Egypte: Linkse activisten vechten op twee fronten
Revolutie, Journalisme, Linkerzijde, Egypte,, Tagammu -

Egypte: Linkse activisten vechten op twee fronten

maandag 7 maart 2011 21:48

Een revolutie haalt machtsstructuren onderuit, maar verplicht ook oppositiekrachten een eigen koers te bepalen en eventueel bij te sturen. Wanneer die oppositie positie innam voor de schijn, dan komt met een échte revolutie het uur van de waarheid… Dat is precies wat nu in Egypte met de Tagammu-partij gebeurt. Hier het verhaal van Haisam Hassan, die wel zijn job maar niet zijn geloof verloor.

De media hebben veel bericht over de rol van de Moslimbroeders, el-Baradei en jongerennetwerken zoals 6 April in de Egyptische revolutie, maar inzake nieuws over de linkse oppositie blijven we toch wat op onze honger zitten. Om dit euvel te verhelpen nemen we vandaag de linkse Tagammu-partij onder de loep en bespreken we haar dubbelzinnige positie in het revolutionaire proces.

Wanneer ik Haisam Hassan in het partijhoofdkwartier van Tagammu ontmoet, begroet hij mij met een mengeling van opgetogenheid en zelfspot. “Alles gaat goed, maar ik ben ontslagen,” weet hij me te vertellen. Haisam is een journalist bij al-Ahali, het weekblad van de Hizb al Tagammu’ al Watani al Taqadomi al Wahdawi (Nationale Progressieve Eenheidspartij, kortweg Tagammu) en een goede vriend die vaak de rol van tolk op zich neemt bij mijn interviews. Het verhaal van zijn ontslag is tekenend voor de aard van deze partij.

Journalist zonder perskaart

Enkele dagen voor het uitbreken van de revolutie had Haisam aan de hoofdredactrice van al-Ahali gevraagd of hij en andere jonge journalisten een perskaart konden krijgen, zodat ze sterker in hun schoenen stonden tegenover de politie. Farida Na’ash, die de redactie met ijzeren vuist bestuurt, stelde echter haar njet, aangezien het de krant en de partij teveel heibel zou kosten indien een journalist met officiële papieren van al-Ahali op zak zou worden gearresteerd.Stel je voor dat er een rechtzaak van zou komen! Haisam beloofde zelfs dat de journalisten een papier zouden ondertekenen waarbij ze zwoeren niet naar de rechtbank te stappen indien ze gearresteerd werden, maar het mocht niet baten. De dag erna werden Haisam en zes andere jonge journalisten per brief ontslagen. Om deze verwerpelijke behandeling aan te klagen begonnen de jongeren een sit-in actie in het partijhoofdkwartier, waarbij ze zowel op afkeuring van de leiding als solidariteit van de leden konden rekenen.

Deze kleinschalige strijd is indicatief voor een groter conflict binnen Tagammu: tussen jonge activisten en een oude garde die zich krampachtig aan haar positie en macht vastklampt. Veel linkse militanten van Tagammu voeren niet alleen een gevecht tegen een autoritaire staat, maar ook tegen de machtsstructuren binnen hun eigen partij, een partij die ze willen democratiseren en omvormen tot een instrument van maatschappelijke verandering. Om te begrijpen hoe dit zo ver is kunnen komen moeten we even terugspoelen naar de jaren ’70. Toen Sadat aan de macht kwam, beloofde hij de Nasseristische eenpartijstaat om te vormen tot een pluralistische democratie. De Arabische Socialistische Unie (ASU) werd in 1975 opgesplitst in drie delen: een centrumtendens die later de Nationaal-Democratische Partij werd, een rechtervleugel die zich tot de roemloze liberale al-Ahrar partij ontwikkelde en een stroming die al wat links was – communisten, socialisten, linkse nationalisten, enzovoort – trachtte te verenigen. Uit deze bonte verzameling ontstond Tagammu. Van echt pluralisme was geen sprake. De Egyptische ‘civil society’ bestond uit de dominante regimetrouwe partij en staatsvakbond en enkele zwakke oppositiepartijen die weinig in de pap te brokken hadden.

Toen Mubarak in 1981 aan de macht kwam, hadden een aantal leiders van Tagammu illusies in zijn democratiseringsproject.

Toen Mubarak in 1981 aan de macht kwam, hadden een aantal leiders van Tagammu illusies in zijn democratiseringsproject. De nieuwe president organiseerde immers parlementsverkiezingen, liet politieke gevangen vrij en versoepelde de staatscensuur. De oppositie kreeg een beetje meer ruimte binnen het Egyptische middenveld, maar diende hier een fikse prijs voor te betalen. In ruil voor haar legale erkenning, publicatie van al-Ahali en participatie in verkiezingen beloofde Tagammu zich niet meer in te laten met straatpolitiek. De ervaring van de mislukte opstand van 1977 had sowieso al een domper gezet op het enthousiasme van de leiding voor revolutionaire activiteiten en Mubaraks détente leek een uitgelezen kans om de partij te versterken. Dit bleek echter een vergiftigd geschenk.

Zelfgekozen zwakte

Zonder een politiek van activisme aan de basis verloor Tagammu langzaam maar zeker haar traditionele aanhang onder arbeiders, studenten en de lagere middenklasse. Een rapport in 2003 bevestigde dat deze eens zo machtige massaorganisatie van 200,000 leden haar autoriteit in de universiteiten en werkplaatsen verloren had. Zonder steun van de straat verwerd Tagammu steeds meer tot een speelbal van het regime, vooral onder leiding van haar huidige voorzitter Rifat el-Said. Vanaf de jaren ’90 stelde el-Said dat een revolutie in Egypte onwenselijk was, aangezien de enige kracht die de revolutie kon ‘controleren’ de Moslimbroeders waren. En de Moslimbroeders, dat waren heimelijke islamofascisten, die een theocratie wilden installeren. Tegen dit gevaar diende de seculiere linkerzijde een alliantie met het Mubarakregime af te sluiten. Ironisch genoeg werd zo de zelfgekozen zwakte van links – haar afwezigheid in de straat – een argument om zich nog verder van de massa te isoleren.

Tegen deze collaboratie met het regime kwam al sinds de jaren ’80 protest vanuit de partijbasis. Interne pogingen om het partijregime te veranderen stuitten op bureaucratische structuren, netwerken en rituelen die de oude garde steeds in haar macht bevestigde. Een heleboel actieve militanten haakten dan ook af en richtten nieuwe partijen, bewegingen en organisaties op. De revolutie heeft echter wind in de zeilen geblazen van de ‘Trend voor Verandering’, zoals de interne oppositie van Tagammu zich noemt. Terwijl de meeste leden van de jongerenorganisatie van de partij, de Unie van Progressieve Jeugd, op het Tahrir-plein actief de revolutie ondersteunden met pamfletten en zorg voor gewonde betogers, weigerden el-Said & co te erkennen dat de protesten weldegelijk een revolutie vormden. Tot aan Mubaraks ontslag durfden ze niet eens de slogan ‘weg met het regime’ in de mond te nemen.

Tot aan Mubaraks ontslag durfden ze niet eens de slogan ‘weg met het regime’ in de mond te nemen.

De ondergang

Het succes van de revolutie betekent dan ook hun ondergang. De actieve jongeren hebben in de praktijk bewezen dat zij de werkelijke organisatoren en ideologen van de partij zijn. Het ontslag van Haisam en zijn medejournalisten vormt een zoveelste poging van de bureaucratische leiding om actieve en bijgevolg gevaarlijke krachten te neutraliseren. Komende zaterdag grijpt een belangrijke vergadering van het Centraal Comité van Tagammu plaats, die wel eens een beslissende rol in de toekomst van de partij en dus de hele Egyptische linkerzijde zou kunnen spelen. Ik houd jullie op de hoogte.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!