Leerkracht. Afbeelding van Eduardo via Pixabay
Wim Benda

Niets mis met concurrentie in de leraarskamer?

“Er is echt niets mis met wat concurrentie in de leraarskamer. Dat wakkert de ambitie aan.” Zo antwoordde minister Weyts in Knack op een kritische vraag van een leraar over de zogenaamde ‘leraar-specialist’. Dat zowel leerkrachten als directeurs het nieuwe decreet over het lerarenambt op de korrel nemen, toont hoe ver de beleidsmakers verwijderd zijn van de werkelijke noden in de scholen.

vrijdag 29 december 2023 11:35
Spread the love

 

Eind mei lanceerde Ben Weyts in het radioprogramma De Ochtend enkele nieuwe maatregelen om het beroep van leraar zogezegd aantrekkelijker te maken en in één adem het lerarentekort aan te pakken. Dat deed hij op zijn eigengereide manier zelfs vóór de onderhandelingen met de onderwijsvakbonden en onderwijsnetten startten. De blikvangers waren zijn voorstellen rond gastleerkrachten en leraar-specialisten. Die zorgden voor heel wat controverse. Ondanks tonnen kritiek keurden de parlementsleden van de Vlaamse meerderheid het decreet in juli goed.

Ondergraving van het statuut

Gastleerkrachten bestonden al in beperkte mate. Zo kunnen mensen hun praktijkervaring binnen een afgelijnd kader delen in een schoolse context. Op zich is dat zinvol. De uitbreiding riskeert echter het lerarenberoep te ondergraven. De uitbreiding riskeert echter het lerarenberoep te ondergraven. Gastleerkrachten kunnen voortaan immers ingezet worden tot één derde van de lestijden in een school. Zij worden contractueel aangeworven en hoeven geen pedagogisch diploma te hebben. Dat getuigt op zich al van weinig respect voor de opleiding tot leraar, mét serieuze consequenties voor de leerlingen. “Het zal jouw kind maar zijn dat plots voor 30 procent van de tijd iemand voor de klas heeft zonder pedagogische bekwaamheid”, stelde Nancy Libert, algemeen secretaris van ACOD Onderwijs, in Het Nieuwsblad (24 augustus). “Er is een verschil tussen je vak kennen en je vak kunnen overbrengen.”

“Het zal jouw kind maar zijn dat plots voor 30 procent van de tijd iemand voor de klas heeft zonder pedagogische bekwaamheid”

Deze maatregel heeft niet alleen directe invloed op de leerlingen. Door de invoering van deze categorie komt de bescherming van onze statutaire arbeidsvoorwaarden in het gedrang. Waarom nog een degelijk beschermde leraar aanstellen als het ook gaat met gastleraren? Het zou niet de eerste keer zijn dat het binnensluipen van contractuelen een sterk statuut ondergraaft, tot het uiteindelijk uitdooft. Je krijgt zo ook twee heel verschillende personeelscategorieën die je tegen elkaar kan uitspelen, vraag maar aan mensen in andere overheidsdiensten. En doordat gastleerkrachten zelf over hun takenpakket en arbeidsvoorwaarden mogen onderhandelen, hebben ze het recht om allerlei taken buiten het lesgeven te weigeren. Wie gaat die dan opnemen? Inderdaad, de overige personeelsleden.

Verdeel en heers

In het kader van de ‘leerkracht-specialist’ krijgt een beperkt aantal collega’s een loonsverhoging. Het gaat om ongeveer één op de twintig leerkrachten die een bonus van zo’n 250 euro netto per maand kunnen krijgen. De enige voorwaarde is tien jaar aan het werk zijn… en natuurlijk de goedkeuring van de directeur. Want die mag zelf kiezen wie aangesteld wordt tot ‘leraar-specialist’, eventueel na onderhandelingen over criteria met de vakbonden. Veel media berichtten dat zo voor het eerst er onderscheid komt tussen de lonen van leerkrachten, los van diploma en anciënniteit.

Minister Weyts kreeg in de leraarskamers meteen bakken kritiek over zich heen. Terecht, want wie wil nu concurrentie om loon binnenbrengen in scholen? Dat is vragen om verdeeldheid op plaatsen waar samenwerking centraal zou moeten staan. Wij zijn allemaal specialisten, repliceerden veel leerkrachten. Deze maatregel zal ons verdelen en directeurs meer macht geven. In plaats van een ‘beter’ personeelsbeleid zullen we veel favoritisme en onderlinge afgunst krijgen.

Wij zijn allemaal specialisten, repliceerden veel leerkrachten

Dat voelen de meeste directeurs ook aan. Op scholen en in de media lieten zij zich dus evenmin onbetuigd. Volgens een peiling van Het Nieuwsblad in augustus bij zo’n 700 directeurs in het basis- en secundair onderwijs zegt 88 procent niet akkoord te gaan. De krant verzamelde daarbij ook reacties van directeurs, zoals:
“Als ik zou voelen dat een leerkracht bepaalde leerlingen voortrekt, ga ik met hen in gesprek. En nu zou ik dat als directie zelf moeten gaan doen?”
“Het zou spanning teweegbrengen binnen mijn team.”
“Ik ben bang voor onderlinge jaloezie.”
“Het zou voor wrevel zorgen.”
“Verdeel en heers is een bedenkelijke personeelsstrategie in het onderwijs.” (Wat ons betreft ook elders.)

In De Ochtend op Radio 1 stelde directeur Dirk Lenaerts van het Sint-Agnesinstituut in Hoboken geen gebruik te zullen maken van de nieuwe mogelijkheid: “Fundamenteel gaan we het niet doen omdat we denken dat we leraren niet moeten motiveren met geld.”

Uit de bevraging van Het Nieuwsblad blijkt dat in augustus slechts 6 procent van de directeurs de middelen voor ‘leraar-specialisten’ wou gebruiken. Twintig procent twijfelde, de overige 74 procent was tegen. De belangrijkste reden om het wél te doen, is omdat het geld ter beschikking is: “Het geld is nu eenmaal ter beschikking, het zou zonde zijn om er geen beroep op te doen.” Dat getuigt van weinig geloof in de maatregel op zich. Wel is dit een uitdrukking van de pijnlijke financiële toestand van ons onderwijs. Zoals een directeur het uitdrukte op Radio 1: “In het onderwijs zijn er al jarenlang besparingen. Daarom zouden we het zonde vinden om dit geld te weigeren.” Besparen op publieke diensten en vervolgens liberaliseren als schijnoplossing, het is een beproefd recept van overheden.

Holle woorden

Het is interessant om te kijken naar de concrete verantwoording die de minister en verwante parlementsleden geven. Zij spreken graag over een ‘moderner personeelsbeleid’ (of nog beter: een modern HR-beleid) om de ‘vlakke loopbaan’ in het onderwijs aan te pakken zodat het beroep aantrekkelijker wordt. Dat is een schijnoplossing voor een opgeblazen probleem. Het zijn vaak in de eerste plaats ‘experts’ – die zelf meestal niet in het onderwijs staan – die de vlakke loopbaan in het onderwijs problematiseren. Het gros van de leerkrachten heeft immers geen probleem met gedurende een volledige carrière les te geven, dat is hetgeen wij met passie doen! In de scholen zelf bestaan al veel manieren om daarin te variëren, bijvoorbeeld door aan een ander jaar of in een andere richting les te geven. Daarnaast bestaan er nog allerlei ondersteunende jobs, gaande van opvoeders en CLB-medewerkers over coördinatoren en leerlingbegeleiders tot secretariaatsmedewerkers en zoveel meer. Het onderwijspersoneel zou zeker blij zijn met extra investeringen voor meer jobs. Dat komt zowel onze werkomstandigheden als de leeromstandigheden van leerlingen en cursisten ten goede. En met voldoende middelen voor ondersteuning kunnen leerkrachten die wel eens een andere taak op zich willen nemen dat ook doen. In de plaats daarvan krijgen we een loonsverhoging voor een beperkt aantal leerkrachten.

Die schijnoplossing dient dus een ander, meer verdoken doel. Het is geen toeval dat naar aanleiding van de PISA-resultaten ook de ultraliberale Vlaamse werkgeversorganisatie Voka en de politieke redactie van de eveneens liberale krant De Tijd pleiten voor een ‘flexibel HR-beleid’. Onder de argumenten van minister Weyts over ‘problemen oplossen’ en ‘modern zijn’ zit een duidelijk ideologisch project. Als neoliberale partij wil de N-VA graag zoveel mogelijk kapitalistische arbeidsrelaties binnenbrengen in de overheid. De crisis rond het lerarentekort gaf hen de ideale kans om dit door te drukken. Als dit wordt geïmplementeerd dan zullen leraren én leerlingen het gelag betalen. En dat wil ACOD Onderwijs niet laten gebeuren.

 

Dit artikel verscheen in Standpunt, het ledenblad van ACOD Onderwijs provincie Antwerpen

steunen

Steun voor een nieuwe website

We hebben uw hulp nodig voor een essentiële opfrissing van de website. Om die interactiever, sneller en gebruiksvriendelijker te maken hebben we 30.000 euro nodig. Elke bijdrage, groot of klein, helpt. Met uw donatie ondersteunt u onafhankelijke journalistiek die de verhalen blijft brengen die er echt toe doen. Laat uw hart spreken.

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!