiseerde de partij van Lenin zeven nationale partijcongressen en twee partijconferenties. Dit voedde een generatie partijleden op die op hun beurt de bewuste arbeiders sensibiliseerden voor de opdrachten van dat moment.

Dit zorgde ervoor dat de Bolsjewistische partij en de Russische arbeidersklasse ondanks al hun fouten en tekorten[1] in staat waren om de militaire interventies van imperialistische landen te weerstaan, om een achterlijk boerenland op korte termijn tot een industriële grootmacht uit te bouwen die, 20 jaar later, in staat zal zijn om de nazistische legers de beslissende finale slag toe te brengen op het einde van de Tweede Wereldoorlog.

 

Een korte versie van dit artikel vind je hier.

Lees ook: Tien dagen die de wereld deden wankelen. Honderd jaar Oktoberrevolutie

Note:

[1] Sinds de Koude Oorlog heeft men Lenin en de Oktoberrevolutie vereenzelvigd met geweld en terreur. Daarbij vergeet men gemakkelijk hoe gewelddadig het er tijdens en na de Franse Revolutie aan toegegaan is. Het ontstaan van onze democratie en mensenrechten zijn gedrenkt in bloedige terreur, eerst in Frankrijk en nadien gevolgd door een eindeloze reeks oorlogen door Napoleon in Europa met miljoenen doden als gevolg.

 

steunen

Steun voor een nieuwe website

We hebben uw hulp nodig voor een essentiële opfrissing van de website. Om die interactiever, sneller en gebruiksvriendelijker te maken hebben we 30.000 euro nodig. Elke bijdrage, groot of klein, helpt. Met uw donatie ondersteunt u onafhankelijke journalistiek die de verhalen blijft brengen die er echt toe doen. Laat uw hart spreken.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!