De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Bron: Shutterstock

Antwerpen en het surrealisme van de coronacrisis

vrijdag 7 augustus 2020 14:45
Spread the love

Met de uitbraak van de tweede golf van het coronavirus steeg de politieke daadkracht tot ongeziene hoogte. Na urenlange onderhandelingen kwamen er maatregelen die onze vrijheid drastisch beperken en ten koste gaan van de leefbaarheid en het psychisch welzijn. Alles voor onze gezondheid! ‘No mercy’, zegt Cathy Berx, provinciegouverneur van Antwerpen. Maar wat bedoelt ze precies? Het doel heiligt de middelen? Maar het is een illusie om te denken dat de werkelijkheid van het coronavirus zich volledig door maatregelen en regels laat bedwingen.

Bovendien krijgen sommige maatregelen surrealistische dimensies, afgezien van hun nut bij de strijd tegen de ziekte. Er wordt ons gevraagd vrijheden op te geven, maar de logica is soms ver te zoeken. De reden is dat niet alleen gezondheidsmotieven, maar ook politieke, economische en praktische motieven een rol spelen in de besluitvorming. Het gevolg hiervan kan zijn dat we die maatregelen op den duur ongeloofwaardig, onrechtvaardig of onhoudbaar vinden, zeker als ze nog verder gaan dan nu. En juist dan krijgt het coronavirus alle kans.

Antwerpen als epicentrum

Je zal maar in Antwerpen wonen. Het brandpunt van de tweede golf van de corona-epidemie met ruim 50% van de nieuwe besmettingen in ons land. Sommige landen gaven een negatief reisadvies voor dit noodgebied. Er kwamen ongehoorde maatregelen die herinneren aan een oorlogssituatie met een avondklok (lockdown van 23.30 tot 6.00 uur), verplichte mondmaskers en beperkte winkelbezoeken. Overdag zie je maar weinigen op straat, nu het volop zomer is. Waar is iedereen? Opgehokt in een appartement of ontsnapt naar de kust of het buitenland?

Je kan je afvragen wat het nut van een avondklok is als er al een samenscholingsverbod is. De maatregel is volgens prof. Johan Vande Lanotte disproportioneel. Welk risico gaat er uit van iemand die ’s nachts zijn hond uitlaat? Of wie wat verkoeling zoekt nu het overdag smoorheet is? Niet iedereen kan in zijn tuin of op zijn riante terras terecht. Terecht zijn een aantal Antwerpenaren naar de Raad van State gegaan om de maatregel te schorsen, niet om langer feest te kunnen vieren, maar vooral om te voorkomen dat de avondklok in de nabije toekomst een gewoonte wordt.

Winkelen mag je niet met zijn tweeën. Erg druk is het niet in de winkels en meestal winkel je met iemand van je eigen bubbel. Je hebt bovendien je mondmasker op. Dus: welk risico wordt hier vermeden? Deze maatregel is vooral een stimulans voor de platformeconomie. Nu winkelen vervelend is, bestellen we toch gewoon online en laten we die onderbetaalde, flexibele koeriers kilometers rijden?

Het Centraal Station is bijna verlaten, er vertrekken vrijwel lege treinen nu velen thuis moeten werken. De enkele passagier heeft een mondmasker al is het besmettingsgevaar nihil. En zo gaan de coronamaatregelen lijnrecht in tegen de maatregelen om het gebruik van het openbaar vervoer te stimuleren. De trein is een bron van besmetting, dus nemen we weer de auto, veilig in onze bubbel.

De mondmaskerverplichting geldt overal, maar niet voor cafés en restaurants, ook al zit je daar vaak dichter op elkaar dan wanneer je in de uitgestorven straten loopt. Ongetwijfeld heeft men de horeca willen ontzien, die zo geleden heeft onder de lockdown tijdens de eerste golf. De horeca is dus de enige plek waar je even van je mondmasker afkunt. Je hoeft geen mondmasker op als je intensief sport, je kunt dus al joggend van café naar café rennen. Bij intensief sporten zou je minder monddruppels verspreiden, vandaar. Maar niet iedereen die buiten wil zijn kan een hele dag in de horeca hangen en drankjes betalen.

De armste wijken in Antwerpen (Borgerhout, Deurne en Linkeroever) zijn het meest getroffen door de coronacrisis. Het zijn de dichtstbevolkte wijken waar veel jongeren wonen. Bovendien kunnen de meeste bewoners geen kant op: ze hebben geen tweede verblijf buiten de stad of een huis met een tuin.

De maskerade

Zeker in de hittegolf van deze zomerdagen is een mondmasker niet fijn. In plaats van de buitenlucht adem je steeds je eigen adem in, je bril beslaat, je huid zweet. Het is niet ondraaglijk, maar is het ook nuttig?

Een paar maanden geleden, tijdens de eerste golf zei prof. Marc Van Ranst op het nieuws: ‘Het belangrijkste is de afstand van 1,5 meter die je ten opzichte van anderen moet bewaren. Het mondmasker is alleen nuttig als mensen heel dicht bij elkaar komen’. De Wereldgezondheidsorganisatie adviseerde wel mondmaskers te dragen, maar nuanceerde dit later weer. Ook minister Maggie Deblock onderschreef de afstandsregel als de belangrijkste. Dus: geen mondmaskers op straat, niet nodig.

In Antwerpen verschenen op de Meir grote pijlen die aangeven in welke richting je moest lopen, maar zoals altijd zwermden velen in alle richtingen. Voortschrijdend inzicht bracht met zich mee dat in zulke drukke straten de kans op besmetting groot is en dat er een mondmasker gedragen moest worden. Maar: wat is een drukke straat? Hoe kan de politie zo’n maatregel handhaven? En zo kwam er een algemene mondmaskerverplichting op straat, waarbij niet zozeer de gezondheid, maar de handhaving het belangrijkste motief was.

Ondertussen geldt de mondmaskerverplichting voor de hele provincie Antwerpen, dus ook voor gemeentes waar geen of weinig coronabesmettingen zijn. Vaak met het argument dat men die toestand graag zo wil houden. Maar zo komen we nooit van die maskers af.

We bekijken elkaar met meer wantrouwen nu we in elkaar een potentiële bron van besmetting zien. Wie geen mondmasker draagt kan steeds vaker op een boze blik rekenen. Alsof het dragen van een mondmasker een absolute garantie tegen besmetting is (het kan ook via de handen).

Het lapje stof voor neus en mond is het schaamlapje van de politiek: een lockdown treft de economie te zeer en de bubbels zijn onduidelijk en oncontroleerbaar.

Babbelen over bubbels

Door de lockdown slaagden we erin de corona-epidemie drastisch te beperken. Op den duur mochten we het aantal contacten vergroten, de kleine bubbel van familieleden werd uitgebreid met vrienden en kennissen. Wekelijks waren er versoepelingen en op den duur wist niemand nog precies hoe groot de bubbel mocht zijn. Zo bleek dat op een gegeven moment iedereen uit een gezin 15 contacten per week mocht hebben en de week erop weer andere! Van een drastische versoepeling gesproken.

In feite was er geen verschil meer met de situatie van vóór de coronacrisis en vanaf dat moment nam het aantal besmettingen weer exponentieel toe. Door de lockdown lag het aantal nieuwe besmettingen onder de 100 per dag en toen had de contact tracing zijn werk moeten doen. Het is onduidelijk waarom de contact tracing zelfs na maanden niet van de grond is gekomen. Hoe is het mogelijk dat dit in Nederland wel werkt? Van onze politici horen we dat de contact tracing binnenkort op punt komt te staan, dat eraan gewerkt wordt, dat er nog kinderziekten zijn. De lokale overheden werden er zo moedeloos van dat ze het heft in eigen handen hebben genomen.

Is er dan geen ontsnappen aan?

Ook in het buitenland leeft het coronavirus in verschillende steden en regio’s op. België geeft dagelijks updates van plekken die van kleur veranderen: rood, oranje of groen, afhankelijk van de besmettingsgraad. Andere landen doen hetzelfde.

Toen Nederland Antwerpen code rood gaf, leek het alsof België wraak nam door Nederland code oranje toe te kennen. Er is ook een discussie tussen het Verenigd Koninkrijk en Spanje, nu Britse toeristen bij terugkeer uit Spanje 2 weken in quarantaine moeten. Toch voelen vele Britten zich in Spanje veiliger dan thuis.

Je vraagt je af of de kleurtoekenning alleen door objectieve of ook door politieke motieven bepaald is. Voor wat, hoort wat: als jullie ons rood maken, dan wij jullie oranje. Het zal wel statistisch onderbouwd kunnen worden.

Van de ene dag op de andere veranderde de provincie Wallis in Zwitserland van code groen in rood in groen. In Genève waren er weliswaar veel besmettingen, maar in die bergprovincie niet. Wie dus overhaast terugkeerde naar België, moest bij thuiskomst 2 weken in quarantaine, maar kon de volgende dag vaststellen dat hij beter gewoon in Zwitserland was gebleven.

De kleurtoekenning leidt tot onzekerheid en velen annuleren hun reis. België heeft honderden miljoenen geïnvesteerd in de redding van Brussels Airlines, maar het is vraag of reizigers nog zin hebben om opeengepakt met een mondmasker op in een vliegtuig te zitten. Waarom mag dat wel en mag je niet in een concertzaal zitten, netjes op 1,5 meter afstand van elkaar? Van twee maten en gewichten gesproken. De ene heeft een lobby, de ander slechts een foyer, zo gaat het grapje.

Alleen kalmte kan ons redden

Een pandemie is niets nieuws. Italië werd in de middeleeuwen geplaagd door vele pestepidemieën en niemand had een juist idee waardoor dit kwam. De Rooms Katholieke Kerk zag de pest als een vingerwijzing Gods voor ons zondige leven en riep op tot vroomheid. Het hielp allemaal niets en honderdduizenden lieten het leven.

In de Decamerone (ca. 1350) vertelt Giovanni Boccaccio hoe tien rijke jongelieden in de 14de eeuw Florence ontvluchten naar het platteland en elkaar liefdesverhalen vertellen om de tijd te doden. Zij deden instinctief het juiste, want je liep de pest op in contact met anderen en door isolement met vrienden verkleinde je het risico. We weten nu dat corona en de pest contactziekten zijn, waaraan je iets kunt doen door de contacten te beperken.

De jongelui uit de Decamerone waren natuurlijk gegoede jongeren die het geld en de mogelijkheid hadden om hun stad te ontvluchten, net als de mensen die nu naar hun tweede verblijf trekken ‘omdat het daar veiliger is dan hier.’ De vraag naar woningen met een tuin is toegenomen in coronatijden, net als van appartementen met een terras. Maar niet iedereen kan dit betalen. Het is tekenend dat tot de uitzonderingen op de avondklok het vertrek of de terugkeer van een reis behoren, niet diegene die om 24 uur nog zijn hondje wil uitlaten, de vroege vogel die een blokje om wil wandelen, de slapeloze die even naar buiten wil. No mercy.

Albert Camus beschrijft in De Pest (1947) de uitbraak van de pestepidemie in de Algerijnse stad Oran. Van de ene dag op de andere stroomt de stad vol ratten die dood en verderf zaaien. Er worden strenge maatregelen genomen en Oran gaat in lockdown. De stemming van de mensen ontwikkelt zich van onverschilligheid tot wanhoop en uiteindelijk berusting. Maar de held van het verhaal, dokter Rieux, blijft onvermoeibaar de ziekte bestrijden in de armere wijken van de stad. Uiteindelijk verdwijnt de ziekte en maakt zich een zekere opluchting van de mensen meester, in het volle besef dat de ziekte ieder moment kan terugkomen.

Volgens Yuval Noah Harari is de mensheid iedere pandemie te boven gekomen en dat zal nu niet anders zijn. We hebben ervaring met de eerste coronagolf, we kennen de oorzaken en we ontwikkelen een vaccin. Tot het vaccin er is, zullen we een golvende curve hebben, waarbij toe- en afname van besmettingen elkaar afwisselen.

Maatregelen moeten in verhouding staat tot hun nut, maar ook tot onze vrijheden en rechten. Radicale maatregelen die tot absurde situaties en onleefbaarheid leiden, zijn op den duur ongeloofwaardig en zijn het slechtste wapen in de strijd tegen corona.

 

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!