Een STRIJD, tweestrijd (brief aan Youssef)
Said Al Nasser

Een STRIJD, tweestrijd (brief aan Youssef)

donderdag 13 mei 2010 17:54

Beste Youssef

Trots. Ja, dat mogen we zijn. We hebben de afgelopen jaren heel wat onrecht uit de wereld geholpen. Arbeiders kregen rechten om hen te beschermen tegen uitbuiting. De stem van vrouwen en armen tellen nu evenveel als de stem van een rijke man. Een ware revolutie toen. Holebi’s kunnen sinds een aantal jaren ook bij de overheid kiezen wie ze liefhebben én dit wordt ook erkend door de samenleving als geheel, in goede en kwade dagen.

Al die rechten op gelijkwaardigheid kregen we door solidariteit, door liefde, door standvastigheid. Door te tonen dat we bestaan en het leven mogen leiden waar iedereen recht op heeft. En toch … zelfs als de wet beschermt, mogen we niet vergeten dat er nog andere ‘strijdtonelen’ zijn. Want wat op papier waar is, heeft nog een lange weg af te leggen, voor de geesten overtuigd zijn.
 
Als allochtone holebi (als ik even dat etiketje voor de duidelijkheid mag gebruiken voor mezelf) besef ik heel goed dat we op verschillende fronten moet werken aan de emancipatie van de maatschappij. Want in tegenstelling tot wat sommigen denken is emancipatie een proces dat niet enkel voorbehouden is voor de minderheidsgroep die een slechtere sociaal-economische positie heeft. Nee, integendeel! Vaak legt de emancipatie net uitsluitingmechanismen bloot waarvan de meerderheid zich vaak niet bewust is. Dankzij manifestaties, petities, protest, publieke verontwaardiging en jawel ook prides werden de uitsluiting of discriminatie aan de kaak gesteld van holebi’s.

Maar wat heb ik eraan, als ik een appartement mag huren als holebi, als de huurder niet wil verhuren aan een Saïd of een Mohammed? Is dat dan ook niet iets om trots op te zijn? Is dat ook een deel van mijn mezelf dat ik niet kan verloochenen? En waarom moet je Jan heten om een klant verder te kunnen helpen in sommige call centers? Is Saïd dan geen mooie naam? Waarom moet ik dat deel verbergen?

Nu ja … Onlangs Youssef … zei je iets dat me heel treurig stemt. Je vertelde me dat je een aantal holebi-vrienden had, maar dat je geen Marokkaanse vrienden wou die homo waren. Ik wist niet wat ik hoorde en toen ik vannacht niet kon slapen van deze kwetsende woorden, kroop ik in mijn pen. Je hebt echt wel pech Youssef. Je hebt wel Marokkaanse vrienden die homo zijn. Maar de clou is dat ze zwijgen. En dat jij bewust je ogen sluit voor de realiteit. En zo wordt je leven een heel grote grap. Ik kan maar niet begrijpen dat jij deze schizofrene en ronduit racistische uitleg aanvaardbaar voor jezelf maakt.

“Homoseksualiteit bestaat niet bij ons; het is een Westerse ziekte”… Hoe vaak hoor ik dat niet. Onwetendheid, vooroordelen en roddel over homoseksualiteit kunnen door geen enkele wet verboden worden of tegengewerkt. Wel door in dialoog te treden, door proberen het onbespreekbare bespreekbaar te maken. Maar dit is een langzaam en moeizaam proces. Merhaba gaat deze dialoog aan met de “doorsnee allochtoon” en het allochtoon middenveld – op een niet-betutelende manier. En het moet gezegd worden dat we heel wat bemoedigende signalen opvangen. Signalen die aantonen dat ‘allochtonen’ een sterk gediversifieerde groep zijn en dat een aantal standpunten genuanceerder zijn dan wat het publiek debat doet vermoeden. We nemen op onze schaal deel aan de emancipatiestrijd van binnenuit de gemeenschap. Merhaba voert dus niet enkel een debat over gender en seksuele oriëntatie, maar strijdt ook tegen armoede, laaggeschooldheid, discriminatie op de arbeidsmarkt, sociale uitsluiting, racisme en geïnstitutionaliseerde discriminatie, …

Er zijn nog steeds (jonge) mensen die niet verondersteld zijn zich te laten leiden door hun hart, die niet mogen kiezen wie ze liefhebben: niet de juiste kleur, niet het juiste geslacht, … Een strijd tegen alle vormen van discriminatie en vooroordelen, geen tweestrijd! Ook ouders van allochtone holebi’s zijn slachtoffer van de groepsdruk voor een norm à la huisje-tuintje-boompje, van onrealistische idealen. Er zijn ouders die niet willen dat hun dochter trouwt met een Marokkaan, zoals er ook ouders zijn die niet willen dat hun zoon gelukkig is met de man van zijn leven. Waarom? Om ze te beschermen klinkt het dan vaak. Tegen de boze tong, de roddel en de achterklap. Wat gaan de buren wel niet denken?

Is een pride nog nodig? Ja. Maar verandering komt niet enkel door en masse in de Brusselse straten te lopen. Het is natuurlijk wel door deze optocht dat we de aandacht konden vestigen op wat anders kan. Toch mogen we niet vergeten dat er ook andere manieren zijn om te strijden tegen vooroordelen. Onderwijs moet autochtoon én allochtoon, kortom iedereen, klaarstomen om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op de maatschappij. Als je als leerling geen allochtone leraars en geen homo-leraars ziet tijdens je schoolloopbaan, dan mis je een deel van de diversiteit in de samenleving, maar heeft ook een groot deel van de schoolbevolking geen positief rolmodel.

Nu ja … Youssef, troost je … ik ga ook dit jaar niet meemarcheren in de Pride. Want ik wil geen masker dragen. Wat ik wel ga doen? Iedere dag opkomen tegen racisme en tegen homofobe uitlatingen zoals de  jouwe. Want voor mij is een uitspraak als “ik heb niets tegen homo’s, maar wel tegen Marokkaanse homo’s” even kwetsend en haatdragend als “ik heb niets tegen vreemdelingen, maar Marokkanen …”. En er bestaan evenveel variaties op dit thema, als er vooroordelen zijn.

O ja … Ik heb nog iets anders belangrijks te doen vandaag. Iets symbolisch. Je de-friend-en op facebook. Want ik kan geen racisten op mijn facebook laten staan. Wat zouden de buren zeggen. 🙂
Bon, Youssef, … besef goed dat ook jij in die rechtenstrijd verweven zit: wil je fake friends die ook voor jou optreden met de rol die je wilt dat ze voor jou spelen, of durf je eerlijkheid te appreciëren als een geschenk? Een strijd, geen tweestrijd.
 
Oriëntaalse groetjes

Saïd Al Nasser

Merhaba probeert met een langetermijnvisie te werken aan mentaliteitswijziging bij de allochtone gemeenschap. Met telkens weer opnieuw tijdelijke projecten moeten we trachten toch een duurzaam effect verkrijgen. Contradictio in terminis. 

Een professioneel onthaal verzorgen, het uitbouwen en onderhouden van een netwerk van gevormde intermediairen in de hulp-en dienstverlening, gerichte doorverwijzing en toeleiding, het opzetten en begeleiden van emancipatorische processen, het bieden van informatie en dienstverlening, het specialiseren in de relatie tussen cultuur, seksualiteit en identiteit, het ontwikkelen van methodieken en op het opzetten van vormingen en workshops, het concipiëren en organiseren van relevante socio-culturele activiteiten en acties, het actief zoeken naar partnerschappen die de hokjes doorbreken, sensibilisering bij diverse doelgroepen en op verschillende niveaus, belangenbehartiging, netwerking, het opbouwen van expertise en het delen van knowhow… dit alles kan echt niet enkel door vrijwilligers gebeuren.

Het onderwijs vervult een cruciale rol in de emotionele ontwikkeling van de jeugd. Het is primordiaal dat homoseksualiteit in de eindtermen staan, maar het is nog belangrijker dat scholen en leraars gesteund worden als ze dit moeilijk onderwerp moeten aankaarten. Dat de eindtermen geen dode letter worden of papegaaienwerk. Aangepaste tools ontwikkelen die de diversiteit in de maatschappij tot een gemeengoed maken.

Op het vlak van hulpverlening zijn er nog blinde vlekken die veel onnodig leed veroorzaken. Als ouders met hun opvoedings- en andere vragen terecht konden bij een instantie die ook taboe-onderwerpen aankan op een respectvolle manier en met oog voor de interculturele context, dan kunnen veel drama’s vermeden worden. Hierin zien we ook een taak voor allochtone hulpverleners en imams, die mits de nodige vorming een grotere steun kunnen zijn voor allochtone holebi’s en hun omgeving.
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!