Partijfinanciering heeft de politieke macht verschoven weg van de verkozen volksvertegenwoordigers naar onverkozen partijbesturen. Foto: dekamer.be
Opinie -

De partijfinanciering wijzigt niet – het ledenaantal wel

Uit een nieuwe studie van politicologen van de Ugent blijkt dat alle Vlaamse niet-radicale partijen hun ledenaantallen snel zien dalen. Hun aantal leden daalt nog sneller dan hun kiezers. Hoe dat komt kan je uit te berichtgeving van 28 februari 2024 lezen. Op die dag werd in het parlement een poging gekelderd om de partijfinanciering te wijzigen. Gino De Cock van het burgerplatform We Need To Talk had de parlementsleden eind januari er nochtans voor gewaarschuwd: “Ik schaam me in jullie plaats”. Dat doet de kiezer ook.

woensdag 6 maart 2024 11:42
Spread the love

 

Waar gaat het over? Politieke partijen krijgen per jaar 75 miljoen euro. Als je er de lonen van de parlementaire medewerkers bijtelt kom je tot 160 miljoen euro (Knack 1/3/2023). Hoe al dat gemeenschapsgeld bij de politieke partijen terecht komt is het gevolg van een historische vergissing.

Na het Agusta-schandaal (corruptie bij de aankoop van legerhelikopters van het Italiaanse bedrijf Agusta in 1988) kon de wetgever niet meer naast de verwevenheid kijken tussen de individuele corruptie en de partijfinanciering.

Zoals dat in meerdere schandalen het geval was en is gaf deze frauduleuze financiering van de politieke partijen met corruptiegeld de betrokken politici het voorwendsel dat met officiële partijfinanciering het algemeen belang werd gediend.

Dat was overigens het geval met de wijze waarop toen het gehele politieke bestel werd gefinancierd. Bij het ophalen van geld bij partijsympathisanten en zelfs bij bedrijven zonder bepaalde politieke sympathie kon niet altijd worden uitgemaakt wat aan de partij werd gestort en wat in het persoonlijk fonds van een politieker bleef hangen.

Misbruiken voortaan voorkomen?

Door de Wet van 4 juli 1989 werd in een reglementering voorzien om misbruiken voortaan te voorkomen. Daarbij werd echter een fundamentele fout gemaakt. De titel van deze wet luidt: “ Wet betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van de Kamer van volksvertegenwoordigers, de financiering en de open boekhouding van de politieke partijen.”

De systeemfout zat in de vermenging van twee verschillende entiteiten, enerzijds de Kamer van Volksvertegenwoordigers en anderzijds de politieke partijen. Die fout werd in de wet aangehouden de politieke partijfracties van de federale Kamer als componenten van een politieke partij te beschouwen.

Deze redenering heeft er voor gezorgd dat het geld op de verkeerde plaats terecht kwam: niet bij de verkozenen in de politieke fracties van het Parlement maar bij het bestuur van hun partijen.

Daardoor zijn de fracties van het Parlement ook werkelijk “een component” van het partijbestuur geworden. De macht zit immers daar waar het geld naartoe gaat. Sindsdien zijn onze parlementsleden niet meer de verkozenen van het Volk maar de uitvoerders van wat het partijbestuur beslist.

Daardoor zijn de fracties van het Parlement ook werkelijk “een component” van het partijbestuur geworden. De macht zit immers daar waar het geld naartoe gaat. Sindsdien zijn onze parlementsleden niet meer de verkozenen van het Volk maar de uitvoerders van wat het partijbestuur beslist.

Omdat volgens de Grondwet alle macht van de Natie uitgaat is de toewijzing van het geld, en dus ook van de macht, aan de enkel feitelijk bestaande politieke partijen vanuit legaal standpunt erg betwistbaar. Bovendien is het ook de oorzaak van heel wat disfuncties in de werking van onze parlementaire democratie.

…de toewijzing van het geld, en dus ook van de macht, aan de enkel feitelijk bestaande politieke partijen vanuit legaal standpunt erg betwistbaar…

Daardoor zijn zij die wij hebben verkozen niet langer onze vertegenwoordigers maar de “componenten” van de politbureaus van hun partijen. In die bureaus beslissen enkelingen, die de kiezers niet hebben aangeduid, over alles en nog wat.

Zij stellen de kieslijsten samen, bepalen waar in welk parlement verkozenen moeten zetelen, en zelfs op welk stemknopje zij moeten drukken. Wie het hier niet mee eens is, is er, minstens de volgende maal, niet meer bij.

Systeemfout

Iedereen in het parlementair halfrond weet dat daar de systeemfout zit. De “disfuncties” die er door veroorzaakt worden zijn dermate veelvuldig dat de financieringswet gerust de moeder van alle politieke heibel kan genoemd worden.

Het is een ongrondwettelijke afwending van gemeenschapsgeld naar enkel feitelijk bestaande entiteiten, zowel de kiezer als zijn vertegenwoordiger worden er buitenspel door gezet, alle macht komt terecht bij enkelingen die niet door de kiezer zijn aangeduid, geen van de machtshebbers is er voor aanspreekbaar of kan er verantwoordelijk voor gesteld worden.

Dat de burger er niet meer in gelooft en velen kiezen als een slag in het water bekijken hoeft dus niet te verwonderen. Dat het ledenaantal van de partijen sterk is gedaald bevestigt het daardoor gegroeide ongenoegen. Dat onze vertegenwoordigers er niets aan doen bewijst hun onderworpen onmacht om er wat aan te doen.

Dat enkelingen in de politbureaus hun ongrondwettelijke macht niet willen afstaan is natuurlijk erg begrijpelijk. Wie zaagt er aan de poten van de zetel van waaruit hij erg comfortabel en onaanspreekbaar beslist over wat er in dit land gebeurt? De kiezer heeft altijd gelijk. Maar het duurt soms lang vooraleer hij heeft begrepen waar de klepel hangt.

Geld voor de fracties

Dat is nu ook het geval. Zijn voorkeur gaat naar de twee partijen die door de verkeerde financiering slapend rijk zijn geworden en het systeem misbruiken om de machtsstrijd zelfs met bedreigingen verder door te zetten. Het voorbeeld van de heer De Wever die niet met de PS en evenmin met het Vlaams Belang, en dus enkel met zichzelf, wil regeren kent navolging bij de ego’s van de andere partijen.

Daardoor is de machtsovername door de politbureaus zelfs voorbijgestoken door de concentratie ervan bij enkele partijvoorzitters. Dat is niet enkel ongrondwettelijk en erg onbehoorlijk.

Daardoor is de machtsovername door de politbureaus zelfs voorbijgestoken door de concentratie ervan bij enkele partijvoorzitters. Dat is niet enkel ongrondwettelijk en erg onbehoorlijk. Het is ook erg riskant. Het volstaat dat er eentje in de fout gaat om de gehele partij een kater te bezorgen.

Een oplossing van deze wantoestand is evenwel erg simpel. Geef het geld aan hen die wij hebben gekozen om er een nuttige en behoorlijke bestemming aan te geven, aan de fracties in het parlement.

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!