about
Toon menu

Half miljoen doden door natuurrampen in Latijns-Amerika en Caraïben

In Latijns-Amerika en de Caraïben kwamen sinds 1960 meer dan een half miljoen mensen om als gevolg van natuurrampen. De regio moet dringend meer in rampenpreventie investeren. “Het is beter te investeren in preventie, dan nadien veel geld te moeten uitgeven bij de heropbouw.”
dinsdag 10 oktober 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Latijns-Amerika en de Caraïben bekomen nog van de passage van de orkanen Irma en Maria en van twee zware aardbevingen in Mexico. Het is een regio die steeds vaker met natuurrampen af te rekenen krijgt. Sinds 1960 vonden er 2269 natuurrampen plaats, berekende het Latijns-Amerikaans Economisch Systeem (SELA). Die kostten het leven aan 532.284 mensen. De economische schade beliep 213 biljoen (213.000 miljard) dollar.

Opvallend is dat de meeste rampen zich na het jaar 2000 voordeden. De meeste rampen hebben niet rechtstreeks met geologische gebeurtenissen zoals aardbevingen te maken, wel met meteorologische fenomenen.

Investeren in rampenpreventie

De landen in de regio moeten dringend meer in rampenpreventie investeren, zeggen experts. “Een land kan niet zeggen dat het duurzaam is als zijn investeringen en ontwikkelingsinfrastructuur niet beschermd zijn tegen de risico’s”, zegt Raúl Salazar, regionaal hoofd (voor beide Amerika’s) van het VN-bureau voor Rampenrisicobeperking (UNISDR).

“Sommige schattingen in Japan geven aan dat men voor elke dollar die men in risicobeheer investeert, 12 dollar bespaart in investeringen”, zegt Roy Barboza van het Coördinatiecentrum voor Natuurrampenpreventie in Centraal-Amerika.

“In andere regio’s komen ze tot gelijkaardige cijfers. Het is beter te investeren in preventie, dan nadien veel te moeten uitgeven bij de heropbouw.”

Samenwerking tussen financiën en planning

De begrotingen van sommige landen beginnen al rekening te houden met rampenpreventie. Maar dit is nog verre van voldoende. Ze doen dit nog maar twee jaar. En zeventien van de 35 landen in de regio houden er nog helemaal geen rekening mee. Vooral de Caraïbische landen moeten grotere inspanningen leveren.

De overheidsdepartementen financiën en planning moeten vooral nauwer gaan samenwerken. Tot die conclusie kwamen vertegenwoordigers van de verschillende landen vorige week tijdens een bijeenkomst in de Costa Ricaanse hoofdstad San José, op uitnodiging van de UNISDR en de SELA.

Maar eenvoudig is zo’n samenwerking niet. “Als ik iemand van Financiën een investering in preventie voorstel, dan brengt dat de begrotingssituatie van het land in het gedrang: de projecten doen de kosten stijgen. En hoe overtuig je een politicus om de kosten te laten stijgen?” zegt Carlos Picado, hoofd Strategische Ontwikkeling van de Nationale Commissie voor Risicopreventie en Noodhulp in Costa Rica.

Toekomstige winst

De betrokken ambtenaren en experts dringen aan op de ontwikkeling van meetinstrumenten en data waarmee planologen hun collega’s van Financiën kunnen overtuigen van de noodzaak van preventie.

Bij de analyse van een voorstel zou men rekening moeten houden met de toekomstige winst die de werken opleveren, en ook met de toekomstige verliezen als de publieke dienstverlening na een ramp stilvalt, zegt Picado.

De impact van rampen op de begroting wordt doorgaans onderschat, zegt Salazar. “De rampenstatistieken bevatten meestal alleen data van de grote rampen, ze houden geen rekening met de kleinere rampen, terwijl die ook een belangrijke impact hebben.” Bijna de helft van de rampen blijft zo onder de radar. Vaak zijn het de arme inwoners die de gevolgen van deze rampen ondervinden, wat het voor de overheid nog moeilijker maakt hen te helpen.

Makkelijker leningen

Landen die goed plannen, krijgen makkelijker leningen dan landen die alleen maar op noodsituaties reageren, zegt Abenamar De La Cruz, topman van de Ontwikkelingsbank voor Latijns-Amerika (CAF).

“We zitten in een magere periode”, waarschuwt hij. “De begrotingsuitgaven lopen de laatste jaren op, de ruimte om schulden aan te gaan wordt kleiner. Als daar een grote blootstelling aan rampen bijkomt, is het beter te plannen.”

De bijeenkomst in San José stemt UNISDR-hoofd Raúl Salazar alvast optimistisch. De bijeenkomst is het resultaat “van het werk dat de ministeries van Economie, Financiën en Planning de laatste twee jaar hebben gestoken in methodologieën en vormen om rampenrisicobeperking te integreren in hun evaluatie van openbare investeringen. Dat geeft ons veel voldoening.”