Meer dan ooit heeft de wereld nood aan onafhankelijke journalistiek.

Meer dan ooit is het nodig om een tegengeluid te laten horen.

Steun daarom DeWereldMorgen.be

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Opinie

Welkom terug, Dyab Abou Jahjah

Dyab Abou Jahjah keert terug naar ons land. Niet iedereen juicht daarover, ik wel. Het is te hopen dat hij snel zijn oude rol opneemt: die van een uniek politiek spreker die onderdanigheid weigert en in de aanval gaat tegen onrecht. Het Antwerpen van De Wever en Homans heeft hem nodig.
vrijdag 20 september 2013

Het is wat jaren geleden. Er was weeral een incident geweest waarbij Moslims betrokken zouden geweest zijn, en die avond in TerZake interviewde Siegfried Bracke de Antwerpse imam Nordin Taouil en Dyab Abou Jahjah. Beide sprekers werden door Bracke getypecast: Taouil moest de 'gematigde' Moslim zijn en Abou Jahjah de 'radicale'. En Bracke ging er flink op los.

Het eerste wat Taouil zei was: "Ik ben het wel niet eens met broeder Abou Jahjah, maar ik respecteer zijn mening en ik respecteer hem als mens". Recht uit Voltaire, een Hogepriester uit de Europese seculiere Verlichting, geplukt. Tot zover het gewenste beeld van de Moslim als on-Verlicht. Bracke moest even in z'n haar krabben.

Even later, nadat Bracke voor de zoveelste keer had opgeworpen dat "de Moslimgemeenschap zich toch moest distantieren van zo'n zaken" kreeg hij van Abou Jahjah, rustig maar beslist, het antwoord: "Meneer Bracke, we hebben ons hier al zes keer op tien minuten tijd gedistantieerd van zo'n zaken; hoe vaak moeten we het nog doen?" Bracke was even volkomen van de kaart, mompelde dan "Maar ik word betaald om vragen te stellen", waarop Abou Jahja zei "ja, maar niet altijd de zelfde". 

Ik heb het weinigen ooit zien doen: het politieke forum betreden zonder aanwijsbare partij-credentials en dat forum binnen de kortste keren beheersen met scherpe maar doordachte en rationele uitspraken en argumenten. Abou Jahjah deed het. Zijn stijl als politicus was briljant en ik schreef dat ooit in een stuk in De Morgen onder de titel "Abou Jahjah spreekt als Steve Stevaert".

Hij was, inderdaad, even goed als de autochtone grootmeesters van het politieke debat. Hij liet zich nimmer intimideren door hun verbaal gewicht of politiek gezag - hij speelde even goed in de Premier League van het publieke debat. Maar erger nog: hij liet zich niet typecasten als de ideale allochtone woordvoerder. 

De man die kon praten

Ik was het zelf vergeten, maar Abou Jahjah vermeldde het ooit in een interview: ik gaf ooit een dag politieke vorming - voor ABVV mensen, als ik me niet vergis - en Abou Jahjah was een van de aanwezigen. Ik toonde er een video uit de vroege dagen van het migrantendebat, waarin Wilfried Martens een televisiedebat hield met een dame van marokkaanse afkomst, die dan 'de allochtonen' stem moest geven.

De dame werd door Martens simpelweg omvergelopen, bijeengeveegd en in een hoekje geschoven: ze kwam niet uit haar woorden, sprak enkel defensief, nam de termen en de krachtlijnen van Martens over, kwam niet tot heldere one-liners en zo meer - een communicatieve ramp.

Ik legde uit dat precies dit soort communicatiestituaties het migrantendebat verziekten: men plaatste een autochtone meester-communicator tegenover een allochtone beginneling, en het resultaat was voorspelbaar: de allochtoon werd gewoonweg niet gehoord. 

Toen ik jaren later Abou Jahjah aan het werk zag, had hij die structuur volkomen veranderd. Hij plaatste de autochtone tegenstrever in het defensief, en niet met scheldwoorden of woest geschuimbek, maar met argumentatieve precisiebombardementen die vlijmscherp en lijnrecht de uitgangspunten van de tegenspeler onderuit haalden. Plots hadden we een allochtone woordvoerder die geen inferioriteit in het debat aanvaardde, maar gelijkheid eiste en ze desnoods eigenhandig tot superioriteit omkeerde.

De brave, arme allochtoon die we zo makkelijk de baas konden, was vervangen door een allochtoon die bulkte van zelfvertrouwen, verdomd verstandige praat verkocht, nagels met koppen sloeg en een kat en kat noemde. Abou Jahjah sprak onbevreesd en analytisch over racisme en discriminatie, over maatschappelijke ongelijkheid, systematische achterstelling van minderheden, en - noteer - over de manieren waarop dit alles volkomen in strijd was met de waarden en principes die onze autochtone samenleving zo graag beleed en uitdroeg.

Abou Jahjah zei, en argumenteerde, dat Belgie geen democratie was als het over migranten ging, geen rechtstaat, geen land waarin elk kind gelijke kansen heeft, geen land waarin de lat voor ieder gelijk ligt.

De grootste zonde

Dat was zijn grootste zonde: hij hanteerde een aanvallende strategie, terwijl we onze migranten liefst in het defensief zagen. Hij werd dan ook zelf het grootste slachtoffer van de hypocrisie die hij beschreef. Op een dag in 2002 toen er rellen in Borgerhout waren - en laat ons die dag nooit vergeten - stormde de Eerste Minister, Guy Verhofstadt, het Parlement binnen en schreeuwde daar dat, indien er geen wet bestond waardoor men Abou Jahjah voor jaren achter de tralies zou kunnen houden, het Parlement er maar meteen en ter plekke een moest maken.

Verhofstadt leverde zo het meest pure en overtuigende bewijs van wat Abou Jahjah zei; en passant beging Verhofstadt ook nog een dozijn overtredingen van de Grondwet - de Parlementsvoorzitter had onmiddellijk zijn ontslag moeten eisen op dat eigenste moment.

Verhofstadt bleef echter vanzelfsprekend lekker op post, en Abou Jahjas rol in Belgie was uitgespeeld. Het scenario dat Abou Jahjah zo overtuigend had beschreven ontrolde zich, met hem zelf als doelwit. De klacht die het Parket tegen hem had neergelegd leidde in 2008 tot een volledige vrijspraak in beroep: er was en is immers nog altijd geen wet die hem jaren achter de tralies kon houden, en dat is maar goed ook. Maar de afwezigheid van een wet nam niet weg dat Abou Jahjah het slachtoffer was van een buitengewoon radicale repressie vanwege de overheid - die daarvoor, zo bleek, dus geen enkele wettelijke grond had. 

Abouh Jahjah werd het slachtoffer van een van de meest beschamende momenten van anti-democratie, anti-wettelijkheid, anti-gelijkheid die we in dit land ooit hebben meegemaakt. Ik beschouw het nog altijd als een moment waarop wij, de autochtonen, alle recht van spreken over de grote waarden van het Westen te grabbel gooiden en onszelf dus voor eens en altijd tot een ongeloofwaardige partij maakten wanneer het over die grote waarden ging. De schaamte die ik toen voelde gaat nooit meer weg.

Terug naar A

We zijn nu wat jaren verder. Abou Jahjah heeft jaren in Libanon geleefd en gewerkt, in een omgeving gekenmerkt door extreme vormen van onrecht, geweld en brutaliteit. Hij is er, naar eigen zeggen, wijzer en milder geworden.

Het eerste juich ik toe. Het tweede maakt me onrustig. Er is immers weinig reden om mild te zijn als allochtoon in het Antwerpen waarin Abou Jahjah terugkeert. En niet alleen als allochtoon: de stad is volkomen gepolariseerd dank zij een bestuur waarvan het radicalisme en voluntarisme soms de absurditeit benadert, vaak de grenzen van de wettelijkheid overschrijdt, en altijd die van het fatsoen als burger aantast.

Abou Jahjah keert terug naar een stad die hem niet op gejuich zal onthalen. Het eerste welkomsschot is trouwens al gegeven: de heer Gantman (zelf niet van onbesproken signatuur - en in zijn geval waren er wel wetten op basis waarvan hij veroordeeld werd) riep de autoriteiten op om Abou Jahjah prompt te arresteren bij aankomst in onze Open, Verlichte en Vrije Democratie. Abou Jahjah zal op alle manieren gekloot worden in dit Antwerpen.

Maar Antwerpen heeft hem o zo nodig. Deze stad zal nooit genoeg mensen hebben die de huidige stand van zaken en het huidige klimaat kordaat en met kennis van zaken op de korrel nemen; Abou Jahjah kan dat als geen ander, en ik hoop uit de grond van mijn hart dat hij zich snel opnieuw in het publieke debat gooit. Zijn talent is zeldzaam, zijn egagement uniek, en er is niet enkel ruimte voor maar ook nood aan iemand zoals hem. Als de tegenpartij daar lastig over wordt, dan is dat jammer voor hen, want geheel de bedoeling.

Ik zei dat Antwerpen hem niet op gejuich zal onthalen. Ik moet preciezer zijn: het deel van Antwerpen dat nu met het schildje 'A' op de kraag rondloopt zal hem verfoeien en hem het vuur aan de schenen pogen te leggen. Ik neem aan dat hij zich zal moeten laten inschrijven als bewoner in de Stad; niet moeilijk te voorspellen dat daar al problemen zullen opduiken, en dat die wellicht royaal in de media zullen worden uitgesmeerd.

Er is echter ook een ander deel van Antwerpen: het grootste deel, het deel van de mensen die zich door dit bestuur niet vertegenwoordig en gerespecteerd voelen. Ik hoor daar bij. En dus zeg ik: welkom terug, Dyab.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

18 reacties

  • door Rikm op zaterdag 21 september 2013

    Wat doet u vermoeden dat Verhofstadt en zijn kliek ooit in mijn naam, laat staan in naam van "wij, de autochtonen" heeft gesproken?

    Oftwel: Professor Blommaert rent zichzelf nog maar eens voorbij.

    • door JanBlommaert op zondag 22 september 2013

      Rik Martens lijkt niet te weten dat allochtonen in 2002 geen stemrecht hadden. Verhofstadt kon dan ook moeilijk iemand anders dan "wij, de autochtonen" vertegenwoordigen.

      • door Rikm op dinsdag 24 september 2013

        ... sprak hij dus ook in uw naam en in naam van de honderdduizenden anderen die niet op hem gestemd hadden...

  • door Jan ZV op zaterdag 21 september 2013

    Het grootste deel van A'pen wordt niet vertegenwoordigd door dit bestuur ? Zijn er vorig jaar geen verkiezingen geweest ? En het huidige bestuur is een afspiegeling van die uitslag. Op federaal vlak is het grootste deel van de Vlaams bevolking echter niet vertegenwoordigd; maar daar heb ik de auteur nog nooit over klagen. Democratische begin principes zijn blijkbaar te hoog gegrepen voor extreem links. Trouwens heeft Yves De Smet deze week ook al geen column geschreven met dezelfde titel ? Het origineel is altijd beter als de copy.

    • door hercegvagyok op zondag 22 september 2013

      Beste; over democratisch verkozen worden en spreken in naam van de bevolking. Hoog tijd om de kiesplicht af te schaffen en het kiesrecht in te voeren, dan zullen politiekers meer hun best moeten doen om mensen naar de stembus te krijgen, ik weet dat het stemrecht ook zijn nadelen heeft, maar er zullen in ieder geval minder protest stemmen terecht komen bij partijën die het niet echt menen met de democratie, en dan gaat het mij niet om een welbepaalde partij, maar om bijna alle politieke partijën in ons land, want ze zijn allen in het zelfde betje ziek. Nog één ding ik ben toch liever links dan rechts, gewoon omdat ik rechtshandig ben en die al genoeg moet gebruiken om te werken voor mijn boterham te verdienen. Vriendelijke groeten van uit de kempen de parking van Antwerpen zoals men het daar wel eens durft stellen.

  • door hombekenaar op zondag 22 september 2013

    Moet u weten dat destijds, toen Verhofstadt buiten zijn rol viel, Dyab Abou Jahjah werd verdedigd (voor zijn recht op vrije meningsuiting) door uitgerekend ... Bart De Wever !!! Kan er eens op een normale manier over het nieuwe stadsbestuur van Antwerpen gesproken worden alsjeblief? Sommigen verraden hun vooringenomenheid door schuimbekkend alle zonden Israëls op BDW en zijn ploeg te laden, niet gehinderd door enige kennis ter zake.

    • door JanBlommaert op zondag 22 september 2013

      Wel, meneer De Nijn, dan is De Wever sindsdien van kleur veranderd. Moeilijk te aanvaarden, dat neem ik aan. Maar wel een feit.

      • door J. Lagasse op zondag 22 september 2013

        Inderdaad, niet gehinderd door enige kennis van zaken

      • door Pleimion op zondag 22 september 2013

        Discussiëren met professor Blommaert: "ik beweer dat A een feit is, zonder daarvoor enig bewijs of citaat te leveren" ==> "A is een feit". Werkt dat ook buiten uw zwaar gecensureerde kring van jaknikkers en paladijnen, professor?

  • door An Lanssens op zondag 22 september 2013

    Ik ben het helemaal eens met J. Blommaert en blij dat hij dit zo formuleert.

    In 2002 stuurde ik onderstaande lezersbrief naar Knack. Hij werd nooit gepubliceerd. Misschien deze keer wel als commentaar bij het artikel van Jan.

    Auteur : An Lanssens Onderwerp : Fan van Abou Jahjah Datum : 18/9/2002 01:26:00

    Ik geef toe dat ik Jahjah, zijn achtergrond en zijn geschiedenis niet ken, maar ik ga af op datgene waar de laatste weken telkens op gereageerd werd: zijn optredens in de 7de dag, bij Recht van Antwoord, zijn interview in Knack.

    Eén van de punten waar men zich blijkbaar over opwindt is de vraag of Jahjah nu DE vertegenwoordiger van DE allochtonen in België is. Tot nu toe heb ik hem enkel horen zeggen dat hij via zijn organisatie een aantal allochtonen vertegenwoordigt. Hij spreekt ook niet tegen dat je het gewoonweg niet kan hebben over DE allochtonen in België. Als men vindt dat hij een bepaald segment of een aantal allochtonen niet vertegenwoordigt: what's the problem? Dan moeten anderen maar andere groepen vertegenwoordigen. Bovendien zullen ook ‘anderen’ er niet in slagen om spreekbuis te zijn voor ALLE allochtonen.

    Jahjah ontkent niet dat hij soms zin krijgt om zelf een politieke partij op te richten. Hij vindt namelijk dat hij en zijn organisatie niet als volwaardige gesprekspartner worden behandeld. Ook hier begrijp ik de drukdoenerij niet. Ik droom zelf soms ook wel eens van een eigen politieke partij. Vooral als sommige ‘opiniemakers’ en politici zo naast de kwestie blijven leuteren en verstandige mensen blijven verketteren in plaats van de discussie ten gronde en inhoudelijk aan te gaan. Trouwens, als Jahjah zo weinig allochtonen vertegenwoordigt zal zijn partij ook niet veel succes hebben, wel?

    Zijn standpunt over de rol van de vrouw en de familie in de samenleving: Jahjah zegt er expliciet bij dat hij op dat vlak conservatief is. Ik heb hem nog niet horen zeggen dat hij wil dat alle vrouwen in Vlaanderen verplicht thuis blijven om voor het gezin te zorgen. Dat hij het gezin en de centrale rol van de vrouw daarin wil herwaarderen ... CD&V zou het moeten toejuichen. Als vrijgevochten, geëmancipeerde, gescheiden dertiger vraag ik me op een eenzame winteravond in een overwerkte en gestresseerde bui ook wel eens af of ik niet liever bij de haard had gezeten met een man die de krant leest en anderhalf kind dat aan mijn rokken hangt ... of het leven niet opnieuw wat éénvoudiger en zekerder zou zijn als meer gezinnen opnieuw zo zouden functioneren. Meestal ben ik echter blij met de verworvenheden die we te danken hebben aan de feministen. Daarover kan gediscussieerd worden. Ook met Jahjah. Ik ben benieuwd naar de visie op de rol van de vrouw in gezin en maatschappij van al degenen die moord en brand schreeuwen als Jahjah aan het woord is.

    En zo kunnen we nog even doorgaan: uitspraken van Jahjah, de fantasierijke interpretaties ervan en de hevige reacties die eerder slaan op het gefantaseerde stuk dan op zijn werkelijke uitspraken. Ik ga niet door. Jahjah verwoordt zijn standpunten veel beter dan ik. Dat kan niemand ontkennen: hij heeft een visie op de samenleving, op wat erin gebeurt of zou moeten gebeuren, hij kan ze goed verwoorden en probeert consequente redeneringen op te bouwen. Iets wat ik heel erg mis bij heel wat Vlaamse politici, zowel allochtone als autochtone en zelfs bij sommige journalisten. Al te vaak nemen ze de toevlucht tot holle redeneringen en slogans. Ook in de discussies met Jahjah. Sommigen raken niet eens verder dan hem op één hoop te gooien met Filip De Winter. Proficiat! Heel sterk! Dat helpt het debat ook geweldig vooruit. Ik heb trouwens nog niet veel mensen gehoord die zo rustig en beredeneerd de slogans van De Winter doorprikten als Jahjah in de 7de dag of die zo duidelijk de vinger op een aantal wonden in onze samenleving leggen.

    Jahjah radicaal? Extreem? Ik heb veel radicale dingen OVER hem horen zeggen maar uit zijn mond heb ik nog niets ondemocratisch of extreems gehoord. De dag dat dat gebeurt zal ook ik moord en brand schreeuwen en hem een boze brief sturen. Trouwens, lieve mensen, waar zijn we in gods(?)naam mee bezig? Wie verpest hier het debat? Jahjah klaagt -in mijn ogen heel terecht- een aantal problemen aan. Als we het niet eens zijn met zijn analyses en zijn oplossingen, dan moeten we dat zeggen en uitleggen waarom. Als we het wel eens zijn met zijn analyses, maar niet met zijn oplossingen: idem, leg uit waarom en kom met alternatieven. Dan kunnen we daarover praten. Als we het -zou dat mogelijk zijn?- ook met sommige oplossingen eens zijn, zou het dan niet beter zijn de handen in elkaar te slaan en in actie schieten in plaats van te blijven zeuren? Alsjeblieft ... houd op met dat gezeur over Jahjah, keer terug naar de kern van het debat en doe er iets aan!

    An Lanssens

  • door Tim Romeyns op zondag 22 september 2013

    "Ik beschouw het nog altijd als een moment waarop wij, de autochtonen, alle recht van spreken over de grote waarden van het Westen te grabbel gooiden en onszelf dus voor eens en altijd tot een ongeloofwaardige partij maakten wanneer het over die grote waarden ging. De schaamte die ik toen voelde gaat nooit meer weg."

    Beste Jan, hoe kan je nu zoiets zeggen? Mogen we dan geen opmerkingen meer maken tov de verstikkende censuur in China? Of over de homohaat in Rusland? Of het rijverbod in Saudi-Arabië voor vrouwen? Wil jij werkelijk alle verwezenlijkingen van de democratie en de verlichting te grabbel gooien omdat een voormalig eerste minister in België een misstap begaat? Zelfs wanneer, zoals je zelf aangeeft, het gerecht uiteindelijk toch tot een onafhankelijk oordeel komt?

    Geef jij dan zo gemakkelijk op, Jan? Zijn onze (?) waarden je dan zo weinig waard? Niet alleen die autochtonen zoals jij ze noemt, maar ook die duizenden politieke vluchtelingen die we als land opnamen, nemen je dat niet in dank af. En wat indien Abou Jahjah morgen zelf een scheve schaats rijdt? Hebben allochtonen dan op hun beurt geen recht van spreken meer?

    En waarom denk je dat Abou Jahjah 'milder' terugkomt? Zou dat te maken kunnen hebben met die "extreme vormen van onrecht, geweld en brutaliteit" die je zelf aanhaalt? Zou het niet kunnen zijn dat we hier in dit Belgenlandje ondanks alles een stabiele rechtsstaat hebben die het verdedigen waard is? Het laatste wat we nu nodig hebben is een linkse journalist die zich schaamt voor die rechtsstaat en er niets meer mee vandoen wil hebben. Toon wat meer fierheid en vechtlust!

    Misschien moet je eens 'achieving our country' van Richard Rorty lezen. Erg toepasselijk op jouw geval.

    • door JanBlommaert op zondag 22 september 2013

      Beste, het tegendeel van fierheid en vechtlust is zelfgenoegzaamheid - er van uitgaan dat aan onze samenleving geen werk meer is, dat alles hier op wieltjes loopt. Wie zijn samenleving en haar waarden liefheeft moet er kritisch over waken dat die waarden gestalte krijgen in het concrete reilen en zeilen ervan. En moet de eerste zijn om de vuist op te steken als dat niet zo is. Zo zie ik 'fierheid en vechtlust'.

      • door F.E op maandag 23 september 2013

        Beste professor Jan Bommaert,

        Je laatste opmerking vind ik prima verwoord. Daarom sta ik ook volledig achter de terugkomst van meneer Dyab Abou Jahjah. Hij is de enige allochtoon die in het publieke forum het aandurfde kritiek te uiten op de samenleving en op haar omgang met mensen met een migratie-achtergrond. Vele van de allochtonen die vandaag een positie bekleden binnen de traditionele politieke partijen durven of kunnen die kritiek niet uiten. Ze hebben verschillende beperkingen. Vaak ontbreken ze aan een degelijke opleiding en aan kennis van de huidige samenleving. Sommige van hen zijn ontworteld van hun eigen gemeenschap. Anderen moeten zelfs nog eerst een deftige cursus nederlands gaan volgen. Vaak zijn het ook opportunisten waar je als samenleving bitter weinig aan hebt. Deze personen zijn wel geliefkoosd binnen de traditionele partijen, de overheiddiensten en stad, omdat ze volgzaam en nederig zijn door hun onkunde en altijd blij en vrolijk zijn wanneer ze iets zoets en lekker krijgen. Ze zijn ook altijd inzetbaar op posities om een repressief beleid te legitimeren of om op gepaste momenten met het verwijtende vingertje de eigen gemeenschap terecht te wijzen, terwijl ze de intellectuele vaardigheden ontbreken om begrip te hebben van de feiten. Met deze mensen bouw je echter geen betere en rechtvaardigere samenleving mee op. Zij zijn mee de oorzaak dat de democratie ondergraafd wordt en dat wij als burgers op lange termijn er allemaal slechter van worden, allochtoon en autochtoon. Voor deze mensen heb ik geen respect. Ik acht een persoon die binnen de regels van de rechtstaat kritiek durft uiten op de samenleving waardevoller voor een democratische samenleving dan een persoon die door zijn beperkingen en opportunisme de meerderheid naar de mond praat. Een persoon zoals meneer Dyab Abou Jahjah geeft mij meer blijk van oprechtheid en bekommernis om de democratische waarden en normen van onze samenleving dan al die andere opportunisten. Het is echter ook wel zo, en daarin verschilt misschien mijn mening met Dyab Abou Jahjah, dat discriminatie en sociale uitsluiting niet altijd een bewust mechanisme is. Zijn voorstellen echter, zoals QUOTA's. Daar ben ik het volledig mee eens.

        Welkom terug meneer Dyab Abou Jahjah.

      • door Tim Romeyns op maandag 23 september 2013

        Dan zijn we het eens. Zelfgenoegzaamheid is dwaas, leert een blik op de statistieken. Maar zelfhaat en verlammende schaamte ook. Beide extremen zijn contraproductief. Onze democratie is wel degelijk het verdedigen waard, maar in jouw stuk leek het alsof je die niet langer durft te verdedigen.

  • door wilfried.defillet@antwerpen.be op maandag 23 september 2013

    Ook de ‘gematigde’ Moslim imam Nordin Taouil werd in 2009 door het establishment monddood gemaakt. Hij werd ontmaskerd als een ‘moslimextremist van salafistische-wahabitische strekking’. Drie woorden die klinken als een doodsbedreiging in één zin. Taouil had in het toenmalig hoofddoekendebat niet de lijn van het dominante discours gevolgd dat neutraliteit eist van onze samenleving. Executeur van dienst voor deze ‘Kaltstellung’ was Alain Winants, administrateur-generaal van de Staatsveiligheid. Dat zijn vrouw Hanan Taouil hierdoor enkele dagen later haar erkenning als onthaalmoeder van Kind & Gezin verloor, valt waarschijnlijk onder ‘collateral damage’. Als het al niet een beoogd neveneffect was.

    By the way, in Gazet van Antwerpen van vandaag staat een mooi vraaggesprek met Dyab Abou Jahjah.

  • door Abrimont op maandag 23 september 2013

    Iedere democraat die streeft naar een harmonieuze samenleving zou Dyab Abou Jahjah met open armen dienen te ontvangen. De rol die hij kan spelen in het verzoeningsproces tussen de gemeenschappen zie ik eigenlijk niemand anders vervullen (zijn brief aan Yves De Smet toont de grote waarde van de bijdage die hij kan leveren). Dat daarbij een redelijke analyse dient gemaakt te worden en discriminatie en sociale ongelijkheden aangekaart is slechts de basis van een eerlijk debat. Dat als provocatie bestempelen is geheel tenonrechte, sterker dat is op zich een zeer sterke provocatie.

    Welkom terug, Dyab Abou Jahjah, er is de werk aan de winkel. Afschrikken zullen ze je niet, maar laat je ook niet ontmoedigen, weet dat ook autochtonen (zoals mezelf) je steunen en als broeder ontvangen.

  • door Abrimont op maandag 23 september 2013

    ik begrijp dat het artikel lovend gezind is naar Dyab Abu Jahjah, ofschoon ik de teneur ervan deel is dit echter niet geheel met de inhoud. Vooreerst is de vergelijking met Steve Stevaert ongepast. De heer Abu Jahjah heeft een diepzinnige boodschap en neemt standpunten in gebasseerd op ethiek en geweten, terwijl Stevaert een populist was. Dat zijn uitersten. Stevaert mag dan in staat geweest zijn een paar oneliners te plaatsen die aan de oppervlakkige massa verkocht konden worden, dat is helemaal niet wat Abu Jahjah doet. Abu Jahjah gebruikt niet zo'n oneliners maar gaat vlijmscherp naar de essentie, het is niet omdat dat soms in 1 zin verwoord wordt dat deze gelijk geschakeld kunnen worden aan populistische oneliners. De vergelijking doet Dyab Aby Jahjah als intellectueel onrecht aan. Dyab Abu Jahjah is zeker een man die kan praten, maar evenzeer één die kan denken. in de volgende paragraaf lijkt er wat gesuggereert te worden alsof als allochtoon enkel hij over deze gave beschikt, wat ik ten zeerste tegenspreek. Er zijn nog heel wat anderen, het verschil is echter dat hij destijds bewust de confrontatie aanging en daardoor mede door de sensatiedrang van de media in de schijnwerpers kwam te staan. Anderen hebben een andere stijl en halen de media niet, maar dit doet geen afbreuk aan hun redenaarstalent nog aan de inhoud ervan, het zegt meer over de media en het luisterpubliek dat niet echt wil luisteren en nadenken. Wat Abu Jahjah wel onderscheidt is zijn strategisch inzicht om te zien wat soms nodig is om op zijn minst toch gehoord te worden. Abu Jahjah was inderdaad onrecht aangedaan zoals vermeld, maar stellen dat dat het moment was waarop wij onze waarden ten grabbel gooiden beaam ik niet. Het was geen tijdelijk moment en geen uitzonderlijke vorm van discriminatie. Deze discriminatie is er één van alle dag, overkomt heel velen, gisteren, vandaag en morgen. het enige uitzonderlijke eraan was dat het de media haalde, niet het gebeuren op zich. Dat wordt veel te weinig erkend en ik meen dat daar net Abu Jahjah's strijd om gaat, niet om hemzelf maar om de dagdagelijkse slachtoffers die nooit gehoord noch erkend worden. Voorstellen dat wat toen gebeurde een zwart moment was banaliseert het leed van alle anderen, tenonrechte. Ik wens hem, Dyab Abu Jahjah ook zeer welkom en alle succes. Maar laten we niet vergeten dat het hele debat niet om zijn persoon draait, het gaat over discriminatie en ongelijkheid. Ik meen ervan uit te kunnen gaan dat hij er zelf niet anders over denkt, en daarom is hij inderdaad zo broodnodig. Ik geloof in zijn integerheid.

  • door Kris Slegers op woensdag 25 september 2013

    Abou Jahjah wordt door dhr. Blommaert en vele anderen heilig verklaard en verwelkomd in de naam van de democratie. In Doorbraak werd recent een bloemlezing van uitspraken van deze persoon gepubliceerd. Vreemd dat mensen die zich progressief noemen, deze persoon zo verafgoden. Zie hieronder:

    ‘Ik heb een stevig netwerk uitgebouwd in het Midden-Oosten, met allemaal mensen die op een goed georganiseerde manier de niet-islamistische, progressieve krachten van de Arabische revoluties steunen.’ Zo kondigt Abou Jahjah in De Standaard van 16 september zijn terugkeer in ons land aan. Zo’n tien jaar geleden was hij amper uit de nieuwskolommen weg te slaan. Een bloemlezing van Abou Jahjah toen: ‘De media in Vlaanderen, de politie, de intellectuelen, de zelfverklaarde antiracisten: ze zijn allemaal hopeloos racistisch.’ (De Standaard, 22 mei 2006) ‘Cartoonisten moeten met alles kunnen lachen. Waarom dan niet met de holocaust?’ (Het Nieuwsblad, 06 februari 2006, ter verdediging van enkele AEL-cartoons, waaronder een cartoon met als titel ,,Hitler goes Dutroux'' waarin de Duitse dictator het bed deelt met de jonge Anne Frank. In twee andere prenten werd de holocaust een verzinsel genoemd en de zes miljoen joodse doden een overdreven getal.) ‘Als het zo doorgaat zitten we over 15 jaar in een etnische burgeroorlog. Niet de moslimfundamentalisten, maar bierdrinkende, hoerenlopende, voetbalkijkende jongeren uit de allochtone onderklasse zullen de wapens opnemen.’ (Humo, 12 juli 2005) ‘Patrick Dewael bewijst dat God niet vrijgevig is geweest toen hij in Vlaanderen verstand uitdeelde.’ (Het Laatste Nieuws, 25 oktober 2004) ‘De autochtonen kunnen zich niet aanpassen aan de multiculturele realiteit. Dat is wat er aan de hand is. Dan moeten ze maar emigreren. Wie het hier niet bevalt, moet maar weggaan.’ (Society Quarterly, april 2004) ‘Zij die zoals wij wel kunnen lopen, vechten en strijden, maar dat niet doen, die zijn gehandicapt.’ (De Morgen, 25 maart 2004) ‘Ik heb er geen enkele moeite mee toe te geven dat ik het verhaaltje om mijn asielaanvraag te staven ter plekke verzonnen heb in het Klein Kasteeltje.’ (Het Nieuwsblad, 16 oktober 2003) ‘Ik waarschuw de broeders en zusters die de partij een mes in de rug willen steken. Vergeet niet dat wij de AEL zijn en dat Borgerhout niet zo ver is van Tilburg, Utrecht, Den Haag of Amsterdam. Ons Borgerhoutse legioen zal graag een bezoekje brengen aan mensen die AEL willen ondermijnen.’ (Het Laatste Nieuws, 8 juli 2003) ‘De intifada is niet alleen het naar elkaar gooien met stenen. Het is een manier van leven, een strijd van alle moslims. En dus ook van ons.’ (De Morgen, 30 september 2002) ‘Ik ben een moslim. Als God wil dat ik zo [door een politieke moord] sterf, kan ik mij daar alleen maar bij neerleggen.’ (Het Laatste Nieuws, 18 september 2002) ‘Nederlands leren is niet nodig is, want het staat niet in de wet. Je moet je eigen taal niet verloochenen, of het nu Turks of West-Vlaams is.’ (Recht van Antwoord, VTM, 17 september 2002) ‘11 september is niet onze rouwdag. Wij gedenken vandaag de Palestijnse doden.’ (Het Nieuwsblad, 12 september 2002) ‘Als je consequent wil zijn met het internationaal recht, moet je het Arabisch in België als vierde landstaal erkennen.’ (Knack, 21 augustus 2002) ‘Ik geloof niet in een staat die zegt dat vrouwen absoluut carrière moeten maken. Ik geloof niet in het feminisme. Wij erkennen de verschillen tussen man en vrouw. Niet de ongelijkheid, maar de verschillen.’ (Knack, 21 augustus 2002) ‘Een goed beleid gaat ervan uit dat verschillen bestaan, dat die verschillen normaal zijn, en probeert om die te beheren, te managen. Maar het wegwerken van culturele verschillen, dat is fascisme.’ (Knack, 21 augustus 2002) ‘Ik vind homoseksualiteit niet hetzelfde als heteroseksualiteit, want heteroseksualiteit is de norm. En dat mag ik vinden. De wettelijke gelijkheid moet je natuurlijk respecteren, maar niemand is verplicht om homoseksualiteit normaal te vinden.’ (Knack, 21 augustus 2002) ‘Al die heisa omtrent criminaliteit bij allochtonen kan alleen in het kader van goedkoop populisme geplaatst worden. Men probeert al jaren in Vlaanderen een onderdrukte, uitgesloten minderheid als bron van alle kwaad te beschouwen. Het is immers gemakkelijker Marokkaanse jongeren op te pakken dan hun gelijke kansen te bieden.’ (Gazet van Antwerpen, 26 november 2001) ‘Als we ervan uitgaan dat de politie een weerspiegeling van de samenleving is, dan is het grootste deel van de bevolking racistisch en xenofoob. Elke Marokkaanse jongere weet dat het politiekorps voor een groot deel vol zit met racisten en pseudo-fascisten.’ (Het Nieuwsblad, 26 november 2001) ‘De huidige allochtone politici zijn gerecupereerde evolués. Als migranten basisrechten willen, zullen ze die zelf moeten afdwingen.’ (De Morgen, 22 november 2001) ‘De integratie-industrie moet opgedoekt worden. De miljoenen die er jaarlijks ingepompt worden, moeten naar de allochtone zelforganisaties vloeien.’ (De Morgen, 22 november 2001) ‘Wij weigeren ons te “integreren” en zouden willen dat autochtonen zich stilaan bewust worden van de dubbelzinnigheid van dit concept.’ (De Morgen, 26 mei 2000)

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties