Peter Edel

Diyanet, de religieuze autoriteit in Turkije

Dat de invoering van een presidentieel systeem de inzet is van de verkiezingen in Turkije op 7 juni, wil niet zeggen dat er in de aanloop daartoe geen andere thema’s aan de orde komen. Een daarvan is Diyanet, het presidium voor religieuze zaken. De Republikeinse Volkspartij (CHP) wil het beleid daarvan sterk aanpassen, terwijl de Koerdisch georiënteerde Democratische Volkspartij (HDP) het zelfs over opheffing heeft.

dinsdag 12 mei 2015 10:24

Diyanet
ontstond in 1924, een jaar na de op de oprichting van de Turkse
Republiek, en valt sindsdien onder de auspiciën van de premier. Het
controleerde de opleiding van imams, vestigde moskeeën en hield
alles dat verder met religie te maken had voortaan enorm strak in de
hand.

Die
strenge controle moest de scheiding tussen geloof en openbaar leven
garanderen. Het was typerend voor het specifieke secularisme dat
Turkije gedurende de twintigste eeuw bleef kenmerken.

Dit
veranderde toen de Partij voor Gerechtigheid en ontwikkeling (AKP) in
2002 aan de macht kwam en met een nuancering van het strikte
secularisme begon. Zolang de seculiere nationalisten nog de dienst
uitmaakten in de staat ging dat mondjesmaat, maar naarmate zij van
hun posities verdreven werden, namen deseculariserende tendensen toe
in Turkije.

Diyanet
bleef de hoogste religieuze autoriteit, maar hoefde zich niet meer om
de seculiere status van Turkije te bekommeren. Voortaan stond de door
de AKP nagestreefde soennificatie van Turkije voorop; met de nadruk
op de hanafi-school, een van de vier soennitische tradities (naast
shafi, maliki en hanbali).

Diyanet
raakte langs deze weg zo nauw verbonden aan de religieuze ideologie
van de AKP, dat het een verlengstuk van de regeringspartij werd.

Alevisme

Dat het
hanafi-soennisme de dienst uitmaakt, is volgens de AKP logisch,
aangezien veruit de meeste Turken ertoe behoren. De consequentie is
dat religieuze minderheden in de verdrukking komen. Dat geldt met
name voor het alevisme, een uit het sjiisme voortgekomen liberale
variant van de islam, waartoe twintig procent van de Turken behoort.
Het alevisme is daarmee de grootste religieuze minderheid in Turkije.

De
alevieten hebben zich altijd al in het verdomhoekje bevonden in Turkije,
laat dat duidelijk zijn, maar naarmate de religieuze invloed op de
samenleving toeneemt, tekent de ondergeschiktheid van hun positie zich
sterker af. Dat uit zich vooral in het onderwijs, waarbinnen de rol
van het geloof de laatste jaren is toegenomen. Scholen werden zo de
bakermat voor soennificatie in Turkije.

Hatice
Altinisik, een lid van de centrale raad van de HDP, drukt het als
volgt uit:

“Als een
alevitische moeder, die een kind opvoedt in Istanboel, worstel ik met
de religielessen op school. Mijn zoon werd uitgestoten en een
‘ongelovige’ genoemd, omdat we niet wilden dat hij aan die lessen
deelnam. De soennitische leringen zijn strijdig met ons geloof. Jonge
kinderen raken verward door de combinatie van wat ze van hun ouders
horen en de indoctrinatie op school. In verschillende kleinere steden
in Anatolië zie je al dat terwijl de ouders alevitisch blijven, de
kinderen gesoennificeerd raken.”

Terwijl de
soennitische moskeeën en de daar werkzame imams door Diyanet worden
betaald, moeten de cemevi’s (de alevitische gebedshuizen) zelf maar
zien hoe ze het rooien. Daarover had de zojuist al geciteerde Hatice
Altinisik het volgende te zeggen:

“De
cemevi’s bevinden zich in een moeilijk positie. De regering geeft
ons geen belastingvoordelen, de gebouwen van de cemevi’s kunnen
geconfisceerd worden als ze niet aan hun financiële verplichtingen
voldoen.’

Verder zei
Altinisik:

“De
regering ziet alevieten als burgers wanneer het aankomt op belasting
betalen, maar respecteert onze identiteit niet en laat na om naar
onze wensen te luisteren.”

Shafi

De door
Diyanet en de AKP betrachtte soennificatie leidt soms tot
merkwaardige toestanden. Hatice Altinisik:

“Het is
ironisch dat de regering imams betaalt in alevitische dorpen zonder
soennitische gemeenschap. Ik ontmoette een jonge, bevlogen imam in
een dorp waar geen soennieten wonen. Hij verveelde zich. Alles wat
hij deed, was dagelijks vijf keer oproepen tot het gebed, maar daar
kwam niemand op af.”

Niet
alleen alevieten, maar ook tot de shafi-school behorende soennieten
krijgen de hanafi-traditie opgedrongen. Waar dat toe leidt, komt naar
voren in de woorden van een hanafi-imam in de provincie Diyarbakir:

“Ik word
goed betaald door Diyanet en er is voorzien in een pensioenregeling.
Maar daar zit ik dan in een klein dorp in Diyarbakir. Mijn gemeente
bestaat grotendeels uit shafi-moslims. Ze bidden niet samen met me.
Ze komen naar de moskee en zijn vriendelijk, maar ze willen me niet
als hun imam. Ik had hoge verwachtingen, wilde de mensen bereiken en
helpen, maar nu zit ik opgescheept met een gemeente die me als
vreemdeling beschouwt.”

Budget

Het budget
van Diyanet is sterk gegroeid. Tussen 2002 en vorig jaar liep het op
van €298.000.000 tot €1.191.000.000.

Om dat
laatste bedrag in perspectief te plaatsen: het staat ongeveer gelijk
aan de budgetten van het ministerie van Buitenlandse Zaken, het
ministerie voor Energie en het ministerie voor Cultuur en Toerisme
bij elkaar opgeteld.

Ondertussen
springen onder beheer van Diyanet de moskeeën als paddenstoelen uit
de grond. 90.000 zijn het er nu, weinig islamitische landen zijn zo
goed voorzien.

Er zijn
minder ziekenhuizen in Turkije. Diyanet-baas Mehmet Görmez noemt dat
een verkeerde vergelijking: “Iedereen gelooft in dit land, maar
niet iedereen is ziek”, zei hij. Zit iets in, maar dat ook scholen
in Turkije getalsmatig in de minderheid zijn ten opzichte van moskeeën, liet hij onbesproken.
Dan valt  Görmez met zijn redenering door
de mand. Dit bracht de columnist Özgür Korkmaz tot de opmerking dat
niet iedere Turk hoeft te leren voor Görmez…

Mercedes

Görmez
kreeg vorige maand een golf van kritiek over zich heen toen hij een
Mercedes ter waarde €334.000 ontving van Diyanet.
Toen bleek dat Paus Franciscus  in een tweedehands auto reed in het Vaticaan,  een schril contrast.

Yasin
Cundogdu, een jonge en populaire imam in Istanboel, verdedigde Görmez
met de stelling dat de profeet Mohammed op een van de beste kamelen
reed. De kritiek kwam onder andere van de godsdienstgeleerde Ihsan
Eliacik:

“In een
land waar de armoedegrens op €436 ligt en het minimuminkomen €318
bedraagt, zouden de leiders geen paleis mogen bouwen, niet met een dure auto
mogen rijden of een luxueus leven mogen leiden. Integendeel, ze
zouden daar juist afstand van moeten doen.”

De kritiek
kreeg de overhand en onder druk daarvan deed Görmez afstand van zijn
Mercedes. President Erdogan zei dat hij het prijzige voertuig niet
had ingeleverd, was hij Görmez geweest.

Erdogan

Erdogan
wil niets weten van wat de CHP en de HDP te berde brengen over
Diyanet. Ten aanzien van de HDP uitte hij zich dreigend:

“Voor
degenen die Diyanet willen opheffen, is het duidelijk welke les onze
natie voor hen in petto heeft.”

Over de
CHP zei Erdogan:

“Nu
vallen ze Diyanet aan. De CHP schreef in haar verkiezingsmanifest dat
Diyanet gelijke afstand tot alle geloven dient te bewaren. Maar het
is duidelijk wat de religie van deze natie is. De leden van andere
religieuze organisaties hebben hun eigen instanties, dat is ook
duidelijk. Dus waarom een controverse bij Diyanet neerleggen?”

Asscher

Het valt
buiten het bestek van dit artikel, maar Diyanet is ook buiten Turkije
actief. In België en Nederland beheert Diyanet eveneens moskeeën en
voorziet die bovendien van imams.

Vorig jaar
behoorde Diyanet tot de vier Turks religieuze organisaties die in
opdracht van de Nederlandse regering werden onderzocht. Daarbij viel
gezien de nauwe band met de AKP regelmatig de term ‘lange arm van
Turkije’.

De
Nederlandse minister Asscher vond het onderzoeksresultaat
onbevredigend en stelde een vervolgonderzoek in het vooruitzicht.
Volgens het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) zal
Asscher dat nieuwe onderzoek later deze maand in een brief aan het
parlement toelichten.

Peter
Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke
biografie van Turkije (2012, uitgeverij EPO, Antwerpen)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!